Uw zoekacties: Nederlandse spoorwegen: beheertekeningen van de infrastructu...
x939 Nederlandse spoorwegen: beheertekeningen van de infrastructuur schaal 1:1000 ( Het Utrechts Archief )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

939 Nederlandse spoorwegen: beheertekeningen van de infrastructuur schaal 1:1000 ( Het Utrechts Archief )
Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen
Zoektips!

Wildcards kunnen het zoeken vergemakkelijken:

  • Een ? (vraagteken) vervangt een letter
  • Een * (sterretje) vervangt een aantal letters
  • Door een $ (dollarteken) voor een zoekterm te zetten, zoekt u naar woorden die op elkaar lijken.

Meer zoektips vindt u hier.

 
 
Inleiding
Beheertekeningen van de infrastructuur schaal 1:1000
939 Nederlandse spoorwegen: beheertekeningen van de infrastructuur schaal 1:1000
Inleiding
Beheertekeningen van de infrastructuur schaal 1:1000
Organisatie: Het Utrechts Archief
De tekeningen die zich in dit bestand bevinden, brengen de spoorbaan in kaart, met alle objecten die zich in, op en aan de spoorweg bevinden. Op deze kaarten, op een schaal van 1:1000, staan de grenzen van de spoorbaan aangegeven en alles wat zich binnen die grenzen bevindt: de spoorbaan zelf met alle wissels, de duikers, bruggen, afscheidingen zoals sloten en hekken, (stations-)gebouwen en eventuele toegangswegen, overwegen, etc. Ook staat de kilometrering op de kaart aangegeven. Deze kaarten worden gebruikt als basis voor het onderhoud van de baan. Maar ze zijn ook het startpunt voor wijzigingen.
Deze kaarten zijn (waarschijnlijk) voor het eerst gemaakt bij de aanleg van de staatsspoorwegen, en waren bedoeld om bij de overdracht van de spoorweg aan de maatschappij die de spoorweg ging exploiteren duidelijk aan te geven wat de eigendommen van de staat waren.
Later zijn er ook van de lijnen die door de particuliere maatschappijen zijn aangelegd dergelijke tekeningen gemaakt, bedoeld voor het beheer van de spoorbaan. Het waren of originele tekeningen of opgeplakte calques.
Vanaf ca. 1900 zijn de exploiterende maatschappijen (en met name de HSM) begonnen om de beheerkaarten op calque te zetten. Het is dan eenvoudiger om van de kaarten een reproductie te maken. In de jaren twintig, na de samenvoeging van de diensten van Weg en Werken van de maatschappijen is men, onder leiding van de heer Tulp, begonnen om de lijnen systematisch in kaart te brengen. Er werden eerst in het veld waarnemingen gedaan, die op karton werden uitgewerkt en waarvan een calque werd gemaakt die als origineel kon dienen. Tulp is begonnen met de lijnen waar nog geen calque van beschikbaar was. Dit waren voornamelijk de staatslijnen die door de MtEvSS werden geëxploiteerd.
In de jaren '70 is men de procedure gaan versnellen. Het resultaat was dat in ongeveer 10 jaar het hele net in kaart werd gebracht.
Tussen 1920 en 1945 werden de kaarten gemaakt door de Afdeling Tekenkamer en Archief van de Dienst van Weg en Werken. In 1945 werd een ingenieursbureau in de NS opgenomen om voldoende kennis in huis te hebben ten behoeve van de wederopbouw. Hieruit is de afdeling (Kartografie) ontstaan die de kaarten ook nu nog maakt en bijhoudt.
Van de kaarten gemaakt na 1900 zijn in principe alleen calques opgenomen. Een calque is een tekening op doorschijnend materiaal (veelal polyester), die gebruikt wordt om een afdruk te maken. Deze afdruk wordt, afhankelijk van het chemisch proces dat hierbij wordt gebruikt, aangeduid met de termen blauwdruk of lichtdruk. Omdat de calques, nadat er een nieuwe calque was gemaakt, voor vernietiging in aanmerking kwamen, zijn niet alle verschillende versies hiervan bewaard gebleven. Waar de kartonnen tekening van een versie bewaard is gebleven, is deze opgenomen in deze inventaris. Wanneer bij een beschrijving niets wordt vermeld, betreft het een kartonnen tekening. Wanneer het om calques gaat, staat dat achter de beschrijving. Een enkele keer is niet de calque, maar de lichtdruk bewaard gebleven. In dat geval is vermeld dat het gaat om een blauwdruk of lichtdruk.
De tekeningen zijn in de inventaris in twee groepen te verdelen: de tekeningen die gemaakt zijn in de periode van de aanleg van de lijnen, en de latere tekeningen, vanaf 1920 door de Afdeling Tekenkamer en Archief / Kartografie gemaakt. De tekeningen uit de aanlegperiode zijn geordend op de lijn: eerst de Staatsspoorlijnen en daarna de lijnen die door particuliere maatschappijen zijn aangelegd, verdeeld in hoofd- en lokaalspoorwegen. Het gedeelte uit de latere periode is geordend op de Geo-code.
De Geo-code is vlak voor de Tweede Wereldoorlog door de NS ontwikkeld, en ca 1942 ingevoerd. Het is het antwoord dat de NS heeft gevonden op de problemen die ze tegen kwam bij het archiveren van de tekeningen. Het grootste probleem daarbij was onder welke lijn de stations te 'plaatsen' waar meer dan 1 lijn samenkwamen. Als voorbeeld kan station 's Hertogenbosch worden genoemd. Dat ligt zowel aan de lijn Tilburg - Nijmegen, als aan de lijn Utrecht - Boxtel en tevens aan de lijn Lage Zwaluwe - 's Hertogenbosch. In de Geo-code is het hele spoorwegnet opgedeeld in baanvakken en knooppunten. Een knooppunt is de plaats waar een aantal lijnen samenkomen, of elkaar kruisen. Baanvakken zijn de gedeeltes tussen de knooppunten. Aan de nummering van het code-gebied is te zien of het gaat om een baanvak of een knooppunt: de baanvakken hebben de nummers 001 tot 499, de knooppunten zijn genummerd 500 tot 799. De nummers 800 tot 999 worden gebruikt voor bijzondere gebieden, zoals rangeerterreinen en werkplaatsen.
Voor het raadplegen van de inventaris is kennis van de Geo-code niet noodzakelijk. Er is in Het Utrechts Archief een exemplaar van deze Geo-code aanwezig.
Enkele tekeningen zijn gedateerd met de hulp van de heer Van de Meene. Hij heeft ook de inventaris doorgelezen. Zijn gedetailleerde, waardevolle opmerkingen zijn in dank aanvaard en waar mogelijk verwerkt.
Literatuur
Inventaris
Kenmerken
Datering:
1835-1985
Toegangstitel:
Inventaris van de beheertekeningen van de infrastructuur schaal 1:1000
Auteur:
Medewerkers project 'Historisch archief Nederlandse Spoorwegen', in samenwerking met het Nederlands Spoorwegmuseum
Datering toegang:
2000
Openbaarheid:
Volledig openbaar
Rechtstitel:
Opneming in beheer van een particulier, niet in eigendom verkregen
Omvang:
10000 bladen tekeningen
Rubrieken:
Categorie:
Archiefvormer(s)::
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS