Uw zoekacties: NV IJzergieterij en Machinefabriek Industria te Tegelen
Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen
Zoektips!

Wildcards kunnen het zoeken vergemakkelijken:

  • Een ? (vraagteken) vervangt een letter
  • Een * (sterretje) vervangt een aantal letters
  • Door een $ (dollarteken) voor een zoekterm te zetten, zoekt u naar woorden die op elkaar lijken.

Meer zoektips vindt u hier.

 
 
Inleiding
Korte inleiding
sluiten
EAN_0562 NV IJzergieterij en Machinefabriek Industria te Tegelen
1. Inleiding
Korte inleiding
De NV Industria, waarvan het archief hier beschreven wordt, gaat via allerlei naamsveranderingen en wisselingen van eigenaar terug op een van de oudste ijzergieterijen in Tegelen. In 1854 stichtte Hendrik Kamp samen met zijn zwager Frans Soeten de ijzerfabriek Tegelen, waarvoor bij KB nr. 94, d.d. 18 juli 1855 concessie werd verleend. Het bedrijf had toen 6 arbeiders in dienst. De hoofdproductie bestond uit het vervaardigen van kar- en wagenassen, ploegplaten en allerlei grof smeedwerk, potten en pannen, dakgoten en dakramen, kachels en kolommen. Het bedrijf was kennelijk al vroeg gemechaniseerd. In het gemeenteverslag van 1861 werd het omschreven als een ijzerfabriek annex ijzersmederij en ijzergieterij, gedreven met stoom. In 1866 werd concessie verkregen om ijzermenie te produceren. Het bedrijf bestond op dat ogenblik uit een grofsmederij en een ijzergieterij, een constructiewinkel en een fabriek voor ijzermenie. Toen op 15 januari 1871 de firmant H. Kamp stierf, zette de overblijvende firmant Soeten alleen het bedrijf voort. In de jaren 1873-1876 werd de assensmederij uitgebreid en werd een grotere stoothamer geplaatst, waarvan het aambeeld 15.000 kg woog. Ook bouwde men een eigen puddeloven om afvalplaten te verwerken. De personeelsbezetting was rond 1876 39 personen. Omstreeks 1880 trad de eerste modelmaker in dienst. Deze modelmaker was Antoon Probst uit Coblenz, een man die de metaalnijverheid in Tegelen op hoger plan bracht door de tekenlessen die hij in zijn vrije tijd gaf, aan personen die buiten het eigen bedrijf in de metaalsector werkzaam waren. Ook de Bouwnijverheid in de streek rond Tegelen heeft veel aan hem te danken door het tekenonderricht, dat hij aan metselaars en timmerlieden gaf. Probst kon zijn werk in Tegelen echter niet lang voortzetten.
De financiële crisis taste ook het bankwezen in de provincie aan en in 1882 failleerde de commanditaire vennoot en bankier van de ijzerfabriek, de Wolters Bank uit Venlo, zodat het bedrijf moest worden stopgezet. Na korte tijd lukte het Frans Soeten echter om zijn fabriek weer op gang te brengen. Tekenend voor zijn energie was wel, dat hij aanstonds een bedrijfsingenieur, ir O. Assman, aanstelde om de kwaliteit van zijn productie op te kunnen voeren. Bovendien stichtte hij onder leiding van Louis Soeten een verkoopkantoor. De productenscala werd uitgebreid, doordat men de fabricage van onder andere machinerieën voor de kleinindustrie ter hand nam, o.a. leemmolens, walswerken, persen en vormers. In deze tijd stond het bedrijf op hoog peil, hetgeen werd bewerkstelligd door ir Assman, die in 1888 werd opgevolgd door P.R. van der Made uit Luik. Deze verliet het bedrijf weer twee jaar later. De dood van de directeur maakte liquidatie van het bedrijf noodzakelijk. Nog in hetzelfde jaar 1890 ging de geliquideerde ijzerfabriek Tegelen over aan Dentjens, Hekkens en Thijssen. Zij kreeg de naam IJzerfabriek van Tegelen Dentjens Hekkens Cie. In feite betekende dit een fusie van drie bedrijven. Met de oude ijzerfabriek Tegelen werden de machinefabriek van de gebroeders Dentjens uit Baarlo en de sinds 1888 bestaande ijzerfabriek van Hekkens en Thijssen in Tegelen samengesmolten. De directeuren van dit laatste bedrijf hadden hun vak in de fabriek van Frans Soeten geleerd. Door de inbreng van het kapitaal en de gereedschappen van deze drie bedrijven onderging de ijzerfabriek een grote uitbreiding, met name door de inrichting van een constructieatelier.
Een specialiteit van de fabriek was machines tot het scherpen van molenstenen, waarop onderhouden door de medefirmant L. Spieckenheuer. De fabricage van ijzermenie werd door de nieuwe fabriek als bijzaak gehouden, wegens geringe gebruik van dit product. In 1891 trad firmant Hekkens weer uit het bedrijf en bracht met Th. Thijssen het in 1888 begonnen bedrijf weer op gang. De ijzerfabriek Tegelen kreeg weer een nieuwe naam, namelijk IJzerfabriek Dentjens & Cie. onder leiding van Jos Dentjens. Onder zijn leiding ging de fabriek zeer goed vooruit. Reeds in 1893 werd de fabriek voorzien van elektrisch licht. Ook werden onder zijn leiding vijf grote stoomcarrousels (draaimolens) gebouwd. De personeelsbezetting bestond omstreeks 1900 uit 95 vaste werklieden. Toen op 30 oktober 1905 Jos Dentjens overleed, was dit een zwaar verlies voor het bedrijf, dat in 1902 omgezet was in een Naamloze Vennootschap. Firmant Spieckenheuer, die tot dan toe zich vooral met de verkoop van de producten in Duitsland had beziggehouden, werd nu belast met de dagelijkse leiding van het bedrijf. Hij slaagde er in om het levensvatbaarder te maken. Er brak een periode aan, waarin hard gewerkt werd om het eindproduct te volmaken, te zoeken naar nieuwe producten en verbetering van de bedrijfsorganisatie. Het bedrijf werd in 1920 in de zakenwereld als voorbeeld gesteld vanwege zijn ideaal opgebouwde organisatie.
In het fabricageprogramma waren reeds jaren opgenomen: de vervaardiging van kneedtafels voor de margarine-industrie, raamzaagmachines voor de houtbewerkingindustrie, kabelmoffen voor de elektriciteitsbedrijven enz. Het maken van karkassen was geheel verdwenen door het meer en meer zich onwikkelende vrachtautovervoer. G. Dikkers volgde in 1926 L. Spieckenheuer op, waarna omstreeks 1930 ir T. Siertsema de leiding op zich nam. Als directeur van de ijzerfabriek was hij tevens directeur van de NV Lak- en Vernisfabriek Industria te Roermond. Nadat hij bij deze fabriek zijn ontslag had ingediend en verkregen en zijn aandelen hierin had verkocht, kocht hij alle aandelen van de ijzerfabriek te Tegelen op en veranderde de naam in Industria. In 1942 namen W. van der Schoot en H.W. Franssen de fabriek van T. Siertsema over en maakten er, om fiscale redenen, een vennootschap onder firma van. In 1956 trad W. van der Schoot weer uit het bedrijf en zette H.W. Franssen met de Gebroers Ebus en P.G.D. Bors het bedrijf voort onder de naam Fa Industria IJzerfabriek Tegelen. Door de vele wisselingen van directie en naamgeving, die het bedrijf in de loop der jaren onderging, is het bedrijfsarchief sterk gehavend. In feite resteren ons nog slechts stukken uit de periode, nadat het bedrijf in een naamloze vennootschap was omgezet en onder leiding van T. Siertsema was gekomen.
Inventaris
Algemeen
Structuur
Verslaglegging
Grondtransacties
Financiële administratie
Personeel
Bouwkundige aangelegenheden
Schade en hinder
Varia
Kenmerken
Datering:
1903-1962
Inventaristitel:
Inventaris van het archief van NV IJzergieterij en Machinefabriek Industria te Tegelen
Inventaris:
Inventaris van het archief van NV IJzergieterij en Machinefabriek Industria te Tegelen
Omvang:
0,5 meter
Opmerking:
Met een korte introductie over het bedrijf en het archief
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS