Uw zoekacties: Inventaris van het archief van de Directeur van het Remontew...
Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen
Zoektips!

Wildcards kunnen het zoeken vergemakkelijken:

  • Een ? (vraagteken) vervangt een letter
  • Een * (sterretje) vervangt een aantal letters
  • Door een $ (dollarteken) voor een zoekterm te zetten, zoekt u naar woorden die op elkaar lijken.

Meer zoektips vindt u hier.

 
 
Beschrijving van het archief
1903-1938
Naam archiefblok:
Directeur van het Remontewezen [Bereden Artillerie]
Remontewezen
Archiefbloknummer:
D23330
Omvang:
0.6 meter; 173 inventarisnummers
Taal van het archiefmateriaal:
Het merendeel der stukken is in het Nederlands.
Soort archiefmateriaal:
Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.
Archiefbewaarplaats:
Nationaal Archief, Den Haag
Archiefvormers:
Directeur van het Remontewezen
Samenvatting van de inhoud van het archief:
Het archief van de Directeur van het Remontewezen bevat onder meer correspondentie met de Minister van Oorlog en bevelhebbers van het leger betreffende (instructies bij) mobilisatie en vordering van paarden en materialen. Daarnaast bevat het een serie agenda's over de periode 1910-1915 en documentatie.
Archiefvorming
Geschiedenis van de archiefvormer
sluiten
2.13.51.03 Inventaris van het archief van de Directeur van het Remontewezen te 's-Gravenhage, 1903-1938
Archiefvorming
Geschiedenis van de archiefvormer
Organisatie: Nationaal Archief
In de jaren voor de tweede wereldoorlog was het paard een belangrijk onderdeel van het Nederlandse leger. De cavalerie bestond eerst geheel, later voor een groot deel uit bereden troepen, de veldartillerie bevatte paarden om de kanonnen te kunnen verplaatsen, de bereden artillerie was geheel op paarden aangewezen. Ook de officieren van andere wapens en dienstvakken hadden paarden en de treinen gebruikten paarden als trekmiddel.
Tot 1879 werden die paarden verkregen door openbare aanbesteding. De paarden kwamen voor het merendeel uit Hannover en werden geleverd door Nederlandse en Duitse handelaren. De fokkers uit Hannover gingen zich echter meer en meer toeleggen op het fokken van koetspaarden, zodat de kwaliteit van de paarden bestemd voor remontering van het leger steeds meer achteruitging.
Vanaf 1879 werd toen een proef gedaan met het aankopen van paarden uit Hongarije, door middel van onderhandse aanbesteding. Deze proef duurde drie jaar, waarna zij wegens gering succes werd beeindigd.
Van de ± 350 paarden die in dit land gekocht waren bleken er teveel vroeg versleten en onbruikbaar voor de dienst. Vanaf 1881 kocht men paarden in Ierland. Dit land werd door veel andere krijgsmachten gebruikt als belangrijkste aanvullingsplaats voor hun paardenbestanden. Aanvankelijk werd ook hier gekocht via onderhandse aanbesteding.
Vanaf 1884 werden ook weer inlandse paarden aangekocht, bij wijze van proef. De dieren waren echter merendeels niet geschikt als legerpaard, hoewel de proef een positieve invloed had op de fokkerij in Nederland.
Na 1886 werden de paarden door een remontecommissie in Ierland gekocht. Eerst werd er voornamelijk gehandeld op markten, later, toen de commissie zich wat beter ingewerkt had, werd er ook rechtstreeks gekocht van fokkers en bij handelaren thuis.
De paarden die uit Ierland overkwamen waren, evenals de in Nederland gekochte paarden, over het algemeen te jong en niet krachtig genoeg om direkt afgericht te worden. Bovendien vormden deze dieren vaak een bron van besmetting voor de andere paarden bij de depots en regimenten. Daarom werd in 1886 in Nieuw-Millingen een remontedepot opgericht, waar de paarden die pas aangekocht waren op sterkte konden komen om een jaar later gezond en in goede conditie aan de troep te worden overgedragen. De commandant van dit depot stond onder bevel van de inspecteur van de cavalerie. Jaarlijks werden enige honderden paarden in opleiding genomen en in juni overgedragen aan de regimenten, met uitzondering van de cavaleriepaarden, die pas in september naar de troep gingen. Omdat de eerste paarden uit Ierland al in mei arriveerden werden deze wegens ruimtegebrek eerst een tijd geweid in de omgeving van Rotterdam.
Ook in het verleden beschikte het leger niet over alle middelen die het in oorlogstijd nodig had. Een gedeelte der paarden, vooral voor de veld-artillerie en de treinen, was niet aanwezig en moest in geval van oorlog worden gevorderd. Dit was geregeld in de Inkwartieringswet. Om deze vordering voor te bereiden was er in vredestijd al een directeur van het remontewezen benoemd. Deze directeur was tevens voorzitter van de remontecommissie voor de bereden artillerie en voorzitter van de commissie tot toekenning van het militair certificaat, een registratiestelsel voor fokhengsten en -merries waarbij een premie werd verleend ter aanmoediging van het fokken van legerpaarden. Hij werd in zijn taak bijgestaan door 1 subaltern officier en 1 schrijver. De directeur stond onder de bevelen van de minister van oorlog. In 1925 werd zijn taak gecombineerd met die van het hoofd bureau remontering van de generale staf.
Om de vordering goed te laten verlopen was het land verdeeld in vorderingsdistricten. In ieder district waren een vorderingscommissaris, een hulpvorderingscommissaris, een paarden- of veearts en twee taxateurs belast met de daadwerkelijke keuring en vordering. De burgemeester was verplicht om alle paardeneigenaren op te roepen ter vordering. In vredestijd werden regelmatig keuringen gehouden om de procedure te oefenen. In de twintiger jaren werd dit om bezuinigingsredenen nagelaten en ging men proeven doen met het huren van paarden voor oefeningen.
In 1923 werd door de minister van oorlog bepaald dat paarden voor het leger zoveel mogelijk in Nederland moesten worden aangeschaft, zowel om economische redenen als om de fokkerij in Nederland aan te moedigen. Om de paarden aan te kopen werd een nieuwe remontecommissie voor het binnenland opgericht, naast de remontecommissie buitenland die bleef bestaan om de paarden die niet konden worden gekocht op de vaderlandse markt in Ierland aan te kopen.
De tweede wereldoorlog maakte een abrupt einde aan het gebruik van paarden in het Nederlandse leger. Alleen bij ceremoniele gelegenheden worden paarden gebruikt.
Directeuren en commandanten (vanaf 1922) van het remontedepot
-
Naam periode
Jhr. M. van Reigersberg Versluys meer meer
J.H. Knel meer meer
C.E.M. de Bruyn meer meer
R.O. van Manen meer meer
H.A.C. Fabius meer meer
H.C.J.C. van Stockum meer meer
E.A.F. Baron Creutz meer meer
M. Brevet meer meer
Bron: Jonasse, W. Van Paard tot Paardekracht. s.l., 1960.
Voorzitters van de remontecommissie voor de bereden artillerie, tevens directeur van het remontewezen
-
Naam zittingsperiode
D. Kromhout meer1896 - 1901 meer
K.D. Punt meer1901 - 1913 meer
S.C. Gooszen meer1913 - 1922 meer
D.C.M. André de la Porte meer1922 - 1935 meer
G.M. Le Heux meer1935 - 1940 meer
Bron: Recueil Militair, diverse jaargangen.
Bureau registratie en informatie ontslagen personeel, ministerie van defensie.
Geschiedenis van het archiefbeheer
Aanwijzingen voor de gebruiker
Openbaarheidsbeperkingen
Beperkingen aan het gebruik
Materiële beperkingen
Aanvraaginstructie
Citeerinstructie
Verwant materiaal
2.13.51.01, Inventaris van het archief van de Commandant van het Remontedepot te Nieuw Milligen, 1933-1936
2.13.51.02, Inventaris van het archief van de Voorzitter van de Remontecommissie van de Bereden Artillerie te 's-Gravenhage, 1894-1939
Beschikbaarheid van kopieën
Bijlagen
Overzicht van geraadpleegde bronnen
Beschrijving van de series en archiefbestanddelen
1-6 Agenda's.1910-1915, 1916
173 Documentatie
Kenmerken
Datering:
1903-1938
Publicatie:
Nationaal Archief, Den Haag (c) 1985
Taal:
This finding aid is written in Dutch .
Ontstaan:
Deze digitale toegang is in 2008 vervaardigd door het Nationaal Archief op basis van de richtlijn Het gebruik van Encoded Archival Description op het Nationaal Archief versie 1.7.2 . Eindredactie: Pauline van den Heuvel, 22 december 2008 .
Auteur:
P. Kloosterboer, medewerker Centraal Archievendepot Ministerie van Defensie
Categorie:
  • Zonder categorie
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS