Uw zoekacties: Gemeente Ambt Hardenberg
005 Gemeente Ambt Hardenberg ( Gemeentearchief Hardenberg )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

Zoektips
beacon
 
 
Inventaris
2. Inventaris op het archief
2.2. Stukken betreffende bijzondere onderwerpen
2.2.2. Stukken betreffende de taakuitvoering
2.2.2.9. Maatschappelijke zorg en welzijn
1931-2240 Stukken betreffende verlening van onderstand aan afzonderlijke personen
1940 Teunis Batink
Geboorteplaats: Kampen
Geboortedatum: 28-05-1819
Huwelijkse staat: Gehuwd met Aleida Klopman
Huwelijksplaats: Ootmarsum
Huwelijksdatum: 1847
Ouders: Klaas Batink en Jannegje Hendriks Douw
Bijzonderheden: In dit dossier o.a. een brief van 14-07-1853 aan B & W van Kampen waarin melding wordt gemaakt van het feit dat de vrouw van Teunis in een wagen met twee paarden bespannen in hoogzwangere toestand uit Ootmarsum is aangekomen; de plaats waar zij drie of vier jaar afgezonderd van haar man moet hebben doorgebracht; Teunis Batink leefde op dat moment met een bijzit (Jennigjen Nijkamp) bij welke hij reeds twee kinderen had; Batink wilde niets meer van zijn 'echte' vrouw weten en de burgemeester verwachtte ongelukken als beide vrouwen in de woning van Batink moesten verblijven, en stelde voor om de hoogzwangere vrouw naar Kampen te vervoeren. De vrouw is echter niet naar Kampen gebracht, maar terug naar Ootmarsum, naar haar zuster. Verder leed Batink aan zenuwzinkings-ziekte of typhus. Ook een brief van 03-12-1857 waarin de burgemeester aan het college van Kampen om toestemming vraagt voor het verlenen van f. 3,50 aan Batink voor het aanschaffen van twee schepel zaairogge; Batink had een halve bunder grond geheel bereid om met rogge te kunnen bezaaien, het ontbrak hem echter aan de financiën om het zaad aan te schaffen. Toestemming wordt gegeven. In september 1858 wordt vermeld dat Teunis Batink 14 dagen in Kampen in het ziekenhuis is verpleegd, maar wederom opnieuw is ingestort
1952 Hendrik Blatter (Bladder)
Geboorteplaats: Parijs
Geboortejaar: 1815
Beroep: Voormalig schaapherder (scheper)
Huwelijkse staat: Ongehuwd
Ouders: Vader Johann Blatter (geboren op 12-04-1783 te Oetenhoven, ambt Blumberg (dichtbij de Bodensee), kon. Hanover (en overleden op 02-03-1854 te Avereest), moeder Josephine Natalie Decatoire (Catwa of Catois) (overleden op 8 november 1858 te Avereest)
Bijzonderheden: Hendrik is in zijn vroegste kindschheid (toen hij 4 jaar oud was) met zijne ouders van Parijs naar Nederland vertrokken alwaar zeer kort in een paar gemeenten gewoond en vervolgens 12 jaar aan de Ommerschans alwaar de vader de betrekking van brigadier-veldwachter heeft vervuld; na dien tijd heeft de vader onderstand genoten voor rekening van de gemeente Stad Ommen tot aan zijn dood toe, en is die onderstand tot heden toe gecontinueerd ten behoeve der moeder weduwe, en steeds voor rekening van Stad Ommen; Hendrik woont thans 10 maanden in Ambt Hardenberg, daarvoor anderhalf jaar te Avereest, daarvoor drie jaar te Gramsbergen, daarvoor 2 jaar te Dalen, daarvoor 2 jaar te Ambt Hardenberg, daarvoor 5 jaar te Dalfsen, daarvoor 1 jaar te Ommen, daarvoor 3 jaar te Zuidwolde, daarvoor 3 jaar te Avereest enz; heeft 2 jaar gewoond te Oldebroek, toen hij zes jaar oud was is hij op aan de Ommerschans gekomen. Hendrik had steeds een fontenel op zijn borst; woonde in het huis van zijn zus Sophia Blatter, gehuwd met Hendrik Siwers, timmerman te Slagharen. Hendrik is op 31 januari 1857 te Ambt Hardenberg gestorven
1977 Maria Susetta Duvivier
Geboorteplaats: Lutten (Slagharen) (gem. Ambt Hardenberg)
Geboortejaar: 24-02-1829
Beroep: Liedjeszangster
Ouders: Jean Baptiste du Vivier en Helena Christina Bakker
Bijzonderheden: De moeder is overleden, de vader heeft in december 1841 het kind verlaten, voordien zich te Nijkerk, Leerdam, bij het Haarlemmermeer zich opgehouden hebbend; Maria Susetta is in 1848 verpleegd in het Stedelijk Gasthuis te Rotterdam, ze woonde van 1830 tot 1841 te Leerdam bij haar ouders in de Bergstraat bij Joost Verdrigt, meester kleedermaker, van 1841 tot juni 1847 woonde ze in de Ommerschans en was daarna zwervende. In 1849 leed Maria Susetta aan zwerende borst en syphilietische ongesteldheid. Stond te Ambt Hardenberg bekend als zeer ongunstig
005 Gemeente Ambt Hardenberg
2. Inventaris op het archief
2.2. Stukken betreffende bijzondere onderwerpen
2.2.2. Stukken betreffende de taakuitvoering
2.2.2.9. Maatschappelijke zorg en welzijn

1931-2240 Stukken betreffende verlening van onderstand aan afzonderlijke personen
1977
Maria Susetta Duvivier
Geboorteplaats: Lutten (Slagharen) (gem. Ambt Hardenberg)
Geboortejaar: 24-02-1829
Beroep: Liedjeszangster
Ouders: Jean Baptiste du Vivier en Helena Christina Bakker
Bijzonderheden: De moeder is overleden, de vader heeft in december 1841 het kind verlaten, voordien zich te Nijkerk, Leerdam, bij het Haarlemmermeer zich opgehouden hebbend; Maria Susetta is in 1848 verpleegd in het Stedelijk Gasthuis te Rotterdam, ze woonde van 1830 tot 1841 te Leerdam bij haar ouders in de Bergstraat bij Joost Verdrigt, meester kleedermaker, van 1841 tot juni 1847 woonde ze in de Ommerschans en was daarna zwervende. In 1849 leed Maria Susetta aan zwerende borst en syphilietische ongesteldheid. Stond te Ambt Hardenberg bekend als zeer ongunstig
2034 Roelof de Jager
Geboorteplaats: Haren / Kampen
Geboortejaar: 1810
Huwelijkse staat: Gehuwd met Aaltje Putten
Bijzonderheden: Roelof was op 26 februari 1851 met 4 kinderen uit Kampen gekomen alwaar hij het bedrijf van visser had uitgeoefend, voornemens zich te Lutten met der woon neder te zetten. Roelof had er op gerekend dat hij aldaar een kamer zou vinden bij zijn broeder Peter de Jager, maar vond die kamer bezet. In het dossier zit een prachtig briefje van de hand van Roelof: "Lutten, den 3 februarij 1851. Geachten broeder, Ik laat u weeten als dat wij allen goed gezond zijn en was het anders van uw dat zou ons van harten leed zijn en ik heb uit uwwen brief gezien dat uw echgenoot overleden was, dat zal uw tot droefheid zijn maar denkt het Gods wil en wij moeten al die weg in en uit dat mogen wij daar al uit leeren dat ons leven ook zo kortstondig is. Mogten wij dan bidden om genade in …. Aangezien te worden en gij hebt ons over een woonstede geschreven en gij kunt een kamer krijgen met een mudde land in Lutten maar gij moet spoedig overkomen om daar waren er meer om die te hebben en gij zult weten dat u oude moer overleden is. Zijt ons gegroet van alle de familie en zijt van on bijde gegroet, Johanna en Peter. P. de Jager, en wij hebben uwen brief den eersten februarij ontvan."
Verder zit in dit dossier correspondentie betr. de aanhouding van bedelaars, namelijk Cornelis van 't Hul (oud 15 jaar) en Klaas de Jager (oud 12 jaar), welke op 17 november 1855 bedelende zijn bevonden te Radewijk. "Alzoo die knapen als zeer brutale bedelaars en landloopers bekend zijn heb ik hunne voorlopige aanhouding bevolen. Het komt mij zeer wenschelijk voor dat beide knapen in de Koloniën van Weldadigheid worden opgenomen, daar er anders niets van teregt komt."
Op 8 november 1856 vertrok het gezin De Jager naar de gemeente Kampen
2229 Anna Wolters
Geboorteplaats: Onbekend
Geboortedatum: Circa 1793
Bijzonderheden: De burgemeester schrijft op 24 sept. 1856 aan de Minister van Binnenlandse Zaken: 'Ik heb de eer U te berichten dat Anna Wolters welke heden door mij is gehoord heeft verklaard dat zij gevonden en opgenomen is geworden door Johanna Maria Elisabeth Wolters die steeds zwervende was als ventster van scharen, messen, garen en band en galanterieën; dat de vrouw – van welke zij haren naam heeft ontleend – overleden is toen zij slechts 9 jaren oud was; dat zij op lateren leeftijd wel veel moeite heeft gedaan om uit te vorschen waar zij geboren of gevonden was, maar dat niemand haar daaromtrent inlichtingen had kunnen geven, hebbende zij als kind daarin geen belang gesteld en daarnaar hare pleegmoeder ook nimmer gevraagd. Dat de vrouw die haar had opgenomen meest in Groningen en Vriesland zich ophield en dat deze voor zover zij weet geene bloed- of aanverwanten had. Dat zij op negenjarige leeftijd op zich zelve staande, de negotie van hare pleegmoeder alleen heeft voortgezet en daarin een middel van bestaan heeft gevonden. Dat zij later wegens ongesteldheid had moeten bedelen en daarvoor in de kolonie Ommerschans was geraakt. Het doet mij leed dat de afkomst dezer vrouw zo geheel verborgen is.'
Enige tijd later schrijft de burgemeester aan zijn collega in Coevorden: 'Op heden verneem ik dat Anna Wolters in het jaar van den Slag van Waterloo (1815) en daarvoren te Koevorden gedurende 1½ gevangen gezeten zoude hebben wegens diefstal (van garen die zij bij de dominee van Dalen zou hebben ontvreemd), dat destijds cipier of gevangenbewaarder zoude zijn geweest zekeren Christiaan Geertman, welke thans nog te Coevorden als nachtwaker zoude fungeren en wiens vrouw destijds van haar tweede kind zoude zijn bevallen.
Kenmerken
Datering:
(1818-1913)
Auteur:
A.C.A. Pullen
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS