Uw zoekacties: Parochie H. Antonius Abt te Schaijk
x1826 Parochie H. Antonius Abt te Schaijk ( Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

1826 Parochie H. Antonius Abt te Schaijk ( Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) )
Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen
 
 
Inleiding
De kapel van Schaijk

De eerste schriftelijke vermelding van Schaijk pas dateert uit het einde van de veertiende eeuw. “Scaeywijc in die prochie van Herpen” staat in het Mirakelboek van Onze Lieve Vrouwe van Den Bosch vermeld als de plaats waar in 1383 de dochter van Roelof Moliaert (te Schaijk) wonderbaarlijk genezen is van de vallende ziekte.
De vroegste vermelding van een kapel in Schaijk dateert van 1421. Deze vermelding is opgenomen in het register van het aartsdiaconaat Kempenland, onderdeel van het bisdom Luik.
Eeuwenlang behoorde het land van Ravenstein en dus ook ook Schaijk tot het bisdom Luik. In 1559 wordt het land van Ravenstein ingedeeld bij het nieuw opgerichte bisdom 's-Hertogenbosch, om ongeveer een eeuw later opnieuw bij Luik gevoegd te worden. Wellicht is dit laatste feit mede
aanleiding geweest om Schaijk definitief tot een zelfstandige parochie te verheffen.
De middeleeuwse kapel was toegewijd aan Hubertus en Cornelius, geliefde volksheiligen in die tijd.
Het enige wat van deze kapel nog gedeeltelijk over is, is de lage, bakstenen toren, opgenomen in de huidige toren.

De kerk van Schaijk

Schaijk viel in de vijftiende eeuw nog onder de parochie Herpen. Dat veranderde vroeg in de 17e eeuw. In een pachtovereenkomst met de abdij van Berne in Heeswijk uit 1607 wordt al van een zelfstandige parochie gesproken. Schaijk lag net buiten het grondgebied van de Republiek, waar na 1648 het openlijk belijden van het katholieke geloof verboden was. Veel katholieke gelovigen uit de omliggende dorpen kwamen daarom naar Schaijk om hun godsdienstplichten te vervullen.
In 1661 wordt voor het eerst Sint Antonius genoemd als parochieheilige. Later is de kerk mede toegewijd aan Sint Lucia. Deze heilige is ook patrones van de stad Ravenstein en beschermvrouwe van het gehele land van Ravenstein.
Ondanks de aanpassingen die door de eeuwen heen zijn gedaan is het oude middeleeuwse kerkje, in feite nog de oorspronkelijke kapel van 1421, langzamerhand te klein geworden voor het groeiend aantal parochianen.
In 1728 is de kerk uitgebreid met een nieuw priesterkoor. Het gebouw moet toen zestien à zeventien meter lang zijn geweest. De kerk had drie altaren: het hoofdaltaar met twee zijaltaren. Het ene altaar was gewijd aan de Heilige Antonius Abt, patroon van de parochie sinds ca. 1660. Het andere altaar was gewijd aan Onze Lieve Vrouwe en was wellicht van de Broederschap van de Heilige Rozenkrans.
H. Antonius Abt

Antonius werd rond 251 geboren. Zijn levensverhaal is opgetekend door zijn leerling Sint Athanasius de Grote (+ 373). Deze vertelt dat Antonius zich rond 310 naar Alexandrië begaf om zich als christen bekend te maken, met de bedoeling de marteldood te ondergaan. Het was immers de tijd van de christenvervolgingen onder keizer Maximinus Dala (305-313). Maar deze liet hem ongemoeid.
Teruggekeerd "beoefende hij een nog strengere ascese en onderging hij het martelaarschap naar de geest". Vanaf zijn 20ste jaar leefde hij als kluizenaar. Dat kwam omdat hij als welgestelde jongeman eens in de kerk de evangelietekst hoorde voorlezen: "Als je volmaakt wilt zijn, verkoop dan alles wat je bezit en volg Mij" (Matheus 19,21). Antonius was zo gegrepen door die tekst, dat hij hem letterlijk in praktijk bracht en op zijn eentje de woestijn in trok.
In de afzondering nam hij slechts het aller-noodzakelijkste eten tot zich; hij heeft er vreselijk te strijden gehad tegen bekoringen.
Eerst woonde hij 35 jaar lang in een rotsspelonk in de buurt van de plaats waar hij geboren was. Daarna trok hij dieper de eenzaamheid in en vestigde zich op een berg aan de overkant van de Nijl. Daar ontdekte hij, dat er al iemand vóór hem de woestijn was ongetrokken, om God in de eenzaamheid te dienen en te zoeken: Sint Paulus van Thebe (+ 342). Nadat hij twintig jaar op zijn berg had doorgebracht, trok hij naar een oase in de Egyptische woestijn. In deze oase werd hij bezocht door vele christenen. Van hen besloten er zo nu en dan om hun leven verder in zijn gezelschap door te brengen.
Zo ontstond een dorp van kluizenaarswoningen. Hoewel hij geen gemeenschappelijke levenswijze organiseerde, gaf hij aan allen geestelijke leiding; dat is de reden waarom hij de eerste abt genoemd wordt. Hij stierf toen hij 105 jaar oud was.
De waterstaatskerk van Schaijk

In 1827 besluiten de pastoor en de kerkmeesters om het kerkje, met uitzondering van de toren en de sacristie, af te breken. Het rijk verleent subsidie onder de voorwaarde dat de gemeente en de parochianen hun deel bijdragen.
De destijds met overheidssteun gebouwde kerken worden ook wel 'Waterstaatskerken" genoemd; deze kenmerken zich door een eenvoudig uiterlijk en een sobere bouwtrant.
Een nieuwe kerk in Schaijk

Aan het einde van de 19e eeuw blijkt de kerk dermate bouwvallig te zijn dat deze moet worden vervangen. Dit gebeurde in de periode 1894-1902.
Nog geen 70 jaar na de inwijding van de waterstaatskerk kwam het kerkbestuur van de Schaijkse parochie bijeen op de vijftigste verjaardag van pastoor Van Winkel, 29 oktober 1893. Op de agenda stond het plan voor de bouw van een grotere en mooiere parochiekerk.
Wegens gebrek aan voldoende geldmiddelen wordt het werk in fasen uitgevoerd. In 1894/1895 vervangt men naar plannen van architect Stornebrink uit Wijchen het oude koor door een nieuw transept en koor. Door architect Van Aalst uit Den Bosch wordt in 1901/1902 het schip vervangen en werd de 15e eeuwse toren ommetseld (!) en verhoogd met een vijfde geleding.
Van Aalst kreeg nl. te maken met het torenprobleem. De oude, 15e-eeuwse toren was eigenlijk te laag in verhouding tot de rest van het ontwerp van Stornebrink. Men wilde hem echter niet afbreken, en verzon daarom een creatieve oplossing: rond de oude toren werd een compleet nieuwe toren gebouwd, die bijna 5 meter hoger was dan de oorspronkelijke en daarmee meer recht deed aan het nieuwe kerkgebouw.
In 1902 is het werk voltooid en op 17 juni 1907 wordt de kerk door bisschop W. van de Ven ingewijd.
De kerk H. Antonius Abt is een driebeukige neogotische kerk met een vierkante toren aan de westzijde. Het gebouw heeft twee lagere transepten met vijfkantige beëindiging. Het is een vrij groot gebouw. Architect Stornebrink stond een eclectische stijl voor, ofschoon de opdracht luidde om een neogotische kerk te bouwen. De Schaijkse kerk heeft dan ook andere kenmerken dan gebruikelijk in die tijd. Het interieur oogt licht, ondanks de grootte van het gebouw.
Vernieuwing van de kerk in de zestiger jaren

Tot 1967 blijft het gebouw grotendeels onveranderd. Mede naar aanleiding van de veranderde liturgische voorschriften als gevolg van het Tweede Vaticaans Concilie wordt in dat jaar met name het interieur door de “Bossche School” architect Jan de Jong uit Schaijk ingrijpend gewijzigd. De kruisribgewelven, de pijlers en de muren worden in verschillende grijstinten geschilderd. De vloer wordt vervangen door een gewassen betonvloer. Opmerkelijk is dat de vloer een verval kent van 34 cm van het begin van de kerk tot aan het altaar; een vrij unieke maatregel van de architect met als doel iedereen te betrekken bij de eucharistieviering. De neogotische kerkbanken maken plaats voor kunststof stoelen. Er komt een ander altaar, dat een nieuwe centrale plaats krijgt in de kerk.
Restauraties

In 1974 is de restauratie van de toren ter hand genomen, eveneens onder leiding van architect Jan de Jong. Bij deze restauratie zijn onder meer de verweerde uitspringende torentjes verwijderd, wat de toren een ander aanzien heeft gegeven.
In 1997 is de toren opnieuw helemaal gerestaureerd. De spits kreeg nieuwe leien en de haan is opnieuw verguld. De zolders hebben een grote onderhoudsbeurt gehad en toren en gewelven zijn beter toegankelijk gemaakt.
De grijs-tinten die in de zestiger jaren waren aangebracht zijn een paar jaar geleden vervangen door warmere kleuren. De kunststof stoelen zijn inmiddels ook verwijderd; er staan nu houten banken in de Bossche Schoolstijl, afkomstig uit de in 2008 gesloten Pauluskerk te Uden. De zes houten beelden aan de pilaren en in het priesterkoor zijn meegekomen uit de oude kerk, ontdaan van de later aangebrachte lichte kleur. Een van deze beelden is van de patroonheilige H. Antonius Abt en er is een beeld van de heilige Lucia, de tweede patroon. Ook de godslamp komt nog uit de oude kerk. De laatste kerkrestauratie van 2009-2012 is afgesloten met een plechtige eucharistieviering op zondag 24 juni 2012.

Meer info: www.restauratiekerkschaijk.n1; www.h-antonius-abt.nl.
Kerkinventaris

In de rechter zijbeuk staat een vitrine. Hierin wordt - naast andere religieuze objecten - de relikwie van H. Lucia bewaard in een ovalen zilveren reliekhouder, een zogenaamde theca. De theca heeft een doorsnede van 3 cm en binnenin een oogje. Hierin is een botpartikel bevestigd op een stukje groene stof. Onder het stukje stof is een papiertje bevestigd met als tekst S. Lucia v.m. (van de H. Lucia maagd en martelares).
De kruiswegstaties tegen de muren van de zijbeuken komen uit het (gesloten) slotklooster Soeterbeeck in Deursen; het betreft schilderijen op zink met een houten omlijsting.
De doopvont is ook afkomstig uit de eerdergenoemde Pauluskerk in Uden. Het deksel uit 1967 is van Schaijkenaar Frans de Grauw en behoorde oorspronkelijk tot een andere doopvont, ook in de stijl van de Bossche School.
In het priesterkoor staat een orgel van de Nijmeegse orgelmaker Matthijs van Deventer, in 1754 gebouwd voor de R.K. Kerk te Velp bij Grave. Omdat het in 1854 door Reekenaar F.C. Smits werd uitgebreid met een tweede klavier en hij ook nog enkele wijzigingen aanbracht, wordt het orgel tot de Smitsorgels gerekend. Het is in 1968 aangekocht van de parochie Velp en was ernstig in verval geraakt. Het diende ter vervanging van het Pels-orgel uit 1932 dat ook versleten was. In 1971 bracht Fa. Gebr. Vermeulen uit Weert het over naar Schaijk, waar het onder toezicht van Monumentenzorg en met adviezen van dr. M.A. Vente gerestaureerd is en in de toestand van 1854 teruggebracht. Het is een rijksmonument.
In het oksaal staat nog het Pelsorgel uit 1932.
Het kerkgebouw heeft de status van gemeentelijk monument.

Bestuur

Het bestuur van de parochie fungeert in overeenstemming met het ‘Algemeen reglement voor het bestuur van een parochie van de Rooms-katholieke kerk in Nederland’. Het bestuur bestaat uit de pastoor (of aangewezen plaatsvervanger) en ten hoogste 6 personen, waarbij het bestuur zodanig is samengesteld dat op gebied van met name pastoraal, financiën en beheer deskundigheid aanwezig is.
Het parochiebestuur heeft uit haar midden personen aangesteld voor de functies, die nodig zijn om goed te functioneren. Het huidige bestuur vergadert ongeveer 12 maal per jaar.
De taken van het bestuur zijn:
- het voorbereiden, vaststellen en uitvoeren van het algemeen beleid betreffende het beheer van de parochiële vermogens en de doelmatige aanwending daarvan ten bate van de parochie;
- het adviseren over pastoraal beleid;
- het zorgdragen voor en vormgeven aan organisatorisch beleid (communicatie en coördinatie);
- het zorgdragen voor en vormgeven aan personeels- en vrijwilligersbeleid;
Het bestuur dient zorg te dragen voor:
- de werving van personeel en vrijwilligers;
- de taak en functieomschrijvingen;
- gezonde en veilige arbeidsomstandigheden;
- het uitvoeren van praktische regelingen (salaris, beloningen, onkostenvergoedingen, regelingen betreffende conflicten).
Wijzigingen in het bestuur worden steeds bekend gemaakt via het parochieblad 'Nieuw Geluid'.
Pastoors van Schaijk

1563Willem Dericxs
?Joh. Berckers
1627-1668Jacobus van der Meersch, overleden 2 april 1668
1668-1691Wilhelmus van Santvort, overleden 5 aug 1690
1691-1707Joannes van den Heuvel, overleden juni 1707
1708-1746Emericus Abels, overleden 28 juni 1746
1747-1796Joan. Henr. Van Haef, overleden 18 augustus 1796
1796-1823Gerardus Aldenhuijzen, overleden 1 aug 1823
1823-1863Wilhelmus v. d. Burgt, overleden 12 december 1863
1864-1885Petrus v. d. Bogaard

1885-1927Ch. J.W. van Winkel; werd bij zijn 40-jarig pastoorschap op 2 maart 1925
benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau
1927-1946Henr. Lammers

1946-1964Lamb. Van Berkel
1964-1975P. Meulemans

1976-2000P. van Spijk

2001-2011*A.J.M. Hermans

2011-Harold Spiertz




* In 2011 fuseerden de parochies Schaijk en Reek tot de parochie H. Antonius Abt.
Inventaris
Parochiedagboeken
Personeel
Parochiële werkgroepen
Kapelanie
Onderwijs
Pastoreel Beneficie
Correspondentie
Historische bijzonderheden
Processies / Missie
Armenzorg
Kenmerken
Vindplaats origineel:
Locatie Den Bosch
Openbaarheid:
Deze toegang bevat een of meer stukken die tot 1 januari 2097 niet zonder meer openbaar zijn.
Het precieze jaar van openbaarheid kun je per inventarisnummer vinden.

Bij vragen kun je contact opnemen met het BHIC.
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS