Uw zoekacties: Burger, J.A.W.
x238 Burger, J.A.W. ( NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

  • Kenmerken van het archief
  • Inleiding op het archief
  • Inventaris of plaatsingslijst
  • Eventueel bijlagen
  • De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

    De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

    De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

    Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

    238 Burger, J.A.W. ( NIOD Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies )
    Zoek in deze inventaris
    >
    Zoektermen
     
     
    Inventaris
    Openbaarheid
    Geschiedenis
    Inventaris
    1 Brief van mr. J.A.W. Burger, minister van Binnenlandse Zaken in het Londense Kabinet, aan Gerbrandy (geschreven te Oisterwijk). Algemene aandacht wordt gevraagd voor het besluit om de in Nederland aanwezige ministers als kwartiermakers te beschouwen. Hoofddoel van dit schrijven is echter de verhouding van de Regering tot het Militair Gezag in het algemeen en tot generaal Kruis in het bijzonder. Dit n.a.v. de "ongepaste" brief van Kruis aan de voorzitter van de Raad van Ministers, waarna niet terstond besloten werd om Kruis terzijde te stellen als hoofd van het Militair Gezag. De redenen die tot dit standpunt leidden waren niet slechts de moeilijkheid van een goede vervanging van de generaal, maar vooral ook de overweging, dat men nauwelijks kon aannemen hier met een poging tot omkering van de gezagsverhoudingen te maken te hebben. Het is langzamerhand echter duidelijk geworden, dat bovenbedoelde brief (ook na het gesprek tussen Gerbrandy, de minister van Oorlog, en Kruls) niet langer als een vergeeflijke vergissing kan worden beschouwd. Het blijkt dat de generaal in aangelegenheden van werkelijk belang weigert in te zien, hoe de gezagsverhoudingen liggen, althans behoren te liggen. Hij verzet zich niet alleen tegen het besluit van de Regering dat in Nederland ministers aanwezig zullen zijn, indien deze menen dat zulks voor hun werkzaamheden noodzakelijk is, maar uit allerlei publikaties blijkt, dat het Militair Gezag de leiding aan zich wil trekken. Het is voldoende om te volstaan met enige recente uitlatingen van de generaal (waarvan twee passages aangehaald). Ingrijpen moet niet langer verschoven worden. De ministers hebben allen ervaren, welke chaotische toestanden, met name op het gebied van de rechtszekerheid, zijn ontstaan. Zij ondervinden dagelijks hoe dringend noodzakelijk hun aanwezigheid is om enige leiding in vitale kwesties te kunnen geven.
    2 Afschrift van een brief van mr. J.A.W. Burger, minister zonder Portefeuille te Londen, aan HM de Koningin, n.a.v. een telefonisch verzoek van HM om te worden ingelicht omtrent de stand van de werkzaamheden met betrekking tot de bestuurs-voorziening. Burger schrijft, dat het desbetreffende ontwerp aanvankelijk een voorlopige voorziening voor Gemeente, Provincie en een Centraal Orgaan als eerste bestuurs-voorziening, en een verdere uitwerking van de regelingen als z.g. tweede bestuurs-voorziening omvatte. In het huidige stadium zijn deze twee phasen in twee afzonderlijke ontwerpen gesplitst en is in behandeling het ontwerp dat uitsluitend de allereerste bestuurs-voorziening omvat. Sedert enige weken is het ontwerp nu (kort samengevat) als volgt: automatisch treden overal de burgemeesters op, die op 10 mei 1940 in functie waren (nadat over hun gedrag tijdens de oorlog rapport is uitgebracht); deze roepen terstond de aanwezige oude raadsleden, als zijnde de wettelijke vertegenwoordigers van vóór de bezetting, en gijzelaars, als zijnde degenen die tijdens de bezetting het Nederlandse volk hebben vertegenwoordigd, bijeen, die wethouders kiezen. Dit college van B. en W. zal in de eerste phase de gemeente besturen. Van de zes grote steden en de provincies is de regeling aldus, dat automatisch burgemeesters en commissarissen optreden, terwijl wethouders en gedeputeerden door regeringsbenoeming zullen worden verkregen. Voor wat betreft het Centrale College beoogt het ontwerp, dat 30 leden benoemd zullen worden uit de oude leden van de Staten-Generaal en 30 leden uit de figuren die zich speciaal verdienstelijk hebben gemaakt. De taak van dit college zal, in tegenstelling tot de gemeenten en provincies, niet besturend, doch adviserend zijn.
    Kenmerken
    Datering:
    1942-1949
    over het archief:
    Jaap Burger (1904-1986) vertrok in 1943 als Engelandvaarder naar Londen. In augustus van dat jaar werd hij minister zonder Portefeuille. Zijn speciale taak was de voorbereiding van de terugkeer van de Nederlandse regering naar Nederland. In juni 1944 werd hij minister van Binnenlandse Zaken.
    Openbaarheid:
    Volledig openbaar
    Omvang:
    0,1 meter, 1 doos
    Categorie:
    Archiefvormer(s)::
     
     
     
    MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
    meer informatie over MAIS-(M)DWS