Uw zoekacties: Alle bronnen
beacon
68.239 foto's en documenten
sorteren op:
 
 
weergave:
Pagina: 1
 
 
Erfgoedstuk
Publicatie ondergronds
35. Zuiderweg, watergang (tussen tankstation en A7), 2018
Soort publicatie:
Artikel (tijdschrift, boek)
Titel publicatie:
Hervonden Stad 2019 (pag. 031) Overige onderzoeken
MON nummer:
112230
Archis:
4593984100
Samenvatting:
In verband met de aanleg van een nieuwe in- en uitrit naar het tankstation aan de Zuiderweg zal een deel van een watergang ten zuidoosten van het tankstation worden gedempt. Ten behoeve van een goede waterberging dient dit te worden gecompenseerd, door de direct ten zuiden van het pompstation gelegen watergang te verbreden. De geplande ingreep reikt tot 2,5 m -Mv.
De bodemopbouw bestaat uit een verstoord/opgebracht pakket, op getijdeafzettingen op dekzand. De dikte van de verstoring varieert van 0,9 m tot 2,7 m -Mv, maar reikt niet tot in het onderliggende dekzand. De top van het dekzand is deels intact. Wel is soms de top soms enigszins geërodeerd of verspoelt, maar de diepte hiervan is beperkt. In de top van het dekzand kunnen archeologische resten uit de Steentijd aanwezig zijn. In de
bovenliggende getijdenafzettingen kunnen eventuele archeologische resten uit de IJzertijd-Middeleeuwen voorkomen. Vanwege het ontbreken van een vegetatiehorizont is de verwachting hiervoor echter laag.
De resultaten van het onderzoek tonen aan dat binnen het onderzoeksgebied de top van het dekzand nog deels intact is waardoor de aanwezigheid van een eventuele vindplaats uit de Steentijd hierin niet uitgesloten kan worden. Daarom wordt aanbevolen de top van het dekzand te ontzien tijdens de graafwerkzaamheden. Rekening houdende met een beschermende bufferlaag van 0,2 m boven het dekzand, worden graafwerkzaamheden dieper dan -2,86 m NAP afgeraden. Indien het graafwerk boven deze diepte blijft, hoeft geen nader archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden. Indien het niet mogelijk is om de top van het dekzand te ontzien, en de graafwerkzaamheden dus dieper dan de hierboven gestelde diepte van 2,86 m –NAP reiken, wordt gravend vervolgonderzoek aanbevolen.
Eigenaar vondsten:
gemeente Groningen
Eigenaar documentatie:
gemeente Groningen
Onderzoeksjaar:
2018
Objectnaam:
35. Zuiderweg, watergang (tussen tankstation en A7)
Adressen:
Zuiderweg, Groningen
Aanleiding:
Waterpartij
Activiteit:
booronderzoek
 
 
 
 
 
Erfgoedstuk
Publicatie ondergronds
31. Zernikelaan, fietsenstalling, 2018
Soort publicatie:
Artikel (tijdschrift, boek)
Titel publicatie:
Hervonden Stad 2019 (pag. 031) Overige onderzoeken
MON nummer:
112246
Archis:
4638339100
Samenvatting:
Aanleiding voor het onderzoekis de aanleg van een fietsenstalling op het Zerniketerrein. Op basis van de gebiedsgegevens geldt voor het plangebied een hoge verwachting op archeologische resten. De laagopeenvolging in het plangebied bestaat naar verwachting uit opgebrachte grond op een bouwvoor/verstoorde laag, op kleiafzettingen (getij-afzettingen). Laatmiddeleeuwse of jongere archeologische resten worden in de top van klei verwacht. Resten uit de IJzertijd en Vroege Middeleeuwen worden in de klei-afzettingen verwacht, in een zone tussen twee vegetatielagen. De bovenste vegetatielaag bevindt zich rond 0,4 en 0,7 m -NAP; de onderste vegetatielaag ligt hier circa 0,2 - 0,3 m onder.
Uit de resultaten van het booronderzoek is gebleken dat nergens binnen het plangebied binnen de maximale beoogde verstoringsdiepte van 1,5 m –Mv sprake is van een intacte bodemopbouw. In een drietal boringen (1, 3 en 4) is de oorspronkelijke bodemopbouw (getij-afzettingen) sterk verstoord aangetroffen. Bove;nop dit verstoorde (klei)pakket bevindt zich een opgebracht kleipakket. In boring 3 is onder de verstoorde klei, op een diepte van 1,5 m -Mv (0,71 m -NAP), een natuurlijk kleipakket waargenomen. In de boringen 2, 5 en 6 is enkel een opgebracht pakket klei en zand aangetroffen.
Eigenaar vondsten:
gemeente Groningen
Eigenaar documentatie:
gemeente Groningen
Onderzoeksjaar:
2018
Objectnaam:
31. Zernikelaan, fietsenstalling
Adressen:
Zernikelaan 6, Zernikeplein 11, Groningen
Aanleiding:
Parkeerterrein
Activiteit:
booronderzoek
 
 
 
 
 
Erfgoedstuk
Publicatie ondergronds
7. Zerniketerrein, nabij kasteelterrein, meerdere onderzoeken:, 2016, 2017, 2018
Soort publicatie:
Artikel (tijdschrift, boek)
Titel publicatie:
Hervonden Stad 2019 (pag. 021-023)
MON nummer:
112056, 112121, 112155
Eigenaar documentatie:
gemeente Groningen
Archis:
4008960100, 4575426100, 4565641100, 4624196100, 4636898100
Samenvatting:
Opgraving en begeleiding De Pondematen: Aanleiding: De aanleg van een geothermische bron. Door twee van de vijf opgravingsputten (putten 1 en 3) lopen recentelijk gedempte delen van grachten. Aan weerszijden zijn delen van oudere grachten gevonden die gedateerd kunnen worden in de late middeleeuwen. Deze grachten sluiten aan op tijdens eerder archeologisch onderzoek gevonden grachten en behoorden tot de grachten rondom een noordelijk en zuidelijk podium van een kasteelterrein (datering tussen de twaalfde en veertiende eeuw). Ook tijdens de archeologische begeleiding is een deel van een gracht gevonden dat vermoedelijk het westelijk deel vormde van een gracht rondom steenhuisterrein uit de vroege dertiende eeuw dat direct grensde aan het zuidelijke podium van het kasteelterrein.
In de putten 2 en 4 van de opgraving zijn enkele smalle greppels opgegraven. Ook zijn hier twee kuilen en een laatmiddeleeuwse drenkkuil gevonden. In de meest westelijke put is behalve enkele greppels een; slootrestant gedocumenteerd dat geïnterpreteerd is als een bermsloot van een kleiweg die hier vermoedelijk gelopen heeft.
Ook tijdens de archeologische begeleiding is een deel van deze bermsloot gevonden. Deze kleiweg was min of meer noord/zuid georiënteerd en liep direct ten westen van het kasteel- en steenhuisterrein.
Op basis van de determinatie van het aardewerk en leer kan worden geconcludeerd dat de vindplaats dateert tussen de tweede helft van de twaalfde en de veertiende eeuw, met nadruk op de tweede helft van de dertiende eeuw en het begin van de veertiende eeuw. De dateringen van het nu aangetroffen materiaal komen overeen met de eerder opgegraven vindplaats.

De Bunders: Aanleiding: Bouwplannen. Zo worden parkeerplaatsen, toegangswegen en een opstelplaats voor noodstroomaggregaten aangelegd. De bodemopbouw bestaat uit een pakket opgebrachte grond, op een subrecente bouwvoor op een siltige kleipakket met een tot twee vegetatielagen met daaronder zwak zandige kwelderklei.
Eigenaar vondsten:
gemeente Groningen
Onderzoeksjaar:
2016, 2017, 2018
Objectnaam:
7. Zerniketerrein, nabij kasteelterrein, meerdere onderzoeken:
Adressen:
Zernikelaan, De Bunders, Groningen
Aanleiding:
Sloop/nieuwbouw
Activiteit:
archeologische begeleiding
Archeologische perioden:
IJZ-ROM, VME-NT
Opmerkingen:
De aanwezigheid van de subrecente bouwvoor toont aan dat de natuurlijke grond vrijwel niet verstoord is. De top van de natuurlijke ondergrond bevindt zich op circa 0,1 m +NAP. In boring 2 is een mogelijk archeologisch grondspoor aangetroffen. Gezien de stratigrafische ligging van dit mogelijke spoor dateert het vermoedelijk uit de IJzertijd/Romeinse tijd.
Gezien de intactheid van de bodem (onder de opgebrachte grond) en de nabijheid van bekende vindplaatsen in de directe omgeving bestaat er een kans op de aanwezigheid van archeologische vindplaatsen in het plangebied. Gezien de aard van de omliggende vindplaatsen gaat het waarschij;nlijk om resten van landinrichting (sloten/greppels) uit de IJzertijd/Romeinse tijd of de Vroege Middeleeuwen.
De resultaten van het onderzoek tonen aan dat in het plangebied intacte relevante archeologische lagen aanwezig zijn. Deze bevinden zich onder een recent opgebracht grondpakket met een dikte van 0,6-0,85 m. Indien de bodemroerende graafwerkzaamheden tijdens de nieuwbouw niet dieper rijken dan 0 m NAP is er vanuit archeologisch oogpunt geen belemmering voor de bouwwerkzaamheden. Geadviseerd wordt in dat geval geen verder archeologisch onderzoek uit te voeren.
Indien wel dieper dan 0 m NAP zal worden gegraven, wordt aanbevolen vervolgonderzoek uit te voeren. De vorm van dit onderzoek hangt af van de exacte diepte en locatie van de graafwerkzaamheden. Graafwerkzaamheden tussen 0 en 0,25 m –NAP zullen waarschijnlijk weinig tot geen archeologische relevante resten schaden. Geadviseerd wordt in dit geval de werkzaamheden onder archeologische begeleiding uit te voeren.
Indien de graafwerkzaamheden dieper dan 0,25 m –NAP reiken wordt een proefsleuvenonderzoek aanbevolen. Dit onderzoek heeft als doel informatie te verzamelen over de aard, omvang, datering, diepteligging, gaafheid, conservering en waarde van een eventuele archeologische vindplaats.
 
 
 
 
 
Erfgoedstuk
Publicatie ondergronds
34. Zerniketerrein, adviesplan, 2018
Soort publicatie:
Artikel (tijdschrift, boek)
Titel publicatie:
Hervonden Stad 2019 (pag. 031) Overige onderzoeken
MON nummer:
112221
Archis:
4584839100
Samenvatting:
Aanleiding: Opstellen van een archeologische risicokaart (waar zit de archeologie?). De bodemopbouw is grotendeels intact. In het merendeel van de 161 boringen (N = 134) zijn vegetatielagen aanwezig. De boringen waar geen vegetatielagen zijn aangetroffen, liggen verspreid over de deelgebieden. In de meeste gevallen is geen sprake van (diep reikende) recente verstoringen.
Op basis van de hoogtematen uit 2006, 2010 en 2013 blijkt dat op verschillende plekken het terrein is opgehoogd. De mate waarin verschilt per deelgebied. Gemiddeld leveren de waarnemingen uit 2006 een maaiveld hoogte op van 0,12 m +NAP. De boringen uit 2010 hebben een gemiddelde maaiveldhoogte van 0,28 m +NAP. De boringen uit 2013 leveren een gemiddelde maaiveldhoogte op van 0,43 m +NAP. Ook uit de boorbeschrijvingen uit 2013 is in veel gevallen sprake van een ophogingspakket op de oude bouwvoor.
Hieronder worden per deelgebied de basisgegevens weergegeven. (Gemiddelden en medianen afgerond tot 2 cijfers achter de komma.) De gegevens van de afzonderlijke boringen zijn opgenomen in bijlage 1. Deelgebied 19 betreft het gemeentelijke archeologische monument `Kasteelterrein". Hiervoor geldt een afwijkend advies.
In overleg met de gemeentelijk archeoloog is het recente ophogingspakket tot op het oude maaiveld (maaiveld 2006) vrijgegeven. Het niveau tussen oude bouwvoor en de bovenste vegetatielaag (inclusief een buffer van 0,2 m, afgerond op 0,05 m) is vrijgegeven in deelgebieden 4, 5, 6, 7, 9, 10, 12, 14 en 17. In deelgebieden 8, 18 en 19 wordt bij graafwerkzaamheden die tot in de zone tussen het oude maaiveld en het niveau van de hoogste vegetatielaag reiken (inclusief een buffer van 0,2 m, afgerond op 0,05 m), archeologische begeleiding geadviseerd. Bij graafwerkzaamheden die dieper reiken dan het niveau van de hoogste vegetatielaag (inclusief buffer van 0,2 m) wordt geadviseerd een archeologisch proefsleuvenonderzoek uit te laten voeren.
* Zie rapport voor de specifieke vrijstellingsgrenzen *
Eigenaar vondsten:
gemeente Groningen
Eigenaar documentatie:
gemeente Groningen
Onderzoeksjaar:
2018
Objectnaam:
34. Zerniketerrein, adviesplan
Adressen:
De Deimten 5, Zernikepark 31, 33, Groningen
Aanleiding:
Inventarisatie bodemopbouw
Activiteit:
booronderzoek