Uw zoekacties: Kerspel Godlinze, 1759 - 1801
x10 Kerspel Godlinze, 1759 - 1801 ( Groninger Archieven )
Uitleg bij archieftoegang

Een archieftoegang geeft uitgebreide informatie over een bepaald archief.

Een archieftoegang bestaat over het algemeen uit de navolgende onderdelen:

• Kenmerken van het archief
• Inleiding op het archief
• Inventaris of plaatsingslijst
• Eventueel bijlagen

De kenmerken van het archief zijn o.m. de omvang, vindplaats, beschikbaarheid, openbaarheid en andere.

De inleiding op het archief bevat interessante informatie over de geschiedenis van het archief, achtergronden van de archiefvormer en kan ook aanwijzingen voor het gebruik bevatten.

De inventaris of plaatsingslijst is een hiërarchisch opgebouwd overzicht van beschreven archiefstukken. De beschrijvingen zijn formeel en globaal. Het lezen en begrijpen van een inventaris behoeft enige oefening en ervaring.

Bij het zoeken in de inventaris wordt de hiërarchie gevolgd. De rubrieken in de inventaris maken deel uit van de beschrijving op een lager niveau. Komt de zoekterm in een hoger niveau voor, dan voldoen onderliggende niveaus ook aan de zoekvraag.

10 Kerspel Godlinze, 1759 - 1801 ( Groninger Archieven )
Zoek in deze archieftoegang
>
Zoektermen
 
 
Inleiding
Aanvankelijk dacht ik bij het zien van het tot het kerspelarchief Godlinze behorende register van uitgaven, dat de daarin vermelde bedragen, door de schatbeurder aan de ontvanger-generaal afgedragen, aanslagen in de verponding waren. Ik ben toen in verschillende bronnen gaan zoeken naar de hoogte van de aanslag in de verponding voor het kerspel Godlinze, om, door middel van vergelijking, enige zekerheid te krijgen omtrent mijn vermoeden. Hoewel later bleek dat de genoemde bedragen geen verpondings-aanslagen zijn, wil ik toch de gegevens, die dit onderzoek opleverde, hier vermelden.
In 1555 betaalt Godlinze voor 1818 grazen 181 gulden en 16 stuivers (RAG, H.S. in quarto nr. 133). In 1598 wordt er voor een jaartax 206 gulden, 12 stuivers en 8 duiten betaald (OA, inv. nr. 1064).
Het oudste bewaard gebleven verpondingsregister van het jaar 1601 (SA, inv. nrs. 707 en 2132) vermeldt dat Godlinze, voor 1818 grazen ? 723-17-3 betaalt. Volgens de "notitie der verpondingen van ieder carspel, in de provincie Stad en lande" (In: Korte opgaave der Financie Staat van Stad en Lande, Groningen, Oomkens, 1795) betaalt Godlinze ? 774-17-3 aan verponding, ? 90-1-2 aan extra-verponding, over vóór 1687 aangewonnen land, en ? 86-11-3 aan paardepacht. Deze bedragen komen overeen met gegevens uit 1807 (GB, inv. nr. 563). In dit zelfde inventarisnummer wordt vermeld dat de schatbeurder 2 duiten per gras voor zijn werk ontvangt. Dit zal waarschijnlijk 4 duiten per gras moeten zijn, omdat anders de totale oppervlakte van het kerspel Godlinze 4322 grazen zou zijn, terwijl in het register van uitgaven (inv. nr. 1) een totaal van 2161 grazen-dus precies de helft - genoemd wordt.
Om even bij het maken van berekeningen te blijven; het onderaan in het register van uitgaven vermelde bedrag van ? 27-4-0 klopt niet, dit moet zijn ? 27-0 -4.
Vroeger werd ieder kerspel door het provinciaal bestuur voor een bepaald bedrag aangeslagen in de verponding (zie algemene inleiding, inventaris archief kerspel Aduard). De door de kerspellieden zelf gekozen schatbeurder moest dat bedrag innen en binnen een bepaalde termijn aan de ontvanger- generaal afdragen. Dit verliep niet altijd even vlekkeloos. Om haar inkomsten uit de verponding veilig te stellen, heeft de provincie in het verleden regels opgesteld waaraan de schatbeurder en de belastingplichtige kerspel-bewoners moesten voldoen. Eenvoudig gesteld verliep die procedure als volgt:
De Staten van Stad en Lande bepalen dat er een zeker bedrag geheven zal worden. De schatbeurder wordt daarvan op de hoogte gesteld. Hij moet dat bedrag binnen 21 dagen afgedragen hebben. doet hij dit niet, dan volgt er een gerechtelijke aanzegging (insinuatie) door een provinciaal ambtenaar, een zgn. executeur. De schatbeurder heeft dan nog 10 dagen de tijd om de verponding te betalen. Zijn die 10 dagen om, zonder dat de ontvanger-generaal de verponding ontvangen heeft, dan wordt er overgegaan tot een aanzegging van executie (slechte, "sligte" executie). Na deze aanzegging van executie, die ook weer 10 dagen duurt, wordt er een liggende executie door de executeur op de schatbeurder uitgebracht. Er wordt dan daadwerkelijk tot inbeslagname overgegaan. Na de liggende executie, die 3 dagen duurt, wordt er overgegaan tot een gerechtelijke verkoop, de roofexecutie.
De, in het register van uitgaven (inv. nr. 1), vermelde bedragen zijn de door het provinciaal bestuur vastgestelde bedragen, die de schatbeurder voor iedere stap in de geschetste procedure aan de executeur moest betalen. Naast deze jaarlijkse terugkerende bedragen geeft de schatbeurder ook ieder jaar een zeker bedrag uit voor de Stadsweg.
De regels met betrekking tot de wijze van innen van verponding kan men vinden in een aantal op het Rijksarchief berustende plakkaten, met name de plakkaten "Forme ende Maniere waer nae de penningen... voortaen ge-innet ende metter executie gevordert zullen worden" en "instructie waernae de executeurs en respective schatbeurders sich sullen hebben te reguleren in 't innen der Verpondingen van de Landen". Voor een totaal overzicht van plakkaten betreffende de verponding kan men raadplegen het Groninger Plakkatboek, 1594-1848, van Mr. S.J. Fockema Andreae en P.J.L. Berkenvelder. Een groot aantal plakkaten betreffende belastingen, verponding en generale-middelen, zijn gebundeld en bevinden zich in de bibliotheek van het Rijksarchief onder nr. 141.
Zie voor een proces gevoerd in 1723 met betrekking tot het aanstellen van een nieuwe schatbeurder W.J. Formsma: Vormen van bestuur ten plattelande in de noord-oostelijke provincies voor 1795 (blz. 11) en het daarbij in een noot vermelde huisarchief Menkema en Dijksterhuis, inv. nr. 18.
Zie voor verdere gegevens over de kerspelorganisatie ook de inleiding van de inventaris van het archief van het kerspel Aduard (toegangsnummer 4).
Deze inventaris werd eerder in druk uitgegeven in C. Tromp, De Groningse kerspelarchieven (Groningen 1982).
Kenmerken
Datering:
1759 - 1801
Beschrijving:
Inventaris van het archief van het kerspel Godlinze
Bewerker:
C. Tromp
Laatste Publicatie:
1982
Omvang:
0,12 m standaardarchiefberging
Bijzonderheden:
Zie voor algemene inleiding inventaris kerspel Aduard (Toegangsnummer 4)
Categorie:
Archiefvormer(s)::
 
 
 
MAIS-(M)DWS is een product van DE REE archiefsystemen BV
meer informatie over MAIS-(M)DWS