A  |  A  |  A
Uw zoekacties: Tweemanspolder (1680) 1725-1974
 125 Tweemanspolder (1680) 1725-1974 ( Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard )
 
 
Zoek in deze archieftoegang
 
 
 
 
 
Inleiding
Geschiedenis van de polder
sluiten
125 Tweemanspolder (1680) 1725-1974
Inleiding
Geschiedenis van de polder
Vindplaats:
Op 31 mei 1727 werd door de Staten van Holland en West-Friesland octrooi verleend aan Anthony van Outheusden, ambachtsheer van Zevenhuizen, voor het bedijken en droogmaken van een gedeelte van de Catges- en Moerpolder. Bedijking en droogmaking waren ten zeerste gewenst. Het betreffende stuk polder was geheel verveend en bijna een binnenlands meer geworden, de daarin overgebleven akkertjes werden bedreigd door water en storm, evenals het dorp Zevenhuizen, dat door het wegspoelen van wegen en waterkeringen al van andere ambachten was afgesneden.
In het reglement op het beheer van de Tweemanspolder werd bepaald dat de regering over de droogmaking werd uitgeoefend door de heer van Zevenhuizen en tijdens zijn afwezigheid door de president van de gecommitteerde ingelanden als dijkgraaf en drie voorname of gecommitteerde ingelanden. Het toezicht op de droogmaking werd uitgeoefend door de dijkgraaf, drie kroosheemraden en twee molenmeesters.
In 1738 werd een nieuw reglement op het beheer van de Tweemanspolder vastgesteld. De benaming van gecommitteerde ingelanden en molenmeesters werd vervallen verklaard. Het bestuur van de polder bestond vanaf dat moment uit een dijkgraaf, drie heemraden en drie kroosheemraden. De heer van Zevenhuizen zou altijd dijkgraaf zijn.
De grenzen van de polder werden het eerst in het octrooi, later bij bijzonder reglement vastgesteld en gewijzigd.
De opheffing van de Tweemanspolder hield verband met de inwerkingtreding van de Wet Verontreiniging Oppervlaktewateren. Deze wet schreef voor dat voor 1 december 1975 geregeld moest zijn hoe deze wet moest worden uitgevoerd en aan welke organen de zorg voor de niet-Rijkswateren moest worden opgedragen. Het provinciaal bestuur van Zuid-Holland, belast met het toezicht op de waterschappen, was van oordeel dat bij voorkeur grote waterschappen belast moesten worden met deze taak. Deze grote waterschappen moesten zo nodig gevormd worden, onder meer door opheffing en samenvoeging van polders: de polderconcentratie. Het bestuur van de Tweemanspolder vond dat met deze concentratie wederom een aanslag werd gepleegd op de democratie en de gemoedelijkheid die in de verschillende polders nog bestond. Door het vormen van een grote eenheid zou de stem van de ingeland haast niet meer gehoord worden. De afstand tussen ingeland en zijn bestuur zou eveneens te groot worden. Ook in financieel opzicht zag de Tweemanspolder slechts bezwaren.
De opheffing werd echter een feit bij besluit van Provinciale Staten van Zuid-Holland van 14 december 1972, goedgekeurd bij Koninklijk Besluit van 18 oktober 1973, nr. 37, tot reorganisatie van het waterschapsbestel binnen het hoogheemraadschap van Schieland en werd met ingang van 1 januari 1974 van kracht.
Geschiedenis van het archief
(Algemene) verantwoording van de bewerking
Inventaris
Kenmerken
Datering:
(1680) 1725-1974
Vindplaats:
Geografische namen:
Categorie:
Archiefvormer(s):