0204
Vereniging Purmer Belang, 1916-1946
Inventaris
1. Inleiding sluiten
0204 Vereniging Purmer Belang, 1916-1946
Na de overstromingsramp van 1916 kwamen een aantal van de grotere grondeigenaren in de Purmer bijeen om de financiële gevolgen van deze ramp voor de Purmer te bespreken. De Purmer was weliswaar gespaard gebleven, maar door het treffen van diverse maatregelen waren de kosten aanzienlijk. Tijdens deze vergadering op 4 maart 1916 werd tevens gesproken over de wenselijkheid om meer onderling kontakt te hebben en daaruit voortvloeiend sneller de mogelijkheid te hebben op bepaalde gebeurtenissen te reageren.
Om de mogelijkheden voor het bestaan van een vereniging van grondeigenaren te onderzoeken werd een voorlopig comité opgericht, bestaande uit W. baron van Tuyll van Serooskerken, G. J. de Goede en J. E. Heenk. Op 6 april 1916 werd de oprichtingsvergadering gehouden. Tot bestuursleden werden de drie leden van het voorlopig comité gekozen, met een uitbreiding met twee leden (zie verder de bijlage). Volgens art. 2 van de statuten had de vereniging het volgende doel: "De vereeniging stelt zich ten doel de behartiging der belangen van grondeigenaars in het waterschap "De Purmer", vooral in zaken van polderbelangen en ondernemingen daarmede in verband staande. " Vanuit deze doelstelling bemoeiden zij zich in de loop van de jaren met vele zaken. Niet alleen zaken die puur met het waterschap te maken hadden, zoals verkiezing van hoofdingelanden en andere bestuurders, dijkbeheer, etc, werden in de gaten gehouden. Men sprong ook in de bres voor een beter leefklimaat; in dat kader kan de campagne voor verbetering van het openbaar vervoer en de postbestelling, alsmede de invoering van elektriciteit, gezien worden.
Bovendien werd medewerking gegeven aan verschillende andere aktiviteiten. Zo werd medewerking verleend aan de "Commissie Purmer", die opgericht werd om te ijveren voor de oprichting van een aparte gemeente Purmer, maar ook aan de organisatie van de feestelijkheden ter gelegenheid van het 300-jarig bestaan van de polder.
Ook de bevordering van het toerisme ging de vereniging ter harte. Bij veel van deze initiatieven speelde de secretaris, G. J. de Goede, een grote rol. Men krijgt de indruk dat hem voor het wel en wee van "zijn" polder geen moeite te groot was.
Het archief van de Vereeniging "Purmer Belang" bleef na het overlijden van De Goede voor een deel ten huize van zijn weduwe berusten. De nieuwe secretaris heeft vermoedelijk alleen die stukken meegenomen die dacht nodig te hebben. Dat zou kunnen verklaren dat de notulen van de vergaderingen geheel ontbreken. Na verloop van tijd kwam het resterende gedeelte in bezit van de zoon van G. J. de Goede, prof. mr. dr. A. de Goede. Vanaf die tijd heeft het archief het lot gedeeld van zijn archief en werd in 1957, na zijn dood door mevr. mr. N. M. de Goede-Lodder in bewaring gegeven aan het rijksarchief in Noord-Holland. Bij de inventarisatie werd het archief weer afgescheiden van de overige stukken om weer een apart bestaan te gaan leiden.
Bijlage Bestuursleden van de Vereeniging "Purmer Belang" (tot 1943)
- voorzitter W. baron van Tuyll van Serooskerken 1916-
- secretaris G. J. de Goede 1916-1943
- penningmeester J. E. Heenk 1916-
- leden: J. Korthals Altes 1916-1921 E. J. Hovenier 1916- C. J. van Baar 1918- T. Mus 1918- Jac. Groot Jz 1921-1941 D. Molenaar 1941-
| |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||



