Uw zoekacties: Classis Winschoten (1), 1595 - 1941
x184 Classis Winschoten (1), 1595 - 1941 ( Groninger Archieven )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

184 Classis Winschoten (1), 1595 - 1941 ( Groninger Archieven )
Zoek in deze archieftoegang
>
Zoektermen
 
 
Inleiding
De classis van het Oldambt en Westerwolde, na 1816 bij Koninklijk Besluit genoemd: Classis Winschoten, bestond en bestaat uit alle gemeenten, die in het district van het Oldambt en Westerwolde liggen. De oprichtingsdatum van de classis kan niet met zekerheid vastgesteld worden, waarschijnlijk 1596 of 1597.
De notulenboeken dateren van 1630. Lid waren alle predikanten uit de onder de classis ressorterende gemeenten. Deze predikanten kwamen samen van 1630-1760 gemiddeld vier maal per jaar (een enkele maal vijf of zes maal), éénmaal te Wedde, de andere malen (van 1630-1660) te Scheemda (na 1660) te Winschoten. Na 1760 kwam de gehele classis drie maal per jaar samen, twee maal in Winschoten en éénmaal in Wedde, de eerste maal was in april, de tweede maal in juni, de derde maal in september. De vergadering in juni heette de prae-synodale, die in september de post- synodale.
De laatste vergadering was tevens de sluitingsclassis. Van 1812 tot 1815 werden de vergaderingen twee maal per jaar gehouden: in 1812 een maal in Winschoten (april) en een in Wedde (augustus); van 1813-1815 een maal in Winschoten (april) en een maal in Oude Pekela.
Bovendien werden er van het begin af ieder jaar speciale wintervergaderingen gehouden, alle te Winschoten, waartoe afgevaardigd werden de scriba en de quastor, en nog drie predikanten uit elke orde. De predikanten waren namelijk in orden verdeeld: de oudste groep in de eerste orde, de middelste in de tweede, en de jongste in de derde. Deze wintervergaderingen vonden twee à drie maal per jaar plaats. Van 1816 af kwamen alle predikanten eens per jaar samen te Winschoten (in juni), dit was de jaarlijkse classicale vergadering; daarnaast werden zes maal per jaar vergaderingen van het Classicaal Bestuur gehouden, allen eveneens te Winschoten.
De kerkorde, uitgevaardigd bij Koninklijk Besluit van 7 januari 1816, bepaalde onder meer, dat de toen in werking zijnde functionarissen hun bevoegdheden vóór 1 april van datzelfde jaar moesten neerleggen en tevens hun boeken en archieven moesten overdragen aan die kerkelijke besturen en personen, die Zijne Majesteit de Koning zou benoemen. In verband daarmee is 1816 als scheidingsjaar genomen tussen oud- en nieuw archief. Het nieuwe, door de koning in 1816 benoemde Classicaal Bestuur bestond uit acht leden: zeven predikanten en één oud-ouderling. De taak van de scriba werd aanzienlijk groter: correspondentie met de scribae van de ringen, het bijhouden van de agenda van ingekomen en uitgaande stukken, het bewaren van de reglementen, de correspondentie met de secretaris-generaal belast met de zaken der hervormde kerk, en de correspondentie met de secretarissen van de provinciale kerkbesturen. Het examineren van kandidaten en proponenten in de Theologie geschiedde na 1816 niet meer door de classis, maar door het provinciaal kerkbestuur. Belangrijk is ook, dat de classis in 1816 werd onderverdeeld in ringen, ring Winschoten, Midwolda en Bellingwolde.
Ring Winschoten: Winschoten, Oude Pekela, Nieuwe Pekela, Westerlee, Meeden, Veendam, Wildervank, Zuidbroek, Noordbroek, Scheemda en Eexta.
Ring Midwolda: Midwolda, Nieuw-Scheemda, Nieuwolda, Wagenborgen, Termunten, Woldendorp, Oostwold, Beerta, Nieuwe Schans, Nieuw-Beerta en Finstwolde.
Ring Belllingwolde: Bellingwolde, Vriescheloo, Vlagtwedde, Bourtange, Sellingen, Ter Apel, Onstwedde, Wedde, Blijham en Oude Schans.
