Uw zoekacties: Klooster Mariënburg te Soest
x1006-6 Klooster Mariënburg te Soest ( Het Utrechts Archief )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

1006-6 Klooster Mariënburg te Soest ( Het Utrechts Archief )
Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen
Zoektips!

Wildcards kunnen het zoeken vergemakkelijken:

  • Een ? (vraagteken) vervangt een letter
  • Een * (sterretje) vervangt een aantal letters
  • Door een $ (dollarteken) voor een zoekterm te zetten, zoekt u naar woorden die op elkaar lijken.

Meer zoektips vindt u hier.

 
 
Inleiding
Algemeen
Vóór de reformatie
Klooster Mariënburg te Soest
1006-6 Klooster Mariënburg te Soest
Inleiding
Vóór de reformatie
Klooster Mariënburg te Soest
Organisatie: Het Utrechts Archief
Het klooster Mariënburg te Soest is tussen 1456 en 1458 door Jacob van Abcoude en Gaasbeek (1400-1459) gesticht ‘ad castrum de villa de Zoest’, dus op of bij zijn burcht het Huis te Soest. Kort daarop, in 1461, werd het door Hendrik van Zuylen van Nijevelt begiftigd met de bijbehorende acht morgen land. *  Mariënburg gold van meet af aan als een dubbelklooster en behoorde tot de kloosterorde van St. Brigitta. De kloosterstichting was bedoeld als een teken van boetedoening en verzoening vanwege de doodslag die Jacob van Abcoude gepleegd zou hebben op zijn (enige) zoon. * 
Het klooster lag even terzijde van de lintbebouwing van het dorp Soest, niet ver van de parochiekerk, namelijk aan het begin van de Kleine Melmweg (Eemweg). Eeuwen later resteert hiervan alleen nog de monumentale boerderij Het Klooster (Eemstraat 16). Het klooster bestond oorspronkelijk uit twee vleugels, één voor de mannen en één voor de vrouwen, gescheiden door de aan Maria gewijde kapel. *  Voorts waren er diverse bedrijfsgebouwen en een kerkhof. De bouw en de inwijding van het klooster moeten hebben plaatsgevonden tussen 1456 en 1460, waarna in 1460 en 1461 de bevestiging volgde door bisschop en de paus.
Brigittenkloosters worden veelal gerekend tot de vrouwenkloosters, omdat het merendeel van de kloosterlingen nonnen waren en de mannelijke kloosterlingen een minderheid vormden. Zij behoorden tot de zogenaamde ‘kleine orden’. Ze waren gering in aantal en daardoor minder bekend dan de kloosters van de meeste andere orden. Binnen het (middeleeuwse) bisdom Utrecht telde men er niet meer dan vier. *  De officiële naam van de orde van de brigittenkloosters is de St. Salvatorsorde. Deze was omstreeks 1350 door St. Brigitta van Zweden opgericht. De kloosters volgden een variant van de regel van de augustijner regulieren.
Het klooster te Soest was een van de kleinere brigittenkloosters. De gemeenschap bestond, zoals gezegd, uit zowel vrouwelijke als mannelijke religieuzen. In 1486 wordt Yde Goyers genoemd als abdis. Zij stond aan het hoofd van het klooster. Herman Pots, een van de paters van de mannendeel, was op dat moment ‘confessor-generaal’ van het klooster. Als zodanig fungeerde hij als geestelijk leidsman en biechtvader van alle conventualen. *  Mariënburg kende, in ieder geval vanaf ca. 1500, ook een lekenbroederschap, bestemd voor begunstigers en andere buitenstaanders die via deze broederschap deelden in de gebeden en goede werken van het klooster.. * 
In 1487 was het klooster vertegenwoordigd op het generaal-kapittel van de brigittenorde in het klooster Gnadental in de Palts. Andere terzake doende feiten uit de kloostergeschiedenis van Mariënburg zijn de plundering van het klooster door de Gelderse benden van Maarten van Rossum in 1543, de keuze door de nonnen en paters van een abdis in strijd met het keizerlijk benoemingsrecht van Karel V in 1546 en tenslotte de opname van de conventualen van het opgeheven Goudse brigittenklooster in 1549. Tot slot zij opgemerkt dat het klooster ook welomschreven rechten op de meentegronden van Soest bezat. *  Paters van de abdij blijken omstreeks 1525 derhalve bijzonder goed op de hoogte van het grondbezit en de eigendomsverhoudingen te Soest. * 
Na de reformatie
De opheffing
De archieven
Inventaris
1. Organisatie
2. Beheer
3. Financiën
4. Niet nader in te delen stuk
Bijlagen
Specificatie
Abdissen (vrouwen)
Biechtvaders (paters)
Rentmeesters
Concordantie op Catalogus van de archieven van de kleine kapittelen en kloosters (Utrecht 1905)
Kenmerken
Datering:
1445-1791
Toegangstitel:
Inventarissen van de archieven van de kapittels en kloosters onder bestuur van de Staten van Utrecht
Auteur:
C.A. van Kalveen
Datering toegang:
2004
Openbaarheid:
Volledig openbaar
Rechtstitel:
Overbrenging van een overheidsarchief
Omvang:
1 m zuurvrije dozen
Rubrieken:
Categorie:
Archiefvormer(s)::
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS