0668
Uitgeversmaatschappij C. Misset B.V.te Doetinchem
Inleiding
2. 1873-1969 2.3. Verantwoording van de inventarisatie
Op grond van het bovenstaande behoeft het weinig betoog, dat toepassing van het structuurbeginsel - dat wil zeggen het beginsel -, dat een archief een geheel is, waarvan de historisch bepaalde eigen structuur niet mag worden verstoord, maar zo nodig moet worden hersteld, bij de ordening niet mogelijk was. Het ontbreken van een duidelijk inzicht in of schema van de organisatie van het bedrijf maakte ook een ordening naar organisatie niet wel mogelijk. Gekozen is daarom een ordening naar functies, dat wil zeggen toegepast is "... de methode om zowel bij de vorming als bij de herordening van een archief de afdelingen te ontlenen aan de taakonderdelen van de instelling of de persoon die het archief vormt of heeft gevormd" * . Aan de hand van de volgorde in de inventaris volgt nu een korte uiteenzetting van de problemen, die zich bij de ordening voordeden en de daarvoor gekozen oplossingen. 2.3.3. Briefwisseling
0668 Uitgeversmaatschappij C. Misset B.V.te Doetinchem
Bij de briefwisseling is de aangetroffen "oude orde" gehandhaafd: de "oude correspondentie" en de "correspondentie 1945-1953" zijn apart beschreven. In de bijlagen I en II zijn de correspondentie in de aangetroffen alfabetische volgorde gespecificeerd. Tijdens de archiefvorming heeft dossier- en rubriekvorming plaatsgehad.
De los aangetroffen briefwisselingen zijn zoveel mogelijk geplaatst onder de rubriek, waarmee zij naar hun inhoud het meest verwant waren. Het restant si tot één nummer verenigd (inv.nr. 62) en van een specificatie voorzien in bijlage III.
Inventaris
| |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||