Enkele nieuwe gemeenten zijn er in de loop van de 19e eeuw bijgekomen. In 1829 werd een gemeente opgericht, die nu eens Stadskanaal, dan weer Nieuw-Stadskanaal werd genoemd; in 1861 is door het stichten van een nieuwe kerk en pastorie aldaar een nieuwe gemeente gevormd, genoemd: Nieuw-Stadskanaal. Om misverstand te voorkomen, werd in de 1829 opgerichte gemeente toen definitief Stadskanaal genoemd. Stadskanaal kwam bij de ring Winschoten, Nieuw-Stadskanaal bij de ring Bellingwolde.
In 1840 werden Zuidbroek en Muntendam, die tot dat tijdstip onder één predikant waren geweest, kerkelijk van elkaar gescheiden en in 1841 werd de eerste predikant te Muntendam bevestigd. Verder werden bij de dispositie van de minister voor de zaken der hervormde kerk van 27 oktober 1845 de buurtschappen Ommelanderwijk en Zuidwending kerkelijk van de hervormde gemeente van Veendam afgescheiden en afzonderlijke gemeenten verklaard, hetgeen in het begin van het jaar 1846 werkelijkheid is geworden. Zowel de gemeente Muntendam als de gemeente Ommelanderwijk werd bij de ring Winschoten ingedeeld. In 1858 werd de gemeente Horsten gesticht (ook wel eens Musselkanaal genoemd), deze gemeente werd ingedeeld bij de ring Bellingwolde.
De archiefstukken berustten aanvankelijk bij de scriba van de classis. Dit duurde tot 1757, in 1756 overleed ds. Hubbelink, de toenmalige scriba. Op de classicale vergadering van 26 juli 1757 werd besloten, dat de synodale classicale boeken, die bij wijlen ds. Hubbelink hadden berust, bij de oudste predikant van Winschoten zouden gebracht worden, welke oudste predikant gemachtigd werd de classicale kas of kist, die in de kerk stond, in de pastorie te plaatsen. In Winschoten waren twee predikanten, evenals in Bellingwolde en later in Veendam (sedert 1857) en in Nieuwe Pekela (sedert 1876).
Enige predikanten-bestuursleden van het nieuwe, in 1816 gevormde classicaal bestuur, te weten de voorzitter en twee leden, werden, bij besluit van 27 maart van dat jaar, belast een lijst op te maken van de bij het archief van de Classis van het Oldambt en Westerwolde bevonden stukken. Zij hebben die lijst op 31 juli 1816 aan de scriba van Classicaal Bestuur gestuurd. Op die lijst, die bij de ingekomen stukken van 1816 (inventarisnummer 42) ligt, komen voor:
- stukken die beschreven zijn onder de nummers 1-9; 16-24; 27;
- stukken, die ontbreken:
* enige handschriften in folio, niet ingebonden (synodale handelingen voor deze provincie, 1714, 1724, 1730, 1735, 1737-1739, 1741-1792 en 1797-1810; handelingen van een samenkomst der zeven classen dezer provincie in 1797);
* handschriften in quarto, ingebonden (formulieren van enigheid, benevens de handtekeningen van de successievelijk in deze classis ingekomen predikanten en schoolmeesters; het classicale kinderboek; een concept-schoolreglement van 1789):
* handschriften, in groot-octavo, ingebonden (een gedrukt reglement voor de weduwenbeurs van de classis van het jaar 1807).
- verder werd er in zes laden van de eikenhouten kist, waarin bovengenoemde handschriften bewaard waren, een groot aantal brieven en andere losse geschriften van verscheidene aard aangetroffen, die, bij nader onderzoek van zo geringe betekenis bleken te zijn, dat een gespecificeerde opgave daarvan niet de moeite waard was. Voor zover ze niet verdwenen zijn, zullen ze terug te vinden zijn in de hierna volgende nummers 10, 12-15, en 25.
Als laatste bijzonderheid zij nog vermeld, dat het oud-archief enige tijd in bewaring is geweest in de Nieuwe Kerk te Groningen. Wanneer het er is gekomen, is niet bekend. Zowel het oud- als het nieuw-archief is in 1949 in bewaring gegeven aan het Rijksarchief in Groningen.
Inventaris
Kenmerken
Datering:
1595 - 1941
Beschrijving:
Archief van de classis Winschoten (tot 1816 classis Oldambt en Westerwolde)
Bewerker:
G. Prinsen Geerlings
Laatste Publicatie:
1994
Omvang:
5,25 m standaardarchiefberging
Bijzonderheden:
Herziene versie van de toegang uit 1978
Vindplaats:
Categorie:
Archiefvormer(s)::
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS