Uw zoekacties: De mens en zien näösten, deel A. Pagina: 225

Woordenboeken ( Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers )

De woordenboeken zijn door OCR tekstueel inhoudelijk doorzoekbaar. De tekst op de pagina's is onderverdeeld in alinea's met 'tekstblokken' en deze worden in deze zoekingang doorzocht.

Na zoeken met één of meer zoektermen worden alle alinea's waarin deze zoektermen voorkomen getoond in het zoekresultaat: deze zijn geel gemarkeerd.
In het zoekresultaat wordt naast de afbeelding van de pagina de tekst van de betreffende alinea getoond en de gevonden zoektermen zijn hierin geel gemarkeerd.

Na klikken op een alinea met gemarkeerde zoektermen, wordt de pagina getoond in de viewer en wordt ingezoomd op de gemarkeerde alinea zodat de inhoudelijke tekst leesbaar is. In deze viewer zie je een lijst met afbeeldingen van alle pagina's in het  betreffende boek. Boven de viewer kan met 'vorige' en 'volgende' in het zoekresultaat van de pagina's gebladerd worden.

Het is ook mogelijk om uw zoekopdracht te verfijnen door middel van het menu aan de rechterkant van de pagina. In deze zoekingang worden onderstaande woordenboeken doorzocht:

1. De mens en zien huus (1984)
Daarin staat de woordenschat die betrekking heeft op het wonen: benamingen voor soorten huizen, de vertrekken in huizen, meubels, vloeren, gordijnen, muren, verwarming, licht, water, slapen.

2. De mens en de weerld-A (1987)
Daarin staan alle woorden die te maken hebben met de grond, wegen en water, hemellichamen, wolken en luchten, het weer.

3. De mens en de weerld-B (1989)
Daarin staan alle namen die in Achterhoek en Liemers bekend zijn voor planten en dieren.

4. De mens-A (1993)
Daarin staan de benamingen die met bepaalde aspecten van het mens-zijn te maken hebben: benamingen voor oude en jonge mensen, voor het uiterlijk van mensen, lichaam en lichaamsdelen, verwerking van eten en drinken, seksualiteit, voortplanting en geboorte, slapen, lichamelijke verschijnselen als adem halen, beven en de hik hebben, gezondheid en ziekte en (medische) verzorging.

5. De mens-B (1996)
Daarin staan de benamingen die met twee specifieke aspecten van het mens-zijn te maken hebben: benamingen voor eten, drinken en rookwaren en voor kleding.

6. De mens-C (2001)
Daarin staan de benamingen die betrekking hebben op bewegingen en houdingen van mensen (verschillende manieren van lopen; vechten/slaan) en werken van de zintuigen (zien, horen).

7. De mens-D (2004)
Daarin staan de benamingen die te maken hebben met de geestelijke eigenschappen van mensen; m.a.w. de woordenschat die verband houdt met verstand, gevoel, wil, goed en kwaad (verstandig, begrijpen; bedroefd, blij; van plan zijn, beslissen; stout, eerlijk).

8. De mens en zien näösten-A (2009)
Daarin staat het eerste gedeelte van de namen die verband houden met hoe mensen met elkaar omgaan; aan de orde komen aspecten als taal ( praten, fluisteren, piepstem, kletsmajoor), familiebetrekkingen, huwelijk, doop, begrafenis, opvoeding, de gemeenschap (vergaderen, burenplicht), de maatschappij (gemeente, tolgaarder, gevangenis) en volk en natie (jood, duitser, kozak).

9. De mens en zien näösten-B (2010)
Dit is het vervolg op deel 8 en bevat het tweede gedeelte van de namen die verband houden met hoe mensen met elkaar omgaan.

Zoektips
beacon
 
 
Erfgoedstuk
Pagina
De mens en zien näösten, deel A. Pagina: 225
Titel:
Woordenboek van de Achterhoekse en Liemerse dialecten (WALD)
Ondertitel:
De mens en zien näösten, deel A
Pagina:
225
Deel:
A
Jaar van uitgave:
2009
Auteur:
Schaars, A.H.G.
Bor 1882: As der mangs twee jonges zat- ten te praoten, te goechelen of ruzie hadden en froeselden, dan was de meister te lui um op te staon en de jonges te rechte te zetten. Maor dan smet hie met ’n buuksken –wie neumden ’t ook wel ’n wule (= “mol”); ’t was van ’n paar harksels papier, dwars op-erold, met ’n touw ummewonden– naor eur toe en dan most één van beide dat weerummebrengen [Kobus 1, 464]. [WULE].
c. Vaders slogen vrogger met de:
01 PETTE: Zut, Wich, Vor, Ruu, Loch, Bor, Gels, Nee, Eib, Rek, Lich, Win, Kep, Dre, Hen.
02 PETTEKLEP: Zev. 03 KLOMP: Hen, Lat, Wesv, sHe.
Hen: Vader sloeg ow met de pette an de kop. Bor: A’j noe neet uutscheidt, krie’j met de pette. En as oew va dat zae, dan was ’t me- nens! Nee: A’w ondeugend ewes waren, dan krege wiej van mien vare ne striekat met de pette. Vor: Vader gooien met de pette; die mossen wiej ’m dan weer brengen. En dan pakken e ons goed biej den arm en krege wiej met de platte hand goed wat veur de konte. En soms hadde wiej ’t ok wel verdiend!
d. Vaders en moders slogen vrogger met de:
01 MATTE(N)KLOPPER: Din, Does, Wesv, Zed, Her.
Zed: Mien moeder sloeg ons met de matte- klopper veur de kont.
e. Schoolmeesters en vaders slogen wel met de:
01 KARWATSE: Gor, Ruu, Bor, Nee, Rek, Bel, Aal, Bre, Win, Din, Vars, Zel, Does || Bat.
02 KARREWATSE: Eef, Nee, Lich / Zel 1870 217 08Demaatschappij.indd 217 16-10-2009 10:44:14
[Klokman 7, 5].
03 KARWATS: Voo, Doet, Did. 04 KARREWATS: Does, Ang. 05 KERWATSE: Vor. 06 KERREWATSE: Zut.
Vars: Vrogger hadden ze nog ’n karwatse um met te slaon; die had leren riemkes. Nee: Heel vrogger hadden ze in de schole ne karwatse. Vor: Ze zeien wel ’s: “Dan krieg ie ’n mäöltjen met de kerwatse!”. Maor ik wette neet wat ’t veur ’n ding is; ik denke ’n soort zweppe.
f. Andere veurwarpen woor ze met slogen/ slaot:
01 ZWEPPE: Eef, Vor, Ruu, Gees, Bel, Hen, Tol || Bat.
02 ZWÖPPE: Aal. 03 ZWEEP: Her.
04 PIETSE: Vor, Ruu, Loch, Bel, Groen, Win, Din, Zel, Hen.
05 RIEM: Pan. 06 REEM: Groen. 07 BOKSERIEM: sHe.
Tol: “Pas op, anders krie’j met de zweppe!”. Ruu: De boeren hadn ne pietse –zon lang haeveg kniepend wilgenstöksken– bie zik um ’t peerd met lieke te zetten. Door lepen ondeugende blagen uut ’t darp ok wal ’s ne vaege met op at ze stiekem op de wagen wollen kroepen. Ok ko’j dan wal ’s ne houw met de zwöppe kriegen. Dan gink ow wind en water haoste tegelieke af. Kep: Mien vader was timmerman. Hie halen wel ’s de duumstok uut de zak maor dan had- den wi-j ’t ok wel bont gemaakt! Voo: A’j niet luusteren wollen, dan ha’j ’t heufden-end verkierd staon, of: dan ha’j ’t heufden-end van streek. Dan dreigen vader met “zo’n eiken rengel (= eikenstok) woor den nachtegaal zeuven joor op gefluit het”.
Voorbeeld : Klik op de tekst voor meer
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS