Uw zoekacties: Dorpsbestuur Oploo, 1545-1810
x7013 Dorpsbestuur Oploo, 1545-1810 ( Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

7013 Dorpsbestuur Oploo, 1545-1810 ( Brabants Historisch Informatie Centrum (BHIC) )
Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen
Zoektips!

Wildcards kunnen het zoeken vergemakkelijken:

  • Een ? (vraagteken) vervangt een letter
  • Een * (sterretje) vervangt een aantal letters
  • Door een $ (dollarteken) voor een zoekterm te zetten, zoekt u naar woorden die op elkaar lijken.

Meer zoektips vindt u hier.

 
 
Inleiding
Historisch overzicht
sluiten
7013 Dorpsbestuur Oploo, 1545-1810
Inleiding
Historisch overzicht
Oploo schijnt vroeger een deel van Sambeek te zijn geweest. *  In kerkelijk opzicht maakte het aanvankelijk deel uit van de parochie Boxmeer. *  Het dorp en de heerljkheid Oploo namen een aparte positie in het Land van Cuyk in. * 
De schepenbank van Oploo had in tegenstelling tot de schepenbanken van de andere Cuyklandse dorpen ook het recht om misdadigers te veroordelen. *  De andere schepenbanken in het Land van Cuyk hadden slechts de vrijwillige *  en civiele rechtspraak. Evenals de ingezetenen van de andere dorpen van het Land van Cuyk moesten de ingezetenen van Oploo voor civiele zaken wel in hoger beroep gaan bij de zogenaamde hoofdbank van Cuyk. * 
De heren van Oploo hadden wel eens moeilijkheden met hun leenheren, te weten de baronnen van de Stad Grave en van het Land van Cuyk. *  Dit waren hoofdzakelijk kwesties over de competentie in bepaalde zaken.
De verhouding tussen de heren van Oploo en de ingezetenen van Oploo zijn steeds zeer hecht geweest. Dit komt zeer duidelijk tot uitdrukking in de veelvuldige processen die de heren en de regenten van de heerljkheid en het dorp Oploo gevoerd hebben met de regenten van Sambeek, Vierlingsbeek en Overloon. Niet voor niets heb ik het archief dan ook genoemd het archief van de heren en regenten van de heerljkheid en het dorp Oploo. De processen baarden de heren en regenten van Oploo veel zorgen. De richterbode - een soort burgemeester en postcommandant van de Rijkspolitie - had zeer veel werk met de vervolging van degenen, die zich aan ongeoorloofde turfstekingen en andere stroperijen op de gemene gronden en de Peel van Oploo schuldig maakten. Toch schijnen hun enerverende bezigheden niet slecht geweest te zijn voor hun gezondheid. * 
Het archief bevond zich in 1960 op twee plaatsen en wel:
a) in de veel te kleine archiefbewaarplaats van de gemeente Oploo, Sint Anthonis en Ledeacker te Sint Anthonis; * 
b) in de Rijksarchiefbewaarplaats te ‘s-Hertogenbosch.
De stukken in de sub a) vermelde bewaarplaatsen waren hoofdzakeljk rekeningen en processtukken. De stukken in de
sub b) vermelde bewaarplaats - die in 1961 door de Rijksarchivaris in Noord-Brabant, Mej. Drs E.H. Korvezee, aan de gemeente Oploo c.a. werden overgedragen, waarvoor nog mijn hartelijke dank aan haar- waren hoofdzakelijk ingekomen stukken en processtukken. De ordening van het archief bracht geen grote moeilijkheden mee. Alleen de reconstructie van de verschillende processen was een puzzle, wijl de oudere processtukken weer dienden als bewijsmateriaal bij de jongere processen. *  De processen met Sambeek, Vierlingsbeek en Overloon werden in de 16e eeuw voor het Hof of de Raad van Brabant te Brussel en in de 17e eeuw voor de Raad van Brabant te ‘s Gravenhage gevoerd.
Van de stukken van vóór 1600 zijn beknopte regesten gemaakt - het zijn meer momentopnamen -. De echte archiefvorsers, ware heem- en geschiedkundigen willen immers de stukken zelf zien, betasten en lezen.
De archivaris is slechts een "broodjager" en poelier, die het wild panklaar maakt voor de koks, te weten de heemkundigen en historici.
De vrijwillige rechtspraak wil niets anders zeggen, dan dat men ten overstaan van de schepenen bepaalde akten kon laten passeren (eigendomstransporten e.d.). Dit werk wordt tegenwoordig door de notarissen en ten hypotheekkantore door de bewaarder der hypotheken gedaan. De middeleeuwse notarissen waren doorgaans geestelijken en wel pastoors. Ten overstaan van dezen werden dan testamenten gemaakt. Het maken van een testament was in de Middeleeuwen geen algemene gewoonte. Gewoonlijk werd het slechts gedaan door kinderloze echtparen en vermogende vrijgezellen ("suikerooms"), al of niet tot de geestelijke stand behorende.
In de middeleeuwse testamenten komen hoofdzakelijk legaten voor - een gedeelte van het vermogen van de testamentmaker vererfde bij versterf aan zijn rechtmatige erfgenamen (die doorgaans behoorlijk aan hun trekken kwamen, wijl de fiscus nog niet zo "hebberig" was). Men kon in de middeleeuwen namelijk een gedeelte van zijn vermogen door een testament en een ander gedeelte van zijn vermogen bij versterf vermaken. Tegenwoordig kan dit niet meer. De legaten waren doorgaans voor kerkelijke en charitatieve instellingen bestemd. Om "trammelant" met de wettige erfgenamen te voorkomen stelde men minstens drie executeurs-testamentair aan. In mijn Bossche tijd heb ik zelfs een testament aangetroffen, dat door de Orthense dorpskoster gepasseerd was, wijl de pastoor op reis was. Toen de pastoor weer terug was legaliseerde hij dit testament (Het archief van de parochie Orthen, inventarisnummer 36).

Oploo, Sint Anthonis en Ledeacker
Cuyk en Sint Agatha

H.B.M. Essink, streekarchivaris van het Land van Cuyk.
Aanwijzingen voor de gebruiker
Regesten
Kenmerken
Vindplaats origineel:
Locatie Den Bosch
Categorie:
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS