Uw zoekacties: Geestelijke verzorging in de krijgsmacht 1887-1992
x557 Geestelijke verzorging in de krijgsmacht 1887-1992 ( NIMH / Nederlands Instituut voor Militaire Historie )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

557 Geestelijke verzorging in de krijgsmacht 1887-1992 ( NIMH / Nederlands Instituut voor Militaire Historie )
Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen
 
 
Aanvraag- en citeerinstructie
De collectie dient in de studiezaal van het NIMH als volgt te worden aangevraagd:
Collectie: Geestelijke verzorging in de krijgsmacht
Toegangsnummer: 557
Bij het citeren van stukken in publicaties dient men de vindplaats ten minste eenmaal volledig en zonder afkortingen te vermelden, vervolgens kan volstaan worden met een verkorte titel.
Volledig:
Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag, Geestelijke Verzorging in de krijgsmacht, toegang 557, inventarisnummer. ...
Verkort:
NIMH, GV, 557, inv. ...
Inleiding
Het begin van de geestelijke verzorging bij de krijgsmacht ligt op 28 augustus 1914. Die dag vaardigde koningin Wilhelmina het Koninklijk Besluit uit waarmee vier aalmoezeniers en acht veldpredikers benoemd werden om als geestelijk verzorger dienst te doen in het gemobiliseerde Nederlandse leger. De dreiging van een oorlog speelde hierbij een belangrijke rol. Precies een maand daarvoor, op 28 juli, begon de Oostenrijks-Hongaarse aanval op Servië.
Voor 1914 werkten de kerken uit eigen beweging aan het geestelijk welzijn van de soldaten die onder de krijgstucht waren gesteld. In veel garnizoensplaatsen kwamen katholieke soldaten buiten diensttijd bij elkaar in een militair tehuis. Deze tehuizen waren een initiatief van de Rooms-Katholieke Militairen Verenigingen. Een dergelijk tehuis werd bestuurd door een directeur die binnen de katholieke traditie priester was. Voor de protestantse militairen was er de Nederlandsche Militaire Bond met Protestantse Militaire Tehuizen. Het beheer was in handen van 'de huisvader' zoals de toezichthouder werd genoemd. In de tehuizen was ruimte voor bezinning, een gesprek en ontspanning.
Tot 1914 waren aalmoezenier en dominee op de kazerne niet welkom. De tehuizen en de begeleiding door geestelijken waren een particuliere aangelegenheid. Met het Koninklijk Besluit kwam hier verandering in. De nieuw aangestelde aalmoezeniers en predikanten werden nu voor hun diensten betaald door de overheid. In 1916 kwam de roep om ook voor de marine vlootaalmoezeniers aan te stellen.
Na de mobilisatie van 1914-1918 kreeg de geestelijke verzorging een vaste plek binnen de krijgsmacht.
De geestelijke verzorging bestreek het gebied van pastorale zorg, vorming (onderricht) en kerkdiensten. De geestelijke verzorging was niet beperkt tot de krijgsmacht in Nederland maar strekte zich ook uit over de legeronderdelen in de overzeese gebiedsdelen, op buitenlandse missies of in krijgsgevangenschap.
1. De collectie
Inventaris
Kenmerken
Categorie:
  • Zonder categorie
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS