Uw zoekacties: Prof. dr H.F.J.M. van den Eerenbeemt
x1286 Prof. dr H.F.J.M. van den Eerenbeemt ( Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

1286 Prof. dr H.F.J.M. van den Eerenbeemt ( Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) )
Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen
 
 
Inleiding
Prof. dr Henricus Ferdinandus Josephus Maria van den Eerenbeemt werd in 1930 geboren te Roosendaal. Na de lagere school en het gymnasium deed hij in 1953 zijn doctoraal examen geschiedenis aan de Katholieke Universiteit in Nijmegen. Hij promoveerde in 1955. Van 1956 tot 1961 was hij lector sociale, economische en politieke geschiedenis aan de Katholieke Economische Hogeschool in Tilburg. In 1961 werd hij tot hoogleraar in dezelfde vakken benoemd aan die Hogeschool, later Katholieke Universiteit Brabant in Tilburg. Daar was hij secretaris van de Academische Senaat (1964-1965), rector magnificus (1965-1966), en prorector (1966-1967). In 1995 trad hij terug als hoogleraar. Naast het hoogleraarschap bekleedde hij vele functies op zijn vakgebied en daarbuiten, zoals uit de archiefstukken blijkt.
Het geheel van de archiefstukken is in negen rubrieken onderverdeeld. Deze indeling is gebaseerd op de terreinen waarop Prof. Van den Eerenbeemt zich hoofdzakelijk heeft bewogen. Gezien de veelheid daarvan is lang niet elk archiefonderdeel compleet gebleven, maar tot de start op de terrein teruggebracht. Ondanks de indeling in rubrieken is een doorlopende nummering gehanteerd om het zoeken te vergemakkelijken.
Het hoofdaccent is vooral komen te liggen op activiteiten binnen de Katholieke Universiteit Brabant te Tilburg. Vandaag dat in rubriek 1.1 wordt begonnen met algemene bestuursbezigheden als secretaris van de Academische Senaat (1964-1965), als rector magnificus (1965-1966), en als protector (1966-1967). Het betreft hier niet het gewone ambtelijk functioneren (verslagen hiervan zitten in het archief van de universiteit), maar meer de bijzondere karakteristieken door persoonlijke invulling hieraan gegeven. Vervolgens ligt de nadruk op algemene activiteiten als hoogleraar (rubriek 1.2), meer in het bijzonder sedert 1967 binnen de Faculteit der Sociale Wetenschappen (rubriek 1.3).

Aansluitend op het algemene optreden als hoogleraar betreft rubriek 1.4 de plannen voor een universitaire opleiding geschiedenis, op diverse momenten in de tijd in Tilburg tot ontwikkeling gebracht. Daarop aansluitend zijn in rubriek 1.5 de gedachten te beschouwen omtrent een Interfacultair Centrum voor Cultuurstudies, waarbinnen met name cultuurgeschiedenis een dragend element zou zijn.
Specifiek op de functie van promotor gericht is rubriek 1.6 aangaande 48 promoties, startend met inventarisnummer 34 en lopend tot 51. Het begeleiden van promovendi heeft altijd een hoge prioriteit gekregen. Geschiedenis was in Tilburg vanaf de start van de Hogeschool geen hoofdvak. Wilde men de studenten toch aanspreken, dan diende in de geschiedkundige collegestof de benaderingswijze vanuit andere academische disciplines verwerkt te worden. Hierdoor is een wijze van presenteren ontstaan, die ook later afgestudeerden bleef boeien. Juist het functioneren op het snijvlak van diverse wetenschappelijke benaderingswijzen schiep interessante mogelijkheden voor interdisciplinair onderzoek.
Vanaf de start in 1956 als lector in de politieke, sociale en economische geschiedenis, heeft een nauw contact met de studenten bestaan, zowel met de studentenverenigingen als met de disputen en de studenten afzonderlijk. Door dit contact was het mogelijk op deze groep een beroep te doen tot het voeren van acties tot behoud van monumenten die tot het Tilburgs erfgoed behoorden. In het mentaal klimaat van de jaren zestig, zeventig en tachtig diende eerst via allerlei acties te worden aangetoond, dat onder de Tilburgse burgerij een breed draagvlak bestond voor restauratie van bedreigd erfgoed. Gezien de plaatsvindende kaalslag om modernisering mogelijk te maken bestond er onder de lokale bevolking een grote behoefte tot behoud van eigen identiteit door beeldbepalende relicten voor sloop te behoeden.
Het waren eveneens de Tilburgse studenten die in de jaren 1956-1963 tijdens de weekenden uitzwermden om familie en kennissen te winnen als abonnee op de monografieënreeks Bijdragen tot de sociale en economische geschiedenis van het Zuiden van Nederland. De in dit kader plaats vindende acties kwamen niet verder dan een totaal van 300 abonnees. In deze reeks verschenen twaalf boekdelen. Meer succes was weggelegd voor de in 1964 van start gegane serie Bijdragen tot de geschiedenis van het Zuiden van Nederland. In deze reeks verschenen tot 1995 honderd boekdelen. Het aantal abonnees kwam in de jaren 1966 en 1967 zelfs boven de 2500 uit. De slogan dat het zuiden van ons land ook op historisch terrein zijn emancipatorische achterstand moest inlopen, vond veel weerklank. De actiebereidheid van de studenten werd gestimuleerd door de introductie van allerlei ludieke acties
Een bekroning van al dit werk van historische monografieën was de start in 1988 van een verkennend onderzoek van een door het provinciaal bestuur van Noord-Brabant ingestelde commissie om tot een geschiedkundige synthese te komen van al de voorgaande specifieke publicaties. De aanleiding was de komende herdenking op 1 maart 1996 van het tweehonderdjarig bestaan van de provincie Noord-Brabant. Met een groep van 36 auteurs werd een publicatie ('Geschiedenis van Noord-Brabant') gerealiseerd, in drie linnen banden met in totaal 1376 pagina's tekst in twee kolommen gezet, rijk geïllustreerd in zwart-wit en kleur, met talrijke tot dan veelal onbekende afbeeldingen. De Stichting Geschiedschrijving Noord-Brabant, in 1990 definitief van start gegaan en op 22 oktober 1997 met een groot congres in het 'Evoluon' in Eindhoven afgesloten, betreft de inventarisnrs 88-110.
Naast de stukken betreffende de activiteiten van Prof. Van den Eerenbeemt als hoogleraar, academisch bestuurder en bestuurslid / redactielid van vele organisaties, zijn er ook stukken van de Stichting tot bevordering van de studie der sociale en economische geschiedenis (1956-1963), de Stichting Zuidelijk Historisch Contact (1964-1995) en Stichting Geschiedschrijving Noord-Brabant (1990-1997) overgedragen.
Emeritus hoogleraar Van den Eerenbeemt, die wegens gezondheidsproblemen al jaren uit het publieke leven was verdwenen, is op maandag 7 juli 2008 overleden en op 11 juli begraven. Zijn laatste woonadres was Prof. Cobbenhagenlaan 824, 5037 DX Tilburg.
De heer Van den Eerenbeemtwas gedurende de periode 1956 tot 1995 in dienst van de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Universiteit van Tilburg. Hij heeft het onderzoek naar de sociale geschiedenis van Brabant een enorme impuls gegeven. Daarnaast was hij een leermeester die hele generaties studenten heeft geënthousiasmeerd.
Een van de gevleugelde uitspraken van hem luidde: "Het leven moet naar voren worden geleefd en naar achteren worden verstaan."

Rijksarchief in Noord-Brabant, 2001
Aanwijzingen voor de gebruiker
Inventaris
Kenmerken
Vindplaats origineel:
Locatie Den Bosch
Openbaarheid:
Deze toegang bevat een of meer stukken die tot 1 januari 2100 niet zonder meer openbaar zijn.
Het precieze jaar van openbaarheid kun je per inventarisnummer vinden.

Bij vragen kun je contact opnemen met het BHIC.
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS