Uw zoekacties: GEMEENTELIJK GASBEDRIJF CUIJK EN ST.AGATHA
x7125 GEMEENTELIJK GASBEDRIJF CUIJK EN ST.AGATHA ( Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

7125 GEMEENTELIJK GASBEDRIJF CUIJK EN ST.AGATHA ( Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) )
Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen
 
 
Inleiding
Geschiedenis

Het E.T.I.-Noord-Brabant kwam in een rapport van december 1948 tot de conclusie dat het voor de gemeente Cuijk noodzakelijk was - gezien de economisch-structurele situatie - om tot industrialisatie over te gaan. Deze zaak werd onder leiding van de toenmalige burgemeester Jansen energiek aangepakt. Het resulteerde onder andere in de aanwijzing van Cuijk als kerngemeente, tot secundaire ontwikkelingskern.
Deze aanwijzing had succes, het gevolg was dat het aantal arbeidsplaatsen in de Cuijkse industrie (industrie = bedrijven met meer dan 10 werknemers) steeg van 661 in 1950 via 2550 in 1961 tot 2667 in 1965.
De periode 1950-1965 is hier bewust gekozen omdat het tevens het tijdvak omvat waarin het gemeentelijk (propaan)gasbedrijf heeft bestaan. Bij pogingen vanaf 1949 om bedrijven aan te trekken werd het ontbreken van gas en water als groot struikelblok ervaren. In het gemis van een waterleidingsnet kon incidenteel door tijdelijke installaties worden voorzien. De gemeente Cuijk was al toegetreden tot de waterleidingmaatschappij Oost-Brabant en zou omstreeks 1953 op het net van die maatschappij worden aangesloten.
Met de gasvoorziening lag het allemaal veel moeilijker.
Door het gemeentebestuur werden een 2-tal mogelijkheden onderzocht, namelijk distributie van mijngas of distributie van propaangas.
Allereerst werd in 1949 nagegaan of aansluiting mogelijk was op de mijngasleiding, welke werd aangelegd langs de rijksweg Grave-Nijmegen.
De kosten van de 12 km lange leiding tussen Grave en Cuijk bleken echter dusdanig hoog dat een rendabele exploitatie onmogelijk zou zijn.
Oprichting van het gasbedrijf te Cuijk

Inmiddels was door het gemeentebestuur ook contact opgenomen en overleg gepleegd - in een raadsvergadering zegt de voorzitter dat hij hiervoor zeker 20 maal in Den Haag is geweest - met het Directoraat-Generaal voor de Energievoorziening. Uit dit overleg kwam naar voren, en zulks werd bevestigd in een brief van die instantie d.d. 6 mei 1950, nr. 1303, dat de distributie van propaangas voor de gemeente Cuijk economisch aantrekkelijker zou zijn dan het betrekken van gas van de Staatsmijnen.
In de vergadering van 30 juni 1950 besloot de raad van de gemeente Cuijk dan ook, na uitvoerige schriftelijke en mondelinge toelichting, over te gaan tot:
1. de instelling van een gasbedrijf overeenkomstig artikel 252 van de gemeentewet en
2. een krediet groot f 240.000,--
te verlenen voor de aanleg van de opslaginstallatie, vulinstallatie, reduceerinstallaties, leidingen (ook binnenleidingen), gasmeters en de noodzakelijke wegwerkzaamheden.
De hoogte van dit bedrag was bepaald door het feit, dat bij een enquête was gebleken dat er ongeveer 600 aansluitingen zouden komen.
Op basis hiervan was door N.V. Petrogas te Rotterdam een prijs opgegeven van f 228.650,--: het restant—bedrag was bestemd voor de werkzaamheden aan de bestrating en onvoorzien.

Zoals te verwachten werd het werk bij brief van 14 augustus 1950 opgedragen aan N.V. Petrogas te Rotterdam. Aangezien de aanvoer zou plaatsvinden met wagons van de Nederlandse Spoorwegen werd de vulinstailatie en een reduceerinstallatie geplaatst op het spoorwegemplacement. De opslaginstallatie, 2 tanks met een inhoud van 40 m3 elk, kwam op een terrein aan de Beerseweg. De werkzaamheden verliepen redelijk vlot. Op 2 juni 1951 werd het bedrijf geopend, de eigenlijke gasaflevering start per 1 juli 1951.
Bij de eindafrekening op 31 december 1951 - er waren 574 aansluitingen tot stand gebracht- beliepen de kosten een bedrag van f 276.990,42.
Inmiddels waren door de gemeenteraad een aantal verordeningen vastgesteld betreffende het beheer van het bedrijf, de voorwaarden gaslevering en uiteraard inzake de tarieven. Voorts werd een administrateur benoemd alsmede een meteropnemer. De technische werkzaamheden, zoals aansluitingen, plaatsing geysers, onderhoud en dergelijke, werden opgedragen aan de firma Hendriks te Cuijk, zulks voor een vast bedrag van f 2.000,-- per jaar. Eerst per 1 juli 1962 werd een gasfitter in eigen dienst genomen. Het aantal meteropnemers was toen al op 2 gekomen. De directie berustte bij de directeur gemeentewerken Cuijk.

In 1951 werd in totaal 22409 m3 gas afgegeven, waarvan 17518 m3 voor gezinsverbruik en (slechts) 4891 m3 ten behoeve van de industrie. In het laatste jaar van het bestaan van dit eigen bedrijf - 1965 - waren die getallen drastisch veranderd. In totaal werd in dat jaar 313.737 m3 gas verkocht, waarvan 53.953 m3 voor industrieel verbruik, 10.024 m3 voor handel en verkeer en 203.993 m3 voor gezinsverbruik, terwijl het overige verbruik (scholen e.d.) 45.767 m3 had bedragen.
Een compleet overzicht wordt weergegeven in tabel 1.
Er kan dus gesteld worden dat het gemeentelijk gasbedrijf zich gunstig ontwikkelde. Al in 1956 moest een derde voorraadtank worden geplaatst. Tevens begon het bedrijf met de verhuur van gasgeysers. Op 24 november 1955 werd een krediet van f 15.000,-- verleend voor de aanschaf van die geysers. Op het eind van het jaar 1956 waren 96 geysers in huur uitgegeven, dit aantal bedroeg eind 1965 in totaal 922 stuks.
Een beeld van de groei van het gasbedrijf wordt ook weergegeven in de tabel nummer 2 (aantal afnemers), tabel 3 (lengte hoofdleidingnet) en tabel 4 (opbrengst gasverkoop in guldens).
Opheffing van het bedrijf

Toch kwam al in 1963 het einde van dit zelfstandige bedrijf in zicht. De oorzaak was het fenomeen aardgas, waarvan zich enorme voorraden in de Nederlandse bodem bleken te bevinden. In oktober 1963 werd voor het eerst contact opgenomen met Obragas N.V. te Helmond. Dit resulteerde in een aantal besprekingen niet allen met dat bedrijf, maar ook met Shell Nederland - de leverancier van het propaangas - en met N.V. Petrogas.
Uit deze gesprekken bleek onder andere, dat Shell met de levering van propaan zou stoppen - deze maatschappij was immers betrokken bij de winning en levering van aardgas - en dat overgeschakeld moest worden op dit gas. Dit zou grote investeringen vergen (circa 1 miljoen gulden), hetgeen een rendabele exploitatie door de gemeente Cuijk onmogelijk zou maken. Uiteindelijk deed Obragas N.V. op 20 oktober 1964 een bod van f 676.955 ,-- voor overname van de installaties, leidingen, meters, geysers etc., alsmede de "goodwill", berekend volgens een methode gebaseerd op omzet en aansluitingen. Bovendien zouden nog alle investeringen gedaan na 1 januari 1964 door Obragas N.V. worden betaald en de magazijnvoorraden en gereedschappen worden overgenomen.

Voorts zou vijf jaar lang een bijdrage van f 2.000,-- per jaar in de salariskosten van de directeur gemeentewerken (tevens gemeentebedrijven) worden verstrekt. Uiteraard zou de gemeente Cuijk aandeelhouder van Obragas N.V. worden.
In een uitvoerig raadsvoorstel ten behoeve van de raadsvergadering van 29 januari 1965 komen burgemeester en wethouders tot de conclusie dat Cuijk op het aanbod moet ingaan. Ook de gemeenteraad deelt die mening en besluit in die vergadering van 29 januari 1965 het gasbedrijf met ingang van 1 januari 1966 over te dragen aan Obragas N.V. te Helmond. Dit besluit wordt op 21 april 1965 goedgekeurd door Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant. Uiteindelijk heeft 0bragas N.V. voor deze overname een bedrag van f 884.759,39 betaald.
Hiermede kwam een einde aan het bestaan van dit gemeentelijke bedrijf, dat van wezenlijk belang is geweest voor de ontwikkeling van de plaats Cuijk.

Geschiedenis van het archief

Deze inventaris omvat de beschrijving van het archief van het gemeentelijk gasbedrijf Cuijk, gevormd onder het beheer van het bureau registratuur van de gemeente Cuijk en de administrateur van het bedrijf. Het was, bijna volledig, afzonderlijk geplaatst in het archiefdepot te Cuijk; een beperkt aantal dossiers was ten onrechte opgenomen in het (semi- statisch) secretarie-archief. Het onderhavige archief was zaaksgewijs geordend, bij de rangschikking was gebruik gemaakt van de code VNG. Het had een omvang van circa 2½ meter, waarvan een groot gedeelte in beslag genomen werd door de begrotingen, rekeningen en bijlagen bij de rekeningen, alsmede de verbruiksregisters.

De inventaris omvat de periode 1950-1969, het bedrijf heeft bestaan van 1 juli 1951 tot 1 januari 1966.
Bij de bewerking bleken helaas een aantal stukken niet meer (in originele staat) aanwezig te zijn. Zo ontbreekt de jaarrekening 1961 (alleen accountantsrapport aanwezig), terwijl van de jaarrekeningen over de periode 1962 tot en met 1965 slechts kopieën aanwezig bleken te zijn.
De originele en vermiste stukken waren niet te achterhalen. Een aantal stukken, zoals de aansluiting van de gemeente Cuijk bij Obragas N.V., zijn uit dit archief verwijderd en overgebracht naar het secretarie-archief. Mede door het bij de inventarisatie bewaren van de statische gegevens, alsmede de aanwezigheid van goede jaarverslagen van het bedrijf vanaf 1953, kan een duidelijk beeld gevormd worden over het reilen en zeilen van dit bedrijf.

De voor vernietiging in aanmerking komende bescheiden, hoofdzakelijk verbruiksregisters en overtollige bijlagen bij de rekeningen, werden afgezonderd en zijn na opmaking van de verklaring van vernietiging afgevoerd.
Bij de selectie is gebruik gemaakt van de richtlijnen, neergelegd in de beschikking van de ministers van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur en van Binnenlandse Zaken van 24 augustus 1983, respectievelijk 7 november 1983, in werking getreden per 1 december 1983 en de nadere uitwerking daarvan door de Brabantse Archief Selectie Commissie. Na de bewerking is de omvang van dit archief teruggebracht tot ongeveer 1 meter.

Tabel 1
Overzicht gaslevering (in m3)

jaar handel etc. industrie woningen overig totaal
1951 -- 4891 17158 -- 22409
1952 -- 24722 46698 -- 71420
1953 1406 30497 44254 -- 80087
1954 2792 41218 48768 4995 97773
1955 4530 53048 54439 6741 118758
1956 5579 59492 65396 9508 139975
1957 2339 54413 75336 23387 155475
1958 20528 76200 85497 17513 199378
1959 18267 84821 92101 10422 205611
1960 18093 98826 105069 10442 232430
1961 4833 96193 121521 27395 249942
1962 8014 94889 147992 36095 286990
1963 10406 95157 168556 44170 318289
1964 10045 55428 179152 38853 283478
1965 10024 53953 203993 45767 313737

handel etc. = winkels, banken e.d.
overig = scholen, kerken, gemeentehuis e.d.
Tabel 2
Overzicht aantal afnemers

jaar handel etc. industrie woningen overig totaal
1951 -- 3 571 -- 574
1952 -- 3 602 -- 605
1953 8 9 614 4 635
1954 10 8 644 5 667
1955 12 9 681 7 709
1956 10 12 708 10 740
1957 6 12 802 15 836
1958 8 15 851 16 890
1959 8 15 928 15 966
1960 8 14 956 17 995
1961 6 14 1081 18 1119
1962 11 11 1261 19 1302
1963 11 10 1266 20 1307
1964 11 10 1382 21 1424
1965 11 11 1606 22 1650


Tabel 3

Lengte hoofdleidingnet
1951 11000 m.
1952 11350 m.
1953 12100 m
1954 12100 m.
1955 12155 m.
1956 14753 m.
1957 17972 m.
1958 18294 m.
1959 18770 m.
1960 20120 m.
1961 23140 m.
1962 24488 m.
1963 25086 m.
1964 26438 m.
1965 29539 m.

Tabel 4
Opbrengst gasverkoop in guldens

jaar totaal verlies winst
1951 16181 1217
1952 57960 -- 524
1953 63881 -- 599
1954 75194 -- 1666
1955 87734 -- 84
1956 101390 -- 1214
1957 113453 -- 1290
1958 139499 -- 2162
1959 145564 -- 2966
1960 164302 -- 2400
1961 180117 -- 2087
1962 206675 -- 3977
1963 229706 -- 13852
1964 216624 -- 13202
1965 239583 -- 5292




















Inventaris
Oprichting, opheffing
Financiën
Eigendom en bezit
Beheer en levering
Overzichten, verslagen
Personeel
Kenmerken
Vindplaats origineel:
Locatie Den Bosch
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS