Uw zoekacties: Regionale Omroep Brabant en voorgangers, 1972 - 2005
x999 Regionale Omroep Brabant en voorgangers, 1972 - 2005 ( Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

999 Regionale Omroep Brabant en voorgangers, 1972 - 2005 ( Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) )
Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen
 
 
Inleiding
Voorgeschiedenis.
De verspreiding van radio verliep in Nederland zeer snel. Rond 1925 werden omroepverenigingen opgericht, die radioprogramma's gingen verzorgen. Zij vertegenwoordigden de belangrijkste geestelijke stromingen in ons land. De vijf grootste waren:
AVRO - algemene vereniging radio omroep; onafhankelijk van politiek en godsdienst;
NCRV - Nederlands christelijke radio vereniging; orthodox protestants;
VPRO - vrijzinnig protestantse radio omroep; vrijzinnig protestants;
VARA - vereniging van arbeiders radio amateurs; socialistische inslag;
KRO - katholieke radio omroep; katholieke achtergrond.
De verenigingen werden gefinancierd uit bijdragen van leden en begunstigers en uit inkomsten van programmabladen. (reclame was nog verboden)
De omroepen verzorgden hun programma's volstrekt onafhankelijk en zonder onderling overleg.
In 1925 waren er nog geen 25.000 radiotoestellen in Nederland.
Daarnaast ontstond de radiodistributie ofwel draadomroep. Draadomroep of radiodistributie was een faciliteit voor het doorgeven van radioprogramma's via een kabel (draad). Dit had als voordeel dat men niet zelf over een radiotoestel hoefde te beschikken en bovendien een veel betere ontvangst had met een betere geluidskwaliteit. Er ontstonden daarvoor honderden radiocentrales.
Brabanders konden voor de oorlog via Hilversum een gewestelijk cultureel Brabants radioprogramma beluisteren.
In 1940 waren er meer dan 1 miljoen radiotoestellen in ons land en ruim 400.000 aansluitingen op radiodistributie.
In de oorlogsjaren werden de bezittingen van de omroepen door de bezetter ingepalmd. De rol van de omroepen werd overgenomen door de Nederlandse Omroep, die via de Rijksradio nationaalsocialistische programma's uit ging zenden.
In die oorlogsjaren werden echter ook bekend Radio Vrij Nederland (mei-juni 1940 vanuit Parijs door uitgeweken journalisten) en Radio Brandaris (voor Nederlandse zeevarenden) en radio Oranje (door uitgeweken vaderlanders), de beide laatste die vanuit Londen via de BBC werden uitgezonden werden eind 1942 samengevoegd tot Radio Oranje.
Kort na de Tweede Wereldoorlog ontstond er een streven naar radioprogramma's die speciaal voor Brabant bestemd waren. Van 1948 tot 1963 werd dat gerealiseerd doordat de KRO vanuit Hilversum iedere maand het radioprogramma 'Het Brabants Halfuur' verzorgde.
In 1966 werd de Stichting Brabantse Omroep opgericht. Een voormalig zusterklooster in het Kempische dorp Bladel werd gedeeltelijk omgebouwd tot radio-studio en op Tweede Pinksterdag 1967 ging het eerste "Brabantse Journaal" in AVRO-zendtijd de ether in (De KRO had voor dit omroepinitiatief geen belangstelling getoond).
Precies vijf jaar lang zou het "Brabant Journaal" elke AVRO-maandagmiddag van half zes tot zes uur te beluisteren zijn.
Parallel lopend met de ontwikkeling van de Brabantse Omroep was in Eindhoven het initiatief genomen tot oprichting van de Stichting Regionale Televisie Noord-Brabant (RTNB).
Op den duur werd deze situatie niet bevredigend gevonden. Op 6 januari 1971 fuseerden beide stichtingen in de Stichting Regionale Omroep Brabant (SROB). In 1972 werd de samenwerking met de AVRO gestopt en de studio gesloten.
Het was de bedoeling dat de SROB gedragen zou worden door vertegenwoordigers uit de gehele provincie. Tevens werd onderkend dat het verkrijgen van één zendmachtiging voor de gehele provincie moeilijk haalbaar zou zijn. Ook de eigen gewestelijke aspecten van de grote provincie Brabant konden moeilijk in één programma tot uiting worden gebracht. Dit leidde ertoe dat men overging tot de oprichting van vier regionale omroepstichtingen die gingen samenwerken in de overkoepelende Stichting Regionale Omroep Brabant (SROB) nieuwe stijl.
Dit kreeg zijn beslag in 1974. De vier regionale dochterstichtingen waren; de Stichting Regionale Omroep Zuid-Oost Brabant (SROZOB) voor Eindhoven, Helmond en omstreken; de Stichting Regionale Omroep Noord-Oost Brabant (SRONOB) voor 's-Hertogenbosch, Oss en omstreken; de Stichting Regionale Omroep Midden-Brabant (SROMB) voor Tilburg en omstreken; de Stichting Regionale Omroep West-Brabant (SROWB) voor Breda, Roosendaal, Bergen op Zoom en omstreken. De zetels van deze stichtingen waren respectievelijk gevestigd te Eindhoven, 's-Hertogenbosch, Tilburg en Breda.
Na deze structurering van de regionale Brabantse omroep werden pogingen ondernomen om een zendmachtiging te verkrijgen van de Minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk. Dat resulteerde in een KB van 23 augustus 1976. Omroep Brabant mocht bij wijze van experiment een regionaal radioprogramma uitzenden, maar alleen in de regio Zuid-Oost Brabant. In dit gebied woonden toen ruim 600.000 mensen, verdeeld over 33 gemeenten.
Op 1 september 1976 werden de uitzendingen gestart vanuit de studio, de daartoe omgebouwde voormalige protestantse Petrakerk, te Eindhoven.
Via de FM-91, 9 MHz-zender te Mierlo worden per week veertien uur "Brabantse Berichten" uitgezonden.
De dochterstichtingen kenden een algemeen bestuur, dat uit haar midden een dagelijks bestuur koos. Er is verder een Raad van Advies, die moet waken over de doelstellingen van de stichting. Verder is er een Programma-Technische Adviesraad (PTAR), die advies uitbrengt over het programmabeleid.
De uitzendingen vanuit Eindhoven bleken aan een behoefte te voldoen. Dat bleek in 1979 toen Omroep Brabant met opheffing werd bedreigd. Een actie onder de bevolking om dat te voorkomen, bleek een groot succes en dus bleven de bij wijze van experiment begonnen uitzendingen doorgaan. Het streven naar uitzendingen voor alle delen van Brabant bleef ook op gang. In 1984 nam de regering een duidelijk standpunt in ten aanzien van de regionale omroep. Er zou één regionale omroep per provincie moeten komen, die mogelijk meer edities zou kunnen omvatten. Daartoe werden in 1987 de statuten van de SROB gewijzigd. De vier hiervoor genoemde regionale dochterstichtingen werden opgeheven. Ze werden opgevolgd door vier regionale bestuurscommissies van de omgevormde SROB, die thans nog steeds functioneert. Het algemeen SROB-bestuur wordt gekozen uit deze regionale bestuurscommissies. In 1988 werd er toestemming verkregen om voor geheel Brabant programma's uit te zenden. In de loop van 1989 werden er studio's ingericht te Breda, s'-Hertogenbosch en Tilburg. Direct daarna begonnen de uitzendingen in alle vier de regio's.

Rijksarchief in Noord-Brabant, 1996
Extra: In maart 1989 begon de omroep met het editiestelsel en studio's in Breda, 's-Hertogenbosch en Tilburg. Omroep Brabant is op 1 dec 1991 als eerste regiozender met reclame gestart.
Het editiestelsel bestaat sinds enkele jaren alleen nog voor de reclameblokken, de uitzendingen zijn verder in de hele provincie gelijk. De studio's in 's-Hertogenbosch en Tilburg zijn afgestoten. De studio in Breda biedt onderdak aan de redactie West-Brabant, die het gebied vanaf Tilburg naar het westen covert. De radiotak is 24 uur per dag in de ether. Op werkdagen van 6.00 uur 's ochtends tot 20.00 uur 's avonds en in het weekeinde van 9.00 tot 17.00 met gepresenteerde programma's. In de tussenliggende uren is non-stop muziek te horen. Er wordt gewerkt met acht presentatoren.

TV
Sinds september 1997 maakt Omroep Brabant ook televisie. De zender maakt dagelijkse nieuwsuitzendingen en achtergrondprogramma's vanuit haar studio in Son, vlakbij Eindhoven. De programma's (behalve het nieuws) beginnen om 18:30 uur en worden dan tot de volgende dag 18:30 uur herhaald. Sinds 1 maart 1982 verzorgt weerman Johan Verschuuren uit Aarle-Rixtel de weerpraatjes voor de omroep. Meteo Consult verzorgt sinds september 2007 de weerpraatjes op televisie en sinds september 2008 ook op werkdagen op de radio. Johan Verschuuren verzorgt nog de weerpraatjes in de weekenden tijdens het ochtendprogramma "Lekker geen wekker". Sinds november 2008 is Omroep Brabant begonnen met ochtendedities van het Nieuws. De eerste nieuwsuitzending is om 7.00 uur, dan een om 9.30 uur, een om 12.30 uur. En dan het avondbulletin om 18.30 uur. Behalve nieuws heeft de zender een aantal vaste programma's gericht op de regio. In 2008 zijn dit Uit in Brabant, Olifantendoders, Baanbrekend Magazine, Bureau Brabant, Brabant Party, Dagtripper en Zinderend Zuiden.
Sinds december 2008 heeft de omroep een eigen 26-delige dramaserie Wolfseinde. De hoofdrol wordt vertolkt door Tanja Jess.

[bron: Wikipedia]
Aanwijzingen voor de gebruiker
Bijlage: bronnen
Kenmerken
Datering:
1972-2005
Vindplaats origineel:
Locatie Den Bosch
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS