Uw zoekacties: Hervormde gemeente Oterdum (1), 1665 - 1968
x227 Hervormde gemeente Oterdum (1), 1665 - 1968 ( Groninger Archieven )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

227 Hervormde gemeente Oterdum (1), 1665 - 1968 ( Groninger Archieven )
Zoek in deze inventaris
>
Zoektermen
 
 
Inleiding
Oterdum, dat sinds 1973 niet meer bestaat, was in de 16e eeuw aanzienlijk groter dan in de 19e eeuw. Door oorlogshandelingen in de 16e eeuw en door latere watervloeden heeft het dorp veel te lijden gehad. De hoge waterstanden hadden tot gevolg dat de kerk aan de voet van de dijk kwam te staan. In 1830 werd op de dijk een nieuwe kerk gebouwd. *  In 1956 was deze als gebouw vervallen, het herstel zou fl. 20.000,- vergen en was bovendien onuitvoerbaar. Het was bekend dat de dijk verzwaard moest worden zodat de kerk moest verdwijnen. Mede door de uitbreiding van de industrie bij Delfzijl in oostelijke richting verdween Oterdum in 1973 met kerk en al van de kaart. De verhouding met de collator in het begin van de 19e eeuw was matig. Toen de Algemene Synode in 1843 een enquête hield over de wijze van predikant-benoemen, deelde Oterdum mee *  , "dat tot dusverre is geërbiedigd het regt en de unike collatie zonder tegenspraak of tegenkanting wordende uitgeoefend door Jan Rengers H. Siccama, burgemeester van Hoogezand die zich de titel geeft van unicus collator; hij benoemt de predikant na vrije keuze zonder met iemand in onderhandeling te treden, welke benoeming door de kerkeraad in een kerkelijk beroep wordt veranderd". In 1853 begonnen de moeilijkheden. De kerkenraad wilde niet hetzelfde lot ondergaan als Heveskes in 1845 en 1846 en wilde niet vallen onder de onhandelbaarheid van dezelfde collator en een predikant op het dak geschoven krijgen. "Het is net als met de Roomsen met hun toegezonden priesters". Tussen 1873 en 1878 speelden zich hernieuwde moeilijkheden af met de collator *  . Dominee J. Eikema was in december1873 met emeritaat gegaan. De kerkenraad wilde zelf 2 kandidaten voor verkiezing aan Hora Siccama voordragen, maar deze verwierp dit voorstel.
De classis vond de wensen van de kerkenraad rechtmatig en greep niet in. Kerkenraad en kerkvoogdij wisten gedurende enige tijd het zenden van de voor een beroeping noodzakelijke stukken aan Siccama te traineren en zo te voorkomen dat ze een predikant opgedrongen kregen. Het provinciale kerkbestuur gelastte in 1875 de kerkenraad om de kerkvoogdij te ontzetten, omdat zij het was die weigerde de verklaring volgens art.41 van het reglement op de vacatures over te leggen. Deze verklaring had betrekking op de inkomsten verbonden aan de predikantsplaats en diende te worden overgelegd alvorens er werd beroepen. Ook Siccama kon daarzonder niks. De zaak bleef hangen, kerkenraad en kerkvoogdij mochten wel 2 kandidaten voor de predikantsplaats aan de collator voordragen, maar wanneer de kandidaten de collator niet aanstonden, behield hij zich het recht voor zelf te kiezen. In januari 1878 kwamen de partijen eindelijk na 5 jaar tot overeenstemming: de collator ging akkoord met de keuze van kerk en gemeente en C.J. Bleeker werd benoemd. Ietwat teleurgesteld konstateerde de kerkenraad dat zij weliswaar zelf had gekozen maar dat zij toch de keuze door de collator had laten sanktioneren. Oterdum was een vrijzinnige gemeente. UIt de "Handelingen" van de kerkenraad van 1906 blijkt dat de kerkenraad oordeelde dat de "prediking van hel en verdoemenis een zeer bruikbare zweep is, niet aan te bevelen echter, omdat deze prediking scheinheiligheid en farizeïsme bewerkt". In 1919 wenste de kerkenraad een dominee van "moderne richting". Een voorstel om voor 10 jaar een kombinatie aan te gaan met die andere vrijzinnige gemeente, Heveskes, werd aanvankelijk afgewezen, maar in 1922 ging men er uiteindelijk toch toe over.
De kerk van Oterdum was arm *  . Toen ca. 1840 een man er vandoor ging en zijn gezin overliet aan de zorgen van de diakonie, terwijl hij zelf goede sier maakte van de inkomsten van het door hem van de diakonie gehuurde en weer onderverhuurde land, vroeg de kerkenraad aan Gedeputeerde Staten of dat zo maar kon. Dat kon, het enige wat de kerkenraad overbleef was procederen. De kerkenraad vond dat dit alles te wijten was aan "uitvloeisels van de verlichting en beschaving van de milde 19e eeuw in het wijze Nederland". Maar de diakonie raakte door haar geld heen en had in 1850 een schuld van fl. 516,-. Noch de gemeente Delfzijl, noch Gedeputeerde Staten waren genegen de diakonie te steunen, ze moesten maar land verkopen. Dit bracht maar voor korte tijd soelaas. In 1854 was het weer mis maar de gemeente Delfzijl wees alle subsidieaanvragen van de hand: er moest maar vaker gekollekteerd worden. Dit bracht fl. 2,81,- op. De kerkenraad werd nu werkelijk boos en viel de gemeente Delfzijl aan: " Weg met het verderfelijk burgerlijk armbestuur, dat aan Joden, Roomsen en andere vreemde godsdiensten geld geeft". De gemeente sloot de diskussie en G.S. zei onbevoegd te zijn om in te grijpen in de huishouding van de gemeente. Voor de kerk van Oterdum had dit bovendien tot gevolg dat niemand de diakonie-administratie wilde doen.
Over de samenwerking en latere samenvoeging met Heveskes en Weiwerd, zie Heveskes. Zie verder: "De Kombinatie" etc. blz. 32.
Inventaris
1. Archief van de Kerkenraad
2. Archief van de Diakonie
3. Archief van de Kerkvoogdij
Kenmerken
Datering:
1665 - 1968
Beschrijving:
Inventaris van de archieven van de gemeente Oterdum
Bewerker:
J. Ellerbroek-Wellinga
Laatste Publicatie:
1980
Omvang:
1 m standaardarchiefberging
Bijzonderheden:
Zie ook toegangnr. 223
Categorie:
Archiefvormer(s)::
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS