Nederlands (Nederland)English (United Kingdom)Deutsch (DE-CH-AT)
A |  A |  A
Uw zoekacties: Stad en Gemeente Arnemuiden 1431-1857
 1200 Stad en Gemeente Arnemuiden 1431-1857 ( Zeeuws Archief )
 
 
Zoek in deze archieftoegang
Uitgebreid zoeken
 
 
 
 
 
Regest 19  1543 April 21
Kaerle, bij de gratie Gods Roomsch keizer, en de Secrete Raad te Mechelen doen uitspraak in een geschil tusschen kerk- en fabriekmeesters van Armuyden, impetranten, en Gheryt Claes'zoon van Amsterledamme, gedaagde, betreffende het gebruik van de teerstoof te Armuyden, en veroordeelen den gedaagde tot betaling aan de impetranten van de som van 30 pond van 40 gr. Vls. voor elk jaar, dat hij de teerstoof gebruikt en geprofiteerd heeft, en de helft van de kosten, compenseerende de andere helft.
Oorspr. (Inv. nr. 5). Met het zegel van den Keizer in roode was.
Datering:
  1543 April 21
 
 
 
 
 
1200   Stad en Gemeente Arnemuiden 1431-1857
1.  Woord vooraf
Aan het beschrijven van de historie van Arnemuiden hebben in de afgelopen honderd jaar enkele onderzoekers zich zeer serieus gewijd. Allereerst zette H.M. Kesteloo, secretaris van de gemeenten Domburg en Aagtekerke, zich hieraan ter gelegenheid van het driehonderdjarig bestaan van de stad in 1874. Zijn boekwerk verscheen op dezelfde datum als de verlening van het stadsrecht van Arnemuiden. Aan zijn studie werd als bijlage een inventaris van het stadsarchief toegevoegd.
Het werk van Kesteloo werd zo'n vijftig jaar later opnieuw gedaan door Cornelis de Waard (1847-1927), medewerker van het Rijksarchief in Zeeland. Nadat hij in 1920 met pensioen was gegaan kreeg hij van het Provinciaal Bestuur van Zeeland opdracht tot 'regeling van het archief der gemeente Arnemuiden'. In twee etappes werd zijn inventarisatie gepubliceerd in de Verslagen omtrent 's Rijks oude archieven (VROA), als bijlagen bij de jaarverslagen van de Rijksarchivaris in Zeeland in zijn functie van provinciale archiefinspecteur. De archiefinventaris verscheen in VROA 1924 zonder de regestenlijst, die in de inleiding wel werd aangekondigd maar waarvan in een naderhand aangebrachte noot werd opgemerkt: 'Deze regestenlijst is zuinigheidshalve niet gepubliceerd'. De regestenlijst, met regesten van stukken tot 1600, verscheen uiteindelijk toch nog een jaar later, in VROA 1925. De Waard heeft de drukproeven hiervan nog gedeeltelijk kunnen nazien, maar het verslag werd postuum (verschijningsjaar 1926, daadwerkelijke verschijning eind maart 1927) gepubliceerd. Aan de archiefinventaris ging een zeer uitgebreide inleiding vooraf, waarin met name over de organisatie van het stadsbestuur veel werd meegedeeld. Met de inventaris van De Waard werd tot 1996 gewerkt.
De volgende die zich enigszins in de historie van Arnemuiden verdiepte was rijksarchivaris in Zeeland dr. W.S. Unger. Uiteraard nam hij het stadje op in zijn reeks beschrijvingen van de Zeeuwse steden, die in de jaren vijftig verscheen in het jaarboek Archief van het Zeeuwsch Genootschap.
De toespraak die dr. P.J. Meertens in 1974 hield ter gelegenheid van het vierhonderdjarig bestaan van de stad Arnemuiden kwam op schrift. In deze tekst worden de hoofdlijnen van de geschiedenis van Arnemuiden als stad belicht.
Als laatste beschrijver van de historie van Arnemuiden, uit onze tegenwoordige tijd, kan tot slot genoemd worden J. Adriaanse. In zijn meerdelige reeks kronieken maakt hij melding van de gebeurtenissen van jaar tot jaar in en rond Arnemuiden. Op het moment van het verschijnen van deze inventaris is de reeks nog niet voltooid.
Thans verschijnt de derde archiefinventaris van Arnemuiden aan de vooravond van de opheffing van de gemeente. Als gevolg van een gemeentelijke herindeling waarbij het hele eiland Walcheren betrokken is, wordt Arnemuiden per 1 januari 1997 met Middelburg tot één gemeente samengevoegd. Het gemeentebestuur van Arnemuiden voelde de behoefte om het oud-archief naar de letter van de wet in goede en opnieuw geordende staat te brengen voordat de nieuwe situatie van kracht zou worden. Het archief zal, voorzien van een moderne archiefinventaris, aan de nieuwe gemeente Middelburg worden overgedragen. De opdracht voor het maken van deze inventaris ging uit naar het gemeentearchief van Goes. Met de gemeentelijke herindeling op Walcheren komt aan een periode van vier eeuwen autonomie aan de monding van de Arne een einde.
Deze inventaris werd gepubliceerd als: F. de Klerk, Inventaris van de archieven van de Gemeente Arnemuiden 1431-1857 (1892). Goese Inventarissen 21 (Goes 1996). De in 1925 gepubliceerde inventaris door C. de Waard kwam daarmee te vervallen. Ten behoeve van deze digitale uitgave werd de inventaris hier een daar aangepast en geactualiseerd.
Aan deze digitale uitgave werd de in 1926 gepubliceerde regestenlijst door C. de Waard toegevoegd. In de regesten wordt echter nog verwezen naar de in 1925 gepubliceerde inventaris door C. de Waard, die door de inventarisatie van 1996 kwam te vervallen. Deze verwijzingen kunnen via de concordantie worden herleid naar het huidige inventarisnummer.
2.  Geschiedenis van het archiefvormend orgaan
2.1.  Geografie en bewoningsgeschiedenis
Op het eiland Walcheren ontsprong in de vroege Middeleeuwen onder Oostkapelle/Domburg een riviertje: de Arne. In deze benaming is een verbastering van het Middelnederlandse Aha, water, te herkennen (Künzel, Lexicon, 256). Het stroomde in oostelijke richting naar zee. Op een geschikte plaats aan de bovenloop van dit water ontwikkelde zich een nederzetting die Middelburg werd genoemd. Deze naam kreeg de plaats naar de ringwalburg die hier in de negende eeuw, vermoedelijk tussen 885 en 891, door de inheemse bevolking opgeworpen werd om zich de Noormannen van het lijf te houden. Het is de plaats waar twee grote kreekruggen vanuit het noorden en het noordwesten bij de Arne samenkomen. De strategische ligging van de burg is duidelijk (Van Heeringen, 99-100).
Al snel nadien, aan het einde van die eeuw, raakte een deel van het burgterrein bewoond. Aan de oostzijde van de nederzetting kwam een haven tot ontwikkeling. In het laatste kwart van de tiende eeuw vond afdamming van de Arne plaats, vermoedelijk om hierdoor een natuurlijke getijdehaven te creeëren. In diezelfde tijd blijkt er sprake te zijn van bewoning aan de zuidzijde van de Dam. Al in bronnen uit de late elfde eeuw werd Middelburg een havenplaats genoemd en ontwikkelde het zich tot een handelscentrum. Het werd de belangrijkste plaats, vanaf de tweede helft van de twaalfde of vroege dertiende eeuw reeds stad, van Walcheren. Hier bevonden zich het bestuurs- en kerkelijk centrum van Zeeland (Van Heeringen, 105, 106, 563).
Middelburg werd in de eeuwen daarop belicht door de stralenkrans van de grote Vlaamse Middeleeuwse steden Gent en Brugge, en kende eveneens een voorspoedige ontwikkeling. In de loop der jaren begon de Arne in de nabijheid van Middelburg te verzanden. Hierdoor werd een nederzetting aan de monding van de Arne steeds belangrijker: Arnemuiden, of Oud-Arnemuiden. In de dertiende eeuw moet deze plaats enige betekenis hebben gehad. In 1223 werd een edele met de naam Remerus van Arnemuiden genoemd. De parochie bestond vóór 1235. De Hollandse graaf Floris V was in 1288 van plan om aan het oudste Arnemuiden stadsrechten te verlenen. Daaraan voorafgaand verkreeg hij alvast tolvrijdom voor deze toekomstige stad. Het bleef bij een voornemen van de graaf, die al spoedig andere zaken aan zijn hoofd had.
Ten noorden van de Arne en van Arnemuiden lagen twee ambachten die door de eeuwen heen een vrij nauwe relatie met Arnemuiden zouden hebben: Nieuwerkerke en Kleverskerke. De nederzetting Kleverskerke is vermoedelijk een van de vele plaatsen in Zeeland waar een ambachtsheer als stichter van de parochiekerk in de plaatsnaam is vereeuwigd. De parochie kwam vóór 1251 tot stand. Een verder onbekende Clauwaert of een verbastering van deze naam zal naamgever van Kleverskerke geweest zijn. De kerk was dochterkerk van de Middelburgse Noordmonster en gewijd aan Sint Georgius of Joris. Kleverskerke ontwikkelde zich in de vijftiende en zestiende eeuw tot een klein dorp met een geschiedenis waarvan weinig terug te vinden is.
Sterke stromingen, dijkvallen en meer onheil van waterstaatkundige aard noodzaakten tot het buitendijken van Oud-Arnemuiden. Dit vond plaats rond 1440, waarna een tweede Arnemuiden werd gesticht. De nieuwe nederzetting kwam iets verder westwaarts te liggen in het ambacht Mortiere. Dit ambacht dankte zijn naam aan een sterkte die door graaf Floris de Vijfde aan het einde van de dertiende eeuw was gebouwd. Het ambacht Mortiere lag ten zuiden van de Arne (Encyclopedie, II, 346). Het tweede Arnemuiden werd ook wel Arnemuiden-in-Mortiere genoemd. Eer dit dorp tot ontwikkeling kon komen moest het omstreeks 1460 al aan de golven worden prijsgegeven. Op sommige oude kaarten staat het aangeduid met Oud-Arnemuiden. Nu kwam het derde Arnemuiden tot stand, de plaats die er nu nog ligt ten noorden van de Arne in de heerlijkheid Nieuwerkerke. Het heette nog geruime tijd na de stichting Nieuw-Arnemuiden. In dit ambacht bevonden zich derhalve in de tweede helft van de vijftiende eeuw twee bewoningskernen: Nieuwerkerke en Arnemuiden. Nieuwerkerke, de naam zegt het al, kwam voort uit een ouder, verloren gegaan dorp. De parochie scheidde zich in het midden van de veertiende eeuw van die van Kleverskerke af.
De bewoning in het ambacht Nieuwerkerke ging zich al snel in Arnemuiden concentreren. De tweede kern Nieuwerkerke verviel. De aan Sint Jan gewijde kerk werd later hoofdkerk van Arnemuiden. In 1545 werd de voormalige Sint Martinuskapel te Arnemuiden hoofdkerk van de parochie Arnemuiden. Na de Reformatie verdween de kerk van Nieuwerkerke; wellicht werd het gebouw tijdens de eerste episode van de Opstand zwaar beschadigd. In 1593 gebruikte men de restanten voor het verzwaren van een zeehoofd in het Sloe. De nieuwe negentiende-eeuwse gemeente heette formeel 'Arnemuiden, Nieuwerkerk en Mortiere' (Van der Aa, deel 8, 142).
Het gebied waarover het Middelburgse stadsrecht van kracht was omvatte ook haar levensader met de zee: de Arne, inclusief alle bebouwing langs het water. Dit betekende dat de toekomst voor Arnemuiden er niet rooskleurig uit kon zien. Het is zelfs niet onmogelijk dat deze bepaling in het Middelburgse stadsrecht de verheffing van Arnemuiden tot stad in 1288 heeft verhinderd. Als een doem hing de rechtsmacht van Middelburg gedurende de Middeleeuwen boven het nietige Arnemuiden. Vanaf 1482 werd het verboden om in het nieuwe dorp koopwaren op te slaan of een balans in te richten.
Een uitgesproken buitenkans bood de heer van Veere in 1493 aan Middelburg, toen hij het ambacht Oosthoek in de parochie Nieuwerkerke ofwel het oosteinde van Arnemuiden wilde verkopen. Uiteraard ging Middelburg hierop in, aldus Arnemuiden geheel in de houdgreep nemend. In 1498 besloeg Middelburgs macht ook de rede van Arnemuiden. Middelburg hief in Arnemuiden belastingen en verbood ieder het uitoefenen van een ambacht tenzij het poorterschap van Middelburg was gekocht.
Ondanks alle beperkende maatregelen nam in Arnemuiden in de late vijftiende en het begin van de zestiende eeuw de bedrijvigheid en welvaart steeds meer toe. De uitmuntende ligging van de plaats dreef handelsschepen uit de meest uiteenlopende landen naar de rede van Arnemuiden. Het is veelzeggend dat in 1565 de Italiaanse kroniekschrijver Guicciardini steeds Arnemuiden als vertrekpunt nam om afstanden tot andere plaatsen aan te geven. Rond 1530 trachtten de ondernemende inwoners van het dorp de Middelburgse overheersing wat te matigen in een proces voor de Grote Raad van Mechelen. Het enige resultaat was dat enkele nauw omschreven ambachten in het vervolg in Arnemuiden mochten worden uitgeoefend, ambachten die alle direct met het uitrusten en onderhouden van schepen te maken hadden. Touwslagerijen, een teerstoof, zeilmakerijen en dergelijke waren het, en zoutketen.
De sterke beknotting op economisch gebied door Middelburg kon niet verhinderen dat in Arnemuiden de welvaart toenam. Het is niet bekend of Arnemuiden uit eigen belang of uit politieke overtuiging in de begintijd van de Opstand voor de Prins van Oranje koos. Meteen na Vlissingen en Veere schaarde het zich in 1572 aan de zijde van de Prins. Al spoedig betaalde het een hoge prijs voor deze stellingname, toen op 8 mei van dat jaar de Spanjaarden het dorp platbrandden. Naar eigen zeggen van het bestuur van Arnemuiden van die tijd waren hierbij ook grote groepen inwoners van Middelburg, dat immers Spaansgezind was gebleven, betrokken (inv.nr 1). Na de overgang van Middelburg naar het kamp van de Prins werd Arnemuiden door Oranje tot stad verheven. Alle privileges die Middelburg bezat, werden nu ook van toepassing op Arnemuiden verklaard, dat bovendien zeggenschap kreeg over het buitengebied van Mortiere en Nieuwerkerke.
Rondom de stad werd vanaf 1576 de in opdracht van de Spanjaarden begonnen fortificatie verder uitgebouwd. Met bolwerken, grachten en poorten kreeg Arnemuiden een stads aanzien. Financiële problemen wierpen een schaduw over de opkomst van de stad. Herhaaldelijk moest er hulp worden gezocht. De economische bedrijvigheid leek in de decennia daarna weer wat aan te trekken, toen zich vanaf omstreeks 1600 een proces van verzandingen in de Arne en het aangrenzende Sloe voltrok, dat niet te stuiten was. Het stadsbestuur trachtte het in zijn nood zelfs op een accoordje te gooien met de grote buurman Middelburg, om in ruil voor klinkende munt zich weer onder het hoofdstedelijke gezag te voegen. Dit kwam er niet van. Tussen het kleine Arnemuiden en het grote Middelburg bleef een verhouding bestaan waarin de naijver het van de liefde won.
Aan het begin van de zeventiende eeuw bleek dat de langverwachte scheepvaart op Arnemuiden nimmer meer tot ontwikkeling zou komen. Ter versterking van de stedelijke economie trachtte het stadsbestuur nijverheid en industrie te ontwikkelen. Op allerlei manieren werden ondernemers gelokt om in Arnemuiden ondernemingen te beginnen. Tapijtmakers, wevers, salpeterproducenten enzovoorts, met dergelijke neringen poogde men in de stad aan de inwoners een bestaan te bieden. In de meeste gevallen liepen deze ondernemingen op niets uit, en verloor de stad zijn vestigingspremies en subsidies.
Slechts twee neringen bleken door de eeuwen heen blijvend te zijn in Arnemuiden: visserij en zoutproductie. Met name het raffineren van zout uit grondstoffen die van de Franse en Spaanse kusten kwamen was een bedrijvigheid die vele arbeiders een karige boterham bood. Hieraan kwam aan het begin van de negentiende eeuw een einde. Het vele sjouwwerk met grond- en brandstoffen en het fijne zout als eindproduct was mannenwerk. Meestal werd de arbeid in de keten door vrouwen verricht. Al deze arbeiders vormden een industrieproletariaat dat door het zware ongezonde werk in een slechte lichamelijke conditie verkeerde. Treffend is de beschrijving van een werkneemster in een Arnemuidense zoutkeet, zoals Gargon deze liet optreden in zijn vroeg-achttiende eeuwse Walcherse Arkadia (deel II, p. 182-183). Een deftig gezelschap van twee dames en twee jongeheren van stand bereisde hierin Walcheren. Ze bezochten alle dorpen en buitenplaatsen, en kwamen zo ook in Arnemuiden bij de zoutketen aan:
"Maar laat ons in een van die keeten gaan, en zien hoe en wat'er omgaat. Dit zeggende traden zy in een ruime vierkante plaats, daar men nauwlijks, en geen ander licht zag, als dat van een blakend vuur, dat, hoe heet, nog telkens aangeboet wierd ander een zeer groten ketel, die vol zout en zeewater, een dikken zouten damp uitwazemde, en oog en neus vervulde met een onlijdelijken smook en stank. Waar zijn wy, riep Izabelle, is dit Flegeton of 't vagevuur? Dit is om te stikken, 't is voor geen mensch te harden; en ik zoude om al 't goed van de weereld, hier geen uur lang in zulken rook en stank blijven. Op dit zeggen kwam een oude zwartberookte vrouw, die veel eer een halfgebrade Moorin, dan een hierlandsch mensch geleek, 'en jy hebt gelijk boeje [lief] kind', zeide zy, 'jy zoud hier jouw wit haast verliezen, en dat zoet aanschte [aangezicht] getaant hebben; julder bent de weelde, en geen werk noch ongemak gewent'. Het gezelschap begon op die natuurlijke harange te lacchen, en Izabelle streek ter keete uit, zeggende, 'ik moet stikken, of frissche lucht scheppen'."
De visserij was eveneens een zwaar beroep. In veel gevallen werd de vis door de vrouwen op het Walcherse platteland en in Middelburg uitgevent. In de bevolkingsregisters uit de eerste helft van de negentiende eeuw komen talrijke visverkoopsters voor. Toen in de vorige eeuw de zoutnering wegviel trachtte men enkele malen andere bedrijfsvormen in te voeren: weverijen, een stijfselfabriek. Deze pogingen was geen succes beschoren. Op bescheiden schaal bleef de scheepsbouw en -reparatie te Arnemuiden bestaan. Tijdens de hoogtijdagen hiervan, rond 1600, waren te Arnemuiden de eerste VOC-schepen gebouwd.
2.2.  Bestuurlijke organisatie
De nieuwe stad Arnemuiden kreeg bij haar ontstaan een bestuur dat bestond uit een baljuw, twee burgemeesters, vijf schepenen en vijf raden. Vanaf 1586 werden ze benoemd door de stadhouder uit een door de magistraat zelf opgestelde nominatie. In stadhouderloze tijdperken kozen de Staten van Zeeland het stadsbestuur. In het midden van de zeventiende eeuw kreeg Arnemuiden zijn portie geschillen over het aantal leden van de raad en de positie van de baljuw (De Waard schrijft hierover uitvoerig in zijn inleiding op de vervallen inventaris van het archief, p. 14-15). Ook aan het begin van de achttiende eeuw waren er bestuurlijke geschillen.
Het stadsrecht besloeg behalve het Arnemuidense grondgebied ook de heerlijkheden Mortiere en Nieuwerkerke. Het landrecht van Walcheren werd verdeeld na 1574 over Middelburg, Veere, Vlissingen en Arnemuiden. In 1602 vond de vaststelling van een verordening op de weeskamer te Arnemuiden plaats.
De omwenteling van 1795 verliep in Arnemuiden zeer rustig. De nieuwe bestuurders die toen werden gekozen hadden allemaal reeds eerder in het stadsbestuur gezeten. Al snel ebde de belangstelling van het volk weg voor de nieuwe bestuurlijke aanpak. De nieuwe functie maire bleef nog geruime tijd als baljuw in de boeken staan. In 1814 veranderde deze aanduiding in provisionele schout, later burgemeester. In 1816 werd Arnemuiden in zijn status van stad bevestigd in een koninklijk besluit. De gemeenteraad ging uit zeven personen bestaan. Aan het nieuwe reglement op de plaatselijke besturen van Zeeland uit 1825 werd het gemeentebestuur van Amemuiden aangepast. De gemeentewet van 1851 vond vervolgens invoering. Bij wet van 13 juni 1857 werden Arnemuiden en Kleverskerke tot één gemeente samengevoegd.
2.3.  Havens, kanalen en inpolderingen
In 1535 werd vanaf Middelburg naar het kreekrestant de Welsinge aan de Walcherse zuidkust een nieuw kanaal gegraven om de scheepvaart naar de gewestelijke hoofdstad te garanderen. Over dit kanaal was ook Arnemuiden bereikbaar. Het behield bovendien zijn in oostelijke richting lopende havenuitgang, die het Arnemuidense Gat werd genoemd. Een havenhoofd, waarvoor men het puin van de vervallen kerk van Nieuwerkerke gebruikte, werd in 1594 hier aangelegd.
De nieuwe stad Arnemuiden lag aan het einde van de zestiende eeuw direct aan het vaarwater tussen Walcheren en Zuid-Beveland, het Sloe. Vanaf het begin van de daaropvolgende eeuw begon de situatie zich daar ingrijpend te wijzigen. Tussen Veere en Arnemuiden lag in de zestiende eeuw een langgerekt stuk schor, genaamd Ten Halven Crijte. Het sloot aan op een voor Arnemuiden liggend schor. De eigendomsrechten op het eerste schor waren in handen van Prins Maurits, die het Arnemuidense schor erbij kocht, en ze tegelijk tussen 1616-1618 liet inpolderen. De nieuwe polder kreeg de naam Oranjepolder.
Door de Lemmerplaat, die zuidelijk aan het schor van Arnemuiden grensde, had men in 1616 een kanaal gegraven dat de vaart op de stad mogelijk moest blijven maken. Dit werd de Nieuwe Vaart op Arnemuiden, waarvoor in 1617 een havenhoofd werd aangelegd. In een poging om het vaarwater op diepte te houden kwam in 1620 hier een spuikom of houwer tot stand. Bij eb kon men het hierin gespaarde vloedwater laten wegstromen om zo de vaargeul op diepte te houden. Een halve eeuw later was de spuikom dermate aangeslibd dat het tot polder werd, de Houwerpolder. Buiten de Oranjepolder ging de aanslibbing voort. In 1661 kwam oostelijk hiervan de Nieuw-Oranjepolder gereed. Al spoedig verliep de hoofdstroom en bleek deze nieuwe polder niet te behouden. Het Arnemuidense hoofd verdween, waarna in 1675 de hele polder overstroomde. Zelfs de oude Oranjepolder werd bedreigd. In 1660 kwam de Dokpolder (ook: Oostpolder) bij Arnemuiden gereed, toen het in 1590 gegraven haventje werd afgedamd. Aan de andere zijde van de stad legde men in 1661 de Molenpolder droog, waar voorheen een scheepsdok lag. De polder dankt zijn naam aan een korenmolen die ter plaatse stond. Ten zuiden van de Arne kwamen in 1644 de Middelburgsepolder en in 1661 de Nieuwerkerkepolder tot stand. Met het indijken van de Waayenburgpolder aan de oostzijde van het Amemuidense Gat in de jaren 1668-1674 ging het niet zozeer om nieuwe landbouwgrond, maar probeerde men vooral het vaarwater op diepte te houden. Het schorrengebied dat daar tegenaan ontstond werd in de loop van de volgende eeuwen ingepolderd, totdat Walcheren en Zuid-Beveland aan elkaar vast kwamen te liggen.
Het kanaal van Middelburg naar Welsinge bleef tot 1817 in gebruik, toen het Kanaal door Walcheren van Vlissingen via Middelburg naar de noordoostkust van Walcheren onder Veere werd gegraven. Arnemuiden werd hiermee verbonden door een restant van de oude Arne te kanaliseren en als zijtak te gebruiken. In de haventoegang naar Arnemuiden vanuit het oosten werd in 1818 een keersluis aangelegd. Een speciale gemeentelijke commissie werd belast met het toezicht hierop. Later in de negentiende eeuw kwamen nieuwe aftakkingen over water gereed (zie voor een volledig overzicht van de inpolderingen aan de oostzijde van Walcheren en de aanleg van waterwegen: Wilderom, deel III).
2.4.  Kerkelijke geschiedenis
De oudste parochie van Walcheren was die van Westmonster te Middelburg, waarvan de ouderdom teruggaat tot de tiende eeuw. Hieruit kwamen enkele andere parochies voort, onder meer die van Noordmonster te Middelburg. Deze ontstond aan het einde van de elfde eeuw, waaruit vele afsplitsingen voortkwamen.
De parochie van Arnemuiden was er één van en bestond vóór 1235, die van Kleverskerke vóór 1251 en Nieuwerkerke rond 1300 (Van Heeringen, 103). In 1505 werd de Sint Maartenskapel te Arnemuiden gebouwd. In 1545 volgde verheffing tot kerk, toen de hoofdkerk te Nieuwerkerk niet meer bruikbaar was. In de kerk van Arnemuiden bevond zich in vroeger eeuwen een carillon met 24 klokken. De stad kocht het uit een abdij in de buurt van Mechelen.
De laat-Middeleeuwse kerk bleef door de eeuwen heen voor veel problemen zorgen. Van begin af aan was de bouwkundige toestand slecht. De gedeeltelijke vernieling door de Spanjaarden in 1572 zorgde voor langdurige herstelwerkzaamheden, waarvoor met moeite de gelden konden worden gevonden. De verloting die het stadsbestuur aan het einde van de zeventiende eeuw organiseerde om extra geld voor de kerk te vinden liep op een mislukking uit. De kerk werd in 1858 afgebroken. In de herbouwde kerk werd het carillon herplaatst. Eveneens herplaatst werden de getijdenschaal en maanbol. Door Delftenaar Jan Dirckszoon Coop was in 1589 dit mechanisme in de kerktoren geplaatst dat zowel de maanstand als het waterpeil aangaf.
De Hervorming liet Arnemuiden niet ongemoeid. In een zoutkeet vonden bijeenkomsten van hervormden plaats. In 1566 vond in de kerk een beeldenstorm plaats. Kort na de Reformatie waren twee predikanten in de stad werkzaam die tevens te Kleverskerke werkten (Van der Aa, deel 1, 327). Vanaf 1671 stond er te Kleverskerke een eigen predikant. De kerk aldaar werd in 1833 ingrijpend verbouwd. In 1861 brak men dit kerkje af, waarna nieuwbouw volgde. De kleinste gemeente van Zeeland werd in 1857 met Arnemuiden verenigd (Encyclopedie, II, 174-175; Van der Aa, deel 6, 478-479).
3.  Geschiedenis van het archief
Kesteloo liet op de 300ste verjaardag van de stad zijn geschiedenis van Arnemuiden het licht zien (Kesteloo, Geschiedenis). In dit boekwerkje, dat een soort kleine historische encyclopedie van Arnemuiden is, heeft hij als bijlage een inventaris van het oud-archief opgenomen (Kesteloo, 'Inventaris'). In zijn inleiding hierop vermeldt Kesteloo enige wetenswaardigheden over het archief, die hieronder worden vermeld. Het archief van Arnemuiden begint pas met de verwerving van het stadsrecht. Daarvóór zijn slechts weinig stukken bewaard gebleven, waarin niet veel samenhang zit.
De weinige stukken van voor 1574 zouden afkomstig zijn uit de boedel van baljuw Simon Romboutszoon, wiens paperassen na zijn overlijden naar het stadhuis werden overgebracht. De voornaamste archiefstukken van de stad werden vanaf de zeventiende eeuw bewaard in een ijzeren kist, waarin een houten privilegekist stond. Alleen met verschillende sleutels had men toegang tot de inhoud. In 1641 bestond de kist al; toen werd de inhoud door de magistraat nagezien. De kist en het overige archief werden in het stadhuis bewaard. Zolang dit in goede staat werd gehouden was ook de bewaring van de archieven in orde. In 1863 liep het gebouw evenwel brandschade op doordat een naburig huis in vlammen opging. Vermoedelijk is ook het archief daardoor gedeeltelijk beschadigd geraakt. Inderhaast werd het archief naar een andere opslagplaats vervoerd, hetgeen ook weer wat beschadigingen opleverde. De jaren na de brand was de archiefberging slecht. Hoewel het in gebruik nemen van het nieuwe gemeentehuis in 1865 een verbetering voor het gemeentebestuur betekende, bleef de situatie waarin het archief verkeerde slecht. In de tijd dat Kesteloo het archief raadpleegde waren veel stukken er slecht aan toe, met name de liassen.
In 1706 werd het stadsarchief geinventariseerd, nadat de vorige secretaris er een rommeltje van had gemaakt. Deze inventaris bleef bewaard (inv.nr 656). Naast deze inventaris hield men een afzonderlijke lijst bij van de inhoud van de privilegekist. In 1709 trachtte men de privileges te stelen, hetgeen mislukte. Waarschijnlijk hield iedere nieuwbenoemde secretaris zich eerst bezig met het ordenen van het archief dat aan hem werd overgedragen. In 1762/3 ontving Visser met enkele leden van het stadsbestuur een geldbedrag voor het "opruimen van de griffie". Ook kwam het voor dat een aftredende secretaris de stukken die hij overdroeg inventariseerde. In 1804 werd een commissie belast met het schonen van het archief. Hun opdracht was om alle nutteloze en onleesbare documenten voor vernietiging af te zonderen. Op grond van de oudere inventarissen blijkt er toen weinig of geen archiefmateriaal verloren te zijn gegaan. De meeste oude archiefinventarissen hadden een eenvoudige indeling:
1. de stukken in de privilegekist
2. registers, akteboeken, rekeningen, etc.
3. liassen
4. pakketten met losse stukken.
Kesteloo stelde in overleg met de burgemeester een geheel nieuwe indeling van het archief op bestaande uit de volgende hoofdgroepen:
a. archief
b. privileges
c. stadsbestuur
d. stedelijke eigendommen
e. fortificatiën
f. havenwerken
g. ondernemingen op het gebied van handel en nijverheid
h. gilden
i. kerkelijke zaken
k. gasthuis
1. Nieuwerkerke
m. processen en geschillen
n. landsbestuur
o. van verschillende aard.
Binnen elke rubriek werden de stukken steeds vanaf nummer 1 genummerd, er kon dus alleen met een combinatie van rubrieletter en nummer naar een bepaald stuk verwezen worden (bijvoorbeeld 'H 16').
C. de Waard zette zich begin jaren twintig aan het samenstellen van een nieuwe inventaris. De stukken van de gemeenten Arnemuiden en Kleverskerke tot 1857, het jaar waarin beide gemeenten als nieuwe gemeente Arnemuiden verder gingen, werden in 1922 tijdelijk ter inventarisatie naar het Rijksarchief in Zeeland overgebracht. Zijn werk werd in twee gedeelten in de Verslagen omtrent 's Rijks oude archieven (VROA), de gebundelde jaarverslagen van de Rijksarchieven in Nederland, gepubliceerd: eerst de inventaris (publicatie in 1925) en een jaar later nog een regestenlijst (publicatie 1926) met 637 regesten van teksten en charters uit het archief van de stad Arnemuiden die vóór 1600 dateren:
- C. de Waard, 'De archieven berustende onder het bestuur der Gemeente Arnemuiden', in: Verslagen omtrent 's Rijks oude archieven [VROA] 47 (1924), Tweede deel ('s-Gravenhage 1925) 232-444 [ook verschenen als overdruk, 216 p.];
- [C. de Waard], 'Arnemuiden. Regestenlijst', in: Verslagen omtrent 's Rijks oude archieven [VROA] 48 (1925), Tweede deel ('s-Gravenhage 1926) 292-492.
De stukken van rechterlijke aard die De Waard in de archieven van Arnemuiden en Kleverskerke aantrof werden naar het Rijksarchief in Zeeland overgebracht en ingevoegd in de inventaris van de 'Rechterlijke Archieven Zeeuwse Eilanden' (RAZE) door L.W.A.M. Lasonder. De Waard beschreef ze in een supplement op de inventaris-RAZE (Arnemuiden: inv.nrs 118a, 123a-d, 163a-c, 173a-c, 177a-e, 180a-i, 181a, 186a-p; Kleverskerke: inv.nrs 1157a, 1158a-b) en nam dit supplement tevens op als bijlage in zijn inventaris-Arnemuiden (Bijlage I, p. 273-277).
Het archief van de weeskamer van Arnemuiden werd door De Waard wel in zijn inventaris opgenomen (inv.nrs 114-139). In 1945 werd dit archief alsnog afgezonderd en toegevoegd aan RAZE (inv.nrs 187a-z). In de concordantie van oude naar nieuwe inventarisnummers die achteraan deze inventaris is opgenomen staan deze inventarisnummers als 'verwijderd' aangeduid.
De door De Waard bij de archieven aangetroffen Doop-, Trouw- en Begraafboeken werden in 1924 overgedragen aan het Rijksarchief in Zeeland. De Waard vervaardigde hiervan wel een lijst die hij eveneens als bijlage bij zijn inventaris opnam (Bijlage II, p. 278-280) en die vermoedelijk door A. Mulder voor de samenstelling van zijn Retroacta van den Burgerlijken Stand in Zeeland ('s-Gravenhage 1925) gebruikt zal zijn.
4.  Verantwoording van de inventarisatie
In deze inventaris is gebruik gemaakt van de rubrieken zoals die in de Basisarchiefcode (BAC) van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) zijn opgenomen. Er is geen verdeling gemaakt in de verschillende besturen uit de verschillende periodes. Met name in de periode 1795-1813 geeft dit een onoverzichtelijke beeld van notulenboeken die van de ene bestuursvorm (maire, schout, provisionele representanten etc.) gewoon doorlopen naar de volgende. Een veel gebruikte afbakening in tijd, de nieuwe gemeentewet van 1851, is evenmin in de inventaris terug te vinden. Het eindjaar van deze archiefinventaris is 1857. De keuze hiervoor ligt voor de hand: in dat jaar werden Arnemuiden en Kleverskerke tot één gemeente samengevoegd. Een afzonderlijke aanduiding van het archief van 1851-1857 kwam te gekunsteld over om gebruikt te worden.
In de rubriek 'Economische zaken' valt op dat hier en daar stukken zijn opgenomen die mogelijk afkomstig zijn van de ambachtsgilden. Door hun geringe aantal, en het feit dat er geen jaarrekeningen, ledenlijsten, resolutieboeken of registers van verordeningen voor de gilden in het archief aanwezig zijn, is afgezien van het opnemen van de archieven van de ambachtsgilden van Arnemuiden als gedeponeerd archieven. De gebruiker is met de toegepaste samenvoeging gediend. Een constructie zoals De Waard die had, stukken van een ambachtsgilde onder het stadsbestuur opnemen, en dan daaronder onder een afzonderlijke aanduiding ('stukken van het gilde zelf'), komt te gekunsteld en onduidelijk over. Onder de rubriek 'Militaire zaken' komen derhalve ook stukken over de schutterijen van Arnemuiden voor.
Aan de inventaris is een concordantie van de inventarisnummer uit de inventaris-De Waard naar de huidige inventarisnummers toegevoegd. Hiermee kunnen archiefstukken die in reeds verschenen publicaties zijn aangehaald moeiteloos in de huidige inventaris worden teruggevonden. Tevens biedt het een soort verantwoording voor de inventarisatie, immers elke verplaatsing, samenvoeging of splitsing van oude inventarisnummers blijkt hieruit.
De archieven van de voormalige gemeenten Arnemuiden en Kleverskerke beslaan circa 24 meter. Bij de inventarisatie is het opnieuw verpakt in zuurvrije materialen. De charters, circa 35 stuks, zullen in een later stadium op afdoende wijze opgeborgen dienen te worden.
Aan deze digitale uitgave werd de in 1926 gepubliceerde regestenlijst door C. de Waard toegevoegd. In de regesten wordt echter nog verwezen naar de oude inventarisnummers. Dit zal in een volgende versie worden hersteld.
5.  Aanwijzingen voor de gebruiker
Bij verwijzing naar dit archief zou bij voorkeur de volgende bronvermelding gebruikt moeten worden: Zeeuws Archief (ZA), archief Stad en Gemeente Arnemuiden 1431-1857 (Gem. Arn. 1431-1857), inv.nr(s) ..., daarna verkort als: ZA, Gem. Arn. 1431-1857, inv.nr(s) ...
6.  Literatuur
A.J. van der Aa, Aardrijkskundig Woordenboek der Nederlanden, delen 1, 6, 7, 8 (Gorinchem 1839-1846)
J. Adriaanse, De Kroniek van Arnemuiden, 4 delen (Goes 1992-1996)
J. Bruijns, F. Jilleba, Middelburg. Haar geschiedenis en mooiste monumenten (Goes 1988)
P.K. Dommisse, 'Onderzoek naar de eerste omwalling en omgeving der stad Middelburg', in: Archief. Vroegere en latere mededeelingen voornamelijk in betrekking tot Zeeland uitgegeven door het Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen 1904, 1-207
Encyclopedie van Zeeland (Middelburg 1982-1984)
R. Fruin, 'In memoriam. Cornelis de Waard, geboren te Amsterdam 24 december 1847, overleden te Middelburg 9 maart 1927', in: Nederlandsch Archievenblad 34 (1926/1927) 68-74
M. Gargon, Walcherse Arkadia ... (Leiden 1715-1717)
R.M. van Heeringen, P.A. Henderikx (red.), Vroeg-middeleeuwse ringwalburgen in Zeeland (Goes 1995)
B.M. de Jonge van Ellemeet, 'De verheffing van Arnemuiden tot stad', in: Verslagen en mededeelingen. Vereeniging tot uitgave der bronnen van het oude vaderlandsche recht deel 5 (1904-1909), 4e stuk [1907], p. 289-296 [mededeling XV]
H.M. Kesteloo, Geschiedenis en plaatsbeschrijving van Arnemuiden (Middelburg 1875)
H.M. Kesteloo, 'Inventaris van het oud-archief der gemeente Arnemuiden', in: Geschiedenis en plaatsbeschrijving van Arnemuiden (Middelburg 1875) 149-256 [Bijlage C]
R.E. Künzel, D.P. Blok en J.M. Verhoeff, Lexicon van Nederlandse toponiemen tot 1200 (Amsterdam 1988)
P.J. Meertens, Arnemuiden vier eeuwen stad. Rede, uitgesproken op 24 mei 1974 in de Nederlands hervormde kerk ter gelegenheid van het vierhonderdjarig bestaan van Arnemuiden als stad, stencil (z.p. 1974)
D. Roos, Zeeuwen en de VOC (Middelburg 1987)
P.W. Sijnke, W. Riemens, Middelburg 3 delen (Middelburg 1988)
W.S. Unger, J.J. Westendorp Boerma, 'De steden van Zeeland. Eerste stuk: De steden van Walcheren (I). Middelburg', in: Archief. Vroegere en latere mededeelingen voornamelijk in betrekking tot Zeeland uitgegeven door het Zeeuwsch Genootschap der Wetenschappen 1954, 9-87
W.S. Unger, Geschiedenis van Middelburg in omtrek, 2e druk (Middelburg 1966)
C. de Waard, 'De archieven berustende onder het bestuur der Gemeente Arnemuiden', in: Verslagen omtrent 's Rijks oude archieven [VROA] 47 (1924), Tweede deel ('s-Gravenhage 1925) 232-444
[C. de Waard], 'Arnemuiden. Regestenlijst', in: Verslagen omtrent 's Rijks oude archieven [VROA] 48 (1925), Tweede deel ('s-Gravenhage 1926) 292-492
M.H. Wilderom, Tussen Afsluitdammen en Deltadijken. III: Midden-Zeeland (Walcheren en Zuid-Beveland) (Vlissingen 1968)
7.  Bijlage: Transcriptie van het privilege waarbij aan Arnemuiden het stadsrecht werd verleend, 9 maart 1574
Transcriptie van het privilege en het request (met apostille), voorafgegaan door een korte toelichting, zoals gepubliceerd in: B.M. de Jonge van Ellemeet, 'De verheffing van Arnemuiden tot stad', in: Verslagen en mededeelingen. Vereeniging tot uitgave der bronnen van het oude vaderlandsche recht deel 5 (1904-1909), 4e stuk [1907], p. 289-296 [mededeling XV]:
De verheffing van Arnemuiden tot stad
Een opname in de Rechtsbronnen van het privilege, waarbij Arnemuiden de waardigheid van stad erlangt, mag m.i. gerechtvaardigd heeten, daar er allicht sommigen aan gelegen ligt te kunnen constateeren, waarin het essentieele van een dergelijke verheffing bestaat, terwijl noch bij Boxhorn noch bij Smallegange het privilege in extenso is opgenomen. Het request, dat de inwoners van Arnemuiden indienden om het privilege te verkrijgen, meende ik ter nadere illustratie te moeten laten voorafgaan. Daaruit blijkt duidelijk, dat het Arnemuiden boven alles te doen was om aan den druk, dien het sinds lang van Middelburg ondervond, te ontkomen. Voor nadere bijzonderheden omtrent dit punt zij verwezen naar de Geschiedenis en Plaatsbeschrijving van Arnemuiden door H. M. Kesteloo, bl. 4-10; die overmacht van Middelburg vond volgens hem voornamelijk daarin haar oorsprong, dat Middelburg in 1494 van den Heer van Veere, diens ambacht in Nieuwerkerke, en in 1501 dat van den Heer van Zoutelande, waarop Arnemuiden zelf gebouwd was, kocht. Zoowel het privilege als het request zijn ontleend aan de origineelen, aanwezig in het archief van Arnemuiden.
B.M. de Jonge van Ellemeet
Originelen:
- request: inv.nr 1118 (reg.nrs 48-49)
- privilege: inv.nr 1 (reg.nr 50)
7.1.  Request
Aen Zijnder Excellentie.
Verthoonen in alder oitmoet ende reverentie die schamele, veriaechde ende gedestrueerde persoonen ende ingeseetene van Armuyden, ende met hen het ambacht van Nyeuwerkercken ende Mortier, hoe dat zij supplianten, als weesende die overgeblevene persoonen, Zijnder Excellentie ende der religien toegedaen zijnde, alles hebben moeten verlaten der oirsaken voirschreven, hebbende voer 't geluck moeten kiesen gedult ende patientie in heur vervolghinghe, van derwelcker zij opten 8 Mey 1572 nauwelijcx ende ter grooter noot haer leeven en hebben connen salveren, insonderheyt der oirsaken ommedat zij supplianten - sueckende heure oprechte gouverneur ende heurders vaderlants welvaren voer te staen - die wapene in de handt genomen hadden ende hen Zijnder Excellentie onderworpen omme den bloetdorstige ende tyrannisschen vijandt den Albaen te wederstaen ende uuyten lande te helpen weeren.
Daerentegen dat die vijandt met die van Middelborch hen zoe geweldich opgeworpen hebben, dat zij supplianten nyet alleene en hebben moeten vluchte, maer dat daerover mordadelijck ombracht ende gedoot zijn gewordden ettelijck haren supplianten medebroederen, veel vrouwen ende kindere, beroovende ende spolierende daerenbovens die supplianten van alle heure guederen, soe zij oyck hen met het voirschreven bloet ende goet der vermoorde ende der supplianten nyet versaet vindende, dagelijcx te wercke gegaen zijnde, affgebrooken ende verwuest hebben alle die wooningen der supplianten, oyck heure soutketelen, meer als 60000 gulden weerdich geweest hebbende, beneffens noch 4 lijnbanen, wel 12000 gulden weerdich, ende der kercken tjaerstove, weerdich ontrent 4000 guldenen, nyet gespaert oyck hebbende het gasthuys ende den godthuyse met dry schoone schuttershove, oyck heerlijck gebouwt ende heerlijck gestoffeert.
Ende dit al, zoe goet te tasten is, opdat die van Middelburch den burcht van Armuyden tenyete zouden moegen brengen ende ruyneren, zoe zij van Middelborch daeromme over veel jaeren gearbeyt hebben, zoe genoech notoir is, ommedat Armuyden bequamer havenen heeft en den coopman gerieffelicker ter zeevaart liggende is dan Middelburch, hen nyet bevredigende metten rijckelijcken gaven ende neringhe, daerinne zij in alder weelde floreerden, meynden na de voirschreven destructie alle neeringhe ende proffijten alleen zonder bermhertticheyt te incorporeren, sonder te bedencken, dat der Coninclijcke Maiesteyt daeraene veel te cort geschiede, als gheen bequamer havene in alle Zijne landen hebbende als Armuyden voorschreven, zonder oyck te overleggen, dat zij supplianten metten anderen ingesetenen des voorschreven borchs van Armuyden der Conincklijcke Maiesteyt van alle sacken zoe sware lasten ende ongelt van chijsen ende ander incommen waren betalende als d'ingesetenen van Middelborch, die in beslootene [mue]ren bevrijt saten ende boven maten zeer domineerden ende ...rden, dagelijcx inslickende meest alle die amba[chtshee]rlicheden metten eylants gronden van erffven, daerinne geleegen.
Ende diewijle dan, Genadighe Heer, die van Middelborch die grontlijcke ende die eenighe oirsake zijn, nyet alleene van der ruyne des voirschreven burchs Armuyden, maer oyck van de voorschreven moorden ende van der ganssche verderffenisse der supplianten, dewelcken alsoe de supplianten het middel van heure geruyneerde huysen te herbauwen benomen hebben, ende dat jammer, jae een groote schade ware, dat alsulcke borcht ende schoone havene nyet herbauwt ende bewoont en zoude wordden, soe keeren die supplianten hen in alder oitmoet tot Zijnder Excellentie, oitmoedelick biddende, dat den goeden wille van Zijnder Excellentie zoude moeghen weesen tgene voirschreven is te behertsighen ende tot opbauwinghe des voirschreven burchs ende ten onderstande der supplianten de supplianten te ontslaen, te quitere ende te bevrijen van allen renten, chijsen ende schulden, die de rebellen van Middelborch - emmers die omme der religien daeruuyte nyet geweecken en zijn - zouden bynnen Ermuyden ofte opt ambachte van Nyeuwerkercken ende Mortier moeghen heffen, blijvende daer uuytgesondert alle die eyghen huysen ende erffgronden der voorschreven rebellen.
Latende daerenboven hen supplianten peyselijck ende vredelijck volghen die guederen, die zij in Middelborch zijn hebbende, consenterende ende octroyerende hen daeromme voirdane zonder verbitteringhe oirdentlijck te leeven, dat men van nu voirdane bynnen Armuyden alle coopmanschappen ende neeringhen zal moeghen gebruycken, alsoe men in andere omliggende plaetssen is vermoegende ende doende, stellende aldaer eene behoirlijcke wet met allerley persoonen, daertoe noodich ende bequaem, omme aldaer kennisse te nemen van allen questien, die aldaer ende in de voirschreven ambachten van Nyeuwerkercken ende Mortier zouden moeghen rijsen ofte geproponeert worden, die te hooffde beroepen zelen moegen wordden aen den Raet des Conincx in Hollandt ende den Hooghen Rade tot Mechelen, ende totten dyen hen supplianten ofte der wet - in der maniere voorschreven te stellen - te octroyeren ende te aucthoriseren, dat zij van nu voirdaen totten ontfanck van alle incommen, als chijnsen ende anderssins, selen moegen stellen ontfangers, die dezelve selen ontfanghen tot behoeve des voorschreven borchs, midts doende der Conincklijcke Maiesteyt reeckeninghe ende bewijs ende van't seste part het reliqua.
Daerinne mede begrijpende ende besluytende die soutmate, diewijle dezelve bynnen Ermuyden bequamer sal vallen te verpachten ende uuyt te gheven als tot Middelburch, midts daervan tot proffijte des Conincx mede betalende het seste deel ende oyck midts contribuerende in alle ordinarisse beden ende lasten des gemeynen lants gelijck h[eur]e naebueren.
Dwelck doende, zelen die supplianten nyet alleene alle devoir doen omme die opbauwinghe van Ermuyden voirschreven, maer sullen den almechtighen Godt bidden voer den gelucksalighen voerspoet ende het langduerich leeven van Zijnder Excellentie.
Apostille i.m.:
Den supplianten wert gegunt quijtscheldinge van allen renten ende grontsisen, staende op huysen ende erven binnen 't bevanck van't dorp oft borcht, genaempt Armuyden, gevallen ende verschenen zedert dat tselve dorp deur den viant ingenomen werdt ende die noch vallen ende verschijnen sullen onthier ende Sinte Migeli dach vierentseventich eerstcomende met 't verloop van dien pro rata, ende bij den supplianten overleggende spesificatye van den goeden, die se mainteneren binnen Middelburch te hebben. Sine Excellentie werdt op de restetucie van dien disponeren ofte duer Governuers ende Raden doen desponeren, zoo deselve in de redelickheyt bevinden zullen te behoren.
Denselven supplianten werdt mede gegunt de faculteyt omme eenige bequame persoonen bij geschriefte te muegen overleveren, uuyt dewelcke deselve, oft Governuers ende Raden, een wettelijcke magistraet zal constitueren om binnen de jurisdictie des vorschreven borchs, Nieuerkercke ende Mortier recht ende justicie te administreren, zoo in krumenele als in ceville zaeken, op den voet ende instrucsie, als men procedeert ende doet binnen de stadt Middelburch, behalven dat se daervan sullen staen ten resoorte aen den Raet van Hollant in cas d'appèl.
Ende omme de goede borgers van't vorschreven borcht te bate te comen in't herbouwen van hueren huysen, Sijne Excellencie acordeert henlieden de gerechte helft van alle alsulcke demeynen ende incomen, als de Coninclijcke Maiesteyt ende de stadt Middelburch aldaer plach te heffen, vor den tijt van eenen geheelen jare, alleenlijken uuytgesceyden de coren- ende soutmate, die blijven sal, daer se plach te wesen, welcke helft verdeelijcken zal zijn onder den borgeren, die voor Sinte Migiels daege meest al opgebouwet zullen hebben, ten advenant van elckers kosten, naer descretie van alsulken persoonen, als bij Governuers ende Raden te dien gedeputeert zullen worden, behoudens dat die van Armuyden in alles anders hen sullen draegen ende contribueren als ende na advenant dat andere steden doen, Zijne Excellencie toegedaen wesende.
Eyntelijcken zoe sullen de borgers van Armuyden vrijlijck moegen coopen ende vercoopen alle waeren ende coopmanschippen, comende van Oosten over zee, tzij dan in't grosse ofte te pennewarden, uuytgesondert de wolle lakennen, van dewelcke zijlieden egeen en sullen moegen vercoopen excederende den prijs van sessendertich stuyvers d'elle. Ende aengaende de westerse goeden ende waren, van dezelve en zullen se egeen voirder macht ende recht hebben om te verhandelen, dan zij voir date van de jegenwoirdige trubbels gehadt hebben. Alles bij provisie. Gedaen te Middelburch IXen Martii 1574 a nativitate Domini.
Guillaume de Nassau
Bij bevele van Sinder Excelentye
Bruyninck
7.2.  Privilege
Wilhem, bij der gracien Goids, Prinche van Orangnen, Grave van Nassouwen , van Catzenellenboghe, van Vianden, van Dietz, van Bueren, van Leerdam etc., Heere ende Baron van Breda, van Diest, van Grimbergen, van Arlay, van Nozeroy etc., Borchgrave van Antwerpen ende Besançon, Stadthoudere ende Capiteyn-Generael over Hollant, Zeelandt, West-Vrieslant ende Utrecht. Allen dengenen, die dese tegenwordighe zullen zien saluyt!
Doen te wetene, dat ter ootmoediger bede ende supplicatie, aen Ons gedaen bij de schamele, verjaechde ende gedestrueerde persoonen ende ingesetenen van Arnemuyden in Walcheren, tenderende om gevoordert te worden tot goeder policie, welvaert ende prosperiteyt, ende te badt te mogen becomen van den grooten ende zwaren, onverdraghelijcke schaden, costen ende lasten, daer zij uuyt saecken van der tegenwordiger orloghe, aengevangen tegens den algemeynen vijant Zijnder Maiesteyts erf nederlanden, den Hertoge van Alba, zijnen aenhangeren ende naervolgers, in gevallen sijn. Ende ten opsiene van't goet dëbuoir ende getrouwen dienst, Zijne Maiesteyt bij henluyden in deselve orloghe gedaen, dat Ons van weghen ende in den name derselver Maiesteyt ende uuyt cracht van d'aucthoriteyt, bij den tractate van reductie der stadt Middelburch onder Onsen gouvernemente aen Ons gereserveert, zoude believen te gunnen, accorderen ende octroyeren in crachte van previlegie zekere poincten ende articulen , Ons bij henluyden overgegeven. Wij deselve articulen overgesien hebbende ende daerop gehadt 't advijs van de Gouverneurs van Vlissingen, Vere ende Sierixzee ende andere Raden, neffens Ons wesende, hebben den voergenoemde van Arnemuyden voer henluyden ende huere naercomers, ingesetenen aldaer, zoowel beneden als boven den dijck, gegonnen, geaccordeert ende geoctroyeert, gonnen, accorderen ende octroyeren mits desen tgene des hiernaer volgt.
In den eersten soo vergunnen Wij den supplianten quijtscheldinge van allen renten ende grontchijnsen, staende op huysen ende erven binnen't bevanck van't dorp ende borcht, genaempt Arnemuden, gevallen ende verschenen tsedert dat hetselve dorp deur den vijant ingenomen wert, ende die noch vallen ende verschijnen sullen onthier ende Sinte Michiels dach vierentseventich eerstcomende met het verloop van dien pro rata.
Item Wij vergunnen ende ordonneren, dat den burch oft plaetsse van Arnemuden, soo boven als beneden dijcx, gelijck dat tegenwordelijck bewalt ende overgraven is, ofte noch bewalt ende overgraven zal worden, van nu voortaen sal wesen een stadt, ende daervoer genomineert ende gereputeert zal worden, geheel ende al geexempteert van de oude voergaende keuren, ordonnantien ende jurisdictie van der stadt Middelburch ende regeerders derselver, diewelcke daertoe ofte gevolge ende appendentien van dien geen seggen oft dispositie meer hebben en zullen.
Item Wij accorderen ende vergunnen den supplianten de faculteyt om eenige bequame persoonen bij gescrifte te mogen overleveren, uuyt dewelcke Wij oft Gouverneurs ende Raden een wettelijcke magistraet zullen constitueren om binnen de jurisdictie des voerschreven burchs Armuyden, Nyeuwerkercken ende Mortier recht ende justicie te administreren, zoo in criminele als civile saecken, op den voet ende instructie als men procedeert ende doet binnen der stadt Middelborch, behalven dat se daervan sullen staen ten resorte aen den Raedt van Hollant in cas van appèl.
Item dat die voergenoemde magistraet zal vermogen te verkiesen uuyt de notabelste poorters zekere persoonen tot vroedschap ende raedt, om met dieselve die voergenoemde stadt te regeren, soo ten respecte van goede policie, incomen ende employeren van exchijsen ende domeynen, mitsgaders van de noodelijcke wercken ende reparatien, als oyck het nomineren ende creëren van allen anderen officieren, tot dienste ende oorbaer der stadt ende onderhoudinge der policie van noode wesende, in alder formen ende manieren, als die van Middelborch al tselve gedaen hebben. Mits dat zij lieden insgelijcx oyck uuytreycken ende jaerlijcx betalen zullen tot prouffijte van de Conincklijcke Maiesteyt zulcke quote ende penninck uuyt den accijsen, als die van Middelburch betaelt hebben.
Item dat, zoo wanneer een van den magistraet deser werelt compt t'overlijden binnen den tijt zijns officie, zullen alsdan die andere mogen nomineren twee andere persoonen, daervan den eenen in plaetse van den overleden gesurrogeert sal worden.
Item dat die verkiesinge van de magistraet jaerlijcx geschieden zal bynnen der maent Martius tot sulcken dage als de Baillieu, vanwegen de Coninclijcke Maiesteyt aldaer gestelt oft noch te stellen, mitsgaders den Burchmeesters bequamelijcxt wesen zal, ende dat bij den ouden magistraet ende gecoren raden, mitsgaders andere notabele burgeren, die hemluden believen sal daertoe te roepene, diewelcke al tsamen in handen van den Baillieu den eedt doen zullen om naer huere beste wetentschap ende kennisse te kiesen ende nomineren die alder bequaemste van de burgers, tamelijck binnen der stadt ofte ten minsten binnen den eylande van Walcheren gegoedt ende geerft, ende drye jaeren continuelijck aldaer gewoont hebbende.
Item dat die voergemelde magistraet ende raden sullen hebben d'aucthoritheyt van te maken, ordonneren ende statueren alsulcke ordonnantien, statuyten ende verboden concernerende de justicie ende policie, ende voorts mogen handelen, tracteren ende disponeren van allen anderen saecken ende affairen der stadt aengaende, gelijck zijluden bevinden zullen tot den meesten oorbor van der stadt ende inwoonderen te behooren ende van noode te wesen.
Item hebben oyck den supplianten geaccordeert ende gegunt, gunnen ende accorderen bij desen, dat geene poorters oft poorterssen van Armuyden oft huerlieden huysgenoten in eenige andere steden ofte plaetsen van Walcheren criminelijck beticht ofte aengesproken sullen worden, nemaer in eenige derselver steden oft plaetsen, van of onder 't dexel van criminele saecken gevangen wesende, thuerlieder oft Burchmeesters ende Schepenen ofte oyck des Baillieus van Armuden verzoucke gerenvoyeert ende gesonden worden, tot coste van den versoucker, binnen derselver stadt van Arnemuden ende gelevert in handen van den Baillieu, mette informatie thuerlieder laste zijnde, om bij denselven Baillieu daertegens geprocedeert te worden naer behooren.
Item hebben geaccordeert, dat gheen poorters oft poorterssen der voornoemde stadt en zullen vallen in confiscatie van goeden boven dertich Ponden Parisisen, dan wel van den lijve oft lit, naer gelegentheyt van der misdaet. Ende zullen huere resterende goeden boven die voergenoemde dertich Ponden Parisisen succederen op heure kinderen ofte gerechte erfgenamen, oyck bij testamente, uuytgesondert van verraderije tegens de stadt ofte gemeyn vaderlant [men vergelijke met deze bepaling art. 6 cap. III der Keure van Zeeland van 1495].
Ten laetsten hebben Wij den voergenoemde supplianten ende die stadt Armuyden genomen ende nemen mits desen in des Conincklijcke Maiesteyts ende Onse protectie ende sauveguarde.
Ghebiedende ende bevelende daeromme alle officieren, justicieren ende andere, denselven voer henluyden ende heure nacomers, poorteren ende ingesetenen der voergenoemde stadt zoo in't general als in't particulier van al het ghuendt hemluden boven gegunt en geoctroyeert is, ofte noch gegunt ende geoctroyeert zal mogen worden, te laten rustelijck ende vredelijck gebruycken, ophoudende ende doende ophouden alle empeschementen ende wederseggen ter contrarien. Want Ons alsoo belieft.
Des torconden hebben Wij desen met Onsen name geteeckent ende Ons secreet segele hieraen doen hangen in rooden wasse.
Gegeven tot Middelborch op den negenden dach der maent van Martio in't jaer Ons Heeren duysent vijfhondert tseventich ende viere.
Guillaume de Nassau
 
 
 
 
 
1200   Stad en Gemeente Arnemuiden 1431-1857
1.  Archieven van Stad en Gemeente Arnemuiden, 1431-1857 (1892)
2.  Gedeponeerde archieven
 
 
 
 
 
1200   Stad en Gemeente Arnemuiden 1431-1857
Deze regestenlijst door C. de Waard werd in 1926 gepubliceerd ([C. de Waard], 'Arnemuiden. Regestenlijst', in: Verslagen omtrent 's Rijks oude archieven [VROA] 48 (1925), Tweede deel ('s-Gravenhage 1926) 292-492). In de regesten wordt nog verwezen naar de oude inventarisnummers uit de in 1925 gepubliceerde inventaris door C. de Waard, die door de inventarisatie van 1996 kwam te vervallen. Deze verwijzingen kunnen via de concordantie worden herleid naar het huidige inventarisnummer.
1  1217
Johanna, gravin van Flandria, en Wilhelmus, graaf van Hollandia, en hunne burggraven in Selandia hebben bezworen de wet (van 1217), dat niemand die van Middelburch in Flandria en Hollandia zal arresteeren dan om eigen misdaden.
a. Uittreksel uit het register van privilegiën der stad Middelburg van Jacob Zagarus (pensionaris dier stad) van (c. 1570) (Inv. nr. 1).
b. Afschrift van het sub a vermelde uittreksel in Inv. nr. 79, onder nr. 21.
c. Afschrift van Frederik van Swieten (secretaris der stad Arnemuiden) van (c. 1650) van een afschrift van Bartholomeus Cannoye (secretaris dier stad) van (c. 1590) (Inv. nr. 48).
2  1431 Januari 14
Jacob, hertogin in Beyeren, (en de hertog van Bourgongnen) verkoopen aan Jan van Schengen 65 gemeten ambachts in den Oisthoeck van Walcheren, aan de grafelijkheid vervallen bij doode van Willem Wolfairts zoon van Bairsdorp.
Oorspr. (Inv. nr. 1082). Met het zeer geschonden zegel (van de hertogin?) in roode was.
3  1433 April 26
Philips, bij de gratie Gods hertog van Bourgondië, staat aan de ingezeten poorters van Middelburch toe, dat zij degenen, die buiten de poorten van Middelburch (wonen) en hare poorters niet zijn, wegens schuld mogen dagen voor provisor of deken van Walcheren.
Afschriftvan een uittreksel uit het register van privilegiën der stad Middelburg, dat geteekend was door Ferdinand Aleman (secretaris dier stad) van (c. 1578) (Inv. nr. 82).-Aan dit stuk zijn twee andere, d.d. 1530 Maart 26 (zie nrs. 13, 14) gehecht.
4  1462 September 4
Charles de Bourgoingne, graaf van Charrolois, belooft namens zijn vader aan de edelen en goede steden van Zelande, dat op het stuk van het recht de non evocando, op dat van informatie precedent, en op dat van arrest de keuren en privilegiën zullen worden opgevolgd.
Opgenomen in een vidimus van Pierre du Dam, abt van het klooster te Middelburg, d.d. 1463 Februari 14 (zie nr. 5).
5  1463 Februari 14
Pierre du Dam, abt van het klooster te Middelbourg, geeft vidimus van een brief, d.d. 1462 September 4 (zie nr. 4).
Afschriftvan Pieter van den Baerae (secretaris van de stad Middelburg) van (c. 1580) (Inv. nr. 43).
6  1466 Maart 4
Philippe, bij de gratie Gods hertog van Bourgoigne, verklaart, dat voortaan alle door burgemeesters en schepenen van Middelbourgh gewezen vonnissen, niettegenstaande appèl of reformatie, tegen borgtocht mogen worden ten uitvoer gelegd.
a. Opgenomen in een vidimus van burgemeesters, schepenen en raden der stad Vere, 1466 Augustus 6 (zie nr. 7), in de Fransche taal.
b. Afschrift van (c. 1670) in Inv. nr. 79, onder nr. 20.
c. Overgezet in de Nederlandsche taal in Inv. nr. 79, fol. 35 vlg.
7  1466 Augustus 6
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Vere geven vidimus van een brief, d.d. 1466 Maart 4 (zie nr. 6).
Afschriftvan (c. 1670) in Inv. nr. 79, onder nr. 20, in de Fransche taal.
8  1499 Juni 26
Stheven van Zulen van Nyevelt, landcommandeur van de Balye van Utrecht en commandeur te Middelborch der Duitsche orde, doet kond, dat hij met goeddunken van de gemeene commandeuren dier Balye aan de stad Middelborch voor altijd vrij geeft alle heergewaden van de ambachten, die de voorschreven stad van wijlen Philips van Borgonniën, heer van Beveren, gekocht heeft, gelegen zijn in Armuden, Nijwerkercken, in den Oosthouck, en van den hertog van Oostenrijk in leen houdt.
Afschriftvan mr. Daniël Radermacher (Inv. nr. 1086).
9  1516 Mei 28
Schepenen in Middelburch oorkonden, dat Symon Taelbot, deken, en meester Dierick Maertssen, Clais Jacopssen en Dierick Janssen, beleders van het voetboogschuttersgilde op Arnemuiden, eener- en Symon Janssen Cost, wonende aldaar, anderzijds met elkander zijn overeengekomen omtrent de altijd voortdurende huur van 7 kwartier leenland, liggende aldaar beneden den dijk, achter het huis, genaamd de Leewe, van voornoemden Sijmon Janssen ,,omme te zijne hoirlieder scuttershof", voor 20 schellingen gr. Vls. 's jaars.
Oorspr. (Inv. nr. 11).-Met 2 zeer geschonden schepenzegels in groene was; l verloren.
10  1521 Januari 8. (Kerststijl.)
Zuster Johanne van Schoonvorst, vrouwe van de godshuize van de bank bij Lueven, bezegelt met haar zegel, het gemeen-conventszegel en het zegel van de vier dekens, de door haar met een verzoekschrift van de vermeerderde en verbeterde broeder- en zusterschap van Onze Lieve Vrouwe, Sint Barbara en Sint Lazarus der leprozen in de kapel te Rumpst bij Waelhem bij de heerstraat, ontvangen ordonnantie, hierbij afgeschreven.
Afschriftvan (c. 1590) (Inv. nr. 1047). Ongeteekend.
11  1523 September 29
Kaerle, bij de gratie Gods Roomsch keizer, bevestigt ten verzoeke van de drie Staten van Zeelant de privilegiën, dat de ingezetenen dier provincie in eerste instantie niet buiten het voorschreven land in rechten betrokken mogen worden, en dat zij vrijdom van tol hebben bij het vervoeren hunner goederen van het eene eiland naar het andere.
a. Uittreksel uit het register van privilegiën der stad Middelburg van Laurens Mock (secretaris dier stad) van (c. 1570) (Inv. nr. 2).
b. Afschriften in Inv. nr. 79, onder nrs. 22, 25.
12  1525. Januari 2
Ferdinand Aleman (secretaris der stad Middelburg) geeft een extract uit het register van ordonnantiën der stad Middelburch, behelzende het tweede artikel der ordonnantie, d.d. als boven, aangaande de lading van schippers, zoo binnen Middleburch als op Arnemuyden.
Afschriftvan 'Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad Arnemuiden) (Inv. nr. 274).
13  1530 Maart 26
Kaerle, bij de gratie Gods Roomsch keizer, het proces tusschen partijen in den Grooten Raad gevisiteerd, stelt de appellanten van der Vere zonder boete, en recht doende op de principale materie, verklaart, dat door Middelburch wel geïmpetreerd is geweest en ongegrond geopposeerd door de voorschreven van der Vere en veroordeelt de laatste om Middelburch haar privilege te laten gebruiken en hare schuldenaars, geen poorters van Middelburch zijnde en te Vere wonende, voor provisor en deken van Walcheren te mogen citeeren.
Afschriftvan een uittreksel uit het register van privilegiën der stad Middelburg, dat geteekend was door Ferdinand Aleman (secretaris dier stad) van (c. 1578) (Inv. nr. 82).-Aan dit stuk zijn twee andere, d.d. 1439 April 26 (zie nr. 3) en d.d. 1530 Maart 26 (zie nr. 14), gehecht.
14  1530 Maart 26
Kaerle, bij de gratie Gods Roomsch keizer, het proces tusschen partijen in den Grooten Raad gevisiteerd en recht doende, verklaart, dat door den impetrant ongegrond is geïmpetreerd en wel geopposeerd door Jan Hendricx de cuypere, en staat dezen toe overeenkomstig het privilege der stad Middelburch de procedure tegen Cornelis van Domburch, poorter van Vlissinghen, voor provisor en deken van Walcheren te vervolgen.
Afschriftvan een uittreksel uit het register van privilegiën der stad Middelburg, dat geteekend was door Ferdinand Aleman (secretaris dier stad) van (c. 1578) (Inv. nr. 82).-Aan dit stuk zijn twee andere, d.d. 1433 April 26 (zie nr. 3) en d.d. 1530 Maart 26 (zie nr. 13), gehecht.
15  1531 Augustus 22
(Karel, Roomsch) keizer, doet uitspraak in de geschillen tusschen de inwoners van Arnemuyden, appellanten, eischers in materie van provisie, eener- en burgemeesters, schepenen en raden van de stad Middelburch, geappelleerden en ook eischers in materie van provisie, andererzijds, waarbij eerstgenoemden niet ontvankelijk worden verklaard in hun eisch aangaande de door de laatstgenoemden te Arnemuyden geheven wordende accijnzen, doch aan die van Arnemuyden de vrijheden worden vergund, die hierbij nader beschreven zijn.
Afschriftvan den notaris Willem van Domburch van een extract uit eene sententie uit de Fransche in de Nederlandsche taal over gezet (Inv. nr. 3).
16  1531 Augustus 25
De keizer, beschikkende met advies van den Secreten Raad en commissarissen op het eerste rekest van die van Arnemuyden "naer de voorschreven sententie" betreffenfende het maken eener stoof en brouwerij, staat aan de voornoemden van Arnemuyden toe ter plaatse te mogen oprichten en onderhouden een stoof om kabels en touwen te drogen en het profijt daarvan te gebruiken tot reparatie hunner kerk, en in de brouwerij kleine bieren te mogen brouwen ter waarde van 4 penningen Artois van eiken pot, mits dezelfde rechten en accijnzen betalende als binnen de stad Middelburch.
a. Oorspr. (Inv. nr. 3). Geteekend door den Raad des Keizers A. Perzenne.
b. Afschrift van den notaris Willem van Domburch van (c. 1562) van een extract uit het register van privilegiën der stad Middelburg van Jacob Zagarus (secretaris dier stad) van (c. 1562) (Inv. nr. 3).
c. Afschrift van Adriaan Proost (secretaris der stad Middelburg) van (c. 1562) van een extract uit het register van privilegiën en andere munimenten van die stad (Inv. nr. 3).
17  1533 Januari 27
Karel, bij de gratie Gods Roomsen keizer, bepaalt ten verzoeke van de drie Staten van Zeellant, dat bij de eerstvolgende vacaturen in het Hof van Hollant twee ordinaris raden en een extraordinaris raad, in Zeelant geboren, zullen worden aangesteld, overeenkomstig art. 9 van kap. V der keur van Zeellant, en geeft tevens voorschriften, waardoor het appèl van vonnissen van besloten steden van Zeellant, behalve Middelburg, wordt beperkt. Afschrift van (c. 1670) in Inv. nr. 79, onder nr. 24.
18  1541 Juli 4
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Middelburgh en burgemeesters, schepenen en raden der stad Ziricxee oorkonden, dat er ten vorigen jare tusschen dekens, beleders en suppoosten van het schippersgilde binnen Middelburgh en Arnemuyde met burgemeesters, schepenen en raden van Middelburgh eener- en dekens, beleders en schippers met burgemeesters, schepenen en raden van Ziricxee andererzijds geschillen zijn gerezen over de lading van alle koopmanschappen voor Arnemuyde, binnen Middelburgh en jurisdictie van dien, en dat beide partijen ter wille van den vrede, de vriendschap en goede buurschap overeen zijn gekomen, zooals hierbij geschreven staat.
a. Uittreksel uit het privilegeboek der stad Zieriksee van (c. 1582) van A. Cooper (secretaris dier stad) (Inv. nr. 266).
19  1543 April 21
Kaerle, bij de gratie Gods Roomsch keizer, en de Secrete Raad te Mechelen doen uitspraak in een geschil tusschen kerk- en fabriekmeesters van Armuyden, impetranten, en Gheryt Claes'zoon van Amsterledamme, gedaagde, betreffende het gebruik van de teerstoof te Armuyden, en veroordeelen den gedaagde tot betaling aan de impetranten van de som van 30 pond van 40 gr. Vls. voor elk jaar, dat hij de teerstoof gebruikt en geprofiteerd heeft, en de helft van de kosten, compenseerende de andere helft.
Oorspr. (Inv. nr. 5). Met het zegel van den Keizer in roode was.
20  1543 Mei 26
Jan d'Anvers, deurwaarder van den keizer, verklaart, dat hij de sententie d.d. 1543 April 21, (zie nr. 19) ten huize van mr. Aelbrecht Bouwens, procureur van Gheeryt Claes'zoon van Amstelredam, beteekend heeft, en den veroordeelde gesommeerd den kerkmeesters van Armuden binnen 14 dagen te betalen.
Oorspr. (Inv. nr. 5). Geteekend door den deurwaarder.
21  1547 September 3
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raad der stad Middelburch geven aan hunne medepoorters, deken en beleders, benevens het gemeene gilde van de pan- en keetnering van Middelburch en Arnemuyden, op hun verzoek eene ordonnantie voor hunne nering.
Oorspr. (Inv. nr. 13).-Het zegel ten zaken der stad is niet meer aanwezig.
22  1549. September 20
Philips, prins van Spaignen, legt aan de Staten van Zeelandt den eed af en de Staten doen desgelijks aan den prins van Spaignen.
Afschriftvan een afschrift, dat geteekend was door Pieter van den Baerse (secretaris der stad Middelburg) (Inv. nr. 82).
23  1551 November 13
Het schippersgilde te Brouwershaven met burgemeesters, schepenen en raden van die plaats en de vrijheid van Brouwershaven eener- en deken en beleders van het Sint-Jacobsgilde binnen Middelburch en Armude met burgemeesters, schepenen en raad der stad Middelburch andererzijds, hebben hunne proceduren over gerezen geschillen door tusschenspreken van heer Maximiliaan van Bourgoingne, heer van Bevere, Brouwershaven, enz., nedergelegd en zijn betreffende de voorlading en lading op de stroomen en jurisdictie van de voorschreven plaatsen der voornoemde partijen overeengekomen, zooals hierbij geschreven staat.
Afschriftvan den notaris P. Fannius, d.d. 1589 Maart 3, van een afschrift van (c. 1560) van Adriaan Proost (Inv. nr. 275).-Achter deze akte is eene andere, d.d. 1559 Juni 15 (zie nr. 31), afgeschreven.
24  1553 Juni 28
Schepenen in Middelburch oorkonden, dat Jacob Jans zoon van Cauwenhove en zijne borgen erkennen aan Jvr. Margriete Cornelis' dochter van Poppendamme eene erfelijke rente van 2 pond 2 schellingen 6 grooten Vis. 's jaars, losbaar met 7 schellingen 6 grooten Vls. 's jaars den penning 16, schuldig te zijn, spruitende uit den koop van een huis met toebehooren te Armuyden beneden de kerk, dat daarvoor in handen van de voornoemde jvr. Margriete verbonden zal blijven.
Oorspr. (Inv. nr. 567). Met drie schepenzegels (van Adriaen Pieter Claes'zoon (zeer geschonden), onleesbaar (zeer geschonden) en Ollaert Gillis'zoon Soggaert) in groene was.
25  1556 April 20
Philips, bij de gratie Gods etc., geeft onder het zegel van het Leenhof eene ordonnantie op het ambacht van de lijndraaiers.
Afschriftvan 1571 van Z. Backer, keurmeester, van een afschrift (Inv. nr. 7).
26  1558 Juli 7
Schepenen in Middelburch oorkonden, dat Maeyken Jans dochter, weduwe van Heyndrick Joos' zoon, en hare borgen, wonende te Arnemuyden, erkennen aan Gillis Pieterszoon Chys, als voogd van Cathelinken Matheeus de brouwers weeskind, van wie Maeyken Aelbrechts dochter moeder was, eene jaarlijksche losrente van 12 schellingen 6 gr. Vls., losbaar tegen den penning 16, onder verband hunner goederen schuldig te zijn.
Oorspr. (Inv. nr. 568). Met 3 zeer geschonden schepenzegels in groene was.-Met een transfix, d.d. 1585 Augustus 16 (zie nr. 402).
27  Vóór 1559 Februari 4
Jacob Cornelis' zoon Foij, Augustijn Patres, Cornelis Jacops zoon en Heyndrick Maertenszoon, kerk- en fabriekmeesters van de kerk van Armuyden, geven aan burgemeesters, schepenen en raden der stad Middelburch te kennen, dat de Keizer in 1531 aan de inwoners van Armuyden de oprichting van een teerstoof tot het drogen en teren van allerhande touwwerk heeft toegestaan om de daarvan komende voordeelen voor de kerk van Armuyden te mogen gebruiken, welke stoof door hen verpacht wordt, en dat nu onlangs Bouwen Ghijsbrechts zoon van der Goude, lijndraaier, die te Armuyden is komen wonen, zijne daar gemaakte touwen heimelijk op andere plaatsen laat stoven tot nadeel van Armuyden, en verzoeken, dat Bouwen voorschreven zulks verboden wordt.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 6).-Geteekend door de verzoekers.-Op den kant van dit rekest, zijn de voorloopige beschikking, d.d. 1559 Februari 4 (zie nr. 28), het antwoord van den beklaagde (zie nr. 29) en de eindbeschikking, d.d. 1559 Februari 11 (zie nr. 30), geschreven.
28  1559 Februari 4
(Burgemeesters, schepenen en raden der stad Middelburg), beschikkende op het rekest van kerk- en fabriekmeesters van de kerk van Armuyden, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 27), bevelen den beklaagde binnen 8 dagen hierop te antwoorden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 6).-Geteekend door A. Joossen.-Onder deze voorloopige beschikking is het antwoord van den beklaagde (zie nr. 29) en de eindbeschikking, d.d. 1559 Februari 11 (zie nr. 30), geschreven.
29  1559 Februari tusschen 4 en 11
Bouwen Ghysbrechts zoon, antwoordende op het rekest van kerk- en fabriekmeesters van de kerk van Armuyden, op den kant waarvan dit geschreven is (zie nrs. 27, 28), zegt, dat, indien de kerkmeesters voornoemd hem iets ten laste willen leggen, zij hem dan in rechte voor burgemeesters en schepenen dezer stad (Middelburg) moeten betrekken.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 6). Geteekend door den beklaagde.-Onder dit antwoord is de eindbeschikking, d.d. 1559 Februari 11 (zie nr. 30), geschreven.
30  1559 Februari 11
(Burgemeesters, schepenen en, raden der stad Middelburg), beschikkende op het rekest van kerk- en fabriekmeesters van de kerk van Armuyden, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nrs. 27, 28, 29), zeggen, dat de verzoekers den beklaagde in rechte voor burgemeesters en schepenen dezer stad (Middelburg) zullen betrekken.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 6).-Geteekend door Jacob Zagarus (secretaris der stad).
31  1559 Juni 15
Burgemeesters en schepenen der stad Middelburch bevelen ten verzoeke van de pannering van Brouwershaven het schippersgilde van Middelburch en Armuyde die van Brouwershaven overeenkomstig hun verzoek te dienen voor het salaris, in het contract, d.d. 1551 November 18 (lees: 13), achter welks afschrift deze mede is afgeschreven (zie nr. 23), begrepen, en in geval van weigering zullen er andere schepen ten koste van het voorschreven gilde gehuurd worden om de lieden van Brouwershaven te dienen.
Afschriftvan den notaris P. Fannius, d.d. 1589 Maart 3, van een afschrift van (c. 1560) van Jacob Zagarus (Inv. nr. 275).
32  1559 October 24
De commissarissen, door burgemeesters en schepenen der stad Middelburch als opperkerkmeesters benoemd om de gerezen geschillen tusschen kerkmeesters van Armuyden eener- en Bouwen Ghysbrechts zoon, zoo voor hem zelf als voor de andere lijndraaiers, wonende op Armuyden, andererzijds zoo mogelijk te vereffenen, hebben partijen tot elkander en tot overeenkomst gebracht, zooals hierbij afgeschreven staat.
Afschriftvan J. de Dam van een afschrift van den notaris Willem van Domburch van het origineel van den secretaris Jacop Zagarus (Inv. nr. 6).
33  Vóór 1562 Maart 16
Cornelis Janssen, Jacob Cornelis' zoon Foy, Augustyn Pratis en Heynrick Maets zoon, kerkmeesters van de parochiekerk van Aermuyden, geven (aan het Hof van Holland) te kennen, dat zij door den keizer of den Secreten Raad gemachtigd zijn tot oprichting van eene stoof om daarin allerlei in de lijnbaan aldaar gemaakt touwwerk te teren en te drogen, en de daarvan komende voordeelen tot onderhoud van de kerk te gebruiken, waarvan zij langer dan 30 jaren in bezit zijn geweest, doch waarin zij onlangs echter door Bouwen Ghijsbrechts zoon, die te Armuyden in eene lijnbaan is komen wonen, zijn gestoord, en verzoeken mandement in cas van complaincte.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 6).
34  1562 Juni 30
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raad der stad Middelburch, ingelicht zijnde over de ongeregeldheden, die de ballasters der voornoemde stad en van Armuyden gepleegd hebben, en van het bedrag van het vervoer van ballast, dat tot groot nadeel van de huiken en andere hier aankomende schippers geschiedt, geven tot wegneming van frauden en om goede regelen van politie zoowel voor de ballasters als huikenaren te stellen, de hier geschreven ordonnantie.
a. Oorspr. op papier "ende afgegeven op Armuyden den laetsten Junij anno als boven" (Inv. nr. 14).-Geteekend door Jacob Zagarus (secretaris der stad).
N.B. Deze ordonnantie is 1578 November 25 (zie nr. 171) gewijzigd.
b. Afschrift van het sub a vermelde stuk van den notaris J. Mazureel (Inv. nr. 244).
35  1565 Mei 11
Andries van Hamerstede, schout van de parochie Nieuwerkercken en andere ambachten van de stad Middelburch, belooft aan de ingezetenen van Nieuwerkercken "morgen, indient mogelijck is, uutterlijck ten eersten als doendelijck is" brieven onder het zegel der voorschreven stad te zullen leveren, waarbij verklaard zal worden, dat die van Nieuwerkercken niet zijn begrepen in de beoogde vereeniging van de vierscharen der stadsambachten van Middelburch.
Afschriftvan een afschrift in Inv. nr. 80 onder nr. 17.
36  1565 October 13
De notarissen Willem van Dumburch en Jan de Ridder instrumenteeren te Middelburch de voor hen afgelegde verklaringen van Jan van Wesele, oud omtrent 60 jaren, Jacob Poortere, procureur voor de wet van Middelburch, oud omtrent 74 jaren, Baes Lievens zoon, oud omtrent 36 jaren, Joos Mahieus, deurwaarder van den koning in de residentie Middelburch, oud omtrent 51 jaren, Herman Groverts zoon, apotheker, oud omtrent 37 jaren, poorters en inwoners der stad Middelburch, Jaques de Yriese, oud omtrent 43 jaren, Lenaert Dirricx zoon, oud omtrent 40 jaren, wonende op Arnemuyden, ten verzoeke van Willem Bavens zoon aldaar, in zake diens veroordeeling wegens overtreding der ordonnantie op het lijndraaiersambacht door de Wet van Middelburch.
Afschrift(grosse) (Inv. nr. 9).-Met de signatuur van den notaris Jan de Bidder.
37  Vóór 1569 Juni 25
Lenaert Diericxs zoon, Albrecht Vergraf, Gerrit Gerrits zoon, Jan Floor en Gerrit Bouwens zoon, baanlieden op Armuyden, geven aan burgemeesters, schepenen en raden der stad Middelburch te kennen, dat zij herhaaldelijk aan kerkmeesters en ouderlingen te Armuyden hebben verzocht om met elkander overeen te komen, dat het aan eiken baanhouder vergund zoude zijn een stoof binnen hunne baan te maken, mits aan de kerk betalende eene billijke som voor ieder geteerd of ongeteerd want, op welk verzoek de kerkmeesters en anderen geantwoord hebben, dat zij zonder toestemming van de stadsregeering tot zulk eene overeenkomst niet bereid waren, waarom zij verzoeken kerkmeesters en notabelen van Armuyden met hen te ontbieden voor commissarissen om de debatten aan te hooren en tot hun doel te komen.
Afschriftvan (den notaris) Adriaen Matthijs'zoon (Inv. nr. 6).-Op den kant van dit rekest zijn drieërlei aanteekeningen, d.d. 1569 Juni 25 (zie nr. 38), d.d. 1569 Juli 30 (zie nr. 40) en d.d. 1569 Augustus 5 (zie nr. 41), afgeschreven.
38  1569 Juni 25
(Wet en Raad der stad Middelburg) gelasten op den kant van het rekest der baanlieden van Armuyden (zie nr. 37), dat het verzoekschrift aan geïnteresseerden aldaar getoond zal worden om daarop te antwoorden. (Zie nr. 39.)
Afschriftvan (den notaris) Adriaen Matthijs'zoon (Inv. nr. 6).-Op den kant van het rekest zijn nog twee andere aanteekeningen, d.d. 1569 Juli 30 (zie nr. 40) en d.d. 1569 Augustus 5 (zie nr. 41), afgeschreven.
39  1569 Juli 22
Kerkmeesters en heilige-geestmeesters, dekens en beleders van de drie schutterijen, vertegenwoordigende de gemeente, ter voldoening aan den inhoud der apostille van Wet en Raad der stad Middelburg d.d. 1569 Juni 25 (zie nr. 38), antwoorden, dat door partijschap van de baanlieden en stoofmeesters nadeelen aan de kerk zijn toegebracht, de stoof der kerk ook door andere oorzaken met ondergang bedreigd wordt en verschillende kostbare processen voor haar recht gevoerd zijn moeten worden, terwijl nog dagelijks groote twisten voorkomen; dat de verzoekers voor de inwilliging van hun verzoek jaarlijks eene som van 24 pond gr. Vls. onder verband hunner lijnbanen willen betalen, hetgeen door kerkmeesters is aangenomen onder voorwaarde van toestemming van Wet en Raad.
Afschriftvan (den notaris) Adriaen Mathijs'zoon (Inv. nr. 6).
40  1569 Juli 30
Wet en Raad (der stad Middelburg) gelasten op den kant van het rekest der baanlieden van Armuyden (zie nr. 37), dat het verzoekschrift alvorens er op te beschikken door alle eigenaars van lijnbanen aldaar onderteekend moet worden, aan welken last voldaan is door Bouwen Ghijsbrecht, Gherrit Gherrits zoon, Gherrit Bouwens zoon, Lenaert Diericx, Aelbert de Graft.
Afschriftvan den notaris Adriaen Mathijs'zoo n (Inv. nr. 6).-Op den kant van het rekest zijn nog twee andere a anteekeningen, d.d. 1569 Juni 25 (zie nr. 38) en d.d. 1569 Augustus 5 (zie nr. 41) afgeschreven.
41  1569 Augustus 5
(Wet en Raad der stad Middelburg) gelasten op den kant van het rekest der baanlieden van Armuyden (zie nr. 37), dat het verzoekschrift getoond moet worden aan Heyndrick Maartssen als voogd van het kind zijner zuster, eigenaar van een der banen op Aermuyden, om op den inhoud binnen 8 dagen te antwoorden, ten einde daarna naar behooren te antwoorden.
Afschriftvan (den notaris) Adriaen Mathijs'zoon (Inv. nr. 6).-Op den kant van het rekest zijn nog twee andere aanteekeningen, d.d. 1569 Juni 25 (zie nr. 38) en d.d. 1569 Juli 30 (zie nr. 40), afgeschreven.
42  Vóór 1569 Augustus 13
Heyndryck Maerts zoon van der Mortele, raad der stad Middelburch, geeft aan burgemeesters, schepenen en raden dier stad te kennen, dat hem door den secretaris 1569 Augustus 7 het rekest van de baanlieden (zie nr. 37) is overgegeven om daarop binnen 8 dagen te antwoorden, waaraan voldoende hij zeer uitvoerig de oorzaken van de oneenigheden over de stoof te Armuyden vermeldt en verzoekt haar naar ouder gewoonte te verhuren, doch thans in tegenwoordigheid van eenige uit de Wet, niettemin met aanbieding dezelve te willen aanvaarden voor den tijd van vier jaren tegen 28 pond 's jaars.
Afschriftvan den notaris Adriaen Mathijs'zoon (Inv. nr. 6).-Op den kant van dit stuk is de beschikking, d.d. 1569 Augustus 13 (zie nr. 43), afgeschreven.
43  1569 Augustus 13
(Wet en Raad der stad Middelburg), beschikkende op het antwoord van Heyndryck Maerts zoon van der Mortele, raad der stad Middelburch, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 42), bevelen kerkmeesters van de kerk te Armuyden de stoof voorloopig in tegenwoordigheid van Pieter Bastiaanssen en Geleyn Michielssen naar ouder gewoonte te verhuren, en niettemin op het stuk van den voornoemden Van der Mortele te antwoorden.
Afschriftvan den notaris Adriaen Mathijs'zoon (Inv. nr. 6).
44  1569 Augustus 19
De notaris Adriaen Mathijs'zoon instrumenteert, dat hij in tegenwoordigheid van kerkmeesters, heilige-geestmeesters, deken en beleders der drie schutterijen en meer andere ouderlingen, vertegenwoordigende het lichaam der gemeente Aernemuyden, op de hierbij vermelde voorwaarden voor den tijd van vier jaren, ingaande October l eerstkomende, de teerstoof aldaar verpacht heeft aan Adriaen Janssen coster, voor de som van 30 pond 10 schellingen gr. 's jaars, en zulks na een storende woordenwisseling tusschen Pieter Seibastiaens zoon en Leyn Machielssen, scheepstimmerman, als wethouders van Middelburch, en Symon Eombouts zoon, als gemachtigde van de ingezetenen van Aernemuyden in zaken der gemeente en der kerk.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 6). Met de signatuur van den notaris Adriaen Mathijs'zoon.
45  Vóór 1569 November 4
Kerkmeesters, heilige-geestmeesters, deken en beleders van de drie schutterijen en andere ouderlingen en ingezetenen van Aernemuyden geven aan den Koning te kennen, dat bij de verpachting van de stoof aldaar mede gekomen zijn Pieter Sebastiaens zoon en Gheleyn Machiels zoon, zoo zij zeggen, gecommitteerden van die van de Wet van Middelburch, die daarbij zware bedreigingen tegen die van Aernemuyden gedaan en vreeselijke woorden gesproken hebben, waarover zij zich beklagen, en verzoeken brieven van mandement om genoemde personen te dagvaarden voor den Secreten Raad of den Provincialen Raad in Hollandt.
Afschrift(Inv. nr. 6).
46  1574 Februari 19
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Orangiën, stelt Gerrit van Santen Beukels zoon in het officie van secretaris der "dorpen ende vlecken van Armuyen, Nyeuwerkercken, Mortier" en wat daartoe behoort.
Oorspr. (Inv. nr. 15). Met hot geschonden secreet zegel in roode was en de handteekening van den Prins.
47  1574 Februari 19
Willem, bij de gratie Gods prins van Oraignen, voldoende aan het schriftelijk verzoek van burgemeesters der stad Middelburch, die ,,gisteren" gecapituleerd heeft, noemt de voorwaarden voor overgave der stad.
Afschriftvan een afschrift, dat geteekend was door Ferdinand Aleman (secretaris der stad) van (c. 1578) (Inv. nr. 82).
48  Vóór 1574 Maart 9
Ingezetenen van Armuyden en het ambacht van Nyeuwerkercke en Mortier brengen hunne klachten over hetgeen zij na hunne vlucht op 1572 Mei 8 geleden hebben ter kennis van zijne Excellentie en verzoeken tot wederopbouw van den burcht verschillende vrijdommen en vrijheden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 4). Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1574 Maart 9 (zie nr. 49), geschreven.
49  1574 Maart 9
Guillaume de Nassau, beschikkende op het rekest van de ingezetenen van Armuyden enz., op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 48), vergunt aan de verzoekers: 1. kwijtschelding van renten en cijnzen op huizen en erven binnen het dorp of den burcht, verschenen sedert het dorp door den vijand ingenomen werd, en nog zullende verschijnen vóór (15)74 September 29; 2. voordracht van personen voor een magistraat om binnen de jurisdictie van den burcht, Nieuwerkercke en Mortier recht en justitie in crimineele en civiele zaken te administreeren, op den voet en de instructie als men binnen de stad Middelburch doet, behalve in cas d'appèl, waarin zij zullen staan onder den Raad van Hollant; 3. de helft van het inkomen, dat de koning en de stad Middelburch aldaar plachten te heffen, voor een jaar, behalve de koren- en zoutmaten; 4. vrijen, doch eenigszins beperkten handel.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 4). Met de handteekening van den Prins.
b. Afschrift van den notaris Dionisii in Inv. nr. 4.
50  1574 Maart 9
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Orangnen, vergunt aan de ingezetenen van Armuyden:
1. kwijtschelding van renten en cijnzen op huizen en erven binnen het dorp of burcht, verschenen sedert het dorp door den vijand ingenomen werd en nog zullende verschijnen vóór (15)74 September 29;
2. dat de burcht van Arnemuden voortaan zal wezen een stad, geheel en al bevrijd van de oude voorgaande keuren, ordonnantiën en jurisdictie van de stad Middelburch;
3. voordracht van personen om binnen de
jurisdictie van den burcht, Nyeuwerkercken en Mortier recht en justitie in crimineele en civiele zaken te administreeren op den voet en de instructie als men binnen de stad Middelborch doet, behalve in cas d'appèl, waarin zij zullen staan onder den Eaad van Hollant;
4. dat de voornoemde magistraat uit de notabelste poorters personen tot vroedschap zal mogen kiezen;
5. dat de gemelde magistraat en raden ordonnantiën betreffende de justitie en politie zullen mogen maken;
6. dat poorters of poorteressen van Armuyden of hunne huisgenooten in andere plaatsen van Walcheren niet crimineelijk beticht of aangesproken mogen worden, maar gezonden zullen worden aan burgemeesters en schepenen of den baljuw van Armuden;
7. dat geen poorters of poorteressen der voornoemde stad in confiscatie van goederen boven 30 pond Par. zullen vallen dan wel van den lijve of lid, naar gelegenheid van de misdaad, en hetgeen daarboven is zal op de erfgenamen overgaan, uitgezonderd verraad tegen de stad of het vaderland.
51  1574 Maart 12
Gouverneurs en Gedeputeerde Kaden van de steden van Zeellant, gezien de nominatie van zekere burgers van den burcht van Arnemuyden, door den baljuw Symon Rombouts zoon hun overgegeven, om daaruit burgemeesters en schepenen te kiezen, stellen voor het jaar 1574, ingaande Lichtmis laatstleden en eindigende Lichtmis eerstkomende, tot burgemeesters Lenaert Dirricx zoon en Cornelis Jacobs zoon; tot schepenen Marinus Jacobs zoon van Campen, Aelbert de Graft, Gerrit Pieters zoon Minne, Heyndrick Adriaens zoon, vleeschhouwer, Balten Stoffels zoon, Jan Symons zoon, kleermaker, en Pieter Rommerts zoon, om, na in handen van den baljuw eed te hebben gedaan, als wettelijke overheid binnen den voorschreven burcht politie te houden en goed recht en justitie in crimineele en civiele zaken te administreeren.
Afschriftin Inv. nr. 140. Was geteekend door Cornelis Taymon (secretaris van Gouverneurs en Raden).
52  1574 Maart 18
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie betreffende den accijns op wijn en bier.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 837).-Ongeteekend.
53  1574 Maart 24
Gouverneurs en Gedeputeerde Baden van Zeelandt, daartoe gemachtigd door zijne Excellentie, komen met burgemeesters, schepenen en raden der stad Middelburch overeen omtrent de betaling van de geldsom, die de stad volgens de capitulatie moet opbrengen ten profijte van de gemeene zaak.
Afschriftvan een afschrift, dat geteekend was door Ferdinand Aleman (secretaris der stad) van (c. 1578) (Inv. nr. 82).
54  1574 April 3
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden, gelasten vanwege den prins van Orangiën, dat alle inwoners, die vroeger gezworen poorters zijn geweest, Dinsdag eerstkomende moeten komen in den Gouden Engel voor het college van wette tot vernieuwinge van den eed, en dat alle personen, die hier vroeger geen poorters zijn geweest, maar nochtans nering gelijk poorters gedaan hebben en die thans wenschen voort te zetten, den eed op den voorschreven dag met betaling van het daartoe gestelde recht moeten komen doen; voorts dat niemand zich alhier zal mogen vestigen om nering te doen alvorens den eed als poorter met betaling van het daartoe staande recht te hebben gedaan. En eindelijk geven dezelfden, uit overweging van de groote ongeregeldheden, die dagelijks in de voorloopig gestelde nachtwacht voorkomen, eene desbetreffende ordonnantie.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 1-3.
55  1574 April 13
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie tegen vechterij en doodslag en betreffende het ruimen en Schoonhouden van straten en het aangeven van wapens en munitie, die in woonhuizen enz. berusten, doch niet in eigendom bezeten worden.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 4, 5.
56  Vóór 1574 Juni 9
Baljuw, burgemeesters en schepenen der burchtstad Armude geven aan Gouverneurs en Raden van Zeelant te kennen, dat in het ]aar 1572, toen de Spaansche vijanden in Armude nog lagen, die van Middelburch zekere kist met papieren betreffende de weeskinderen der parochie van Nyeuwerkercke in hun stad hebben doen halen, welke parochie thans onder de jurisdictie van Armude ressorteert, en verzoeken aan die van Middelburch te willen gelasten dezelve kist ten behoeve van -de weezen in handen van de verzoekers over te leveren.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 139).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1574 Juni 9 (zie nr. 57), geschreven.
57  1574 Juni 9
Gouverneurs en Baden van Zeelant, beschikkende op het rekest van baljuw, burgemeesters en schepenen van Armude, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 56), bevelen dit aan burgemeesters en regeerders der stad Middelburch te toonen ten einde de bedoelde kist den verzoekers over te geven of hierop met reden van weigering te antwoorden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 139).-Geteekend door Cornelis Taymon (secretaris van Gouverneurs en Raden). Zie Reg. nr. 69.
58  1574 Juni 30
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie betreffende maatregelen ter voorkoming van pest.
a. Voor Arnemuiden gewijzigd afschrift uit het register van ordonnantiën der stad Middelburch (Inv. nr. 104).
59  1574 Juni 30
Burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie op den ijk van maten en gewichten.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 105).
60  1574 Juli 5
Gouverneurs en Raden van Zeelant committeeren Kennouw Symons van Haerlem in de bediening van het waagmeesterschap en collecteurschap van den nieuw opgestelden impost der turf van de burchtstad Armuden.
Afschrift(Inv. nr. 156).-Geteekend door Balten Oelen (secretaris van Gouverneurs en Raden).
61  1574 Juli 31
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden gelasten vanwege den prins van Orangiën voor de tweede maal (zie nr. 54), dat alle inwoners, die vroeger gezworen poorters zijn geweest en den eed nog niet vernieuwd hebben, daartoe Dinsdag eerstkomende moeten komen op het stadhuis voor het college van Wette, en dat alle personen, geen poorters zijnde, maar nochtans poortersnering doende en daarmede willende blijven voortgaan, den eed op den voorschreven dag met betaling van het daarvoor gestelde recht moeten komen doen. Dezelfden verbieden voorts aan alle ingezetenen, gewapend landwaarts te gaan om de landlieden schade te doen of te krenken, en personen, van Midclelburch komende, met woorden of daden te hinderen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 11, 12.
62  Vóór 1574 Augustus 6
Kennauw Symons, weduwe van Nannynck Geerbrants zoon, geeft aan Gouverneurs en Baden van Zeelant te kennen, dat haar door zijne Excellentie de bediening van het waagmeesterschap binnen de burchtstad van Armuden gegeven is volgens de commissie, haar door den Baad van Zeelant verleend, doch dat Symon Bombouts zoon, baljuw der stad, haar in deze bediening als ook in het collecteeren van den impost op de turf niet wil toelaten, en verzoekt den baljuw te gelasten haar in deze bediening te erkennen of zoo noodig haar daarin rechterlijk te laten zetten.
Afschrift(Inv. nr. 156).-Onder dit rekest is de beschikking, d.d. 1574 Augustus 6 (zie nr. 64), afgeschreven.-Op hetzelfde stuk is eene akte van borgtocht, d.d. 1574 Augustus 28 (zie nr. 71), afgeschreven.
63  Vóór 1574 Augustus 6
Baljuw, burgemeesters, schepenen en gemeente der burchtstad Armude geven aan Gouverneurs en Baden van Zeelant te kennen, dat de stad een geleerd en welsprekend persoon tot bediening van het Goddelijk woord noodig heeft, en dat die van de consistorie daarvoor reeds een geschikt persoon hebben gedeputeerd, voor wien zij tot onderhoud van hem en zijn gezin een jaarlijksche gage en toelage van huishuur verzoeken, gelijk allen anderen predikanten binnen "Vlissinghe, Vere en Middelburch toegelegd wordt.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 949).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1574 Augustus 6 (zie nr. 65), en er onder is een tweede rekest (zie nr. 67) met kantbeschikking, d.d. 1574 Augustus 16 (zie nr. 68), geschreven.
64  1574 Augustus 6
Gouverneurs en Baden van Zeelant, beschikkende op het rekest van Kennauw Symons, weduwe van Nannynck Geerbrants zoon, waaronder deze geschreven is (zie nr. 62), overwegende, dat zij der verzoekster het waagmeesterschap en het collecteurschap van de turf binnen de burchtstad Armuden volgens den wil van zijne Excellentie gegund hebben, gelasten Symon Bombouts zoon, baljuw aldaar, haar in het bezit dier bedieningen te stellen.
Afschrift(Inv. nr. 156).-Was geteekend door Balten Oelen (secretaris van Gouverneurs en Raden).-Op hetzelfde stuk is eene akte van borgtocht, d.d. 1574 Augustus 28 (zie nr. 71), afgeschreven.
65  1574 Augustus 6
De Raad van Zeelant, beschikkende op het rekest van baljuw, burgemeesters, schepenen en gemeente der burchtstad Armude, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 63), bepalen, dat de verzoekers hun minister uit de door zijne Excellentie aan de stad gegunde domeinen moeten salarieeren ter tijd toe, dat het de gemeene zaak geschikt zal vallen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 949).-Geteekend door Balten Oelen (secretaris van Gouverneurs en Raden).-Onder dit is een tweede rekest (zie nr. 67) met kantbeschikking, d.d. 1574 Augustus 16 (zie nr. 68), geschreven.
66  1574 Augustus 11
Gouverneurs, Admiraal en Kaden 's lands van Zeelant maken de nadere bedoeling van zijne Excellentie en der Staten bekend, betreffende het onlangs gegeven plakkaat op het stuk der licenten, en verbieden dienvolgens het vervoer van goederen en koopmanschappen naar andere landen en uit de landen onder de gehoorzaamheid van den vijand, zonder paspoort en licent.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. l, 2.
67  Vóór 1574 Augustus 16
De verzoekers, bedoeld bij het rekest, waaronder dit geschreven is (zie nr. 63), gezien de daarop gestelde kantbeschikking, d.d. 1574 Augustus 6 (zie nr. 65), verklaren zich bereid den inhoud daarvan voor zoover mogelijk na te komen, maar alzoo de door zijne Excellentie aan de stad gegunde domeinen voor fortificatiën en andere werken onvoldoende zijn, verzoeken zij op hun rekest anders te willen beschikken.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 949).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1574 Augustus 16 (zie nr. 68), geschreven.
68  1574 Augustus 16
De Raad (van Zeeland), beschikkende op het tweede rekest van die van Aernemuyden, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 67), gelasten den verzoekers hun predikant voorloopig voor den tijd van zes maanden te onderhouden, diens gage tegen 50 pond gr. 's jaars te fourneeren en hem huishuur te verleenen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 949).-Geteekend door Cornelis Taymon (secretaris van Gouverneurs en Raden).-Boven dit is het eerste rekest (zie nr. 63) met kantbeschikking, d.d. 1574 Augustus 6 (zie nr. 65), geschreven.-Zie nr. 78.
69  Vóór 1574 Augustus 21
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Middelburch antwoorden op het rekest van die van Armuydeu (zie nrs. 56, 57), dat zij sedert 1493 ambachtsheer en der parochie en heerlijkheid van Nyeuwerkercke zijn geweest en als zoodanig alle sterfhuizen en weeszaken in handen hebben gehad en op verzoek van den pastoor van Armuyden de bedoelde kist naar Middelburch hebben laten overbrengen, waarop die van Armuyden geen recht hebben, maar dat hun als ambachtsheer en het recht van schout, schepenen en klerk te stellen toekomt, aan wie zij de kist zullen leveren, hopende dat Gouverneurs en Baden het verzoek zullen afslaan en rescribenten hunne ambachtsheerlijkheid Nyeuwerkercke zullen mogen gebruiken, gelijk als te voren.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 139).-Op den kant van dit stuk is de beschikking, d.d. 1574 Augustus 21 (zie nr. 70), geschreven.
70  1574 Augustus 21
Gouverneurs en Baden van Zeelant, beschikkende op het antwoord van die van Middelburch, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 69), bevelen, dat aan die van Aernemuyden te toonen om daarop te repliceeren. Oorspr. op papier (Inv. nr. 139).-Geteekend door Cornelis Taymon (secretaris van Gouverneurs en Raden).-Zie Reg. nr. 73.
71  1574 Augustus 28
Hubrecht Willems zoon, bakker, burger der burchtstad Arnemuiden verklaart, dat hij zich ten verzoeke van Kenau Symons zoon (lees: dochter), poorteres van Arnemuden, ten overstaan van den burgemeester Cornelis N. (lees: Jacobs zoon) in de Herpe bereid heeft verklaard en nog bereid is onder verband van zijn woonhuis borg voor haar te zijn.
Afschrift(Inv. nr. 156).-Op hetzelfde stuk is een geapostilleerd rekest, d.d. 1574 Augustus 6 (zie nrs. 62, 64), afgeschreven.
72  Vóór 1574 October 1
Burgemeesters, schepenen en raad der stad Middelburch geven aan zijne Excellentie te kennen, dat de burgers der stad gepriviligeerd zijn om hunne schuldenaren in Walcheren en geheel Bewester Schelt in eerste instantie te mogen betrekken in de stad Middelburch voor provisor en deken, die daar echter thans niet meer zijn, en verzoeken den burgers voornoemd te vergunnen, dat zij het voorschreven privilegie ter uitvoering mogen stellen voor burgemeesters en raad der stad Middelburch.
Afschriftvan een afschrift, dat geteekend was door Pieter van den Baerse (secretaris der stad) (Inv. nr. 82).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1574 October l (zie nr. 74), afgeschreven.
73  Vóór 1574 October 1
Baljuw, burgemeesters en schepenen der burchtstad Armuden, voldoende aan de kant beschikking van Gouverneurs en Eaden van Zeelant op de schriftelijke rescriptie van die van Middelburch, d.d. 1574 Augustus 21 (zie nr. 70), dienen onder overlegging van een'extract uit hun privilege (zie nr. 50) van repliek.
Gelijktijdig afschrift (Inv. nr. 139).-Op den kant van dit stuk is de beschikking, d.d.. 1574 October l (zie nr. 75), geschreven.
74  1574 October 1
Gouverneurs en Eaden van Zeelandt, ter voldoening aan den last van zijne Excellentie om op de klachten van die van Middelburch, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 72), orde te stellen, bepalen, dat de verzoekers eene nominatie van zes personen zullen overgeven om daaruit een drietal te kiezen, dat in de plaatsen van provisor en deken met de hulp van de noodige officieren over de ingezetenen van het platteland van Bewester Schelt, ten verzoeke van de burgers van Middelburch, in zaken van hunne schulden recht en justitie zullen doen, alle welke officieren jaarlijks, ten tijde dat de magistraat der stad vernieuwd wordt, geheel of gedeeltelijk vernieuwd of gecontinueerd zullen worden.
Afschriftvan een afschrift, dat geteekend was door Pieter van den Baerse (secretaris der stad) van het origineel, dat geteekend was door Balten Oelen (secretaris van Gouverneurs en Raden) (Inv. nr. 82).
75  1574 October 1
Gouverneurs en Raden van Zeelant, beschikkende op de repliek van die van Armuden, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 73), bevelen deze aan de regeering van de stad Middelburch te toonen om daarop te dupliceeren.
Gelijktijdig afschrift (Inv. nr. 139).-Geteekend door Balten Oelen (secretaris van Gouverneurs en Raden). Zie nr. 77.
76  1574 October 2
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden verbieden het storten van vuilnis op de straten en het kerkhof; het afbreken en wegvoeren van rijs, staken en ander houtwerk van de hoofden, en het tappen des Zondags, uitgezonderd voor vreemdelingen of reizende personen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 12, 13.
77  (c. 1574 October . .)
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Middelburch, voldoende aan de kantbeschikking van Gouverneurs en Eaden van Zeelant op de repliek van baljuw, burgemeesters en schepenen der burchtstad Armuden, d.d. 1574 October l (zie nr. 75), dienen van dupliek.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 139).-Geteekend door Cornelis Pieters zoon Haeck (secretaris der stad Middelburg).
b. Afschrift van een afschrift in Inv. nr. 80, onder nr. 24.
78  Vóór 1574 December 20
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Armuden geven aan Gouverneurs en Kaden van Zeelandt te kennen, dat zij bij apostille op hun rekest, d.d. 1574 Augustus 16 (zie nr. 68), gelast zijn den predikant aldaar voor den tijd van zes maanden te onderhouden, welke nu geëindigd zijn, en verzoeken, dat de minister door den rentmeester van de confiscatie gegageerd zal worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 949).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1574 December 20 (zie nr. 79), geschreven.
79  1574 December 20
Gouverneurs en Eaden van Zeeland, beschikkende op het rekest van baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Armuden, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 78), gelasten die van Aernemuijden voorloopig voor den tijd van andere zes maanden voort te gaan met de betaling van hun minister.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 949).-Geteekend door Cornelis Taymon (secretaris van Gouverneur en Raden).
80  1574 December 31
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Vlissingen geven eene ordonnantie op het loon van de arbeiders.
Afschrift(Inv. nr. 235).-Was geteekend door A. van Groenvelde, secretaris (der stad).-Naast deze ordonnantie is eene andere van denzelfden datum (zie nr. 81) afgeschreven.
81  1574 December 31
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Vlissingen geven eene ordonnantie op het loon van de bierwerkers.
Afschrift(Inv. nr. 229).-Was geteekend door A. van Groenvelde, secretaris (der stad).-Naast deze ordonnantie is eene andere van denzelfden datum (zie nr. 80) afgeschreven.
82  (c. 1574.)
Burgemeesters en schepenen der burchtstad Armuyden dragen aan kapitein Adriaen Meuninck het recht op het kerkhof met den singel van Nyeuwerkercke in erfpacht over, om dat land en den toren te gebruiken en door betimmering te verbeteren volgens de hierbij genoemde bepalingen, en zulks voor eene jaarlijksche som van 30 schellingen gr. Vls.
Ongeteekend concept (Inv. 1092).
83  (c. 1574.)
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden bevelen op morgen de viering en oefening van een bid- en vastendag en verbieden het tappen aan alle tappers en herbergiers.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 2, 3.
84  1575 Januari 26
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Orangiën, vergunt ten verzoeke van baljuw, burgemeesters en schepenen der burchtstad Armuyden uitstel van betaling van renten op huizen aldaar voor 4 jaren; ontheft de ingezetenen dier stad van de verplichting tot aflossing van het kapitaal van opzegbare renten voor 6 jaren; verleent uitstel van betaling van paaien van huizen voor 5 jaren; en van vliegende schulden, vóór den oorlog gemaakt, voor 4 jaren; en staat voorts toe een wekelijkschen marktdag op Dinsdag en een jaarmarkt.
a. Oorspr. (Inv. nr. 44). Met het zegel in roode was en de handteekening van den Prins.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, nr. 2.
c. Afschrift in Inv. nr. 80, nr. 2.
85  1575 Februari 10
Gouverneurs en Raden van Zeelant, op bevel van den prins van Oraingiën overwogen hebbende, dat zulks tot welvaart van de visscherij en ter voorkoming van grootere duurte van het vee noodzakelijk is, verbieden het gebruik en koopen van versch vleesch gedurende 46 dagen, benevens het slachten en verkoopen van 'de hierbij genoemde beestialen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 4.
86  1575 Maart 2
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden, wenschende te voorzien in de misbruiken, die dagelijks in de burgerwacht voorkomen, gelasten, dat ieder op den voor hem bepaalden dag en het bepaalde uur ter wacht komt, zijn schildwacht houdt op de hem door den rotmeester aangewezen plaats, en zich van de wacht niet verwijdert alvorens de wachtklok geluid zal hebben, tenzij met toestemming van den rotmeester; en zij bepalen, dat aan allen, die dagelijks met hun roer en toebehooren op wacht komen, door de artilleriemeesters een vierendeel kruit per maand zal verstrekt worden.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 14.
87  1575 Maart 5
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, om te voorzien in de voorkomende ongeregeldheid bij de levering van Delftsche en kleine bieren, bevelen de strikte onderhouding van de door hen gemaakte en hierbij afgeschreven artikelen betreffende de bierstekerij.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 15-17.
88  1575 Maart 5
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, in aanmerking nemende, dat er nog veel vuile goten en stinkende mesthoopen zijn, waardoor vele kwade ziekten ontstaan en vermeerderen, bevelen, dat iedere burger gehouden zal zijn de straten, zijn goten en kelders schoon te maken en de vuilnis te brengen ter plaatse, waar de palen van stadswege gesteld zullen worden, vóór Zaterdag eerstkomende, op straffe van, behalve de boete van 5 schellingen gr. Vls., ten laste van de toekomende burgers van stadswege schoongemaakt te zullen worden; eveneens de houders van ledige erven de daarvoor liggende straten, goten en kelders schoon te maken, op straffe als boven.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 17.
89  1575 Maart 24
Vanwege den prins van Oraingien wordt aan het scheepsvolk van heuden, koggen en schuiten verboden krijgsvolk van deze plaats en andere steden uit dit land naar andere steden of plaatsen te voeren, zonder dat die krijgslieden daarvoor paspoort van den baljuw dezer stad gekregen zullen hebben.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 18.
90  1575 April 16
Gouverneurs en Raden des lands van Zeelandt, gezien hebbende de door die van Arnemuyden overgegeven namen van acht personen om daaruit vier voor burgemeester en schepenen te kiezen, en daarop gehad het advies van Syman Rombouts zoon, baljuw der voorschreven stad, continueeren en committeeren krachtens autorisatie van zijne Excellentie tot burgemeesters Cornelis Jacobs zoon in de Herpe en Aelbert van de Graft; tot schepenen Steven de Ruyter, Jan Symons zoon, Balten Stoffels zoon, Adriaen Cornelis'zoon Cuiper, Jan de Leeu, Merten de Gast en Jan Hercx zoon, om de voorschreven burchtstad te regeeren, recht en justitie te administreeren en alles te doen, wat burgemeesters en schepenen behooren te doen, en zulks voor het jaar 1575, ingaande bij beëediging in handen van den baljuw.
Afschriftin Inv. nr. 140.-Was geteekend door Cornelis Taymon (secretaris van Gouverneurs en Raden).
91  (1575 Mei 1.)
Gouverneurs en Kaden van Zeeland hebben de door die van Middelburch overgegeven en hierbij afgeschreven artikelen, betreffende de proceduren tusschen de poorters dier stad en de landlieden (landrecht), bekrachtigd.
Afschrift(Inv. nr. 82).
92  1575 Juni 6
Gherrit Boeckelssen van Zanten oorkondt, dat hij zijne commissie van het secretarisschap der stad Armuyden, hem door zijne Excellentie verleend, heeft nedergelegd in handen van burgemeesters en regeerders dier stad, omdat deze, zoo zij zeiden, onmachtig waren hem te bezoldigen, erkennende tevens met dezen afstand tevreden te zijn.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 158).-Geteekend door bovengenoemden Van Zanten.
93  Vóór 1575 Juni 10
Burgemeesters en schepenen der burchtstad Armuden geven aan Gouverneurs en Kaden van Zeelant te kennen, dat zij bij apostille op hun rekest, d.d. 1574 Augustus 16, (zie nr. 68) gelast zijn den predikant aldaar voor den tijd van zes maanden te onderhouden, en bij apostille op een nader rekest, d.d. 1574 December 20 (zie nr. 79), eveneens om daarmede andere zes maanden voort te gaan, welke tijd nu geëindigd is, en verzoeken hiervan ontlast te worden en den rentmeester van de confiscatie te bevelen den minister, mr. Hubrecht Frans zoon, voortaan te voldoen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 949).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1575 Juni 10, (zie nr. 94) geschreven.
94  1575 Juni 10
Gouverneurs en Eaden van Zeelant, beschikkende op een rekest van burgemeesters en schepenen der burchtstad Armuden, op den kant waarvan .deze geschreven is, (zie nr. 93) gelasten die van Aernemuyden voort te gaan met de betaling van hun minister, zooals zij tot nu toe gedaan hebben en zulks uit de groote en kleine imposten, welke uitgaaf den ontvangers in rekening zal gepasseerd worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 949).-Geteekend door Cornelis Taymon (secretaris van Gouverneurs en Raden).
95  (c. 1575 Juli . .)
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden gelasten op bevel van zijne Excellentie den eerstkomenden Zondag, den 20sten dezer maand, te vasten en God in de kerk te bidden, en verbieden tappers en herbergiers op dien dag volk in te nemen om te drinken. Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 4.
96  1575 Augustus 10
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden bepalen het gewicht van het brood, dat door de bakkers verkocht mag worden, zooals hierbij nader beschreven is, met vrijheid aan ieder hunner de prijzen daarvan zelve vast te stellen, doch met scherp verbod daaromtrent met elkander afspraak te maken.
Afschrift in Inv. nr. 101, fol. 18, 19.
97  1575 Augustus 19
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden ontwaard hebbende, dat niettegenstaande zekere ordonnantie van het vorige jaar de herbergiers in gebreke blijven schriftelijke opgave van vreemdelingen te doen, gelasten bij vernieuwing, dat alle herbergiers en tappers, die droge gasten, en alle anderen, die vreemdelingen houden, van deze lieden aan den baljuw schriftelijke opgave moeten doen met vermelding van namen en toenamen en plaatsen, van waar zij komen.
Afschrift in Inv. nr. 101, fol. 19.
98  1575 September 6
In tegenwoordigheid van den baljuw, de beide burgemeesters en eenige schepenen, benevens Jan Henricx zoon, bakker, poorter, en Lambrecht Nouts zoon, als getuigen, is Huybrecht Willems zoon, bakker, op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van acht maanden, ingaande 1575 September 6, en eindigende 1576 April 30, pachter gebleven van den afslag van visch, van de vischmarkt en de profijten daarvan, voor de som van 8 pond gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend door de beide burgemeesters, den baljuw en met het merk van den pachter.-Onder deze akte is eene andere, d.d. 1576 April 19, (zie nr. 119) geschreven.
99  1575 October 11
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad (Arnemuiden) gelasten op bevel van den prins van Oraingiën op morgen te vasten en den geheelen dag God om gratie te bidden, en verbieden het openen van winkels en aan herbergiers en tappers het tappen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 5, 6.
100  Vóór 1575 October 27
Baljuw, burgemeesters, schepenen en notabelen der burchtstad Armuden geven aan Gouverneurs en Gedeputeerde Raden van Zeellant den nood van de ingezetenen der gemeente te kennen, en verzoeken tot verbetering van den armoedigen toestand, dat aldaar eenige middelen geheven mochten worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 538).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1575 October 27, (zie nr. 101) geschreven.-Aan dit rekest is een ander ( zie nr. 111) gehecht.
101  1575 October 27
Gouverneurs en Raden (van Zeeland), beschikkende op het rekest van baljuw, burgemeesters, schepenen en notabelen der burchtstad Armuden, op den kant waarvan deze geschreven is, (zie nr. 100) staan toe, dat voorloopig te Aernemuyden door een aldaar te deputeeren commies het lastgeld ontvangen wordt, en dat de verzoekers ten behoeve van de armen aldaar, eveneens voorloopig, zullen genieten een derde gedeelte te ponde gr., dat op iedere honderd zouts, uitvarende, gesteld is en te Middelburch in handen van de licentmeesters betaald zal worden; voorts wordt den verzoekers bericht, dat zij zich met het mede gedaan verzoek om een commies tot het ontvangen van licenten, gelijk in de andere steden op Walcheren gesteld is, tot zijne Excellentie moeten wenden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 538).-Geteekend door Cornelis Taymon, secretaris van de voorschreven Raden.-Zie Inv. nr. 111.
102  1575 November 11
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie voor het ambacht en gilde van de bakkers.
a. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 240).
b. Afschrift (Inv. nr. 242).
c. Afschrift in Inv. nr. 234, onder nr. 1.
103  1575 December 10
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie voor het ambacht der kleermakers en "bocxmakers". Afschrift in Inv. nr. 234, onder nr. 2.
104  1575
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Armuden geven eene ordonnantie voor het schippers- of Sint-Jacobsgilde.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 265).
105  1576 Januari 9
De Staten nevens die van den Eade hebben besloten, dat bij publicatie in de steden de gang en loop van den nieuwen Hollandschen daalder zullen opgehouden worden, en aangaande de andere munten hebben zij alleen goedgevonden, overeenkomstig de daarvan in Hollant gedane publicatie, te laten afroepepn den postulaatsgulden van Hoorn tot 13 stuivers, van Gulick tot 12 stuivers, van Groeningen van 9 tot 10 stuivers; zonder publicatie te doen van eenige andere gouden of zilveren munten, die hun gewilligen koers zullen hebben.
Afschriftvan een extract uit het register van den Baad, dat geteekend was door Cornelis Taymon (secretaris van den Raad) in Inv. nr. 97, blz. 3.
106  1576 Januari 10
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie voor het gilde van Sint-Niclaes (Kramersgilde).
a. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 248).
b. Afschrift in Inv. nr. 234, onder nr. 3.
107  1576 Januari 21
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden verbieden op bijzonder bevel van zijne Excellentie het naroepen en hinderen van personen uit Middelburch, benevens vee binnen de stad of langs de wallen vrij te laten loopen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 20.
108  1576 Januari 24
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie voor het schippers- of Sint-Jacobsgilde.
Afschriftin Inv. nr. 234, onder nr. 4.
109  1576 Januari 24
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der burchtstad Arnemuyden geven eene ordonnantie voor het gilde en ambacht van de scheepstimmerlieden en huistimmerlieden.
a. Oorspr. (Inv. nr. 289). Met het geschonden zegel ten zaken der stad in groene was.
b. Ongeteekende minute op papier in Inv. nr. 287. c. Afschrift in Inv. nr. 234, onder nr, 6.
110  Vóór 1576 Januari 30
Baljuw, burgemeesters en schepenen der burchtstad Arnmyden geven aan zijne Excellentie te kennen, dat beduchtheid bestaat voor tegenstand in het genieten van de oude vrijheden boven die, welke de gemeente bij het privilege van 1574 Maart 9 (zie nr. 50) zijn verleend, en verzoeken daaromtrent en omtrent de geldigheid hunner poortersbrieven en andere akten eene verklaring van zijne Excellentie.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 45).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1576 Januari 30, (zie nr. 112) geschreven.
111  Vóór 1576 Januari 30
Baljuw, burgemeesters en schepenen der burchtstad Armuyden geven aan zijne Excellentie te kennen, dat zij aan Gouverneurs en Raden van Zeelandt tot verbetering van den armoedigen toestand der ingezetenen eenige in het aangehechte rekest (zie nrs. 100, 101) genoemde middelen verzocht hebben, waarvoor, voor zooveel betreft de plaatsing van een commies tot het ontvangen van licenten, zij verwezen zijn naar zijne Excellentie, waarom zij thans den Prins verzoeken deze plaatsing en bovendien tot onderhoud van de hoofden der stad een "tamelicken penninck" op iedere honderd zout, dat uit het land van Walcheren buiten het gebied van zijne Excellentie vervoerd zal worden, te willen toestaan.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 538).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1576 Januari 30, (zie nr. 114) geschreven.
112  1576 Januari 30
Guilleaume de Nassau (prins van Orangiën), beschikkende op het rekest van baljuw, burgemeesters en schepenen der burchtstad Armuyden, op den kant waarvan deze geschreven is, (zie nr. 110) verklaart, dat het door hem aan die van Armuyden gegeven privilege (zie nr. 50) de privilegiën, gratiën en vrijheden, die zij vroeger bezeten hebben, in niets heeft verminderd, en dat volgens bedoeld privilege poortersbrieven en verklaringen van burgemeesters en schepenen der stad Armuyden gelden zullen, gelijk te voren die van burgemeesters en schepenen der stad Middelburch gegolden hebben.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 45).-Met het opgedrukt cachet op papier in roode was en de handteekening van den Prins.
113  1576 Januari 30
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Orangiën, verklaart, dat het privilege van (15)74 (zie nr. 50) voor de stad Armuyden de privilegiën, gratiën en vrijheden, die de inwoners te voren bezeten hebben, in niets heeft verminderd, en dat volgens genoemd privilege poortersbrieven en verklaringen van burgemeesters en schepenen der stad Armuyden gelden zullen, gelijk te voren die van burgemeesters en schepenen der stad Middelburch gegolden hebben.
a. Oorspr. (Inv. nr. 45). Met het geschonden zegel in roode was en de handteekening van den Prins.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 3.
c. Afschrift van het sub b vermelde afschrift van Michiel Verhage (secretaris der stad) (Inv. nr. 45).
d. Afschrift in Inv. nr, 80 onder nr. 3.
e. Afschrift in Inv. nr. 83.
114  1576 Januari 30
Guillaume de Nassau, beschikkende op het rekest van baljuw, burgemeesters en schepenen der burchtstad Armuyden, op den kant waarvan deze geschreven is, (zie nr. 111) staat toe, dat de verzoekers het lastgeld zullen genieten, zooals dat door de Raden provisioneel is toegestaan; idem ten behoeve van de huisarmen een derde te ponde gr., dat op iedere honderd zout, uitvarende, gesteld is en te Middelburch aan de licentmeesters betaald wordt, en wel zoolang als het zijne Excellentie believen zal; idem voorloopig tot onderhoud van de hoofden der stad twee Carolusguldens van iedere honderd zout, die boven de gewone licenten aan de licentmeesters betaald zullen worden; wat het verzoek om een commies tot het ontvangen van licenten te Armuyden betreft, verklaart zijne Excellentie, dat de verzoekers geduld moeten hebben, totdat binnen korten tijd op het punt van de licenten in het algemeen beschikt zal worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 538).-Geteekend door den Prins.
115  1576 (Januari . .)
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Armuden geven eene ordonnantie voor het schippers- of St.-Jacobsgilde. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 265). N.B. De datum is die van publicatie, doch niet meer volledig leesbaar.
116  1576 Februari 27
De Gouverneurs en Eaden des lands van Zeellant, gezien de brieven van burgemeesters, schepenen en notabele burgers der burchtstad Arnemuyden betreffende het vernieuwen van de wethouders aldaar en de brieven van advies van den baljuw aan zijne Excellentie, continueeren en committeeren krachtens autorisatie van zijne Excellentie, d.d. Januari 31 laatstleden, tot burgemeesters Aelbrecht van der Graft en Adriaen Cornelis'zoon Cuiper; tot schepenen Maerten de Gast, Jan de Leeu, Jan Henricx zoon, Aert Jans zoon, Bouwen Jans zoon, Adriaen Jans zoon alias Coster en Cornelis Leyns zoon, smid, om de voorschreven burchtstad te regeeren, recht en justitie te administreeren en alles te doen, wat burgemeesters en schepenen behooren te doen, en zulks voor het jaar 1576, ingaande bij beëediging in handen van den baljuw.
Afschriftin Inv. nr. 140.-Was geteekend door Cornelis Taymon (secretaris van Gouverneurs en Raden).
117  1576 Februari 28
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad (Arnemuiden) verbieden op last van Gouverneurs en Kaden van Zeellant haring en visch meer dan eenige andere victualie voortaan uit deze naar 's vijands landen uit te voeren. Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 6.
118  1576 April 17
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad (Arnemuiden) bevelen op bevel van zijne Excellentie op morgen te vasten en God in de kerk te bidden om gratie en victorie bij den aanval tot verlossing van Ziericxee, en verbieden op dien dag de winkels te openen en alle tappers en herbergiers volk in te nemen om te drinken, met uitzondering van den reizenden man.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 7.
119  1576 April 19
In tegenwoordigheid van Symon Rombouts zoon, baljuw, Adriaen Cornelis'zoon, burgemeester, en Adriaen Jans zoon, schepen (der stad Arnemuiden), is Hubrecht Willems zoon op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1576 Mei, pachter gebleven van de vischmarkt en den afslag van visch, voor de som van 9 pond 13 schellingen gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van den pachter.-Boven deze akte is eene andere, d.d. 1575 September 6, (zie nr. 98) geschreven.
120  1576 Mei 8
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden verbieden op bijzonder bevel van Gouverneur en Raden van Zeellant, met welke schepen of schuiten ook, uit het eiland Walcheren te varen, dan ter koopvaart en ten oorlog, niettegenstaande de vóór deze ordonnantie afgegeven toestemmingen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 20.
121  1576 Mei 15
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden gelasten den herijk binnen de eerstkomende acht dagen van alle maten en gewichten, door den ijkmeester te doen op zulke gage als daarvoor door burgemeester en schepenen in de vorige ordonnantie (zie nr. 59) gesteld is.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 21.
122  1576 Juni 5
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, in aanmerking nemende, dat door verstopping van goten en mesthoopen in dezen zomer stanken opstijgen met gevaar van verspreiding van de kwade ziekte, bevelen, dat ieder burger gehouden zal zijn zijn goten schoon te maken en vuilnis te ruimen vóór Zaterdag eerstkomenden. Voorts verbieden zij het houden van varkens op andere plaatsen dan die, welke baljuw en burgemeesters aan verzoekers zullen toestaan.
Afschriftin Inv. nr. 101, blz. 21.
123  1576 Juni 8
Baljuw, burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden), om te voorzien in de groote abuizen en onachtzaamheden, die dagelijks in de burgerwacht voorkomen, en om meer belasting van de burgers te vermijden, geven, na bekomen advies van de rotmeesters, eene ordonnantie betreffende die wacht.
a. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 201).
b. Afschrift in Inv. nr. 101, fol. 22-24.
124  1576 Juni 8
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden verbieden het afbreken van heiningen en tuinen, hout uit vervallen huizen weg te nemen, binnen of buiten liggend hout weg te halen en vee van anderen weg te nemen of te ontvreemden. Voorts gelasten zij ter bestrijding van dieverij, dat alle personen in wier huizen zoodanige goederen gebracht zullen zijn, daarvan terstond aan den baljuw of een der burgemeesters moeten kennis geven.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 22.
125  1576 Juni 19
Die van den Eade des lands van Walcheren schrijven aan burgemeesters en schepenen der burchtstad Arnemuyden, dat het de wil van zijne Excellentie is om op den eersten marktdag in iedere stad te laten uitroepen, dat het den landzaten toegestaan wordt om soldaten en bootsgezellen, die rooven, afpersen en geweld plegen te wederstaan, aan te tasten, dood te slaan en zich tegen dezelven als tegen vijanden en rust verstoorders van de gemeene welvaart te stellen, waartoe zij zich bij klokgelui mogen versterken.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 7, 8.
126  1576 September 25
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden, om te voorzien in eenige verzuimen in de wacht, die tegenwoordig bij afwezigheid van de soldaten voorkomen moeten worden, gelasten, dat de daarvoor aangewezen personen met hun geweer tijdig ter wacht zullen komen, of andere behoorlijk gewapende burgers, ter beoordeeling van den korporaal, daarvoor in hunne plaatsen moeten zenden, dat de wachthoudende manschappen gehoorzaam zullen zijn aan den korporaal, op schildwacht staande niet mogen slapen of hun post verlaten, en dat niemand zich van de wacht zal mogen verwijderen; een en ander zonder vermindering van voorgaande ordonnantiën.
Afschriftin Inv. nr. 101, blz. 25.
127  1576 October 2
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden verbieden ernstig aan soldaten vrouwen en anderen om bedden met toebehooren uit deze plaats te voeren, zonder verlof van de burgemeesters.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 25, 26.
128  1576 November 19
Vanwege Gouverneurs en Kaden en van de Staten des lands van Zeeland wordt geboden, dat voortaan geen gouden munten binnen den voorschreven lande zullen mogen worden uitgegeven, gewisseld noch uitgeboden, dan op behoorlijk gewicht en gewone remedie, zonder dat iemand eenige lichte gouden penningen of munten gehouden zal zijn te verwisselen of te ontvangen dan kortende voor ieder aas, dat aan dezelve boven de gewone remedie van een deusken (twee aas) in gewicht ontbreekt, overeenkomstig de ordonnantie van de Generale Staten van Hollant en Zeelandt, d.d. 1576 April 19. Voorts zullen de stuiver en dubbele stuiver, die tot nu toe op 9 en 18 duiten gesteld zijn geweest, voortaan koers en gang hebben de stuiver tot een stuiver en een oort, de dubbele stuiver tot 2,5 stuivers, en de halve stuiver naar verhouding; de Fransche franken op 18 stuivers.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 8,9.
129  1577 Januari 16
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuyden) verbieden, naar aanleiding van ingekomen klachten, om van af 's avonds 8 uren 's nachts zonder licht langs de straat te gaan en vee langs de straten en wallen te laten loopen, en zij gelasten alle tappers en taverniers, die wijn en bier bij de kan uitmeten, binnen acht dagen voor hunne deuren een blik of bord met specificatie van de prijzen te plaatsen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 26, 27.
130  1577 Maart 24
Vanwege zijne Excellentie met advies van de steden en Raden des lands wordt verboden zich als loods op een schip uit te geven, dan na daartoe door de schippers of kooplieden te zijn verzocht, als wanneer zij gehouden zijn tevreden te zullen wezen met het bedongen loon of met wat daartoe van ouds is staande.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 9.
131  1577 April 1
Gouverneur en Raden van Zeellant, gezien den brief door die van Arnemuyden gezonden aan zijne Vorstelijke Genade en door deze aan Gouverneur en Raden overgezonden, inhoudende de namen van acht personen om daaruit vier tot burgemeester en schepenen der stad te kiezen, continueeren en committeeren na bekomen advies van Symon Rombouts zoon, baljuw der voorschreven stad, krachtens autorisatie van zijne Vorstelijke Genade tot burgemeesters Adriaen Cornelis'zoon Cuiper en Cornelis Jacobs zoon in de Herpe; tot schepenen Aert Jans zoon, Adriaen Jans zoon Coster, Cornelis Leyns zoon, Bouwen Jans zoon, Steven de Ruyter, Jan Heyndricks en Heyndrick Adriaens zoon, om de voorschreven burchtstad te regeeren, recht en justitie te administreeren, en alles te doen, wat burgemeesters en schepenen behooren te doen, en zulks over het jaar 1577, ingaande bij beëediging in handen van den baljuw.
Afschriftin Inv. nr. 140. Was geteekend door Cornelis Taymon (secretaris van Gouverneur en Baden).
132  1577 April 16
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden hebben goedgevonden de door hen gemaakte en hierbij afgeschreven politieverordeningen wederom voor dit jaar te doen publiceeren.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 28-31.
133  1577 Juni 9
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, willende verhoeden de verzuimen, die tot nog toe in de wacht geschieden, gelasten de naleving van de hierbij afgeschreven, gedeeltelijk reeds vroeger gemaakte bepalingen voor den wachtdienst (zie nrs. 86, 128) en van de vroeger gegeven order betreffende het doen van opgave van vreemde gasten (zie nr. 97). Voorts verbieden zij aan alle winkelhouders des Zondags onder de predicatie van 9 tot 11 uren hunne winkels te openen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 32, 33.
134  1577 Juni 18
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, om te voorkomen den grooten stank van verstopte goten, gelasten, dat ieder burger binnen den tijd van acht dagen eerstkomende zijn goten zal moeten schoonmaken, verbieden het brengen van vuilnis op de straat en op andere dan de daarvoor aangewezen plaatsen, en bevelen bij de verhandeling van goudgeld eene korting van elk aas, waarvan tot nog toe een groote gekort werd, van een stuiver, en van elk aas, waarvan tot nog toe een blanke gekort werd, van een braspenning.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 31, 32.
135  Vóór 1577 Juli 11
Mr. Hubrecht Frans zoon, dienaar des woords, en de ouderlingen van de kerk en gemeente van Armuyden, vanwege de gansche gemeente, geven aan Gouverneur en Baden van Zeellant te kennen, dat de kerk zoodanig defect is, dat zij niet meer voor regen en wind beschermt, en verzoeken daaraan de noodige reparatie te laten doen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 948.-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1577 Juli 11, zie nr. 136) geschreven.
136  1577 Juli 11
De Raad van het land (van Zeeland), beschikkende op het rekest van predikant en ouderlingen der gemeente Armuijden, op den kant waarvan deze geschreven is, (zie nr. 135) heeft Wa(l)raven (rentmeester van de geestelijke goederen) ter zake gehoord.
Oorspr. (Inv. nr. 948).-Geteekend door Cornelis Taymon (secretaris van Gouverneur en Raden).
137  1577 Augustus 2
Op de hierboven geschreven voorwaarden zijn aannemers gebleven van het aardwerk en bolwerk Barent Heyndricx zoon van de eerste besteding, van de palissaden tot aan het bolwerk, voor de som van 2 pond gr. de roe, en Cornelis Foel van de tweede besteding, van het bolwerk tot bij het burger-wachthuis, voor de som van 2 pond 10 schellingen de roe.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).
138  Vóór 1577 Augustus 12
Meester Hubrecht Frans zoon, dienaar des woords, en de ouderlingen van de kerk en gemeente van Armuyden, vanwege de gansche gemeente, geven aan Gouverneur en Raden van Zeelandt te kennen, dat zij bij een vorig rekest (zie nr. 135) op de gebreken van de kerk gewezen en om reparatie verzocht hebben, doch tot nog toe zonder vrucht, en verzoeken thans opnieuw onder herinnering, dat ten behoeve van de gemeene zaak alles aanvaard is, waarvan vroeger de kerk onderhouden werd, dat het woord Gods geschikt in de kerk gepredikt kan worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 948).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1577 Augustus 12, (zie nr. 139) en er onder is een tweede beschikking, d.d. 1578 December 15 (zie nr. 172) geschreven.
139  1577 Augustus 12
Gouverneur en Raden (van Zeeland), beschikkende op het rekest van predikant en ouderlingen der gemeente Arnemuyden, op den kant waarvan deze geschreven is, (zie nr. 138) staan die van Arnemuyden tot reparatie en onderhoud hunner kerk in plaats van de 33 a 34 gemeten, der voorschreven kerk toebehoord hebbende en ten behoeve van de gemeene zaak verkocht, voorloopig 6 pond gr. 's jaars toe, benevens den stuiver, gesteld voor de gekwetsten op elke ton bier.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 948).-Geteekend door Cornelis Taymon (secretaris van Gouverneur en Raden).-Onder het rekest is eene tweede beschikking, d.d, 1578 December 15, (zie nr. 172) geschreven.
b. Afschrift van het laatst der 16de eeuw (Inv. nr. 948).-Onder dit afschrift is een extract van eene andere apostille, d.d. 1578 December 15, (zie nr. 172) afgeschreven.
c. Afschrift van 1641 voor in Inv. nr. 39.
140  1577 September 7
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad (Arnemuiden) gelasten op bevel van zijne Excellentie den eerstkomenden Woensdag te vieren met vasten en God te bidden in de kerk, dat alle zaken van het Land tot een goed effect mogen komen, verbiedende de taverniers en andere burgers op dien dag volk tot drinken te zetten en winkels open te doen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz 10.
141  (1577 September 24.)
Burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden bevelen uit krachte van de door de Generale Staten van Hollandt en Zeellant aan de steden verleende toestemming om boven den ordinairen impost zekeren penning op alle soorten van bieren te mogen instellen, en na bekomen advies van de notabelen en raden der stad, ten behoeve van de reparatie der hoofden, een extraordinairen impost van ,,twee een en schellingen gr. Vlaemsch vier schellingen gr. Vlaems" op elke ton bier, geldende meer dan acht schellingen gr., die de tappers zullen opdoen.
Afschriftin Inv. nr. 837.-Ongeteekend en ongedateerd.
142  1577 October 1
Gouverneur en Raden van Zeellant schrijven aan baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden over het groot aantal vreemdelingen, zoo van eigen natie als van vreemde natiën, dat hier in het land komt, en dat het in dezen twijfelachtigen tijd noodig is om in elke stad geboden te doen, dat alle herbergiers en voorts iedereen des avonds aan baljuw of burgemeesters schriftelijk opgaven moeten doen van de vreemdelingen, die dien nacht bij hen zullen overnachten, met specificatie van namen, toenamen, natie, doel van komst en duur van verblijf, waaruit het gerecht dan zal kunnen oordeelen, of nadere examinatie of verwijdering uit het land noodig is.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 10, 11.
143  1577 October 26
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie voor het gilde der herbergiers of tappers.
a. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 246).
b. Afschrift op perkament (Inv. nr. 247).-Ongeteekend en zonder datum.
c. Afschrift in Inv. nr. 234, onder nr. 7.
144  1577 November 2
De Staten van Hollant en Zeellant verhoogen den koers van de kleine zilveren munten, zooals nader wordt aangegeven.
Afschriftin Inv. 97, blz. 11, 12.
145  1577 November 3
De Staten van Hollant en Zeellant verbieden den uitvoer van granen uit deze landen zonder paspoort of consent, eveneens het vervoer in deze provinciën van de eene stad naar de andere, uitgezonderd de plaatsen, die met elkander geallieerd zijn, tenzij insgelijks bij voorgaand consent, van welk verbod de voornoemde Staten de publicatie gelasten.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 12, 13.
146  1577 December 30
Vanwege Gouverneur en Eaden benevens de Staten van Zeelant worden overeenkomstig het plakkaat van de Generale Staten, d.d. 1577 November 11, alle de hierbij genoemde gouden en zilveren penningen verklaard voor biljoen. Voorts wordt bepaald, dat de nieuwe daalders van de Staten van Hollant voortaan niet hooger zullen mogen gelden dan 35 stuivers.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 13.
147  1578 Januari 7
Guijllaume de Nassau, prins van Oraingien, schrijft aan de regeering der stad Middelburg, dat zijne Excellentie onderricht is van de processen en hindernissen, die zij Arnemuden aandoet, waardoor deze feitelijk van de haar verleend voorrechten niet genieten kan, en geeft als zijne meening te kennen, dat die van Middelburg zullen afzien van alle door hen begonnen quaestiën en processen ter zake van de privilegiën en vrijheden, die zijne Excellentie aan die van Arnemuden gegeven heeft, boven die, welke zij reeds hadden ten tijde, dat zij nog onder het gezag van Middelburg stonden.
a. Afschrift van J. de Beaumont, secretaris van zijne Excellentie (Inv. nr. 78).
b. Afschrift van het sub a vermelde afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 3a.-Onder dit afschrift is de akte, d.d. 1578 Januari 11 (zie nr. 148), afgeschreven.
c. Afschrift van het sub a vermelde afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 46.
148  1578 Januari 11
De notaris J. Masureel instrumenteert, dat in tegenwoordigheid van hem en Geeraert van Wijck, busschieter, door Adriaen Janssen Croeswijck, deurwaarder van het Hof van Hollant, de origineele brieven van zijne Excellentie, waarmede de kopie, waaronder deze geschreven is (zie nr. 147) overeenkomt, aan burgemeesters, schepenen en raden van Middelburch zijn aangeboden, en dat de burgemeester Andries Jacobs zoon bij het scheiden van den Raad gezegd heeft, dat de bedoelde brief geen ander antwoord vereischt dan dat zijlieden doen zouden, wat hun te rade stond.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 78).-Met de signaturen van den notaris, deurwaarder en getuige.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 3b.
149  1578 Januari 18
Gouverneur en Raden van Zeelant laten weten, dat de ingezetenen van Hollant en Zeelant, met hunnen schepen, schuiten, goederen en waren ongehinderd door de sluizen van Sparendam zullen mogen varen en wederkeeren; bevelende alle gouverneurs, kapiteinen, luitenants, bevelhebbers en soldaten de ingezetenen voornoemd bij deze vaart niet te hinderen doch hun behulpzaam te zijn.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 15, 16.
150  1578 Januari 20
Philips, bij de gratie Gods koning van Castillien, bij deliberatie van zijn stadhouder, den prins van Orangien, en op de adviezen van den Provincialen Eaad en de Staten van Hollandt en Zeelant, verbiedt den uitvoer uit de landen van herwaertsover en het vervoer in steden en vlekken, die met elkander niet zijn verbonden, van de hierbij genoemde soorten van granen en zulks tot de maand Ougst eerstkomende of als anders bevolen zal woren, uitgezonderd den uitvoer of het transport van granen van het eene land naar het andere, gelegen in herwaertsovere, behalve wanneer die niet met elkander verbonden zijn, en gelast de publicatie van dit plakkaat in de steden en plaatsen van Hollandt en Zeelandt.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 14, 15.
151  1578 Februari 2
De Gouverneur en de Raden van Zeelant verzoeken burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden op morgen te doen publiceeren, dat een ieder in het eiland Biervliet zal mogen gaan zoetelen met allerhande proviand en victualie, ten behoeve van 3000 Duitsche knechten, die daar zullen komen om door den koning van Portugael tegen de Mooren gebruikt te worden.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 16, 17.
152  1578 Februari 10
Gouverneur en Raden van Zeelant overwogen hebbende, dat zulks tot welvaart van de visscherij en ter voorkoming van grootere duurte van vleesch noodzakelijk is, verbieden het slachten, koopen en verkoopen van de hier genoemde beestialen gedurende 46 dagen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 17, 18.
153  1578 Februari 15
Gouverneur en Raden 's lands van Zeellant, gezien de namen, door die van Arnemuyden aan hen tot vermaking van de wet toegezonden, continueeren en committeeren, na bekomen advies van Symon Rombouts zoon, baljuw der voorschreven stad, tot burgemeester Cornelis Jacobs zoon, die als zoodanig verleden jaar ook gediend heeft, en Cornelis Jacobs zoon van Benten, als tweeden burgemeester; tot schepenen Steven de Ruytere, Heyndrick Adriaens zoon, Jan Heyndriks zoon, Aelbert Pieters zoon van de Graft, Jan de Leeu, Adriaen Cornelis'zoon in Delft, en meester Frans Philips zoon, barbier, om de voorschreven stad te regeeren, recht en justitie te administreeren en alles te doen, wat burgemeesters en schepenen behooren te doen, en zulks voor het jaar (15)78, ingaande bij beëediging in handen van den baljuw.
Afschriftin Inv. nr. 140.
154  1578 Maart 12
Guilleaume de Nassou, prins van Oraengen, zendt aan mr. Sebastiaen van Loosen, Wigbout de Wael, Ieman Claeijs Iemants zoon en Jan Adrijaens zoon Blancx het door zijne Excellentie van burgemeesters, schepenen en raden van de stad Middelburch ontvangen rekest met de daaraan gehechte stukken betreffende de uitoefening der rechtspraak van het landrecht, met last om partijen (de steden van Walcheren) zoo mogelijk te vereenigen. Afschrift (Inv. nr. 83).
155  1578 April 30
Het Hof van Hollant doet uitspraak in een proces tusschen Adriaen Claessen, poorter der burchtstad Armuyden, met burgemeesters en regeerders dier stad, impetranten in reformatie, eener- en Jan van der Perre, koopman te Middelburch, gedaagde met burgemeesters en regeerders dier stad, andererzijds, betreffende de vrijheid van die van Armuijden, welke wegens schulden niet arrestabel zijn, doet te niet het vonnis in quaestie en verwijst de zaak naar het gerecht van Armijden, des impetrants competenten rechter.
a. Oorspr. (Inv. nr. 1061).-Met het zegel van justitie in roode was.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 4.
156  1578 Mei 9
Deken en beleders van het schippersgilde der stad Arnemuyden, met toestemming van burgemeesters, schepenen en raden dier stad, eener- en Adriaen Jans zoon, gemachtigde van burgemeesters, schepenen en raad der stad Brouwershaven, benevens dekens en ommegangers van de zoutpannering aldaar andererzijds, komen voor den tijd van twee jaren met elkander overeen omtrent het loon van de schippers voor het vervoer van grof zout van Armuyden naar Brouwershaven.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 276).-Geteekend door Adriaen Jans zoon.
b. Gelijktijdig afschrift (Inv. nr. 267).
157  1578 Mei 27
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraengien, octrooieert baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Armuyden om ter bestrijding van de kosten van den watermolen, de sluizen en andere werken ten laste der stad te mogen .verkoopen 200 gulden jaarlijksche lijfrenten en eene gelijke som jaarlijksche losrenten.
a. Oorspr. (Inv. nr. 84).-Met het geschonden zegel in roode was en de handteekening van den Prins.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 5.
c. Afschrift in Inv. nr. 80, onder nr. 5.
158  1578 Mei 27
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraengien, octrooieert baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden om tot onderhoud van de hoofden der stad van ieder schip, aankomende en merende aan die hoofden en aldaar niet behoorende, te mogen heffen 6 grooten Vls., en zulks in de plaats van het recht op den uitvoer van zout.
a. Oorspr. (Inv. nr. 85).-Met het geschonden zegel in roode was en de handteekening van den Prins.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 6.
c. Afschrift in Inv. nr. 80, onder nr. 6.
159  1578 Juni 2
Aelbrecht de Vriese is op de hierboven geschreven voorwaarden aannemer gebleven van het maken van het dijkje van het havent je bij de Veersehe poort, voor de som van 16 schellingen 8 grooten de roe, op de kruin gemeten, en 16 schellingen gr. voor gelag.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 173).
160  1578 Juni 6
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden oorkonden, dat de gouverneur Alexander de Haultain hun de noodzakelijkheid van de volmaking der fortificatie van de stad aan den waterkant, van het oostersche hoofd tot aan den hoek van den tol, heeft te kennen gegeven, tot welk einde zij met hem zijn overeengekomen, dat genoemde Gouverneur aan hen de som van 400 pond gr. Vls. zal verstrekken en zij de noodige werken zullen doen maken met verdere belofte de meerdere kosten ten laste der stad en de ingezetenen te zullen brengen, alles zoo mogelijk dezen zomer, op pene, dat de gouverneur de bedoelde werken te hunne kosten zal doen maken.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 186).-Met het opgedrukte stadszegel op papier in groene was en de handteekening van Bartholomeus Cannoye, secretaris der stad.
161  1578 Juli 16
De Generale Staten van Zeellant gelasten den ontvang van de rechten van den impost en het convooi overeenkomstig de lijst van de generale middelen, ten behoeve van de Generale Staten der Nederlanden door de Staten van Hollant en Zeellant voor den tijd van twee jaren, ingaande 1578 Juli l, toegestaan.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 18, 19.
162  1578 Juli 17
Philips, bij de gratie Gods koning van Castille, ontwaard hebbende, dat het plakkaat, d.d. 1577 November 11 (zie nr. 146), niet onderhouden wordt en alle landen overvuld zijn van de daarbij genoemde penningen, vooral van de gouden ducaten, waarbij het volk bedrogen wordt, verklaart op advies van zijnen stadhouder, den prins van Oraengen, en de adviezen van de Staten van Hollandt en Zeelant en zijnen Raad provinciaal, de hierin genoemde gouden en zilveren stukken andermaal voor biljoen, waarvan een secrete ordonnantie met de figuren enz. der penningen gedrukt is te Antwerpen bij Gilliaem van Pays in den Gulden Pellicaen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 19-21.
163  1578 Juli 21
De Gecommitteerde Kaden van Zeellant gelasten den gezworen bode Hans Gast het hierboven afgeschreven plakkaat betreffende gouden en zilveren munten (zie nr. 162) eerstdaags in alle steden en plaatsen in Zeellant te publiceeren.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 21.
164  1578 Juli 21
Burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden gelasten den tresoriers de gelden, die Aelbrecht Pieterszoon van der Graft van den verkoop van zeker oud geschut, eertijds van stadswege gekocht, ontvangen heeft, over te nemen en de rest, die de kooper nog schuldig is, te ontvangen, en zij gelaten den voornoemden Aelbrecht de door hem ontvangen penningen den tresoriers over te leveren, waarvoor hij tegenover eenige lieden en in het bijzonder tegen den gouverneur bevrijd zal worden.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 194).
165  1578 Augustus 3
Philips, bij de gratie Gods koning van Castillen, bij deliberatie van zijn stadhouder, den prins van Oraingen, en de Staten van Hollant en Zeellant, en gehoord den Raad provinciaal, gelast, dat de hierbij genoemde munten, die boven 8 asen te licht zijn (behalve de gewone remedie) in Hollant en Zeellant niet mogen ontvangen en uitgegeven worden, en stelt voorts orde op het ontvangen en uitgeven dier munten, welke minder dan 8 asen te licht bevonden zullen worden.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 22, 23.
166  1578 Augustus 16
Gouverneur en Raden (van Zeeland) hebben met goedvinden van de Generale Staten van Hollant en Zeellant een algemeenen bid- en vastendag bepaald op Woensdag den 20sten dezer maand, naar aanleiding waarvan baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden) gelasten den voorschreven dag met bidden en vasten vurig te vieren en te celebreeren om God te bidden, danken en loven, verbiedende alle burgers en inwoners, zoo tappers als anderen, op den voorschreven dag goederen te verkoopen of iemand onder de predicatie te drinken te zetten.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 22.
167  1578 Augustus 19
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie op het vrachtloon van de schippers voor vervoer van personen en goederen.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
b. Afschrift in Inv. nr. 101, fol. 34, 35.
168  1578 Augustus 22
Philips, bij de gratie Gods koning van Castillien, bij advies van zijnen stadhouder, den prins van Orraingen, van de Staten en der Raden provinciaal van Hollant en Zeelandt, verbiedt tot bestrijding van bestaande misbruiken het branden van haring met versierde bijwerken; het verpakken en brandmerken van haring uit vreemde landen of provinciën; den invoer van Schotsch, Lunenburgher of ander zout, van geen zout gezoden; en klein zout, binnen Hollant en Zeellant geraffineerd, aldaar op te leggen, te verkoopen of vervoeren om aldaar gebruikt te worden, welk zout naar vreemde landen en provinciën vervoerd en verkocht zal worden.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 23-25.
169  1578 October 11
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, gelet op den inhoud van het rekest van deken en gemeene gildebroeders der bakkers, verklaren voorloopig nog te volharden bij de voor het bakkersgilde gemaakte ordonnantie, gelasten voorts het doen eener proeve van bekwaamheid om in het gilde te komen en verbieden het bakken op Zondag, die des nachts om 12 uur ingaat. Afschrift in Inv. nr. 234, onder nr. 1a.
170  1578 November 7
Sebastiaen van Loozen, Yeman Clais Yemans zoon en Joan Ariaens Blancx, gecommitteerden van zijne Excellentie, schrijven aan burgemeesters, schepenen en raad der stad Arnemuyden over de bezwaren (betreffende het landrecht), door die van Middelburch bij den Prins ingediend en roepen genoemde stadsregeering op tot eene conferentie met die van Middelburch, Ylissingen en Yere in het hof van de Staten van Zeelant op Maandag November 10 des voormiddags te 9 uren, om te hooren de middelen tot akkoord, die voorgedragen zullen worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 82).-Geteekend door de gecommitteerden.
171  1578 November 25
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, overwegende, dat hier voortijds eene ordonnatie op het ballasten onderhouden is geweest, hetgeen thans riiet meer geschiedt, omdat die in langen tijd niet gepubliceerd is, vernieuwen die ordonnantie, zooals zij hieronder geschreven staat.
a. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 243).
N.B. Deze minuut is vervaardigd op een authentiek afschrift van Jacob Zagarus (secretaris der stad Middelburg) eener ordonnantie van burgemeesters, schepenen en raad dier stad voor de gemeene ballasters van Middelburch en Arnemuyden, d.d. 30 Juni 1562, op dato te Arnemuyden afgegeven (zie Reg. nr. 34).
b. Afschrift (Inv. nr. 244).
c. Afschrift in Inv. nr. 234, onder nr. 8.
172  1578 December 15
De Gecommitteerde Raden van Zeelandt, volhardende bij de ordonnantie van Gouverneur en Raden, d.d. 1577 Augustus 12, waaronder deze geschreven is (zie nr. 139), staan den verzoekers voorloopig de daarbij genoemde uitkeeringen toe.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 948).-Geteekend door Christoffel Roëls (pensionaris van de Staten van Zeeland).
b. Extract van het laatst der 16de eeuw in Inv. nr. 948.
173  1578 December 19
(Christoffel) Boels (pensionaris van de Staten van Zeeland) en (Cornelis) Taymon (secretaris van die Staten) onderleekenen eenige bepalingen betreffende ,,Lantrechts ordonnantie in de steden Middelburch, Vere, Vlissynge en Arnemuyden".
Afschriftin Inv. nr. 80, onder nr. 25.
174  (c. 1578.)
De gedeputeerden van de steden Vlissinghen, Vere en Arnemuyden hebben aan de regeering dier steden respectievelijk vertoond het verzoek van burgemeesters en schepenen van Middelburch omgehandhaafd te worden in hunne oude privilegiën, en alle privilegiën enz. aan eerstgenoemde steden en hare inwoners bij de reductie der stad Middelburch verleend, die nu alleen quaestieus zijn, verder ook onvruchtbaar te maken, welk verzoek in handen is gesteld van gecommitteerden van zijne Excellentie, waarna genoemde magistraten en notabelen van de steden bij elkander zijn gekomen, hetgeen bij de gemeenten achterdocht heeft gewekt van verkort te zullen worden in datgene, dat zij zeggen met goed en bloed verdiend te hebben en aanleiding tot rumoerige betoogen heeft gegeven. De bovengenoemde gedeputeerden oordeelen het in dezen troebelen tijd en zwarigheid van contributiën noodig deze zaak te stillen en verklaren geene andere resolutie op het verzoek van Middelburch te hebben kunnen nemen, dan dat de magistraten ieder afzonderlijk en alle drie te zamen alle oorzaken van tweedracht en oproer zullen schuwen. Voorts treden de gedeputeerden in bijzonderheden betreffende het gedrag van die van Middelburch, zoo ten opzichte van zijne Excellentie als van de drie gepriviligeerde steden, en zij staan toe, dat, indien die van Middelburch onverhoopt niet te vreden zijn, zijne Excellentie hiervan wordt verwittigd.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 82). Geteekend door de gedeputeerden van Vlissingen: Jan Jansen Cooman; van Vere: Pieter Reyghersberch; van Arnemuyden: Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
b. Als voren.
c. Afschrift (Inv. nr. 82). Geteekend door "Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
175  1579 Maart 10
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden gelasten, naar aanleiding van een schrijven van de Generale Staten van Hollant en Zeellant en overeenkomstig voorgaande ordonnantiën, dat tappers, herbergiers en alle inwoners gehouden zullen zijn des avonds vóór 8 uren aan den baljuw schriftelijk opgave te doen van bij hen logeerende vreemdelingen met vermelding van namen en toenamen, plaatsen van waar zij komen en van hunne bedoelingen; verbiedende voorts allen burgers aan vreemd volk huizen, schuren, kelders, kamers of andere plaatsen zonder toestemming van de burgemeesters te verhuren.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 35, 36.
176  1579 April 6
De Gecommitteerde Raden van Zeellant, gezien het schrijven van die van Arnemuyden, d.d. Maart 11, waarbij zij de vermaking van de Wet verzoeken, en de nominatie, gedaan door burgemeesters, schepenen en raden, mitsgaders de notabelen der stad, daarover speciaal geroepen, continueer en en committeeren tot burgemeesters Cornelis Jacobs zoon van Benten, die als zoodanig verleden jaar ook gediend heeft, en Bouwen Jans zoon; tot schepenen Aelbrecht de Graft, Jan de Leeu, meester Frans Philips zoon, Adriaen Cornelis'zoon in Delft, Ambrosius van de Boogaert, Jan Adriaens zoon Noom en Jan Symons zoon, om de voorschreven stad te regeeren, recht en justitie te administreeren en alles te doen, wat burgemeesters en schepenen behooren te doen, en zulks voor het jaar 1579, ingaande bij beëediging in handen van den baljuw.
Afschriftin Inv. nr. 140.
177  1579 April 29
Gillis Jans zoon en Jan Clays'zoon zijn op de hierboven geschreven voorwaarden aannemers gebleven van de besteding van den wal, beginnende aan het Oostersche hoofd tot aan het bolwerk van den Vogelesanck, voor de som van 3 pond 5 schellingen gr. Vls. de roe.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 190).-Geteekend door de aannemers.
178  1579 Mei 5
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden gelasten den herijk van maten en gewichten, verbieden het houden van varkens in de stad en binnen 50 roeden daarbuiten, en bevelen tappers en taverniers binnen den tijd van 8 dagen vóór hunne deuren een blik met specificatie van de prijzen te bevestigen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 36, 37.
179  1579 Mei 8
De Gecommitteerde Raden der Staten van Zeelant geven getuigenis der waarheid van de hierin beschreven overeenkomst, d.d. 1579 April 23, die voor commissarissen van zijne Excellentie tusschen de afgevaardigden van de steden Middelburch, Vlissingen, Vere en Arnemuijden inzake de jurisdictie van het landrecht ,,eyntelick na veele debatten" is tot stand gekomen.
a. Oorspr. (Inv. nr. 82).-Met het zegel ten zaken van de Staten in roode was.-Met een transfix, d.d. 1579 Juni 10 (zie nr. 131).
b. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 7.
c. Onvolledig en onregelmatig afschrift van den notaris D. van Huenen, d.d. 10 Augustus 1665, in Inv. nr. 83.
180  1579 Mei 13
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraingen, bij advies van de Staten van Zeelant, verbiedt andermaal den toevoer van victualie en ammunitie van oorlog aan Valentijn de Pardieu, heer van La Motte, die bij plakkaat van de Generale Staten, d.d. Maart 9 laatstleden, verklaard is voor rebel, vijand en verrader, en den voornoemden La Motte en zijnen aanhangers geld te verstrekken of bijstand te verleenen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 25-27.
181  1579 Juni 10
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraengien, approbeert ten verzoeke van de regeering der stad Arnemuyden de overeenkomst, zooals die door gecommitteerden van zijne Excellentie getroffen is en beschreven staat in de akte, waardoor deze gestoken is (zie nr. 179), met dien verstande, dat de burgers der voorschreven stad overeenkomstig hun verzoek het recht van indaging altijd zullen genieten, en zulks voor twee of drie commissarissen en volgens eene instructie van procedeeren als de regeering ten meesten gerieve der gemeente bevinden zal te behooren.
a. Oorspr. (Inv. nr. 82).-Met het zegel in roode was en de handteekening van den Prins.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 7.
c. Afschrift in Inv. nr. 80, onder nr. 7.
d. Af schrift in Inv. nr. 83.
182  1579 Juni 12
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraengien, verklaart, dat het zijn wil is en altijd geweest is, dat de executie der vonnissen, door den magistraat der stad Armuyden gewezen en nog te wijzen, geschieden zal in alle manieren als de executie der vonnissen van de stad Middelborch geschiedt.
a. Oorspr. (inv. nr. 46). Geteekend door den Prins; het opgedrukte zegel is niet meer aanwezig.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, nr. 8.
c. Afschrift in Inv. nr. 80, nr. 8.
183  1579 Juni 13
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, om te voorzien in de vele abuizen, die de meters van het groffe zout dagelijsk begaan,-door die van de pannering van Ziericxee, der Goes, der Vere, Arnemuyden, Rommerswaele, Brouwershaven en Berghen opten Zoom ter kennis gebracht-geven de hierbij geschreven ordonnantie.
a. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 251).
b. Afschrift (Inv. nr. 260).
c. Ongedateerd afschrift (Inv. nr. 260).
184  1579 Juni 20
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden gelasten de naleving van de hier afgeschreven artikelen betreffende de burgerwacht en van verschillende andere hierbij gegeven politieverordeningen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol 38-43.
185  1579 Juni 24
Baljuw, burgemeesters, schepenen en tresoir der stad Arnemuyden gelasten de naleving van de hier afgeschreven artikelen betreffende de burgernachtwacht en van verschillende andere hierbij gegeven politieverordeningen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 38-43.
185  1579 Juni 24
Baljuw, burgemeesters, schepenen en tresorier der stad Arnemuyden hebben van Jan Mussche, gemachtigde van zijn broeder Cornelis Mussche, ten behoeve van de stad het huis met toebehooren, genaamd De Groote Sterre, staande op de Vischmarkt aldaar, op de hierbij vermelde voorwaarden gekocht.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 566).-Geteekend door Jan Mussche, Bouwen Jansen, burgemeester, Frans Philips en Jan Symonsen, schepenen, Symon Romboudts zoon, baljuw, Adriaen Cornelis Cuiper, tresoir, Petrus de la Hoes, borg, en Jan . . .(?)
186  Voor 1579 Juli 8
De goedwillige ingezetenen, poorters dezer stad, geven bji rekest aan baljuw, burgemeesters en schepenen der stad (Arnemuiden) te kennen, dat zij van advies zijn om op hunne kosten een vendel op te richten, en verzoeken "in camere" te worden ontboden om de redenen daarvan te verklaren.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 210).-Op den kant van dit rekestis de beschikking, d.d. 1579 Juli 8 (zie nr. 187), en er onder is een ander rekest (zie nr. 189) geschreven.
187  1579 Juli 8
Het college van Wette (der stad Arnemuiden), beschikkende op het rekest van de ingezetenen, poorters dezer stad, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 186), autoriseert den verzoekers van de daarin bedoelde goedwilligen een rol te maken en die bij het genoemde college over te brengen, waarna verder naar behoren gelast zou worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 210).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
188  1579 Juli 28
Schepenen in Arnemuyden oorkonden, dat Cornelis Mussche, koopman van Brugge, wonende te Antwerpen, aan tresoriers der stad Arnemuyden ten behoeve dier stad den eigendom van het huis en hof, genaamd De Groote Sterre, staande op de Vischmarkt aldaar, overdraagt.
Oorspr. (Inv. nr. 566).-Met 3 schepenzegels (van Cornelis van Benten, Adriaen Cornelissen (geschonden) en Jan Adriaensen van der Bie (geschonden) in groene was.
189  Vóór 1579 Augustus 13
Ten vervolge op het rekest van de goedwillige ingezetenen, poorters der stad, waaronder dit geschreven is (zie nr. 186), en ter voldoening aan de daarop genomen beschikking, d.d. 1579 Juli 8 (zie nr. 187), verzoeken de goedwillige "beminders" aan baljuw, burgemeesters en schepenen der stad (Arnemuiden), met aanbieding van de hieraan gehechte rol der namen moest in handteekening (betreffende de oprichting van een vendel), orde te willen stellen en tot verlichting van kosten een gratuiteit te willen verleenen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 210).
190  1579 Augustus 13
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden stellen de hier afgeschreven artikelen voor eene op te richten schutterij of confrerie vast.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 210).-Ongeteekend.
191  1579 Augustus 22
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden) gelasten opnieuw, dat alle inwoners der stad gehouden zijn te 8 uren 's avonds of als de wacht opgekomen is op het stadhuis schriftelijk over te brengen de namen en toenamen van alle manspersonen, die in hunne huizen zullen logeeren, met vermelding van waar zij komen en waarheen zij willen of met welk doel zij hier komen; verbiedenvoorts aan vreemdelingen binnen de eerstkomende acht dagen met rapier of lang geweer op straat te komen, en bevelen, dat gedurende de voorschreven acht dagen alle inwoners op wacht moeten komen, zooals zij door den stadsbode gewaarschuwd zullen worden, en dat niemand des avonds na 9 uren zonder licht op straat zal komen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 43, 44.
192  1579 Augustus 25
De notaris Leonaerdt de Keijser, resideerende binnen de stad Arnemuijden, instrumenteert de verklaringen van Steven Diericx zoon Ruijter, waard in den Gouden Ingel, oud 56 of 57 jaar, Adriaen Janssen Coster, waard in de Vier Hemptskinderen, oud omtrent 52 jaren, en Pieter Cornelis'zoon Bontekoe, koopman, oud omtrent 23 of 24 jaren, benevens Christoffel Spierinck, koopman, oud 61 jaren, poorters der voorschreven stad, op verzoek van baljuw, burgemeesters en schepenen dier stad, in de zaak van Gheleyn Joliet, burgemeester van Middelburch, voor hem, notaris, en getuigen afgelegd.
Afschrift(grosse) (Inv. nr. 1060).-Met de signatuur van den notaris.
193  1579 Augustus 29
De Staten (van Holland en Zeeland) hebben het zeer noodig bevonden September 9 eerstkomende een algemeenen biddag te houden om God met vurige en oprechte harten in vasten en bidden te dienen, opdat Hij de aanslagen des vijands zal willen te niet doen, naar aanleiding waarvan baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden gelasten den voorschreven dag met vasten en bidden, gelijk den Zondag, te vieren.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 28, 29.
194  1579 Augustus 31
Guilleaume de Nassau, prins van Oraengien, beveelt baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Armuyden Gheleyn Jolijt, burgemeester en stadhouder van Middelburch, onmiddellijk voorloopig onder handtasting en cautie juratoir van te recht te zullen staan daar, waar het bevonden zal worden te behooren, uit de gevangeschap te bevrijden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1060).-Geteekend door den Prins.
195  1579 September 1
De Gecommitteerde Raden van Zeelant zenden de missive van zijne Vorstelijke Genade (zie nr. 194) aan burgemeesters, schepenen en raad der stad Arnemuijden, spreken de hoop uit, dat de last om den burgemeester Geleijn Jolijt voorloopig te bevrijden, zal worden opgevolgd, en verzoeken mededeeling van hunne bedoeling in deze.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1060).-Geteekend door Christoffel Roëls (raadpensionaris van de Staten van Zeeland).
196  1579 September 5
(Burgemeesters en schepenen der stad Arnemuiden) schrijven (aan commissarissen bij zijne Excellentie te Brugge) over de relaxatie van den persoon van Geleijn Jolijt (zie nrs. 194, 195), en de moeilijkheden, die door de andere partij ten aanzien van de cautie juratoir in verband met de aanwijzing van den competenten rechter worden gemaakt.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 1060).
197  1579 September 8
Wiebout de Waele en Jacob Valcke (commissarissen bij zijne Excellentie) schrijven (aan den magistraat van Arnemuiden) over de doleantie, door die van Middelburch in de zaak van Geleijn Jolijt (zie nrs. 194-196) overgeleverd, zijnde geheel onbehoorlijk, waarvan door hen (commissarissen) aan zijne Excellentie rapport is uitgebracht, naar aanleiding waarvan aan die van Middelburch is geantwoord, zooals hierbij wordt medegedeeld. Voorts verlangt zijne Excellentie in te zien het octrooi aan die van Arnemuijden verleend (nr. 50); en betreffende de Generale Staten van Zeelant, kort na de reductie van Middelburch ten huize van Serooskerke aldaar gemaakt; de repartitie van de jurisdictiën binnen Walcheren; en zeker contract of declaratie, gepaseeerd te Ziericxee; deze stukken zijn ten spoedigste aan zijne Excellentie of aan (zijn secretaris) Bruinincx toe te zenden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1060).-Geteekend door de beide commissarissen.
198  1579 September 14
Geleijn Jolijt, gevangene, heeft voor burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden gezworen en handtasting gedaan, dat hij te allen tijde in de actie, die de baljuw dezer stad op hem vordert, voor dezen zal terecht staan, zooals door zijne Excellentie bevonden zal worden te behooren, waarop de voornoemde Jolijt, behoudens den voornoemden eed en de handtasting, door den baljuw voorloopig in vrijheid is gesteld. Concept op papier (Inv. nr. 1060).
199  1579 September 14, 15
De notaris Simon Brouckhovens, de exercitie doende over alle landen van herwaertsover, instrumenteert de debatten en handelingen, die te Armuden in zijne tegenwoordigheid tusschen die van de Wet aldaar eener- en mr. Willem Roels, pensionaris en gemachtigde van burgemeesters, schepenen en raden der stad Middelburch, en den persoon van Ghelein Jolijt, burgemeester van die stad, andererzijds, in zake van de bevrijding uit gevangenschap van laatstgenoemde (zie nrs. 194-198, 200, 201) hebben plaats gehad, zonder dat er over de cautie juratoir overeenstemming is verkregen, waarna door hem, notaris, namens zijn comparanten een protest aan burgemeesters en schepenen van Armuden is overgeleverd, die hierop schriftelijk antwoordden en hem, notaris, met het protest verwezen hebben naar den baljuw, daar zij in deze zaak slechts als bemiddelaars optreden, hetgeen aldus is geschied met de hierbij vermelde gevolgen.
Afschrift(Inv. nr. 1060).-Met de signature van den notaris.
200  (1579 September 14.)
(De baljuw van de stad Arnemuiden) geelt op het protest, door Symon Brouckhovens, notaris, uit naam van Willem Roels, pensionaris der stad Middelburch, en Geleijn Jolijt, gevangene, gedaan (zie nr. 199), voor antwoord, dat hij door het schrijven van zijne Excellentie en de bemiddeling van burgemeesters en schepenen der voornoemde stad reeds meer gedaan heeft dan hij naar rechte schuldig is te doen en daarbij en bij het antwoord van burgemeesters en schepenen voornoemd, op gelijk protest gedaan, volhardt met erkenning van de presentatie door dezelven gedaan, en dat hij, bijaldien de gevangene blijft voortgaan de zaak slepende te houden, met zijn actie voort zal gaan voor zijn gerecht of zoo hij te rade zal gaan.
a. Concept (Inv. nr. 1060).
b. Concept, nagenoeg gelijk aan het sub a vermelde concept (Inv. nr. 1060).
201  1579 September 20
Guilleaume de Nassau, prins van Orangien, schrijft aan Gecommitteerde Raden van Zeellant over den burgemeester der stad Middelburch Geleyn Jolyt, te Armuyden gevangen zijnde en nog niet ontslagen, omdat partijen over den vorm van de te stellen cautie juratoir het niet eens konden worden, met verzoek hen te hooren en tot overeenkomst te dwingen overeenkomstig het schrijven van zijne Excellentie, d.d. Augustus 31 laatstleden. (Zie nr. 194.)
a. Afschrift van Christoffel Roëls (pensionaris van de Staten van Zeeland) (Inv. nr. 1060).-Onder dit afschrift is eene oorspronkelijke akte, d.d. 1579 September 24, (zie nr. 203) geschreven.
b. Afschrift van het sub a vermelde afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 8a.
202  1579 September 20
Guilleaume de Nassau, prins van Oraengiën, schrijft aan burgemeesters, schepenen en raad der stad Arnemuijden, dat hij vernomen heeft, dat wegens gerezen verschil over den vorm van de acte van ontslag de burgemeester der stad Middelburch Gheleyn Jolijt uit de gevangenschap nog niet ontslagen is en dat zijne Excellentie thans aen Gecommitteerde Raden van Zeelandt schrijft om bedoeld ontslag van zijnent wege te bevorderen, begeerende en die van Armuijden verzoekende zich in deze zaak naar redelijkheid te laten vinden en tot de bevrijding van den voorschreven Jolijt te laten verstaan, waartoe zij te meer redenen kunnen hebben, omdat zulks zonder nadeel hunner gerechtigheden kan geschieden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1060).-Geteekend door den Prins.
203  1579 September 24
In het College van die van Arnemuijden heeft in tegenwoordigheid van eenige hierbij genoemde Gecommitteerde Raden van Zeellant en andere personen Geleijn Jolijt, burgemeester der stad Middelburch, gevangene, voor burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden gezworen en handtasting gedaan aan den baljuw dezer stad om te recht te zullen staan daar en zoo het bevonden zal worden te behooren, overeenkomstig de missive van zijne Excellentie, onder wier afschrift deze geschreven is (zie nr. 201), waarna de voornoemde burgemeester in vrijheid is gesteld.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 1060).
b. Afschrift (Inv. nr. 1060).
c. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 8.
204  1579 September 25
De Staten van Zeellant, ten verzoeke van zijne Excellentie vanwege de Generale Staten, consenteeren tot het opbrengen van de quote van Zeellant in de lichting van den 100sten penning, zooals hierbij nader beschreven is. Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 27, 28.
205  1579 September 30
Robert Janssen de Lanoy, schepen, en mr. Willem Roelsius, pensionaris der stad Middelburch, hebben in handen van den secretaris Taymon, bij absentie van de Raden, overgeleverd zekere schriftelijke verklaring, d.d. 26 dezer, geteekend Ferdinand Alleman, gedaan van wege den burgemeester Geleijn Jolijt en die van Middelburch, ter voldoening aan de brieven van zijne Excellentie, d.d. 20 dezer (zie nrs. 201, 202), en het akkoord tusschen den voornoemden burgemeester Jolijt en den baljuw van Arnemuijden (zie nr. 203).
Extract uit het collegiaelboeck van de Staten van Zeelant en hunne Gecommitteerde Raden (Inv. nr. 1060).-Onder dit extract is een ander, d.d. 1579 October 1 (zie nr. 206) en een oorspronkelijke akte, d.d. 1579 December 17 (zie nr. 211), geschreven.
206  1579 October 1
Symon Romboutssen, baljuw, Cornelis van Benthen, burgemeester, en mr. Heinrick Sonnius, pensionaris der stad Arnemuyden, hebben aan den secretaris Taymon, bij absentie van de Raden, mondeling verklaard en gekozen voor juge in het geschil tusschen den voornoemden baljuw en den burgemeester Geleijn Jolijt de Gecommitteerde Raden van Zeelant, en zulks ter voldoening aan het schrijven van zijne Excellentie (zie nrs. 201, 202) en het akkoord (zie nr. 203).
Extract uit het collegiaelboeck van de Staten van Zeelant en hunne Gecommitteerde Raden (Inv. nr. 1060).-Boven dit extract is een ander, d.d. 1579 September 30 (zie nr. 205), en er onder is eene oorspronkelijke akte, d.d. 1579 December 17 (zie nr. 211), geschreven.
207  1579 October 27
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden), om te voorzien in de toenemende zwakte van de burgerwacht door afwezigheid van varensgezellen en andere buiten de stad werkende burgers, gelasten met handhaving van de dienaangaande onlangs gegeven ordonnantiën, dat voortaan alle inwoners der stad gehouden zullen zijn op wacht te komen of een geschikt persoon in de plaats te stellen, hetzij van binnen of van buiten de stad, en voorts, dat alle meesters van ambachten geen knechts in hun dienst zullen aannemen, alvorens deze door den secretaris te hebben doen opteekenen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 44, 45.
208  Vóór 1579 December 5
Gheleijn Jolijt en burgemeesters, schepenen en raad der stad Middelburch geven aan zijne Excellentie te kennen, dat zij vernomen hebben, dat op het schrijven van zijne Excellentie aan baljuw, burgemeesters, schepenen en regeerders van Armuyden, d.d. November 14, om in zake de gevangenzetting van den voorschreven Jolijt eenige afgevaardigden te zenden, een van de burgemeesters van Armuijden met den pensionaris mr. Henrick Sonnius herwaarts waren gekomen, en dat zij eveneens hun pensionaris mr. Willem Roels herwaarts hadden gezonden, en verzoeken dien van Armuijden te gelasten opening der redenen van de gevangenneming te doen en naar behooren te procedeeren, en bijaldien de voorschreven van Armuijden onverhoopt daartoe geen last hebben, te willen bevelen binnen 8 dagen of anderen te stellen tijd daaraan te voldoen, of dat anders de gevangenneming verklaard zal worden onbehoorlijk of immers "premature" gedaan te zijn en de voorschreven apprehendenten in alle kosten veroordeeld zullen worden.
Afschrift(Inv. nr. 1060).-Onder dit rekest is de beschikking, d.d. 1579 December 5 (zie nr. 209), afgeschreven.
209  1579 December 5
Guilleaume de Nassau, gehoord het rapport omtrent het rekest, onder welks afschrift deze beschikking afgeschreven is (zie nr. 208), gelast den gedeputeerden der stad Armuyden, thans binnen de stad Antwerpen, op den inhoud van het rekest te antwoorden en verklaring van het daarin gedaan verzoek te doen, waarna door zijne Excellentie nader beschikt zal worden.
Afschrift(Inv. nr. 1060).
210  1579 December 10
Guilleaume de Nassau, prins van Orangien, verzoekt baljuw, burgemeesters, schepenen en raad der stad Armuijden-onder herinnering aan zijne brieven om gedeputeerden herwaarts te zenden ten einde met gedeputeerden der stad Middelburch het geschil betreffende de gevangenneming van den burgemeester Geleijn Jolijt af te doen, zoomede aan het verblijf van gedeputeerden van Arnemuijden gedurende enkele dagen te Antwerpen en hun vertrek van daar weder, zonder voldaan te hebben aan den last, door zijne Excellentie gegeven bij appostille op het rekest van die van Middelburch (zie nr. 209), aan hen medegedeeld -, eerstdaags wederom gedeputeerden met volle macht herwaarts te zenden om in dezelfde zaak te handelen als voorschreven is.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1060).-Geteekend door den Prins.
211  1579 December 17
Cornelis Taymon (secretaris van de Staten van Zeeland) oorkondt, dat bij de declaratie, onder wier extract deze akte geschreven is (zie nr. 206), door die van Aernemuijden gevraagd is, of die van Middelburch gelijke declaratie hadden gedaan, en-na bevestigende beantwoording-welke juge door hen gekozen was, waarop de secretaris had verklaard door die van Middelburch verzocht te zijn geworden denzelven alsnog geheim te houden, waarom hij, secretaris, tot nog toe de schriftelijke acte, noch eene kopie en van, aan die Aernemuijden gegeven heeft.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1060).-Geteekend door den secretaris.-Boven deze akte is nog een extract, d.d. 1579 September 30 (zie nr. 205), geschreven.
212  1579 December 17, 21
De Staten van Zelandt en hunne Gecommitteerde Raden gelasten allen eigenaars, pachters en gebruikers de opbrengst van de 12de en 20ste penningen van de hierbij genoemde artikelen in handen van de rentmeesters der Staten over te brengen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 31, 32.
213  1579 December 21
(De Gecommitteerde Raden van Zeeland) zetten op verzoek van die van Armuijden aan zijne Excellentie de redenen uiteen der vertraging, die in den voortgang der zaak van den baljuw van Armuijden tegen Geleijn Jolijt, burgemeester van Middelburch, heeft plaats gehad (zie nrs. 205, 206, 208-211), met mededeeling van de bereidwilligheid van Armuijden tot minnelijke schikking en dat bij de keuze van rechters tusschen partijen geen overeenstemming is verkregen, hebbende die van Middelburch genomineerd zijne Excellentie en de voornoemde baljuw Gecommitteerde Raden, die ten slotte zijne Excellentie verzoeken te willen bevelen, zooals haar raadzaam zal voorkomen.
Afschrift(Inv. nr. 1060).
214  1580 Januari 5
Guilleaume de Nassau, prins van Oraengien, schrijft aan burgemeesters, schepenen en regeerders der stad Armuijden in antwoord op hunne brieven van December 21, betreffende het geschil tusschen hen en de stad Middelburch (zie nr. 213), meldt hun zijn schrijven aan Gedeputeerde Raden van Zeelandt, met toezending van eene kopie er van (zie nr. 215) en verzoekt den inhoud daarvan op te volgen en gedeputeerden herwaarts te zenden tegen den dag, die vastgesteld zal worden om in de zaak te handelen, tot welk einde zijne Excellentie ook aan die van Middelburch zal schrijven (zie nr. 216).
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1060).-Geteekend door den Prins.
215  1580 Januari 5
Guilleaume de Nassau, prins van Orangien, schrijft aan (Gecommitteerde Raden van Zeeland) in antwoord op hunne missive van December 21 (zie nr. 213) betreffende het geschil tusschen de steden Middelburch en Armuijden over de gevangeneming van Geleijn Jolijt, burgemeester der stad Middelborch, dat hij goedgevonden heeft, dat het bedoelde geschil door Gecommitteerde Raden en zijne Excellentie gezamenlijk wordt "geünydeert", begeerende, dat voornoemde Raden in overleg met partijen den dag zullen bepalen, waarop door deze gedeputeerden herwaarts gezonden zullen worden, als wanneer de Raden eveneens 2 of 3 uit hun college behooren af te vaardigen om de zaak met zijne Excellentie af te doen.
a. Afschrift (van de secretarie van den Prins) (Inv. nr. 1060).
b. Afschrift (van Gecommitteerde Kaden) (Inv. nr. 1060).
216  1580 Januari 5
Guilleaume de Nassau, prins van Oraengien, schrijft aan die van Middelburch, dat die van Arnemuijden hun secretaris te Antwerpen gezonden hebben met brieven betreffende het geschil over de gevangeneming van Geleijn Jolijt, waarop zijne Excellentie, terwijl er niemand van Middelburch te Antwerpen is, niet heeft kunnen handelen, meldt hun zijn schrijven aan Gedeputeerde Raden van Zeelant, met toezending van eene kopie er van (zie nr. 215), en verzoekt den inhoud daarvan op te volgen en gedeputeerden herwaarts te zenden tegen den dag, die vastgesteld zal worden om in de zaak te handelen, tot welk einde zijne Excellentie ook aan die van Armuijden zal schrijven (zie nr. 214). Afschrift (Inv. nr. 1060).
217  1580 Januari 12 en 13
De Generale Staten van Zeelandt, bij deliberatie en advies van den prins van Oraengien, verklaren alle goederen, actiën en credieten van de provinciën, steden en vlekken, die zich van de Generale Staten der Nederlanden en van de Geünieerde provinciën hebben afgescheiden, en van de ingezetenen en inwoners daarvan voor geconfisqueerd ten profijte van de gemeene zaak; insgelijks mogen hunne personen, waar die binnen Zeelandt en Hollandt of daarbuiten gevonden mochten worden, voor prijs verklaard en gevangen genomen worden, verbiedende een ieder de voorschreven provinciën, steden en vlekken en de inwoners daarvan, zich houdende aan 's vijands zijde, eenige betaling te doen, met dezelven te handelen of correspondentie te houden, met last om van de wetenschap van zulke goederen aan Gecommitteerde Raden kennis te geven; behoudens, dat alle degenen, die zich van deze ordonnantie willen bevrijden, binnen den tijd van zes weken blijken hunner oprechte bekeering tot de unie van de andere provinciën zullen hebben te geven.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 32-34.
218  1580 Januari 23
De Gecommitteerde Raden van Zeelandt zenden hierbij aan burgemeesters, schepenen en raad der stad Armuijden een afschrift van de missive van zijne Excellentie, d.d. 5 dezer (zie nr. 215), met last tegen Dinsdag eerstkomende gedeputeerden tot bedoeld einde herwaarts (Middelburg) te zenden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1060).-Geteekend door Christoffel Roëls (pensionaris van de Staten van Zeeland).
219  1580 Maart 19
Baljuw, burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuyden) gelasten naar aanleiding van een schrijven van den gouverneur jhr. Alexander de Haultain en Gecommitteerde Kaden van Zeellant opnieuw geen personen in de huizen als logeergasten op te nemen zonder die eiken avond met specificatie van namen en toenamen, qualiteiten, plaatsen van waar zij komen, het doel van de reis en den datum schriftelijk aan den baljuw op te geven; dat alle personen in of boven de 16 jaren en binnen deze stad wonende, die nog geen toestemming hebben om hier te blijven wonen, zich binnen vier dagen moeten komen presenteeren aan burgemeesters om aan te hooren, wat hun voorgehouden zal worden; en, overeenkomstig voorgaande ordonnantiën, dat de inwoners der stad huizen, kamers en plaatsen niet aan vreemde personen mogen verhuren vóór en aleer dezelven toestemming zullen hebben bekomen om hier te mogen wonen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 45, 46.
220  1580 Maart 30
De notaris Leonaert de Keijser, resideerende binnen de stad Arnemuijden, instrumenteert de voor hem en getuigen afgelegde verklaringen van Cornelis Amssen, oud omtrent 26 jaren, en Jacob Doenssen, oud 20 jaren, parochianen in Nijeuwerkercke, daartoe namens den baljuw der voorschreven stad (in de zaak tegen Geleijn Jolijt, zie nr. 218) gedagvaard.
Afschrift(grosse) op papier (Inv. nr. 1060.-Met de signatuur van den notaris.
221  1580 April 2
De gouverneur jhr. Alexander van Haultain en de Gecommitteerde Raden van Zeellant, gezien het schrijven van die van Arnemuyden, d.d. Maart 25, aan hen geadresseerd, waarbij deze de vermaking van de wet verzoeken, en de denominatie, gedaan door burgemeesters, schepenen en raden mitsgaders notabelen der stad, daarover speciaal geroepen, continueeren en committeeren tot burgemeesters Bouwen Jans zoon, die als zoodanig verleden jaar ook gediend heeft, en Adriaen Cornelis'zoon Cuiper; tot schepenen Jan Symons zoon, Ambrosius van de Boogaert, Jan Adriaens zoon van der Bye, Cornelis Jacobs zoon in de Herpe, Hartman Michiels zoon, Steven de Ruyter en Jan Heyndrichs zoon, om de voorschreven stad te regeeren, recht en justitie te administreeren en alles te doen, wat burgemeesters en schepenen behooren te doen, en zulks voor het jaar 1580, ingaande bij beëediging in handen van den baljuw.
Afschriftin Inv. nr. 140.
222  Vóór 1580 April 17
Burgemeesters, schepenen en raden en de burgerij der stad Arnemuyden verzoeken zijne Vorstelijke Genade:
1. de fortificatiën in goeden staat te doen brengen;
2. eenig garnizoen om wacht te houden;
3. hun het rustig gebruik van de verkregen rechten te verzekeren; en
4. den zesden penning van de accijnzen.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 87). Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1580 April 17 (zie nr. 223), geschreven.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 9.
223  1580 April 17
Guillaume de Nassau, beschikkende op het rekest van burgemeesters, schepenen en raden en de burgerij der stad Arnemuyden, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 222):
1. autoriseert den gouverneur jhr. Alexander van Haultain met de Kaden van Zeelandt tot het in behoorlijken staat brengen van de fortificatie middelen te beramen;
2. zal voorzien in garnizoen om wacht te houden;
3. bepaalt, dat de verzoekers zich tot zijne Excellentie mogen wenden wanneer hun eenig belet in het rustig gebruik van verkregen rechten geschiedt;
4. vindt het noodig, dat de zesde penning van de accijnzen ten behoeve van de versterking der stad gebruikt wordt, gelijk tot nog toe is gedaan, totdat anders zal worden gelast.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 87). Geteekend door den Prins; het opgedrukte cachet is niet meer aanwezig.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, nr. 9.
224  1580 April 20
In tegenwoordigheid van het College (van Wet en Raad der stad Arnemuiden) is Cornelis Cornelis'zoon, scheepstimmerman, op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van zeven jaren, ingaande Mei eerstkomen de, pachter gebleven van een erf ,,aen de docke, beginnen van tsluijsken naer de stadt toe, te weten tot aan de ballasters", voor de som van 2 pond 5 schellingen 6 grooten 's jaars.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 549).
225  1580 April 20
In tegenwoordigheid van het College (van wette der stad Arnemuiden) is Hubrecht Willems zoon, bakker, op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1580 Mei 1, pachter gebleven van de vischbanken en den afslag van visch, voor de som van 11 pond 10 schellingen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van den pachter.
226  1580 Mei 3
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden) gelasten den herijk van maten en gewichten; verbieden het houden van varkens in de stad en binnen 50 roeden daar buiten; bevelen den tappers en taverniers binnen acht dagen een blik met specificatie hunner wijnen en bieren met de prijzen vóór de deur te bevestigen; staan onder zekere voorwaarden aan alle personen het tappen van kleine bieren toe; en verbieden het houden van privaten op stadsvroonen en het storten van vuilnis in de stad.
Afschriftin Inv. nr. 101, blz. 47, 48.
227  1580 Mei 9
In tegenwoordigheid van burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden) is Cornelis Cool op de hierboven geschreven voorwaarden aannemer gebleven van de eerste besteding van den wal van de Middelburgsche poort noordwaarts, lang 32 roeden, voor de som van 13 gulden 14 stuivers de roe, vanwege den gouverneur Alexander de Haultain gedaan.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).
228  1580 Mei 9
In tegenwoordigheid van burgemeesters der stad Arnemuyden is Willem Jans zoon in de Zwaan op de hierboven geschreven voorwaarden aannemer gebleven van de tweede besteding, "vast aan de voorgaende commende", van den wal, voor de som van 2 pond 5 schellingen 6 grooten de roe, door den fortificatiemeester Germeyn gedaen.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).
229  1580 Mei 28
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden), om te voorzien in de meer en meer voorkomende verslapping en het verzuim van de burgerwacht, bevelen de strikte naleving van de door hen vastgestelde en hier afgeschreven artikelen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 49-51.
230  1580 Juli 9
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden) verbieden, ter bescherming van de schoenmakers in de stad, den verkoop buiten de weekmarkt van elders gemaakte schoenen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 51.
231  Vóór 1580 Juli 13
Jan van Swollen, kleermaker, geeft aan baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Aermuden te kennen, dat hij te voren vijf jaren als poortsluiter gediend heeft, en verzoekt, nu dit officie weer open staat, daarin opnieuw gesteld te worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 110).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1580 Juli 13 (zie nr. 232), geschreven.
232  1580 Juli 13
Burgemeesters, schepenen en raden, beschikkende op het rekest van Jan van Swollen, kleermaker, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 231), gunnen den verzoeker voorloopig het officie van poortsluiter, op eene ordonnantie, die hem voorgehouden zal worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 110).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
233  1580 Juli 16
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden (der stad Arnemuiden) gelasten, naar aanleiding van een schrijven van Gecommitteerde Baden van Zeellant, den 20sten eerstkomende met vasten en bidden in de kerk gelijk des Zondags te vieren.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 34.
234  1580 Juli 30
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden hebben aan Hans van Zwol op de hieronder geschreven instructie het officie van poortsluiter gegund. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 110).
235  1580 Augustus 16
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Bomerswalle oorkonden, dat Bouwen Jans zoon, burgemeester, en mr. Heindrick Sonnius, pensionaris der stad Arnemuyden, het privilege, d.d. 1574 Maart 9 (zie nr. 50), hebben vertoond, o.a. betreffende confiscatie van goederen, waarvan zij bereid zijn kopie over te leggen, om in geval van arrest van poorters der genoemde stad op den inhoud te letten, en dat comparanten hebben verklaard, indien eenige sententie tegen Jonchem (Jochem?) Luytgens, poorter der stad Arnemuijden, thans gevangen te Romerswalle, zoude uitgesproken worden, dezelve zoude mogen subsisteeren in terminis, overeenkomstig het octrooi, dat zij zoo noodig rechterlijk zullen doen handhaven.
Oorspr. (Inv. nr. 1080). Met het zeer geschonden zegel ten zaken der stad in groene was.
236  1580 Augustus 23
In tegenwoordigheid van burgemeesters der stad Arnemuyden zijn op de hierboven geschreven voorwaarden aannemers gebleven van de door den fortificatiemeester Germeyn vanwege den gouverneur Alexander de Haultain gedane besteding van zekere wallen of aardwerken: Jan de Leeu van de eerste besteding, beginnende aan de westzijde van de Veersche poort, voor de som van 3 pond gr. Vls. de roe, bedragende over de geheele besteding 64-10, Heyndrick Adriaens zoon, vleeschhouwer, van de tweede besteding, beginnende aan de palissaden tot aan de eerste "staecke", voor de som van 2 pond 4 schellingen de roe, bedragende over de geheele besteding 46-4, Jan de Leeu van de derde besteding ,,volgende de mercken" voor de som van 2 pond 2 schellingen de roe, bedragende over de geheele besteding 46-4.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).
237  1580 September 1
De Gecommitteerde Raden van Zeelant verbieden scherpelijk van wege de Staten andermaal de verhandeling van gelapte en te licht zijnde gouden, munten, en gelasten, dat een ieder zich dienaangaande zal regelen naar de laatste "permissie". (Zie nr. 165.) Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 34, 35.
238  1580 September 10
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden verbieden scherpelijk van af den eersten October aanstaande het tappen of herberg houden op het Oude gat, of tot dat einde eenigerlei spijs, drank of gereedschap op te doen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 52.
239  1580 September 14
De Generale Staten van Zeellant gelasten de naleving van de hierbij geschreven door hen gemaakte bepalingen ten aanzien van den ontvang van zekere nieuwe convooien, in Hollant zonder toestemming van de Staten van Zeelant en de andere geünieerde provinciën opgesteld.
Afschriftin nr. 97, blz. 30, 31.
240  Vóór 1580 September 28
De Kamer van Retorika verzoekt (in dichtmaat) aan baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden) haar eene kamer op het stadhuis te laten, eenig pensioen of onderstand te geven en hare ordonnantie te willen herzien.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 293).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1580 September 28 (zie nr. 241), geschreven.-Aan dit stuk is een ander (zie nr. 243) gehecht.
241  1580 September 28
Burgemeesters, schepenen en raden (der stad Arnemuiden), beschikkende op het rekest van de Kamer van Retorika, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 240) staan den verzoekers voorloopig toe met anderen vergadering te houden; bij gemis van eene kamer op het stadhuis zich elders met eene kamer te behelpen, waarvoor eene gratuiteit zal worden toegestaan; en, indien zij zulks wenschen, zich in hare vergaderingen in eenige ordonnantie of breuken te verbinden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 293).-Aan dit stuk is een ander (zie nr. 243) gehecht.
242  1580 October 15 en 22
De Staten van Zeelant hebben doen munten een koperen oortje en een dito duitje, waarvan er respectievelijk vier en acht een stuiver van 2 grooten Vls. maken, en gelasten, dat voortaan dit oortje en duitje als goed gangbaar pasgeld zal ontvangen en uitgegeven worden.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 35.
243  (c. 1580.)
De kamer van retorika "Plomp van Verstande" verzoekt (in dichtmaat) aan baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden eenigen onderstand uit de verpachting van de domeinen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 293).-Aan dit stuk is een ander, d.d. 1580 September 28 (zie nrs. 240, 241), gehecht.
244  (C. 1580.)
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie op de nering der bierstekers.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 230).-Ongeteekend en ongedateerd.
245  1581 Februari 4
De prins van Oranghen en de Staten van Hollant en Zelant, met advies van den Raad provinciaal aldaar, bevelen, dat gedurende de drie eerstkomende maanden en totdat nader zal bevolen worden de betaling van de convooigelden binnen Hollant en Zeellant zal plaats hebben overeenkomstig de ordonnantie en lijst op de inkomende en uitgaande goederen, 1580 Juli 23 door de Generale Staten binnen Antwerpen vastgesteld, waarop de ambtenaren der convooigelden eed zullen doen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 36, 37.
246  1581 Maart 3
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Orangien, bij deliberatie en advies van de Staten-Generaal en Gecommitteerde Kaden van Zeellant, geeft onder het zegel ten zaken van de Staten van Zeellant, eene nieuwe ordonnantie tot behoud der neringen van de zoutziederij en de haringvisscherij, met last aan Gecommitteerde Raden van Zeellant enz. om deze over hunne jurisdictie te doen afkondigen.
a. Afschrift (Inv. nr. 89).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
b. Afschrift van het sub a vermelde afschrift in Inv. nr. 97, blz. 38-440.
247  1581 Maart 24
De gouverneur jhr. Alexander van Haultain en de Gecommitteerde Eaden van Zeellant, gezien het schrijven van die van Arnemuyden, d.d. 22 Maart (1581), aan hen geadresseerd, waarbij deze de vermaking van de Wet verzoeken, en de nominatie, gedaan door burgemeesters, schepenen en raden, mitsgaders de notabelen der stad, daarover speciaal geroepen, continueeren en committeeren tot burgemeesters Adriaen Cornelis'zoon Cuiper, die als zoodanig verleden jaar ook gediend heeft, en Aelbert de Graft; tot schepenen Cornelis Jacobs zoon in de Herpe, Steven de Euijter, Jan Heyndrichs zoon, Hartman Michiels zoon Coster, Adriaen Cornelis' zoon den jongen, Jan de Leeu en Pieter Cornelis'zoon Bonte, om de voorschreven stad te regeeren, recht en justitie te administreeren en alles te doen, wat burgemeesters en schepenen behooren te doen, en zulks voor het jaar 1581, ingaande bij beëediging in handen van den baljuw.
Afschriftin Inv. nr. 140.
248  1581 April 7
De schuitlieden van Middelburg eener- en de hierbij vermelde ballasters van Arnemuyden andererzijds erkennen met elkander te zijn overeengekomen zooals hieronder geschreven staat.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 244).-Geteekend met het merk van de respectieve gildedekens. "My present Franchois Valerius Not. Pub".
249  1581 April 8
De Staten van Zeellant bevelen op nieuw, dat voortaan binnen deze provincie alleen de oortjes en duitjes, binnen deze provincie geslagen, als pasgeld verhandeld zullen worden, en geen ander zwart geld te verhandelen dan hetgeen hier geslagen is.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 37, 38.
250  1581 April 19
Mr. Henrick Zonnius is op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van twee jaren, ingaande Mei eerstkomende, pachter gebleven van de schor aan den Veerschen dijk, toekomende de stad Arnemuyden, voor de som van 12 schellingen gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 550).-Geteekend door den pachter.-Onder deze akte is eene andere, d.d. 1583 April 27 (zie nr. 314), geschreven.
251  1581 April 19
In tegenwoordigheid van het college van Wette (der stad Arnemuiden) is Jan Nout op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1581 Mei l, pachter gebleven van de vischbanken en den afslag van visch voor de som van 10 pond 9 schellingen gr. Vls. zuiver.
a. Oorspr. op papiper (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van den pachter en door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
b. Ongeteekend afschrift in Inv. nr. 844.
252  1581 April 26
De Staten van Seellant verbieden de verpachting van kleine visscherijen, door de rentmeesters der domeinen en ambachtsheeren verpacht, en aan een ieder te visschen op slijk- en verdronken landen, platen, gorzen en zanden met netten, fuiken, kuilen, ankerkuilen en sleepnetten, behoudens voorloopig de hierbij genoemde uitzonderingen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 42, 43.
253  1581 April 26 en 28
De Staten van Zeelant, ten verzoeke van zijne Excellentie vanwege de Generale Staten, consenteeren tot opbrenging van de quote van Zeellant in de lichting van een 100sten penning over den oogst 1580, zooals hierbij nader beschreven is.
a. Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 41, 42.
N.B. Gepubliceerd 1581 Mei 11.
b. Afschrift in Inv. nr. 80, onder nr. 21.
254  1581 April 29
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden), bij advies van eenige notabelen van de stad en uit het schippersgilde, verbieden aan de schippers het gebruik van het recht van voorlading of aflegging op plaatsen en havens, waar geen huedeschepen komen of mogen zeilen, voor zooverre andere onvrije schippers geneigd zijn het gewone recht van het gilde en den armen te betalen en de magistraten der steden, waar die onvrije schippers wonen, gelijken vrijdom aan de schippers dezer stad zullen verleend hebben.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 53, 54.
255  1581 Mei 1
De Gecommitteerde Raden van Zeellant hebben een vasten- en biddag gelegd op Mei 15 eerstkomende, zijnde den tweeden Pinksterdag, met verzoek aan de consistorie binnen de stad hiervan mededeeling te doen, die zulks ook aan de andere in het ressort gelegen gemeenten moeten bekend maken, om op den eersten predikdag in alle kerken aan de gemeente verkondigd te worden, naar aanleiding waarvan baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden allen ingezetenen der stad gelasten den voornoemden dag met vasten en bidden te vieren en geen winkel te openen, benevens den herbergiers gedurende de voormiddag-predikatie geen bier of wijn te tappen anders dan voor den reizenden man.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 44.
256  1581 Mei 2
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden gelasten den herijk van maten en gewichten en geven eene reeks van verboden, gedeeltelijk reeds vroeger gepubliceerd, waarvan sommige thans aangevuld of gewijzigd.
Afschriftin Inv. nr. 101, blz. 54-38.
257  1581 Mei 10
In tegenwoordigheid van baljuw, burgemeesters en andere van het college is Heyndrick Jans zoon alias Vader Jan, wonende te Vlissinghen, op de hierboven geschreven voorwaarden aannemer gebleven van de door den gouverneur Alexander de Haultain gedane besteding van zeker aardwerk aan de wallen binnen de stad Arnemuyden, beginnende aan de Middelburchsche poort tot naar den tol, voor de som van 8 gulden 19 stuivers de roe.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).-Onder deze akte zijn twee andere, d.d. 1581 Augustus 12 (zie nrs. 264, 265), geschreven.
258  1581 Mei 24
De Staten van Zeellant geven eene ordonnantie tegen de bedelaars, vagebonden enz.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 45-47.
259  1581 Mei 24
De Staten van Zeellant geven wederom eene ordonnantie betreffende de jacht, vogelerij, visscherij en anders. Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 48, 49. N.B. Gepubliceerd 1581 Mei 29. Zie nrs. 246, 252.
260  1581 Mei 27
In tegenwoordigheid van burgemeesters der stad Arnemuyden is Cornelis Cool op de hierboven geschreven voorwaarden aannemer gebleven van de door den gouverneur Alexander de Haultain gedane besteding van het verhoogen en verbreeden van zekeren wal, beginnende aan den Veerschen dijk westwaarts, voor de som van 1 pond 18 schellingen de roe.
a. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).
b. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).-Onder deze akte is eene andere, d.d. 1581 Augustus 12 (zie nr. 266), geschreven.
261  1581 Juni 10
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden verbieden het maken van vuur op de hoofden en rijswerken, ook nabij of in schepen, schuiten en booten, benevens het breken, zagen of verbranden van brouwerstonnen, en gezaagd of gebroken zijnde, dezelven in huis te hebben zonder bijzondere toestemming van den biersteker.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 59.
262  1581 Juli 11
Alexander de Haultain (gouverneur van Zeeland) schrijft aan burgemeesters en schepenen der stad Armuyden, daarbij toezendende een door hem van wege den baljuw ontvangen rekest, houdende klachten over sommigen van de Wet, die meer poorten willen maken dan bevolen zijn, en meldt zijn voornemen om morgen tot onderzoek over te komen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 187).-Geteekend door den gouverneur.
263  1581 Juli 18
Guillamme de Nassau vindt goed, dat volgens de meening van de onlangs te Middelburch gehouden synode-generaal der Nederlanden door alle kerken dezer landen een vast- en biddag zal gehouden en gecelebreerd worden op 9 Augustus eerstkomende, en verzoekt Gecommitteerde Raden van Zeelant alle kerken in deze Provincie hier van tijdig te verwittigen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 50, 51.
264  1581 Augustus 12
Door den fortificatiemeester Germain is aan Willem in de Zwaen voor overwerk van de besteding (zie nr. 257) de som van 9 pond gr. Vls. toegestaan.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).-Boven deze akte is eene andere, d.d. 1581 Mei 10 (zie nr. 257), en er onder is een derde, d.d. 1581 Augustus 12 (zie nr. 265), geschreven.
265  1581 Augustus 12
In tegenwoordigheid van burgemeesters der stad Arnemuyden heeft de fortificatiemeester Germeyn het werk van Vader Jan (zie nr. 257) aan Willem Jans zoon Scheuyer overgedragen en dezen het hier nader beschreven overwerk besteed voor de som van 9 pond gr. Vls.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).-Boven deze akte zijn twee andere, d.d. 1581 Mei 10 (zie nr. 257) en d.d. 1581 Augustus 12 (zie nr. 264), geschreven.
266  1581 Augustus 12
De fortificatiemeester Germain heeft aan de voorschreven besteding (zie nr. 260) het maken van een met zoden op te trekken nieuwen voet nog toegevoegd, voor de som van 20 schellingen de roe en 3 gulden op den hoop toe.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).-Boven deze akte is een andere, d.d. 1581 Mei 27 (zie nr. 260), geschreven.
267  1581 Augustus 15
Burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden) gelasten overeenkomstig de bedoeling van de onlangs te Middelburch gehouden Synode-generaal der Nederlanden en van zijne Prinselijke Excellentie alle inwoners der stad den volgenden dag met vasten en bidden te vieren en celebreeren, zonder op dien dag eenig handwerk te doen, winkels en herbergen te openen. En zij zetten den van stadswege gestelden impost op wijnen en bieren tot betere gelegenheid voort, dewijl de lasten der stad eerder vermeerderd dan verminderd zijn.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 60.
268  Vóór 1581 December 2
(De Kamer van) Retorika verzoekt (in dichtmaat aan burgemeesters en schepenen der stad Arnemuiden) ondersteuning.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 499).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1581 December 2 (zie nr. 269), geschreven.
269  1581 December 2
Burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden), beschikkende op het rekest van (de Kamer van) Retorika, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 268), vergunnen den verzoekers de som van 6 pond gr. Vls., en gelasten den tresoriers dit bedrag aan hen te betalen, die in de rekening, mits deze overbrengende, gepasseerd zullen worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 499).
270  1581 December 2
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden (der stad Arnemuiden) geven ter voorkoming van afgunst en tweedracht, die naar aanleiding van het besteden van scheepsvrachten aan personen buiten de stad onder de burgers van de stad zou kunnen ontstaan, eene ordonnantie betreffende scheepsvrachten. Voorts verbieden zij ter voorkoming van besmettelijke ziekten het innemen en logeeren van zieke personen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 61, 62.
271  1581 December 2
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden geven eene ordonnantie tegen het bevrachten van schepen aan schippers van buiten de stad.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
272  1582 Januari 1
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, willende voorzien in de wanorde en verzuimen "jae genouch meuteriën", die niettegenstaande goede ordonnantiën in de wacht nog voorkomen, gelasten de strikte naleving van de hier afgeschreven artikelen betreffende den dienst van de burgerwacht.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 63-66.
273  (1582 Januari 24.)
Burgemeesters, schepenen en raad der stad Middelburch doen bij remonstrantie aan zijne Excellentie een omstandig verhaal van de domeinen, privilegiën, gerechtigheden, usantiën en jurisdictiën van de voorschreven stad en verzoeken den Prins daaraan de hand te willen houden en dezelven te mogen gemeten als te voren.
Afschrift, zonder datum, (Inv. nr. 1062).
274  1582 Januari 27
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden) geven eene ordonnantie betreffende maatregelen ter voorkoming van brand in schepen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 66, 67.
275  1582 Maart 26
De gouverneur jhr. Alexander van Hauitaln en de Gecommitteerde Raden van Zeellant, gezien het schrijven van die van Arnemuyden, d.d. Maart 20, aan hen geadresseerd, waarbij deze de vermaking van de Wet verzoeken, en de nominatie, gedaan door burgemeesters, schepenen en raden, mitsgaders de notabelen der stad, daarover geroepen, continueeren en committeeren tot burgemeesters Aelbrecht van der Graft, die als zoodanig verleden jaar ook gediend heeft, en Jan de Leeu; tot schepenen Adriaen Cornelis Huygens zoon, Pieter Cornelis'zoon Bontecoe, Jan van Huessen, Jan Adriaens zoon van der Bye, Heyndrick Baerscheerder, Jan Boogaert en Frans Philips zoon, om de voorschreven stad te regeeren, recht en justitie te administreeren en alles te doen, wat burgemeesters en schepenen behooren te doen, en zulks voor het jaar 1582, ingaande bij beëediging in handen van den baljuw.
Afschriftin Inv. nr. l40.
276  1582 April 5
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden (der stad Arnemuiden) gelasten volgens de begeerte van de Generale Staten der Vereenigde Nederlanden en een schrijven van Gecommitteerde Raden van Zeeland, naar aanleiding van den aanslag op het leven van zijne Prinselijke Excellentie, alle inwoners en landzaten onder deze stad den geheelen dag van morgen te houden en te vieren met vasten en vurig bidden in de kerk en anders voor zijne Prinselijke Excellentie, en verbieden aan een ieder winkel te openen of eenig handwerk te doen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 51, 52.
277  1582 April 11
Jan Dirricx zoon, vettewarier, is op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1582 Mei 1, pachter gebleven van de vischbanken en den afslag van visch, voor de som van 10 pond 6 schellingen gr. Vls. zuiver.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend door den pachter.
278  1582 April 21
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden (der stad Arnemuiden) hebben gelast, dat voortaan geen kluwens kalfaatwerk binnen de stad en jurisdictie van minder grootte en gewicht dan vijf pond mogen verkocht worden; voorts, dat alle arbeiders, buiten de stad en jurisdictie wonende, binnen deze stad niet mogen werken of eenig speelhuis hebben, ten ware zij nevens anderen begeerden te waken.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 67, 68.
279  1582 Mei 15, 16
De Staten van Zeellant consenteeren tot onderhoud van den oorlog in de lichting van den 100sten penning over den oogst 1582, zooals hierbij nader beschreven is.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 56, 57.
280  1582 Juni 2
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraengen, verbiedt onder het zegel ten zaken van de Staten van Zeelant, met intrekking van vroeger gegeven contrarie ordonnantiën, het geven van licenten of verloven tot vervoer van victualiën, munitiën van oorlog en andere koopmanschappen, zonder uitzondering, naar en van 's vijands zijde, en beveelt den Staten van Zeelant en hunne Gecommitteerde Baden enz., dut zij deze ordonnantie over hunne jurisdictie doen afkondigen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 52-54.
281  1582 Juni 2
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraengnen, als drager van de hooge overheid en regeering van den lande van Zeelant, beveelt onder het zegel van de Staten van Zeelant allen kooplieden en den hierbij genoemden neringdoenden, dat zij terstond allerhande victualie en proviand naar Vlaanderen, ter plaatse, waar het leger van den hertog van Brabant zich zal nederslaan, zullen zenden om aldaar verkocht te worden, tot welk einde vrije passage in de provincie van Zeelant aan hen wordt toegestaan en alle voer- en scheepslieden en alle anderen, die gewoonlijk dienen bij vervoer van volk en goederen, gehouden zullen zijn op verzoek van leveranciers met karren, wagens, schepen en paarden tegen het hierbij vermelde loon te dienen, met verderen last aan alle officieren tot het verleenen van hulp.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 54, 55.
282  1582 Juni 6
In tegenwoordigheid van burgemeesters der stad Arnemuyden en den fortificatiemeester bij afwezigheid van den gouverneur Alexander de Haultain zijn op de hierboven geschreven voorwaarden aannemers gebleven van het verhoogen van den wal, beginnende aan de punt van den Veerschen dijk: Heyndrick Jans zoon alias Vader Jan van de eerste besteding voor de som van 29 schellingen 6 grooten Vls. de roe, bedragende over de geheele besteding de som van 59 pond 14 schellingen 9 grooten Vls.; Jaspar Jeronimus'zoon, burger der stad, van de tweede besteding voor de som van 19 schellingen de roe, bedragende over de geheele besteding de som van 38 pond gr. Vls.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).-Onder deze akte is eene andere, d.d. 1582 Augustus 7 (zie nr. 288), geschreven.
283  1582 Juni 6
De notaris Jan de Ridder (te Goes) instrumenteert, dat Matheus Cornelissen Smallegange, poorter der stad Goes, mr. Jacob Valcke, oom zijner huisvrouw, machtig maakt om in zijn naam zijne goederen, gelegen in Noortmonstere, Nieuwerkercke en Bae(r)sdorphouc, zoomede 49 (?) gemeten 59 roeden ambachts in Nieuwerkercke, te beheeren.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1083).-Met de signatuur van den notaris.
284  Vóór 1582 Juni 9
Burgemeesters en regeerders der stad Arnemuyden geven aan zijne Excellentie te kennen de groote schade, die de kerk en toren bij den laatsten storm geleden hebben, en verzoeken ter bestrijding van de kosten van herstel octrooi om voor den tijd van 4 jaren een impost op wijn en bier te mogen heffen, zooals hierbij nader is beschreven. Voorts verzoeken zij verlenging voor den tijd van 6 jaren van de gunst van ongehoudenheid tot aflossing van de op huizen en erven gevestigde opzegbare renten (zie nr. 84); autorisatie om de eigenaars van nog bestaande ledige erven tot bebouwing te dwingen; en preferentie voor de schulden, tot opbouwing of vernieuwing van huizen gemaakt en daarop gevestigd.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 1014).
b. Concept (Inv. nr. 1014).
285  1582 Juni 9
De prins van Oraengien schrijft aan Gecommitteerde Raden van Zeelant, dat hij hun advies op de door die van Arnemuyden tot reparatie hunner kerk verzochte nieuwe imposten vernomen heeft en daarop heeft beschikt overeenkomstig het verzonden octrooi, en zendt het rekest van Arnemuyden over met ernstig verzoek op de andere daarin begrepen punten rijpelijk te willen letten en te adviseeren.
Afschriftop papier (Inv. nr. 1014).
286  1582 Juni 9
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraengien, vergunt burgemeesters en regeerders der stad Armuyden voorloopig voor den tijd van 4 jaren tot reparatie van de kerk te mogen instellen een impost op wijn en bier, zooals hierbij nader is beschreven.
a. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 10.
b. Afschrift in Inv. nr. 80, onder nr. 10.
287  1582 Juni 9
De prins van Oraengien zendt bij een hierbij afgeschreven brief aan Gecommitteerde Eaden van Zeelant om advies een aan hem door de scheepstimmerlieden, poorters en burgers te Armuyden aangeboden rekest, houdende verzoek orn voor vreemdelingen, aldaar woonachtig, te mogen werken aan koopvaarders, liggende in de vrijheid van Armuyden en Welsinghen. Afschrift (Inv. nr. 288).
288  1582 Augustus 7
In tegenwoordigheid van burgemeesters der stad Arnemuyden heeft de fortificatiemeester Germeyn, vanwege den gouverneur Alexander de Haultain, aan Jasper Jeronimus'zoon en zijn medestanders op dezelfde voorwaarden van 1582 Juni 6 den wal annex de voorschreven bestedingen (zie nr. 282) en strekkende tot het bolwerk noordwaarts van de Middelburchsche poort, lang 56 roeden 8 voet, besteed voor 5,5 gulden de roe, bedragende 51 pond 18 schellingen 7 grooten Vls.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).-Boven deze akte is eene andere, d.d. 1582 Juni 6 (zie nr. 282), geschreven.
289  1582 Augustus 12
Libert (Albert?) de Fraisne, (schout) te Mechelen, schrijft in antwoord op eene door hem ontvangen missive, d.d. 9 dezer, aan burgemeesters, schepenen en raden der stad Armuijden, dat hij bij de reductie der stad Mechelen in zijne handen gekregen heeft 13 of 14 kleine klokken, gediend hebbende tot het horloge en den voorslag van het klooster van Roosendale en wegens schuld in bezit gekomen van Arnoult van Thuyl, zich echter tot eene schikking bereid verklarende, noodigt hij tot het zenden van een afgevaardigde uit om de klokken te visiteeren.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).
290  1582 Augustus 20
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden beloven, dat zij zonder toestemming van den schout van Mechelen, Libert de Fraisne, de 14 of 15 klokjes van het horloge en den voorslag van het klooster van Rosendael, van eenen Arent van Tuyl, koopman te Antwerpen, gekocht, niet betalen zullen vóórdat genoemde personen met elkander geliquideerd zullen hebben.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).-Met het opgedrukt stadszegel op papier in groene was en de handteekening van den secretaris Bartholomeus Cannoye.
291  1582 Augustus 24
Pieter de Cantelbeke schrijft uit Antwerpen aan mr. Heinric Sonnius, pensionaris te Armuyden, eenige bijzonderheden in verband met de gekochte klokken. Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).
292  1582 Augustus 27
Burgemeesters en tresoriers der stad Arnemuijden zijn met meester Jan Ingels zoon, horlogemaker van Mechelen, overeengekomen, dat deze laatste voor het horloge en de klokken, door Arent van Thuyl, koopman te Antwerpen, aan de stad verkocht, maken en leveren zal 200 "gevijsde" noten, 4 ijzeren handen tot wijzers en 4 raders met toebehooren, benevens alle de hamers en klepels en al het benoodigde ijzerwerk om het horloge en de klokken te doen gaan, slaan, spelen en beieren, uitgezonderd het ijzerdraad, om de hamers en klepels te trekken; voorts, dat hij het horloge en de klokken alhier zal komen schoonmaken, stellen, hangen enz., voor de som van 125 gulden Brab. en voor hem en een knecht den mondkost, zoolang hij hier met dit werk zal bezig zijn.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).-Geteekend door Jan Ingels en Aelbert de Graft.
293  1582 September 3
De Cantelbeke erkent van de stad Armuijden als eersten paai wegens koop en levering van zeker horloge met de klokken de som van 150 gulden en nog 50 gulden voor een markstuk ontvangen te hebben. Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).
294  1582 November 8
Guilleaume de Nassau verwittigt de Staten van Zeelant, dat te Antwerpen met gemeen advies besloten is tot het houden van een vasten- en biddag op den 28 dezer maand, en vermaant hierop de noodige orders te stellen, naar aanleiding waarvan burgemeesters, schepenen en raden der stad, Arnemuyden gelasten den voorschreven dag te vieren, met verbod van handwerk te doen en winkels te openen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 56.
295  1582 November 10
De notaris Leonardt de Keyser, resideerende te Arnemuyden, instrumenteert ten verzoeke van deken en beIeders van het schippersgilde aldaar de voor hem door verschillende personen afgelegde verklaringen, houdende klachten tegen den omroeper, die door begunstiging van vreemde schippers schade aan het veer op Hollant heeft toegebracht, met verzoek aan burgemeesters en schepenen het gilde van een anderen omroeper te voorzien. Afschrift (Inv. nr. 274).
296  1582 November 13
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraengien, verlengt op verzoek van de regeering der stad Arnemuijden voor den tijd van vijf jaren het octrooi (van 1575 Januari 26, zie nr. 84), voor zooveel betreft de niet aflegging van het kapitaal van opzegbare renten.
a. Oorspr. (Inv. nr. 47).-Met het geschonden zegel in roode was en de handteekening van den Prins.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 13 (blz. 24 vlg.).
c. Afschrift in Inv. nr. 80, onder nr. 11.
297  1582 November 13
Wilhelm, bij de gratie Gods, prins van Oraengien, vergunt aan de regeering der stad Armuyden om met kennis van den magistraat tot reparatie en betimmering van ledige erven binnen de stad gelden op te nemen, met bepaling, dat de hypotheekhouders van de nieuwe gebouwen preferent zullen zijn vóór de oude.
a. Oorspr. (Inv. nr. 86).-Met het geschonden zegel in roode was en de handteekening van den Prins.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, nr. 13.
c. Afschrift in Inv. nr. 80, nr. 13.
298  1582 November 13
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraengien, machtigt burgemeesters en regeerders der stad Armuyden om van de eigenaars den opbouw van ledige erven binnen den tijd van een jaar te vorderen, op pene van verkoop van stadswege, vrij van kommer, doch met verplichting tot betimmering binnen een door het stadsbestuur te bepalen tijd.
a. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 12.
b. Afschrift in Inv. nr. 80, onder nr. 12.
299  1582 December 10
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Orangien, als drager van de hooge overheid en regeering binnen de landen van Hollandt en Zeelant, maakt onder den naam van Gecommitteerde Raden van Zeelant het plakkaat van den hertog van Anjou betreffende den nieuwen stijl bekend.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 59-61.
300  1582 December 28
Adriaen Symons Smit, commies van Adriaen Manmaker, tresorier-generaal van Zeeland, en Bouwen Jansen, rendant, hooren de rekening van de ten behoeve van de fortificatie van Armuden in 1576 ontvangen en uitgegeven gelden af.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 191).
301  (c. 1582.)
Burgemeesters en tresoriers der stad Arnemuden eeneren Jacob Joos'zoon, timmerman, andererzijds komen op de hierbij geschreven voorwaarden overeen omtrent het maken van een nieuwen toren op het kruiswerk van de kerk, voor de som van 91 pond 6 schellingen 8 grooten. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 1021).
302  1583 Januari 19
Jan Ingels zoon, horlogemaker der stad Mechelen, belooft het horloge en het slagwerk, door hem op de kerk der stad Arnemuyden gesteld (zie nr. 292), voor den tijd van een jaar te zullen onderhouden en fouten en gebreken te herstellen, en zulks alleen tegen de kosten van overkomst.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).
303  1583 Januari 28
De Gecommitteerde Raden van Zeelant begeeren ernstig, aangezien een vasten- en biddag in andere Gereformeerde kerken dezer Nederlanden gehouden is, dat er Februari 9 eerstkomende mede een generale biddag in dit district gehouden wordt; naar aanleiding waarvan baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden hebben gelast den voorschreven dag met vasten en bidden te vieren, met verbod om handwerk te doen, winkels te openen en volk te drinken te zetten.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 62.
304  1583 Februari 5
Cornelis Cool is op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van drie jaren, ingaande (15)83 Mei 1, pachter gebleven van een huisje en erven van de voetboog- en cluveniershoven, voor de som van 6 pond 's jaars, door tresoriers der stad Arnemuyden op last van Wet en Raad verpacht.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 207).-Geteekend met het merk van den pachter.
305  1583 Februari 8
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraengien, geeft met advies van de Staten van Zeelant met handhaving van vorige plakkaten (zie nrs. 246, 252, 259) een nieuw plakkaat betreffende de jacht en visscherij.
a. Afschrift (Inv. nr. 91).
b. Afschrift van het sub a vermelde afschrift in Inv. nr. 97, blz. 67-70.
306  1583 Februari 8
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraengien, geeft met advies en onder het zegel ten zaken van de Staten van Zeelandt een plakkaat van politie.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 71-80.
307  1583 Februari 15
Adriaen Symons Smit, (commies van Adriaen Manmaker, tresorier-generaal van Zeeland), hoort de rekening van Steven de Ruijter en Hertman Michiels zoon Coster, tresoriers der stad Arnemuyden, van de op ordonnantie van Alexander de Haultain, gouverneur van Zeellant, ten behoeve van de fortificatie der stad in 1580 ontvangen en uitgegeven gelden af.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 191).
308  1583 Februari 15
Dezelfde auditeur hoort de rekening van dezelfde tresoriers van de op ordonnantie van Alexander de Haultain, gouverneur van Zeellant, ten behoeve van de fortificatie der stad in 1581 ontvangen en uitgegeven gelden af. Oorspr. op papier (Inv. nr. 191).
309  1583 Februari 15
Dezelfde auditeur hoort de rekening van dezelfde tresoriers van de op ordonnantie van Alexander de Haultain, gouverneur van Zeellant, ten behoeve van de fortificatiën der stad in 1582 ontvangen en uitgegeven gelden af. Oorspr. op papier (Inv. nr. 191).
310  1583 Februari 18
De Staten van Zeelant gelasten, na deliberatie van Raden en in overleg met zijne Prinselijke Excellentie, de naleving van de hierbij vermelde bepalingen omtrent degenen, die zich sedert de Pacificatie van Ghendt in Seelant met der woon gevestigd hebben, en stellen de voorwaarden vast, waaraan voldaan moet worden om zich aldaar te mogen vestigen, met formulier van eed van getrouwheid, die door personen van beide categorieën moet worden afgelegd.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 65, 66.
311  1583 Februari 25
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraengnen, als drager van de hooge overheid en regeering binnen den lande van Zeelant, beveelt na advies en deliberatie van Raden van de Generale Staten der Geünieerde Nederlanden, onder het zegel van de Staten van Zeelant, dat voortaan niemand gedurende den tegenwoordigen oorlog munitie van oorlog en victualie uit de landen van herwaertovere naar den vijand en de hierbij genoemde steden, plaatsen, havens en rivieren mag overbrengen, blijvende niettemin de voorgaande ordonnantiën om met den vijand niet te handelen en hem niet toe te voeren van kracht; voorts met last aan de hierbij genoemde officieren te water en te lande tot onderhouding dezer ordonnantie.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 63, 64.
312  1583 Februari 26
Burgemeesters der stad Arnemuijden hebben op de hierbij geschreven voorwaarden van burgemeesters en schepenen tot assistent van de wacht aangenomen den baljuw Symon Rombouts zoon, die deze functie heeft aanvaard voor de som van honderd gulden en eene "schoonicheyt" 's jaars.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 202).-Geteekend door den aangenomen assistent.
313  1583 Maart 21
De Gecommitteerde Raden van Zeellant schrijven aan baljuw, burgemeesters, schepenen en raad der stad Arnemuyden, dat zij uit de ontvangen nominatie tot vermaking van de Wet Jan de Leeu continueeren in zijn burgemeestersschap en Jan van Huessen, Frans Philips zoon, Jan Boogaert en Jan Adriaens zoon van der Bije, die maar een jaar gediend hebben, in het schependom, en voor nieuwe wethouders committeeren tot burgemeester Hartman Michiels zoon Coster; tot nieuwe schepenen Adriaen Cornelis'zoon Cuiper, Heyndrick Adriaens zoon en Echbert de Pool, en zulks over het jaar (15)83, ingaande bij beëediging in handen van den baljuw.
Afschriftin Inv. nr. 140.
314  1583 April 27
Jan de Leeu is op de hierboven geschreven voorwaarden van 1581 voor den tijd van twee jaren, ingaande "van slach aff" en eindigende (15)85 Maart 15, pachter gebleven van het schor aan den Veerschen dijk, toekomende de stad Arnemuyden, voor de som van 21 schellingen 's jaars.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 550).-Geteekend door den pachter.-Boven deze akte is eene andere, d.d. 1581 April 19 (zie nr. 250), geschreven.
315  1583 April 27
Hubrecht Willems zoon, bakker, is op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar min tien dagen, ingaande 1583 Mei 11, pachter gebleven van de vischbanken en den afslag van visch, voor de som van 9 pond 5 schellingen gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van den pachter.
316  (c. 1583 April 30.)
Meester Pieter van den Ghein doet den heeren van het bestuur der stad Arnnernuden in tegenwoordigheid van meester Jan Ingels en Jan de Vrijer, klokkespeler te Mechelen, als getuigen, eene opgaaf van het gieten van klokken.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).-Geteekend door Pieter van den Ghein en de beide getuigen.
317  1583 Mei 14
Jaspar Jeronimus'zoon is op de hierboven geschreven voorwaarden aannemer gebleven van het delven van een singel, van wege de regeering der stad Arnemuden aanbesteed, voor de som van 10 schellingen de roe.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).-Onder deze akte is eene andere, d.d. 1583 Juni 25 (zie nr. 322), geschreven.
318  1583 Mei 14
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden) geven in eene ordonnantie eenige artikelen tegen vechterijen; verbieden daarin tevens aan alle schippers en schuitlieden, 's avonds na poortsluiting aankomende, aan de stad te komen of aan te leggen; en gelasten, dat van het opgaan der wacht tot 's avonds 8 uren zich niet meer dan de helft der manschappen op beurten daarvan mag verwijderen, na welk uur de geheele wacht op hare plaats aanwezig moet zijn en blijven tot de wachtklok van den morgen, en dat de magistraatspersonen en anderen, als overmannen wakende, insgelijks gehouden zijn van 8 uur 's avonds tot de wachtklok 's morgens aan de wacht te blijven.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 68-70.
319  1583 Mei 14
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden vernieuwen de verboden, zooals zij hierbij zijn afgeschreven.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 71-78.
320  1583 Mei 21
In tegenwoordigheid van baljuw en burgemeesters der stad Arnemuyden en den fortificatiemeester Germeyn, vanwege den gouverneur Alexander de Haultain en Gecommitteerde Raden van Zeelant, zijn op de hierboven geschreven voorwaarden aannemers gebleven van het verhoogen en verbreeden van de wallen der stad aan de landzijde, beginnende aan het bolwerk van af de Middelburgsche poort tot aan de punt van het bolwerk van den Veerschen dijk: Willem Jans zoon in de Zwaen van de eerste besteding, beginnende achter de Nyeuwstraet oostwaarts, lang 42 roeden, voor 27 schellingen 6 grooten Vls. de roe, bedragende over de geheele besteding de som van 57 pond 15 schellingen; Willem Jans zoon Scheuijer alias Cort Willemken van de tweede besteding achter de Volstraete, lang 49 roeden, voor 37 schellingen gr. Vls. de roe, bedragende over de geheele besteding de som van 85 pond 15 schellingen gr. Vls. (?); en Pieter Clays'zoon, arbeider, van de derde besteding, beginnende aan de voorgaande, strekkende oostwaarts, lang 55 roeden, voor 10 gulden de roe, bedragende over de geheele besteding 91 pond 13 schellingen 4 grooten.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).
321  1583 Juni 7
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, willende voorzien in de wanorde en verzuimen, ,,jae genouch meuterie", die niettegenstaande goede ordonnantiën in de wacht nog voorkomen, gelasten de strikte naleving van de hier afgeschreven artikelen betreffende den dienst van de burgerwacht.
a. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 201).
b. Afschrift (Inv. nr. 201).-Onder deze ordonnantie zijn twee andere, d.d. 1583 October 29 (zie nr. 335) en d.d. 1583 November 8 (zie nr. 340), afgeschreven, geteekend door Bartholomeus Cannoye, en aan het stuk is een ander, d.d. 1584 Maart 17 (zie 354), gehecht.
c. Afschrift in Inv. nr. 101, blz. 79-85.
322  1583 Juni 25
Barent Heyndrichs zoon is op dezelfde voorwaarden aannemer gebleven van de rest der besteding (zie nr. 317), beginnende aan den watergang tot aan het laatste ,,affsleechsel", voor de som van 14 schellingen 6 grooten de roe.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).-Boven deze akte is eene andere, d.d. 1583 Mei 14 (zie nr. 317), geschreven.
323  1583 Juni 28
De Staten van Seelant consenteeren tot onderstand van den oorlog in de lichting van den 100sten penning over den oogst 1583, zooals hierbij nader beschreven is.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 81-83.
324  1583 Juni 30
De Staten van Seelandt doen weten, dat zij zekere zilveren penningen hebben doen slaan, te weten den Zeeuwschen schelling met zijn onderdeelen van halve schellingen en van drie groote penningen, waarmede een ieder in de onderhandelingen gehouden is tevreden te zijn.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 81.
325  1583 Juli 4
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad (Arnemuiden), kennis bekomen hebbende, dat arbeiders en arbeidsters, dagelijks onder de keten werkende, daar onlangs oproer gemaakt hebben door meer dan het redelijke loon te eischen en de goedwillige arbeiders te hinderen, tot schade en ongerief van de panne- en kooplieden, verbieden aan een ieder de voornoemde arbeiders met woorden of daden te hinderen of hun letsel te doen, verklarende onder de voorschreven arbeiders te verstaan diegenen, die na datum dezer ordonnantie door deken en beleders daarvoor aangenomen zullen worden.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 85, 86.
326  1583 Juli 16
In tegenwoordigheid van baljuw en burgemeesters der stad Arnemuyden zijn op de hierboven geschreven voorwaarden aannemers gebleven van het delven der grachten, vanwege den gouverneur Alexander de Haultain aanbesteed, Brecht Adriaens zoon, dekker, van c. 115 roeden voor 23 schellingen 4 grooten Vls. de roe, bedragende de som van 134 pond 3 schellingen 4 grooten Vls., en Willem Jans zoon Scheuyer alias Cort Willemken van 24 roeden achter de Volstraat voor 7 gulden de roe, bedragende de som van 28 pond gr. Vls.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 190).
327  1583 Juli 29
Zijne Prinselijke Excellentie verklaart onder het zegel tot zaken van de Staten van Zeeland, dat alle degenen, die het plakkaat van Februari 25 laatstleden (zie nr. 321) hebben overtreden of dit nog zullen doen, vervallen zijn in de penen van het voorschreven plakkaat, gebiedende allen officieren tegen de overtreders zonder verdrag te handelen overeenkomstig de daarin begrepen penen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 84.
328  1583 Augustus 13
De Gecommitteerde Raden van Zeellant schrijven aan baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, dat het zijne Excellentie beliefd heeft een algemeenen vasten- en biddag binnen Zeelant te doen publiceeren tegen den 24sten dezer maand, met verzoek het noodige daartoe te willen verrichten.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 84, 85.-Onder dit stuk staat een ander, d.d. 1383 Augustus 30 (zie nr. 331), afgeschreven.
329  1583 Augustus 17
Franschoys Laureins erkent van Loys Bastoen, gecommitteerde van den magistraat van Armuijden, de som van 12 stuivers wegens het recht van den tol binnen Mechelen van zekere klokken, wegende 4000 ponden, ontvangen te hebben.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).-Met het opgedrukt stadswapen op papier in roode was en de handteekening van den ontvanger.-Aan dit stuk zijn twee andere, d.d. 1583 Augustus 25 (zie nr. 333) en d.d. 1583 Augustus 20 (zie nr. 330), gehecht.
330  1583 Augustus 20
(........., ontvanger van den) Brabantschen tol te Antwerpen erkent wegens het recht van acht klokken van de stad Arnemuyden 12 schellingen Vls. ontvangen te hebben.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).-Met een onleesbaar opgedrukt zegel.-Aan dit stuk zijn twee andere, d.d. 1583 Augustus 17 (zie nr. 329) en d.d. 1583 Augustus 25 (zie nr. 333), gehecht.
331  1583 Augustus 20
Baljuw, burgemeesters, schepen en raden der stad Arnemuyden gelasten op schriftelijk bevel van zijne Prinselijke Excellentie (zie nr. 328) den 24sten dezer maand Augustus met vasten en bidden in de kerk te vieren, geen winkels te openen of handwerk te doen, en dien dag te houden en te celebreeren als den Zondag.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 85, 86.
332  1583 Augustus 23
De Staten van Zeelant gelasten een ieder binnen deze provincie den Ghendtschen en den Zeeuwschen nobel niet hooger te verhandelen dan voor 22 stuivers 6 grooten Vls., waarvoor die penning in deze provincie gangbaar zal zijn en koers hebben.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 86.
333  1583 Augustus 25
Lowijs Bastoen (klokkenist te Arnenmiden) heeft met den klokkengieter Pieter van den Gheijn gerekend en geëffend betreffende het gieten van klokken, zooals hierbij nader geschreven staat.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).-Ongeteekend.-Aan dit stuk zijn twee andere, d.d. 1583 Augustus 17 (zie nr. 329) en d.d. 1583 Augustus 20 (zie nr. 330), gehecht.
335  1583 October 29 * 
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden gelasten opnieuw de ordonnantie op de burgerwacht, d.d. 1583 Juni 7, waaronder deze geschreven is (zie nr. 321), in al hare punten te onderhouden, brengen daarin een kleine wijziging en committeeren Cornelis van Huessen tot assistent van de wacht om fouten te verhelpen en alle boeten te executeeren.
a. Afschrift (Inv. nr. 201).-Boven deze ordonnantie is eene andere, d.d. 1583 Juni 7 (zie nr. 321) en er onder is eene derde, d.d. 1583 November 8 (zie nr. 340), afgeschreven, geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad) en aan het stuk is een ander, d.d. 1584 Maart 17 (zie nr. 354), gehecht.
b. Afschrift (Inv. nr. 201).
c. Afschrift in Inv. nr. 101, blz. 86, 87.
336  1583 October 29
Burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden kiezen en committeeren op de hierbij geschreven voorwaarden tot wachtmeester en assistent van de wacht Cornelis van Huessen, die dit heeft aanvaard voor de som van honderd gulden 's jaars en voor zijne huisvrouw een marktstuk van vijf en twintig gulden 's jaars.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 202).-Geteekend door den aangenomen wachtmeester en assistent.
337  Vóór 1583 October 31
Burgemeesters der stad Arnemuijden geven aan Gecommitteerde Raden van Zeellant te kennen, dat zij van de tot onderhoud van de kerk toegestane 6 pond gr. Vls. (zie nrs. 139, 172) geene betaling kunnen krijgen zonder telkens eene nieuwe ordonnantie van Gecommitteerde Raden over, te leggen, en verzoeken eene dergelijke lastgeving thans van den Augustus 12 laatstleden verschenen termijn te mogen ontvangen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 948).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1583 October 31 (zie nr. 338), geschreven.
338  1583 October 31
De Gecommitteerde Raden van Zeellant, beschikkende op het rekest van Burgemeesters der stad Arnemuijden, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 337), gelasten den rentmeester Walraven van den Braemslot den verzoekers de 6 pond tot wederroepen jaarlijks te betalen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 948).-Geteekend door Christoffel Roëls (pensionaris van de Staten van Zeeland).
339  1583 November 1
Vanwege zijne Prinselijke Excellentie en de Staten van Zeelandt wordt onder het zegel der voorschreven Staten aan een ieder scherpelijk verboden toevoer te doen ter plaatse, waar de vijand gezag heeft, "immers van der Sluys aff, excluys die riviere van de Honte opwaerts tot Antwerpen excluys", op pene, in de voorgaande plakkaten dienaangaande begrepen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 87.
340  1583 November 8
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, willende voorzien in het verzuim van waarschuwing, persoonlijk of ten huize, voor de wacht, gelasten, na bekomen advies van den wachtmeester en de korporaals, dat de wacht voortaan gewaarschuwd en uitgeroepen zal worden bij trommelslag door het noemen van de namen en toenamen van de korporaals, die in de aanstaande nacht de wacht zullen houden, waarmede een ieder, onder dezelven behoorende, voor gewaarschuwd zal gehouden worden.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 201).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Boven deze ordonnantie zijn twee andere, d.d. 1583 Juni 7 (zie nr. 321) en d.d. 1583 October 29 (zie nr. 335), afgeschreven, en aan het stuk is een ander, d.d. 1584 Maart 17 (zie nr. 354), gehecht.
b. Afschrift in Inv. nr. 101, blz. 88.
341  1583 November 14
De Staten van Zeelant, alzoo bevonden is, dat de nieuwe geconterfeite Portugaelsche testoenen en milaresen met de inscriptie op de eene zijde: "Antonius 1. Rex portugall et Al:" en op de andere zijde: ,,In hoc signo Vinces", beiden van wege don Anthonio, koning van Portugaell te Gorcum geslagen, veel slechter in allooi dan de oude penningen van dien slag, in Portugael gemunt, zijn, verbieden ernstig aan een ieder de voorschreven penningen binnen deze provincie te verhandelen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 87, 88.
342  1583 November 26
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden (der stad Arnemuiden), om voorloopig te voorzien in de behoefte aan logies van eenige soldaten, die hier krachtens beschikking van zijne Excellentie en de Staten van den Lande garnizoen zullen houden, gelasten, dat de herbergiers, ook de waarden van de groote schippers en in het generaal alle personen, die zich met logement generen, gehouden zijn de bedoelde soldaten in deze te gerieven voor redelijken door hen te betalen prijs.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 88, 89.
343  1583 November
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raad der stad Arnemuyden verbieden hierbij aan een ieder den voorkoop ten platten lande van alle eetwaren, hoe men die ook noemen mag.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 88.
344  1583 December 10
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden (der stad Arnemuiden), willende voorzien in het ongerief van den reizenden man, die hier door onwilligheid van sommige herbergiers geen behoorlijk logies kan krijgen, tot schade van de weelvaart der stad, gelasten, dat alle herbergiers gehouden zijn den reizenden man bij dag en bij nacht voor zijn geld te ontvangen; voorts gelasten zij mede, dat alle herbergiers gehouden zijn binnen een uur na poortsluiting van de passagiers en vreemdelingen twee biljetten over te brengen, een op het stadhuis en een bij den baljuw, houdende opgave van namen en toenamen, plaats, van waar zij komen, het doel der reis, en waarheen zij willen gaan.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 89-91.
345  (1583) December 14
Cornelis Wouters zoon en Claes Jans zoon, timmerlieden van Middelburch, gecommitteerden van burgemeesters en tresoriers der stad Armuyden, hebben in tegenwoordigheid van Pieter Mees'zoon en Cornelis Moeyses, timmerlieden, gecommitteerden van Jacob Joes'zoon, als aannemer van den toren op de kerk, andermaal dien toren gevisiteerd en brengen daarvan verslag uit.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1021).
346  1583 December 31
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraignen, drager van de hooge overheid en regeering binnen den lande van Zeelandt, verbiedt onder het zegel van de Staten van Seelandt, het houden van kwartier met den vijand, en beveelt, wanneer deze in onze handen valt, hetzij soldaten of anderen, bij feite van oorlog gevangen, hen te straffen in lijf en goed, zonder hen los te laten, op eene maand gage of ander rantsoen, met last aan de hierbij genoemde autoriteiten, officieren enz. en allen, die dit eenigszins aangaan, mag, zich hiernaar te regelen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 89.
347  (C. 1583.)
Cornelis Cool is op de hierboven geschreven voorwaarden aannemer gebleven van de besteding van het ophoogen en breedmaken, als met staken is aangeduid, van het bolwerk op den Veerschen dijk, lang 41,5 roeden, voor de som van 1 pond 18 schellingen de roe. Ongeteekende en ongedateerde minute op papier (Inv. nr. 190). N.B. Onder deze akte staat nog aangeteekend, dat Wynend Willems zoon, wonende te Vlissinghen, aannemer is van de borstwering voor 2 gulden de roe.
348  1584 Januari 14
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, ten einde te voorzien in het gevaar van brand, dat door vuur in de schepen en op de hoofden ontstaan is, verbieden, met vernieuwing van de vroeger dienaangaande gegeven ordonnantie, het maken van vuren op de hoofden en rijswerken, in de schepen enz., en dragen aan schippers, officieren en wakers op schepen daaromtrent een scherp toezicht op. Voorts gelasten zij, dat 's avonds na het luiden van de klok ten 9 ure niemand zonder licht langs de straat zal gaan, en dat alle herbergiers na dat uur geen boots- of ander volk, uit eene herberg komende, mogen innemen. Afschrift in Inv. nr. 101, fol. 91-93.
349  1584 Februari 13
Deken en beleders van de pannering der stad Arnemuyden eener- en dekens en beleders van de schippers andererzijds komen, onder voorwaarde van bekrachtiging door de Wet, voorloopig voor den tijd van twee jaren overeen omtrent het loon van het vlotten van grof zout. Ongeteekend afschrift (Inv. nr. 277).
350  1584 Februari 18
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven, op voordracht van deken en beleders van de pannering, van wege de panlieden en de nering van het zoutzieden, tot verbetering van de vele gebreken, die onder de panlieden, "vrochten", meters en andere arbeiders voorkomen, en na gehouden onderzoek en correctie van de door voorschreven deken en beleders schriftelijk overgegeven artikelen, de hierbij geschreven ordonnantie.
a. Afschrift (Inv. nr. 260).-Ongeteekend.
b. Afschrift (Inv. nr. 260).-Ongeteekend.
c. Afschrift in Inv. nr. 234, onder nr. 9.
d. Concept (Inv. nr. 251).
351  1584 Februari 25
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuiden maken voor de laatste maal bekend, dat een ieder, in het bezit van ledige erven, vooral die gelegen zijn in de Langstraat tusschen de Middelburgsche en Veersche poorten, vóór Mei 1 aanstaande moet beginnen dezelve te bebouwen, en zij gelasten, dat alle bewoners van huizen en kamers van een privaat moeten zijn voorzien, met verbod de straat of openbare plaatsen daarvoor te gebruiken.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 94, 95.
352  1584 Maart 1
Wilhelm, bij de gratie Gods prins van Oraingien, als hebbende de hooge overheid en regeering van Hollant, Zeelandt en Vrieslant, geeft onder het zegel van justitie een plakkaat betreffende de gemeene middelen. Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 91-93.
353  1584 Maart 8
De hierbij afgeschreven lijst van de permissie der munten is op bovengenoemden datum te Arnemuiden gepubliceerd.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 90.
354  1584 Maart 17
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden) gelasten, ter voorkoming van fouten, die niettegenstaande voorgaande ordonnantiën in de wacht nog voorkomen, de naleving van de door hen hierbij gemaakte bepalingen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 201).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Aan dit stuk is een ander (zie nrs. 321, 335, 340) gehecht.
355  1584 Maart 17
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, ter voorkoming van fouten, die nog in den wachtdienst voorkomen, gelasten, dat voortaan een ieder in persoon ter wacht moet komen, behoudens ziekte en absentie, in welk laatste geval door den wachtmeester ten koste van den afwezige een ander persoon in diens plaats gesteld zal worden. Voorts bevelen zij ter bevordering van het toezicht op de vreemdelingen opnieuw het overbrengen van biljetten bij den baljuw en den burgemeester, bevattende de namen, toenamen van de nachtgasten, plaatsen, van waar zij komen en waarheen zij willen gaan, en van huis of herberg; dat de magistraat, die de nachtwacht heeft, 's avonds 1/2 uur na het luiden van de poortklok de biljetten van den burgemeester in het wachthuis moet brengen; en geen zieke personen in de huizen op te nemen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 95-97.
356  1584 Maart 21
De Gecommitteerde Raden van Zeellant schrijven aan baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, dat zij uit de ontvangen nominatie tot vermaking van de Wet Hartman Michiels zoon Coster continueeren in zijn burgemeesterschap en Heyndrick Adriaens zoon en Eegbert de Pool in hun schependom, die maar een jaar gediend hebben, en voor nieuwe wethouders committeeren tot burgemeester Adriaen Cornelis' zoon Cuiper in de Wolzack, en tot nieuwe schepenen Adriaen Cornelis Huygens zoon, Aelbrecht de Graft, Steven de Euytere, Pieter Cornelis'zoon Bontecoe en Bouwen Jans zoon, en zulks over het jaar (15)84, ingaande bij beëediging in handen van den baljuw.
Afschriftin Inv. nr. 140.
357  1584 April 14
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden hebben naar aanleiding van den inhoud eener hierboven afgeschreven missive van de Generale Staten der Geünieerde Nederlandsche provinciën gelast den eerstkomenden Woensdag met vasten en bidden te vieren, geen winkels te openen, geen handwerk te doen en geen volk te drinken te zetten.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 94.
358  1584 April 21
In tegenwoordigheid van burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden) is Jan Heyndricx zoon Bontecoe op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar en negen maanden, ingaande 1584 Mei 1 en einigende 1586 Januari 31, pachter gebleven van de visch-markt en den afslag van visch, voor de som van 18 pond 12 schellingen 6 grooten Vls.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van den pachter.
b. Afschrift (Inv. nr. 844).-Ongeteekend.
359  1584 Mei 5
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden bepalen uit krachte van het aan hen verleende octrooi (zie nr. 298), dat eigenaars van erven vooralsnog zullen mogen volstaan en van de verkooping bevrijd blijven met eene afheining aan de straatzijde, bestaande voor de erven, gelegen in de Nieuwestraet en Noortstraet in eene pui van hout of steen om later daarop voort te bouwen, en voor die in de Bolstraet en Papenstraet in muren.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 98.
360  1584 Mei 26
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, om te voorzien in de vele gebreken, die er in de burgerwacht niettegenstaande alle voorgaande goede ordonnatiën nog voorkomen, geven opnieuw de hier afgeschreven artikelen om voortaan strikt onderhouden te worden.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 99-104.
361  1584 Juni 12
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden gelasten de voorloopig bij gebrek van harde materialen met stroo en riet herstelde huizen enz. binnen twee maanden van een hard dak te voorzien; en zij verbieden opnieuw eenigerlei woning zonder toestemming van den magistraat aan vreemdelingen te verhuren, met waarschuwing aan een ieder zich zonder zoodanige vergunning hier niet te vestigen, en aan degenen, die zulks reeds gedaan mochten hebben, tot onmiddellijk vertrek; en voorts verbiedende aan alle schippers en schuitlieden goederen of personen af te zetten in Vlaenderen op plaatsen, niet onder het gebied van de Generale Staten, of den vijand toevoer te doen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 105, 106.
362  1584 Juni 22
De Generale Staten der Geünieerde Nederlanden verbieden bij advies van den prins van Orangien het vervoer uit deze landen, uit Spanje en andere landen naar den vijand van victualie, munitie van oorlog en andere waren of koopmanschappen, met intrekking van vroegere tegenstrijdige ordonnantiën; met den vijand of de ingezetenen van plaatsen, door hem bezet, te handelen en gemeenschap te houden; insgelijks eenige granen, boter, kaas of andere eetwaren, uitrustingstukken van schepen te vervoeren, zooals hierbij nader omschreven is; en gelasten de publicatie dezer ordonnantie aan de verschillende autoriteiten.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 95-97.
363  1584 Juli 10-18
De Staten van Zeelandt consenteeren tot onderstand van den oorlog in de lichting van den 100sten penning over den oogst 1584, zooals hierbij nader beschreven is.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 106-108.
364  1584 Juli 14
De Generale Staten der Geünieerde Nederlanden stellen naar aanleiding van het overlijden van den prins van Oraenginen een algemeenen bid- en vastendag en verzoeken de Staten van Zeelant of hunne Gecommitteerde Raden dien dag zoo spoedig vast te stellen als het best geschikt zal kunnen worden.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 101.
365  1584 Juli 14
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden verklaren, dat de biljetten der vreemdelingen moeten inhouden: naam of beteekening van het huis of "emmer" (althans) van den waard of de waardin, meester of vrouw; namen en toenamen van de gasten, woonplaats, van waar zij komen, waarheen zij reizen, en dag en datum; en dat de overbrenging van dergelijke opgaven door alle inwoners moet gedaan worden met inachtneming van de hierbij gemaakte bijzondere bepalingen omtrent vrienden en schippers, die meer dagen overblijven.
Afschriftin Inv. nr. 101, blz. 106, 107.
366  1584 Juli 16
De Gecommitteerde Raden van Zeellant staan op de aanhoudende verzoeken van den magistraat van Arnemuyden om hulp tot vordering van de fortificatie der stad, die geheel open ligt, eindelijk toe, dat deze volgens de raming van den ingeniairemeester Abraham Andries' zoon onderhanden wordt genomen, waartoe voorhanden eigen middelen gebruikt moeten worden, en hun vanwege de gemeene zaak voorloopig eene som van 2000 gulden onder zekere bepalingen wordt toegelegd.
Extract uit het Collegiaalboek (Inv. nr. 187).-Geteekend door Christoffel Roëls (pensionaris van de Staten van Zeeland).
367  1587 Juli 24
De Generale Staten van de Geünieerde Nederlanden geven eene ordonnantie ter voorkoming van frauden in zake de convooien.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 98-100.
368  1584 Juli 27
De Generale Staten der Geünieerde Nederlandsche provinciën, bevindende, dat het plakkaat van 1584 Juni 22 (zie nr. 362) niet wordt nagekomen en eenigen met den verboden toevoer naar den vijand toch heimelijk voortgaan, hebben goedgevonden het voorschreven plakkaat met eenige bijvoegingen opnieuw te doen publiceeren met scherpelijk bevel tot afkondiging en tegen de overtreders zonder gunst op te treden (zie nr. 369).
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 101 en 102.
369  1584 Juli 27
De Generale Staten der Geünieerde Nederlandsche provinciën geven een nieuw vermeerderd plakkaat betreffende den toevoer naar den vijand (zie nrs. 362, 368).
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 102-100.
370  1584 Augustus 7
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden verbieden het opdoen en door de brouwers leveren van binnen gebrouwen bieren vóór dat de accijns daarvan betaald zal zijn en een biljet van den accijnzenaar en controleur verkregen zal wezen; en gelasten, dat voortaan alle binnenbrouwers geen meesterknechten zullen mogen houden dan die eed hebben gedaan den accijnzenaar van het gebrouwen bier getrouwe verklaring te doen, zullende bij gemis van een meesterknecht de opgaven door de brouwers zelve op hun eed gedaan moeten worden.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 107, 108.
371  1584 September 13 / October 6
De Staten van Seelandt, overwegende het toenemend geweld, dat de vijand aan alle zijden aanwendt, waardoor het noodig is geweest de garnizoenen en het krijgsvolk te versterken, zoomede ook de equipage te water te vermeerderen, consenteeren in de lichting van een verhoogden (dubbelen) 100sten penning, zooals hierbij nader beschreven is.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 108-110.
372  1584 November 10
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raad der stad Middelburch, overwegende het bedrog, dat dagelijks onder de bakkers, zoo te Middelburch als te Arnmuden voorkomt, zijn met de gildebroeders van de bakkers aldaar overeengekomen, dat voortaan niemand van de bakkers of broodverkoopers binnen Middelburch en op Arnmuden of jurisdictie het dertiende brood of anders zal mogen toegeven, en dat zij het brood volgens de door de weesmeesters gemaakte ordonnantie op het gewicht zullen bakken.
Afschriftvan den notaris Pieter Wilsens van 1585 (Inv. nr. 241).
373  1584 December 31
De Generale Staten der Geünieerde Nederlandsche provinciën schrijven aan de Staten van Zeelant of hunne Gedeputeerde Raden, dat zij een algemeenen bid- en vastendag hebben gesteld op Woensdag Januari 23 eerstkomende.
Afschriftvan eene kopie in Inv. nr. 97, blz. 111.-Onder dezen brief zijn betreffende dezelfde zaak nog twee andere stukken, d.d. 1585 Januari 14, (zie nr. 375) en d.d. 1585 Januari 19 (zie nr. 376), afgeschreven.
374  1585 Januari 10
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden schrijven aan de Staten van Zeelandt en hunne Gecommitteerde Raden over de schade, die de panlieden in Zeelant dezen zomer geleden hebben door de ondragelijke belasting op het witte zout, die in deze provincie tot het uiterste en in Hollant van gelijke nering slechts luttel geheven wordt, ten nadeele van het bedrijf in Zeelant, en verzoeken het noodige te willen verrichten tot behoud van deze nering en de inwoners dezer stad.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 252).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad). Het zegel, waarmede de brief gesloten is geweest, is niet meer aanwezig.
N.B. Bij resolutie van Wet Raad, d.d. als boven, werd tot dit schrijven besloten en eene commissie benoemd om hun Ed. Mo. vóór de vergadering te spreken; het blijkt echter niet, dat deze brief inderdaad door de Staten of Gecommitteerde Raden is ontvangen, evenmin of de oommissie aan hare opdracht heeft kunnen voldoen.
b. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 252).
375  1585 Januari 14
De Gecommitteerde Raden van Zeelant zenden een afschrift van den brief van de Generale Staten der Geünieerde Nederlandsche provinciën, d.d. 1584 December 31 (zie nr. 373), aan den magistraat der stad Arnemuijden, met last dien aan den kerkeraad bekend te maken, ten einde den voorgeschreven biddag te doen houden.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 112.-Onder dit stuk is een ander betreffende dezelfde zaak, d.d. 1585 Januari 19 (zie nr. 376), afgeschreven.
376  1585 Januari 19
Baljuw, burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuijden) hebben naar aanleiding van den brief van de Generale Staten der Geünieerde Nederlandsche provinciën, d.d. 1584 December 31 (zie nr. 373), en de daaronder gestelde lastgeving van de Gecommitteerde Raden van Zeelant, d.d. 1585 Januari 14 (zie nr. 375), gelast, dat alle ingezetenen der stad den eerstkomenden Woensdag met vasten en bidden in de kerk zullen vieren.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 112.
377  1585 Januari 21
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden (der stad Arnemuiden) committeeren Franchois de Rijcke om alle honden, die hij op straat vinden zal (uitgezonderd: bracken, winden, spilioenen en waterhonden) te dooden, verbiedende aan een ieder den voornoemden Franchois de Rijcke bij dit werk hinder of letsel te doen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 108.
378  1585 Februari 12
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden geven naar aanleiding van de door die van de pannering van Zeeland te kennen gegeven abuizen, die de meters van het grove zout dagelijks begaan, eene ordonnantie om door die meters onderhouden te worden.
Afschriftin Inv. nr. 234, onder nr. 12.
379  1585 Februari 12
Maurits, graaf van Nassau, en de Raad van State, gesteld tot de regeering der Vereenigde Nederlanden, waarschuwen de schippers van schepen met victualie voor Antwerpen, dat zij zich terstond bij de vloot op de Honte moeten vervoegen om van daar door oorlogsschepen en soldaten te worden geconvooieerd, en dat ten aanzien van kwaadwilligen, die nog weigerachtig mochten blijven, de kooplieden in een stuiver vracht niet gehouden zullen zijn, hoelang zij ook al op reis mochten zijn geweest, en bovendien verplicht zullen worden den kooplieden alle onkosten te betalen, ongeacht arbitrale correctie.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 112.
380  Vóór 1585 Maart 13
Overdeken, broodwegers en deken, beleders en gilde-broeders van het bakkersambacht geven aan baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden onder overlegging eener ordonnantie van de regeering der stad Middelburch, d.d. 1584 November 10 (zie nr. 372), te kennen, dat zij dagelijks klachten hooren over sommige bakkers, die het dertiende brood toegeven ten koste van het gewicht en over het bakken van brooden ,,op zeven oortkens", die voor twee stuivers verkocht worden tot schade van het gilde en de stad, en verzoeken dat alle bakkers, wonende op Arnemuyden, verboden wordt het dertiende brood toe te geven, en aangezegd, dat zij het brood zullen bakken volgens de te geven ordonnantie.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 241).
381  Vóór 1585 Maart 13
Overdeken, deken en beleders van het kramersgilde geven aan baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden te kennen, dat vele Hollanders nog dagelijks rnet hunne schepen hier komen en geruimen tijd blijven liggen tot verkoop van levensmiddelen in het klein of, wanneer zij wenschen weg te varen, de restanten in het groot, tot nadeel van de burgers, en verzoeken, dat voortaan vreemdelingen, geen poorters zijnde, hunne goederen in het klein niet anders zullen verkoopen dan op de twee marktdagen, en op andere dagen in het groot uit hunne schepen binnen den tijd van 14 dagen, en daarna moeten vertrekken, gelijk te Vlissingen, ter Vere en in meer andere plaatsen in Zeelandt gebruikelijk is. Voorts voegen de verzoekers hier nog bij, dat dezelfde vreemdelingen balansen en kleine gewichten zonder stadsijk gebruiken.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 200).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1585 Maart 13 (zie nr. 382), geschreven.
382  1585 Maart 13
(Wet en Raad der stad Arnemuiden), beschikkende op het rekest van overdeken, deken en beleders van het kramersgilde, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 381), beslissen, dat de verzoekers over den inhoud van hun rekest en nog andere artikelen met de burgemeesters en den schepen Bouwen Jans zoon moeten spreken, waarna op het verzoek naar behooren gelast zal worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 250).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
383  1585 Maart 21
De gouverneur jhr. Alexander de Haultain en de Gecommitteerde Baden van Zeellant schrijven aan baljuw, burgemeesters, schepenen en raden mitsgaders notabele burgers der stad Arnemuyden, dat zij uit de ontvangen nominatie tot vermaking van de wet Adriaen Cornelis'zoon Cuiper continueeren in zijn burgemeesterschap en Bouwen Jans zoon, Adriaen Cornelis Huygens zoon en Pieter Cornelis'zoon Bontecoe in hun schependom, die maar een jaar gediend hebben, en voor nieuwe wethouders committeeren tot burgemeester Steven de Ruytere, en tot schepenen Jan Adriaens zoon de Bye, Jan Heyndrichs zoon, Adriaen Soeteman en Jan Cornelis'zoon Cottron, en zulks over het jaar (15)85, ingaande bij beeediging in handen van den baljuw.
Afschriftin Inv. nr. 140.
384  1585 Maart 27
Burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden veroordeelen de erfgenamen van Maye Jans, weduwe van Heyndrick Joos' zoon Drup, tot betaling van 6 pond 17 schellingen 6 grooten Vls. over 11 jaren achterstallige renten, tegen 2 schellingen 6 grooten 's jaars, verzekerd op het erf binnen deze stad op het Oosteinde, naast het huis De vergulde Valck, aan Symon Jacobs zoon in Galissie, die de schuld gesterkt heeft.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 568).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
385  1585 April 6
Maurits, graaf van Nassau, en de Raad van State, gecommitteerd tot de regeering der Vereenigde Nederlandsche provinciën, om te voorzien in de behoefte aan proviand en munitie van oorlog van de armade, thans in de vloot op de rivier van Antwerpen zijnde, vergunnen de vrije zending van eet- en drinkwaren naar de vloot, waar orde op betaling is gesteld, met uitnoodiging aan alle gouverneurs, magistraten, officieren enz. voor dergelijke leveringen vrije passage uit de Vereenigde provinciën te verleenen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 113.
386  1585 Mei 10
Burgemeesters en tresoriers der stad Arnemuyden, van de stad als koopers eener- en Jacob Pieter Jans zoon en zijn schoonzoon Pieter Yendeville, als verkoopers anderer-zijds gaan eene overeenkomst aan betreffende den koop van zekeren windmolen, staande tegenwoordig te Oost-eynde.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 558),-Geteekend door Bartholomeus Cannoye, secretaris der stad.
387  1585 Mei 31
De Generale Staten van de Geünieerde provinciën schrijven aan de Staten van Zeelandt, dat zij tot ontzet van de "vrome ende vermaerde" stad Antwerpen een algemeenen vasten- en biddag hebben gesteld op Woensdag Juni 12 eerstkomende.
Afschriftvan een afschrift in Inv. nr. 97, blz. 114.-Onder dit stuk is een ander betreffende dezelfde zaak, d.d. 1585 Juni 4 (zie nr. 393), afgeschreven.
388  Vóór 1585 Juni 1
Deken en beleders van het wagenaarsgilde verzoeken baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden de hier aangehechte artikelen, afgeschreven uit de ordonnantie van het gilde van Middelburch, te willen lezen en naar goeddunken bij eene ordonnantie vast te stellen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 291).-Aan dit rekest is de minute eener ordonnantie, d.d. 1585 Juni 1 (zie nr. 389), gehecht.
389  1585 Juni 1
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden, beschikkende op het rekest van deken en beleders van het wagenaarsgilde, waaraan deze gehecht is (zie nr. 388), geven eene ordonnantie voor genoemd gilde.
a. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 291).
b. Afschrift in Inv. nr. 234, onder nr. 13.
390  1585 Juni 1
Brecht Adriaens zoon, dekker, is op de hierboven geschreven voorwaarden aannemer gebleven van het stoppen en droog maken van het haventje of houwertje, gelegen vóór de Veersche poort, voor de som van 16 pond 13 schellingen 4 grooten Vls.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 173).
391  1585 Juni 1
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie van alle oude en nieuwe verboden.
Afschriftin Inv. nr. 101, blz. 109-120.
392  1585 Juni 1
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, om te voorzien in de groote fouten, die niet-tegenstaande voorgaande goede ordonnantiën in de burgerwacht dagelijks nog voorkomen, gelasten op nieuw de hierbij afgeschreven artikelen striktelijk te onderhouden. Afschrift in Inv. nr. 101, fol. 121-128.
393  1585 Juni 4
De Staten van Zeelant hebben op het schrijven van de Generale Staten, d.d. 1585 Mei 31 (zie nr. 387), besloten den algemeenen vasten- en biddag tegen den 12 dezer maand ook alhier te doen afkondigen, tot welk einde kopie van het schrijven gemaakt zal worden om door de Gedeputeerden van de Staten te doen bevorderen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 114.
394  1585 Juni 4
De Staten van Zeelandt, van kracht houdende de vroeger dienaangaande gepubliceerde plakkaten enz., gelasten de naleving van hierbij geschreven artikelen betreffende de jacht, vogelerij, visscherij en anders.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 115-117.
395  1585 Juni 8
Tresoriers der stad Arnemuijden hebben aanbesteed aan Jacob Sijmons zoon, leidekker, te Middelburch, die op de hierbij geschreven voorwaarden voor den tijd van zeven jaren aangenomen heeft de reparatie en het onderhoud van het dak en den toren van de kerk voor de som van 12 pond gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1017).-Geteekend door den aannemer.
396  1585 Juli 17
Schepenen der stad Zierickszee doen uitspraak in een geschil tusschen Cornelis Hose, heudenaar aldaar, eischer, eener- en Dane Joachim als borg voor Pieter Cornelis Pelle, schipper, te Arnemuijden, gearresteerde, andererzijds, over de vracht, die laatstgenoemde met zijn schip te Zierickszee gebracht heeft.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).
397  1585 Augustus 6
Burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden, gelet hebbende op een rekest, continueeren Cornelis Lenaerts Houtman, deken, en zijne beleders van de pannering, die nu een jaar gediend hebben, in hunne ambten tot Nieuwejaarsdag, wanneer deken en beleders vermaakt zullen worden.
Ongeteekende minute op papier in (Inv. nr. 258).
398  1585 Augustus 8-14
De Staten van Zeelandt consenteeren tot onderhoud van den oorlog in de lichting van den dubbelen 100sten penning over het jaar 1585, zooals hierbij nader beschreven is.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 118-120. N.B. Gepubliceerd 1585 Augustus 22.
399  1585 Augustus 10
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden gelasten, dat voortaan alle kramers en vleeschhouwers gehouden zullen zijn tweemaal, althans eens in de week des Zaterdags, ter markt te komen met hunne kramen en al zulke goederen als zij in hunne huizen verkoopen.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol 128, 129.
400  1585 Augustus 13
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie voor een te maken gilde van "de gemeene arbeijders deser stadt langcx der straete werckende".
a. Afschrift op perkament (Inv. nr. 237).-Ongeteekend.
b. Afschrift in Inv. nr. 234, onder nr. 14.
401  1585 Augustus 13
De Staten van Zeelandt, kennis gekregen hebbende, dat de ingezetenen dezer provincie en de aldaar handeldrijvende lieden benadeeld worden door de nagemaakte gelden, die ver boven hunne waarde in omloop zijn gebracht, geven eene ordonnantie betreffende de valuatie van eenige hierbij genoemde munten en verbod van verhandeling van eenige andere, hierbij mede vermeld, die zij voor biljoen verklaren.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 120-121.
402  1585 Augustus 16
Schepenen in Arnemuijden oorkonden, dat Symon Jacobs zoon in Gallissiën. wonende te Middelburch, aan tresoriers der stad Arnemuijden den eigendom van den rentebrief, d.d. 1558 Juli 7, waardoor deze gestoken is (zie nr. 26) en het vonnis, d.d. 1585 Maart 27 (zie nr. 384), overdraagt.
Oorspr. (Inv. nr. 568). Met 2 geschonden schepenzegels in groene was; l niet meer aanwezig.
403  1585 October 17
Robert Leeman, baljuw van de Wateren in Middelburch, legt ten verzoeke van deken en beleders van het schippersgilde aldaar arrest op het schip van . . ., omdat de voorschreven schipper aldaar lading inneemt zonder toestemming van het voornoemde gilde, en gelast den schippers niet te zullen varen alvorens met hen overeengekomen te zijn.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 279).-Geteekend door den waterbaljuw.
404  1585 October 28
Burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden oorkonden, dat ten verzoeke van den overdeken van het schippersgilde aldaar Cornelis Michiels zoon Barthoen, Ingel Gerrits zoon en Pieter Jans zoon in de Prince, schippers en inwonende burgers der stad, verklaren, dat uit krachte van de door den Prins aan Arnemuyden gegeven privilegiën het schippersgilde aldaar is opgericht, welks deken aan eenige onvrije schippers toestemming mocht geven op het slik en daaromtrent te laden tegen betaling van de hierbij genoemde sommen, zonder door deken of beleders van het schippersgilde te Middelburch gemoeid te worden; dat voorts de voornoemde Cornelis Michiels zoon Barthoen verklaart, dat in 1579 en 1580, toen hij deken van het gilde te Arnemuyden was, met deken en beleders te Middelburch overeengekomen is, dat de voorschreven betaling van de lading, beneden de Middelburchsche haven naar Zeeburch toe, gedaan zou worden aan den deken te Middelburch, en van de lading vóór Arnemuyden en van daar tot de voornoemde haven, aan den deken te Arnemuyden, en dat zulks tot nog toe steeds onderhouden is geweest.
Oorspr. (Inv. nr. 279).-Met het opgedrukte stadszegel op papier in groene was en de handtteekening van Bartholomeus Cannoye, secretaris der stad.
405  1585 November 27
De notaris Laurens Lievins Decker te Arnmuden instrumenteert, dat ten verzoeke van overdeken en beleders van het schippersgilde aldaar Claes Claes'zoon alias Sybels, oud 50 jaren, en Jan Herdisse, oud 42 jaren, grootschippers van Amstelredam, hebben verklaard, dat zij vele jaren en ook nog in dit jaar met toestemming van den deken van het schippersgilde te Arnmuden zout geladen en naar Hollandt vervoerd hebben zonder aan den deken te Middelburgh toestemming gevraagd te hebben of door iemand gehinderd te zijn, en dat zij voor die toestemming telkens aan den deken of den knaap van het gilde aldaar de som van 22 stuivers betaald hebben.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 279).-Met de signatuur van den notaris.
406  1585 December 1
De notaris Laurens Lievins Decker te Arnmuden instrumenteert, dat ten verzoeke van overdeken, deken en beleders van het schippersgilde aldaar Cornelis Lauwe, oud 38 jaren, schipper van Amstelredam, heeft verklaard, dat hij Januari l laatstleden met toestemming van den deken van het schippersgilde te Arnmuden uit het schip van Pieter Smul van Edam zout geladen en naar Hollant vervoerd heeft, mits daarvoor aan dien deken betalende de som van 22 stuivers, zonder ergens meer toestemming gevraagd te hebben of door iemand gehinderd te zijn.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 279).-Met de signatuur van den notaris.
407  1585 December 7
De notaris Lourens Lievins Decker te Arnmuden instrumenteert, dat ten verzoeke van overdeken en beleders van het schippersgilde aldaar Cornelis Crijne, oud 36 jaren, schipper van een smalschip van Amstelredam, heeft verklaard, dat hij 1584 October 21 en Maart 10 laatstleden met toestemming van den deken van het schippersgilde te Arnmuden uit het hulkschip van Claes Jacobssen Schoonrepraet, schipper van Amstelredam, zout geladen heeft, en dat hij voor die toestemming telkens aan den deken of knaap van het gilde te Arnmuden niet meer dan 22 stuivers betaald heeft, zonder door deken of knaap van het schippersgilde te Middelburgh of iemand anders gehinderd te zijn.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 279).-Met de signatuur van den notaris.
408  1585 December 17
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, bevonden hebbende, dat de ordonnantie betreffende de weekmarkt, d.d. Augustus 10 laatstleden (zie nr. 399), niet wordt onderhouden, handhaven haar en bevelen de strikt naleving er van.
Afschriftin Inv. nr. 101, fol. 129, 130.
409  1585 December 23
Maurits, graaf van Nassau, en de Raad van State, gecommitteerd tot de regeering der Vereenigde Nederlandsche provinciën, verbieden uit krachte eener speciale autorisatie van de Generale Staten, d.d. 17 dezer, den uitvoer van paarden, zoomede het vervoer van paarden over den IJssel, den Rijn, de Maas en de Waal naar de hierbij genoemde landen, zonder paspoort. Voorts wordt verstaan, dat door vreemde kooplieden gekochte paarden, door ruiters in dienst van de Vereenigde provinciën, en inwoners dezer landen tegen kostenden prijs mogen overgenomen worden.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 122-124.
410  (c. 1585.)
Deken en beleders van het arbeidersgilde verzoeken burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden de onlangs gepubliceerde ordonnantie (zie nr. 400) te vermeerderen met zekere artikelen betreffende eene plaats, waar zij vergadering kunnen houden, het afeischen van turf en hout van ieder daar lossend schip, opdat het gilde des winters van brandstof voorzien zal zijn, en het arbeidsloon van ijzer, wolzakken, Noordsche balken, Weselsche balken, hoorn en Pruissische deelen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 237).
411  (c. 1585.)
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie op de loonen van de arbeiders.
Afschriftin Inv. 234, onder nr. 14a.
412  Vóór 1586 Januari 7
Deken en beleders van de pannering te Arnemuijden geven aan burgemeesters, schepenen en raden dier stad te kennen, dat zij de hierbij geschreven artikelen, die niet voorkomen in de ordonnantie, waarnaar de pannering bestuurd wordt, ontworpen hebben, en verzoeken dezelve te willen bekrachtigen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 261).-Onder dit rekest is de beschikking, d.d. 1586 Januari 7 (zie nr. 413), geschreven.
413  1586 Januari 7
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden, beschikkende op het rekest van deken en beleders van de pannering aldaar, waaronder deze geschreven is (zie nr. 412), bekrachtigen de voorgestelde artikelen van ampliatie op de ordonnantie "in der formen ende manieren hiernaer volgende", en gelasten, dat die door de voorschreven nering en het arbeidersgilde onderhouden zullen worden.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 261).
414  1586 Januari 8
De Generale Staten der Vereenigde Nederlandsche provinciën schrijven aan de Staten van Zeelant of hunne Gecommitteerde Raden, dat zij tot dank voor de toegezegde assistentie van Engelant een algemeenen vier- en biddag hebben gesteld op Woensdag 22 dezer.
Afschrift(van eene kopie) in Inv. nr. 97, blz. 122.-Onder dit stuk is nog een ander betreffende deze zaak, d.d. 1586 Januari 18 (zie nr. 415), afgeschreven.
415  1586 Januari 18
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden gelasten naar aanleiding van den brief van de Generale Staten der Vereenigde Nederlandsche provinciën d.d. 1586 Januari 8, waaronder deze geschreven is (zie nr. 414), den voorschreven eerskomenden Woensdag met vasten en bidden te vieren, zonder eenig handwerk of iets anders, wat Zondags verboden is, te doen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 122.
416  1586 Januari 21
In tegenwoordigheid van burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden) is Hubrecht Willems zoon, bakker, op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1586 Februari l, pachter gebleven van de vischbanken en den afslag van visch, voor de som van 8 pond 10 schellingen gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van den pachter.-Onder deze akte is eene andere, d.d. 1586 Januari 28 (zie nr. 418), geschreven.
417  1586 Januari 21
In tegenwoordigheid van burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden) is Cornelis Pieters zoon, vleeschhouwer op de hierboven geschreven voorwaarden voor den heventijd van zeven jaren, ingegaan November 25 laatstleden, pachter gebleven van het kerkhof der hoofdkerk van Nyeuwerkercke, voor de som van 2 pond 3 schellingen gr. Vls. 's jaars.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1093). Geteekend door den pachter.
418  1586 Januari 28
Jan Heyndricx zoon Bontecoe stelt zich voor burgemeesters (der stad Arnemuiden) borg voor de pachtsom van de vischbanken en den afslag van visch, waarvan Hubrecht Willems zoon pachter is (zie nr. 416).
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van Jan Bontekoe.-Boven deze akte is eene andere, d.d. 1586 Januari 21 (zie nr. 416), geschreven.
419  1586 Februari 6
De Staten-Generaal der Geünieerde Nederlandsche provinciën maken kond, dat zij den Doorluchtigen Hoochgeboren Vorst en Heer Robert, graaf van Leycester etc., hebben gecommitteerd tot gouverneur en kapitein-generaal over de Geünieerde provinciën, steden en leden daarvan, en zijne Excellentie boven de autoriteit, die hij van hare Majesteit heeft, het hoogste gebied en de absolute autoriteit over en in alle krijgszaken te water en te lande gegeven hebben; voorts in zijne handen hebben gesteld de administratie en het bewind van de politie en justitie dezer provinciën en verbonden steden en leden, met de macht en autoriteit als alle voorgaande gouverneurs van de Nederlanden en in het bijzonder van keizer Karel V wettelijk gehad en uitgeoefend hebben, behoudens de rechten en privilegiën derzelver landen.
a. Afschrift (Inv. nr. 93).
b. Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 125-127.
420  1586 Maart 10
Robert, graaf van Leycester, baanderheer van Denbigh, luitenant van hare Majesteit van Enghelant, gouverneur en kapitein-generaal van de Vereenigde Nederlandsche provinciën, geeft, na toestemming van de Generale Staten, een plakkaat betreffende de heffing van de reeds toegestane en nog te stellen generale en gemeene middelen, en aangaande verbod met den vijand of op vijandelijke landen te handelen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 128-137.
421  1586 April 4
Robert, graaf van Leycester, baanderheer van Denbigh etc., luitenant van hare Majesteit van Enghelant, gouverneur en kapitein-generaal der Vereenigde Nederlanden, vernieuwt en vermeerdert de plakkaten van 1584 Juni 22 en Juli 27 (zie nrs. 362, 368) betreffende den toevoer naar den vijand.
a. Afschrift (Inv. nr. 94).
b. Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 148-156.
422  1586 April 4
Robert, graaf van Leycester, baanderheer van Denbigh etc., luitenant van hare Majesteit van Enghelant, gouverneur en kapitein-generaal der Vereenigde Nederlandsche provinciën, geeft met advies van den Raad van State een plakkaat tegen ongeregeldheden van het krijgsvolk. Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 138-143.
423  1586 April 10
Robert, graaf van Leycester, baanderheer van Denbigh etc., luitenant van hare Majesteit van Engelant, gouverneur en kapitein-generaal der Vereenigde Nederlandsche provinciën, verbiedt bij advies van den Raad van State den uitvoer van paarden naar den vijand, en ook naar andere landen of provinciën, behoudens de autoriteit van de op zijnen naam gegeven paspoorten; zoo mede het vervoer naar de hierbij genoemde rivieren en plaatsen zonder dergelijk speciaal paspoort.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 144-146.
424  Vóór 1586 April 18
Burgemeesters der stad Arnemuijden geven aan Gecommitteerde Raden van Zeellant te kennen, dat zij tot hun groot leedwezen ontwaard hebben, dat de 100ste penning van de huizen, bedragende over (15)83 een enkeleen over (15(84) en (15)85 twee dubbele, te zamen vijf 100ste penningen, binnen de stad onbetaald zijn gebleven, betoogen de verschillende moeielijkheden om dezen impost af te vorderen en verzoeken kwijtschelding van de jaren (15)83 en (15)84, met belofte den dubbelen 100sten penning over (15)85 te zullen opbrengen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 187).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1586 April 18 (zie nr. 425), geschreven.-Aan dit stuk zijn andere, d.d. 1593 Mei 5, (zie nrs. 532-535) en d.d. 1594 Maart 24 (zie nr. 551), gehecht.
425  1586 April 18
De Gecommitteerde Raden (van Zeeland) beschikkende op het rekest van burgemeesters der stad Arnemuijden, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 424), vergunnen den verzoekers den 100sten penning van de jaren (15)83 en (15)84 te mogen betalen in vier gelijke jaarlijksche termijnen, waarvan de eerste heden over een jaar zal vervallen, onder gehoudenheid deze belasting van het jaar (15)85 vóór Bamisse eerstkomende te voldoen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 187).-Geteekend door Christoffel Roëls (pensionaris van de Staten van Zeeland).-Aan dit stuk zijn 3 andere, d.d. 1593 Mei 5 (zie nrs. 532-535) en d.d. 1594 Maart 24 (zie nr. 551), gehecht.
426  1586 April 22
De gecommitteerde Raden van Zeelandt schrijven aan baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden, dat zij volgens de hun gegeven last op de nominatie tot het vermaken van de wet Steven Dirricx zoon Rutere continueeren in zijn burgemeesterschap en Jan Heyndricx zoon, Adriaen Soeteman van Hamerste en Jan Cornelis' zoon Cottron in hun schependom, die maar een jaar gediend hebben, en committeeren tot nieuwe wethouders, tot burgemeester Joan Adriaens zoon van der Bye, en tot schepenen Godevaerd van Nederhoven, Heyndrick Adriaens zoon, Heyndrick Baerscheerder en Johan Spierinck, en zulks over het jaar 1586, ingaande bij beëediging in handen van den baljuw. Voorts waarschuwen de voornoemde Raden van wege zijne Excellentie geene nominatie te doen dan alleen van personen, openlijk belijdenis doende van de Gereformeerde religie.
Afschriftin Inv. nr. 140.
427  1586 April 26
Robert, graaf van Leycester, baanderheer van Denbigh etc., luitenant van hare Majesteit van Engelandt, gouverneur en kapitein-generaal der Vereenigde Nederlandsche provinciën, beveelt bij advies van den Raad van State, dat voortaan niemand, wie hij ook moge zijn, overloopers van den vijand, van welke natie ook, bij zijn vendel of in dienst zal mogen aannemen, ontvangen of onderhouden, in steden of te velde, zonder zijne voorgaande toestemming, en dat een ieder, die zulke overloopers onder zich heeft, ten spoedigste van hunne narnen, qualiteit enz. zal kennis geven.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 147-148.
428  1586 April 30
Robert, graaf van Leycester, baanderheer van Denbigh etc., luitenant van hare Majesteit van Engelandt, gouverneur en kapitein-generaal der Vereenigde Nederlandsche provinciën, geeft bij advies van den Raad van State, met handhaving van het plakkaat van Maart laatstleden (zie nr. 420), voor zooverre dat met het tegenwoordige niet in strijd is, betreffende de inning van de convooien en licenten.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 165-173.
429  1586 Mei 10
Robert, graaf van Leycester, baanderheer van Denbigh etc., luitenant van hare Majesteit van Engelant, gouverneur en kapitein-generaal der Vereenigde Nederlandsche provinciën, geeft bij advies van den Raad van State een plakkaat betreffende de inning van de door de Staten-Generaal toegestane heffing van 50 pond van 40 gr. Vls. van iedere honderd wit zout, dat in deze landen geraffineerd zal worden, 31 zulke ponden 5 schellingen van klein zout en van meerder of minder mate naar advenant.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 159-164.
430  1586 Mei 21
De Kamer van de thesaurie van den Lande te Utrecht geeft eene instructie voor de gecommitteerden, die belast zullen zijn om den impost van 50 guldens op elk honderd wit zout in voortgang te stellen.
Afschriftvan (Bartholomeus Cannoye, secretaris van Arnemuiden) van (c. 1586) (Inv. nr. 251).
431  1586 Mei 26
Robert, graaf van Leycester etc., gouverneur en kapitaein-generaal etc., schrijft aan de Staten van Zeellant of hunne Gecommitteerde Raden, dat hij tot wegneming van de groote twisten en oneenigheden, die in zake de religie zijn gerezen, eene generale synode, te houden te 's-Gravenhage Juni 22 eerstkomende, heeft beschreven, en goedgevonden een generalen biddag met vasten in de Vereenigde provinciën te doen houden op Woensdag Juni 22 eerstkomende.
Afschrift(van eene kopie) in Inv. nr. 97, blz. 156-158.-Onder dit stuk is nog een ander betreffende den biddag, d.d. 1586 Juni 14 (zie nr. 433), afgeschreven.
432  1586 Juni 10
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, overwegende de menigvuldige practijken van scheepslieden van buiten en het onderkruipen van aldaar vallende vrachten, dat de een den anderen gildebroeder aandoet, geven tot goede politie en eenigheid van alle schippers, zoo van binnen als van buiten, vrije en onvrije genaamd, eene ordonnantie op het vervoer van goederen.
a. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 260).
b. Ongeteekend en ongedateerd afschrift (Inv. nr. 274).
433  1586 Juni 14
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad (Arnemuijden) gelasten naar aanleiding van het schrijven van Robert, graaf van Leycester etc., d.d. 1586 Mei 26 (zie nr. 431), allen inwoners der stad den eerstkomenden Woensdag 18 dezer met vasten en vurig bidden in de kerk te vieren, met verbod op dien dag winkels te openen, handwerk te doen of ander volk dan den reizenden koopman noodshalve te drinken te zetten.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 158.
434  1586 Juli 4
De Staten van Zeellant consenteeren tot onderhoud van den oorlog in de lichting van 2/3 van den 100sten penning van het vorige jaar, over het jaar 1586, zooals hierbij nader beschreven is.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 174-176.
435  1586 Juli 5
Robert, graaf van Leycester, baanderheer van Denbigh etc., luitenant van hare Majesteit van Engelandt, gouverneur en kapitein-generaal der Yereenigde provinciën, gelast bij advies van den Raad van State den bewoners ten platten lande, in de hierbij genoemde landen, plaatsen, vlekken, dorpen en gehuchten gezeten, binnen tien dagen na de publicatie dezer uit hunne woonplaatsen te vertrekken naar andere kwartieren, waar zij meenen zeker te zijn, behoudens echter, dat degenen van hen, die te voren onder den vijand gezeten hebben, zich niet zonder particulier consent in de Vereenigde Nederlanden mogen vestigen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 177-179.
436  1586 Juli 29
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden, om niet in gebreke te blijven te voldoen aan de voorwaarden, waaronder Gecommitteerde Raden van Zeellant hebben toegestaan de nog onbetaalde vijf honderdste penningen te mogen voldoen met één dubbelen honderdsten penning, hebben eenige personen uit het College gecommitteerd om gedurende acht dagen tot invordering van dien penning op het stadhuis zitting te houden, en waarschuwen een ieder binnen den genoemden tijd te betalen.
Afschriftin Inv. nr. 101, blz. 130, 131.
437  1586 Augustus 4
Robert, graaf van Leycester, baanderheer van Denbigh etc., stadhouder van hare Majesteit van Engelant, gouverneur en kapitein-generaal der Vereenigde Nederlanden, geeft een plakkaat aangaande veranderingen en aanvullingen van vroeger gegeven ordonnantiën betreffende den toevoer van goederen naar den vijand, benevens verbod van uitvoer naar de hierbij genoemde havens, steden en rivieren.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 179-183.
438  1586 Augustus 4
Robert, graaf van Leijcester, baron van Dembigh etc., luitenant van hare Majesteit van Engelant, gouverneur en kapitein-generaal van de Vereenigde Nederlandsche provinciën, geeft een plakkaat betreffende den koers van de munten, de politie en exercitie van de munt, en den muntslag, benevens op het stuk van wisselen en wisselaars.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 186-203.
439  1586 Augustus 12
Robert, graaf van Leijcester, baanderheer van Denbigh etc., stadhouder van hare Majesteit van Engelant, gouverneur en kapitein-generaal van de Geünieerde provinciën van de Nederlanden, heeft bij advies van den Raad van State gelast, dat de kooplieden van de Engelsche natie gehouden zullen zijn hunne wollen goederen te brengen ter plaatse, waar zij resideeren, en dat kooplieden van andere dan de Engelsche natie, zulke goederen voerende in de Nederlanden, aldaar het paspoort, waarop de goederen geladen zijn, aan den officier ter plaatse moeten toonen en bewijzen zullen, dat zij de zeereis gedaan hebben zonder dat een Engelsen koopman in de goederen deel had.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 204, 205.
440  1586 Augustus 19
De Staten van Zeellant verhoogen tot laste van den oogst 1586 de zetting van 2/3 van den 100sten penning, gepubliceerd Juli 4 laatstleden (zie nr. 434), tot op den voet van het plakkaat, d.d. 1585 Augustus 8-14 (zie nr. 398). Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 176, 177.
441  1586 Augustus 26
Robert, graaf van Leycester etc., gouverneur en kapitein-generaal etc., schrijft aan Gecommitteerde Raden van Zeellant, dat hij heeft goedgevonden ter bekoming van Gods zegen op het bijeenbrengen van troepen tot ontzet van de belegerde stad Bercq (Rijnberk) te gelasten een algemeenen vasten- en biddag te houden in alle de Geünieerde provinciën op Woensdag September 3 eerstkomende, of, indien het daarvoor te laat is geworden, op den eerstvolgenden Woensdag.
Afschriftvan een afschrift in Inv. nr. 97, blz. 185.-Onder dit stuk is een ander, d.d. 1586 September 6 (zie nr. 443) afgeschreven.
442  1586 Augustus 29
De Gecommitteerde Raden van Zeellant geven ter ordonnantie van den graaf van Leijcester een plakkaat betreffende den toevoer van proviand tot onderhoud van de legers.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 184.
443  1586 September 6
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad (Arnemuyden) gelasten naar aanleiding van het schrijven van Robert, graaf van Leycester etc., d.d. 1586 Augustus 26 (zie nr. 441), den eerstkomenden Woensdag den 10en dezer met vasten en bidden in de kerk te vieren, met verbod op dien dag handwerk te doen, ander volk dan den reizenden man in de herbergen te drinken te zetten, of eenige "drinckmarckt, clinckmarct" of andere ongeregeldheden te bedrijven.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 185, 186.
443 a  1586 September 12
Meester Jan Dircx zoon, horlogemaker van Delft, heeft van burgemeesters en regeerders der stad Heusden op de hierbij geschreven voorwaarden aangenomen het maken en leveren van een nieuw horloge van de zwaarte van omtrent 5000 pond tegen 30 Karolusguldens van elk honderd.
Afschriftop papier (Inv. nr. 1023).-Ongeteekend.
444  1586 November 14
Robert (graaf van) Leycester, verwittigt Maurits, graaf van Nassau, naar aanleiding van een door hem van hare Majesteit ontvangen schrijven, van zijn aanstaand vertrek naar Engelandt ter bijwoning van het parlement aldaar, met de verzekering alle naarstigheid te zullen betrachten om ten spoedigste met meer hulp van hare Majesteit weder te keeren, en vermaant graal Maurits gedurende zijne afwezigheid in correspondentie met de Overheid en den Raad van State goede orde in het gouvernement te houden en aan de magistraten, officieren enz. zijn schrijven bij kopie bekend te maken (zie nr. 445).
Afschrift(Inv. nr. 95).-Geteekend door J. Mi(e?)lander (secretaris van graaf Maurits).
445  1586 November 23
Mauritz, graaf van Nassau, zendt aan baljuw, burgemeesters, schepenen en regeerders der stad Arnemuijden afschrift van den brief van den graaf van Leycestre, d.d. 14 dezer, (zie nr. 444), ten einde den inhoud bekend te maken dengenen, wien het behooren zal, en orde op de naleving worde gesteld.
Oorspr. (Inv. nr. 95).-Geteekend door den Prins.
446  1587 Januari 10
Robert, graaf van Leijcester, baanderheer van Denbigh, stadhouder van hare Majesteit van Engelandt, gouverneur en kapitein-generaal van de Vereenigde Nederlandsche provinciën, geeft bij advies van den Raad van State zonder aan voorgaande placcaten en instructiën te kort te doen eene ordonnantie betreffende de monstering van militairen en tegen overlast van krijgsvolk.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 206-210.
447  (15)87 Januari 27
Jan van Welden, molenaar, is op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1587 Februari 1, pachter gebleven van den buiten de stad staanden windmolen, voor de som van 90 pond gr. Vls.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 559).
448  1587 Januari 27
In tegenwoordigheid van den baljuw en het college van Wette der stad (Arnemuiden) is Hubrecht Willems zoon, bakker, op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar. ingaande 1587 Februari 1, pachter gebleven van de vischbanken en den afslag van visch, voor de som van 7 pond 15 schellingen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van den pachter.
449  1587 Maart 13
De Staten van Zeellant consenteeren tot onderhoud van den oorlog in de lichting van den dubbelen honderdsten penning over het jaar 1587, zooals hierbij nader beschreven is.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 221-224.
450  1587 Maart 26
Maurice de Nassau, geboren prins van Orangien, schrijft aan Symon Rombouts zoon, baljuw der stad Arnemuyden, dat hem door burgemeesters, schepenen en raden, mitsgaders notabele burgers der voorschreven stad, de namen van eenige personen zijn toegezonden, ten einde daaruit voor het jaar 1587 een burgemeester en drie schepenen te kiezen om de justitie en politie te administreeren, en zendt hierbij op een half blad ingesloten de namen dergenen, die zijne Excellentie daartoe het meest geschikt heeft bevonden, met last de bedoelde personen te beëedigen en in hunne ambten te constitueeren, op welk afzonderlijk stuk papier genoemd worden als burgemeester Hartman Michiels zoon Coster, en als schepenen Jacob Jans zoon in de Spieghel, Adriaen Cornelis'zoon en Bouwen Jans zoon.
Afschriftin Inv. nr. 140.
451  1587 April 4
Baljuw, burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuyden) gelasten naar aanleiding van brieven, dienaangaande door zijne Excellentie en van den Baad van State aan Gecommitteerden van Zeellant geschreven, den eerstkomenden Vrijdag, 10 dezer, met vasten en bidden in de kerk te vieren, met verbod op dien dag handwerk te doen, winkels te openen en in de herbergen volk te drinken te zetten of ongeregeldheden te bedrijven.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 210.
452  1587 April 9
Robert, graai van Leijcester, baanderheer van Denbigh etc., luitenant van hare Majesteit van Engelandt, gouverneur en kapitein-generaal van de Vereenigde Nederlandsche provinciën, verbiedt na overleg met de Staten-Generaal en bij advies van den Raad van State het uitgeven en verspreiden van geschriften, strekkende ten nadeele van hare Koninklijke Majesteit, van hare gunst tot deze landen, van de eer en reputatie van de Engelsche natie, van de handelingen der Staten-Generaal, van de Staten der provinciën, van de magistraten der steden of van personen, in dienst van hare Majesteit of van deze landen, en verbiedt mede samenkomsten buiten de wettelijke vergaderingen van de colleges.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 211-213.
453  1587 April 14
Robert, graaf van Leijcester, baanderheer van Denbigh etc., luitenant van hare Majesteit van Engleandt, gouverneur en kapitein-generaal der Vereenigde Nederlandsche provinciën, bevonden hebbende, dat er in strijd met vorige plakkaten in zaken van convooien en licenten nog verschillende frauden worden gepleegd tot schade van de gemeene middelen, waarmede deze landen tegen den vijand beschermd moeten worden, verbiedt, na gehouden overleg met de Staten-Generaal en bij advies van den Raad van State, den uit- en invoer van goederen over stranden en uithoeken enz. of andere plaatsen en havenen, waar geen officier voor den ontvang is gesteld, behoudens de hierbij nader omschreven uitzondering. Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 213-215.
454  1587 Juni 23
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden gelasten, naar aanleiding van een door Gecommitteerde Raden van Zeellant van zijne Excellentie den graaf van Leicester etc. en de Generale Staten ontvangen schrijven, waarbij deze een generalen vasten- en biddag op eerstkomenden Vrijdag Juni 26 bevolen hebben, in het bijzonder voor het behoud van de ware Christelijke religie, den voorschreven vasten- en biddag te houden met verbod op dien dag winkels te openen, ander volk dan den reizenden man te drinken te zetten en ongeregeldheden te bedrijven.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 216.
455  1587 Juli 17
Zijner Excellentie klachten gedaan zijnde, dat hier te lande door gebrek aan graan de prijs er van verhoogd is, verkondigt, dat een ieder, die zich van tarwe en rogge wil voorzien, dit zal mogen halen zooveel hem belieft uit de met graan geladen en onlangs te Vlissinghen en te Vere aangekomen schepen, toekomende aan kooplieden van Vranckrijck en van deze landen en voor eerstgenoemd land bestemd, mits aan die kooplieden betalende voor de viertel tarwe 13 schellingen 4 grooten Vls. en voor de viertel rogge 9 schellingen 6 grooten Vls., Vlissingsche en Veersche maat.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 217.
456  1587 Juli 21
Robert, graaf van Leijcester, baanderheer van Denbigh etc., opperste hofmeester, luitenant van hare Majesteit van Engelant, gouverneur en kapitein-generaal van de Vereenigde Nederlandsche provinciën, consenteert bij advies van den Raad van State in den toevoer met behoorlijk paspoort van allerhande victualie en andere benoodigdheden voor het leger.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 217-219.
457  1587 Augustus 14
Robert, graaf van Leycester, baanderheer van Denbig etc., opperste hofmeester en luitenant van hare Majesteit van Engelandt, gouverneur en kapitein-generaal der Vereenigde Nederlandsche provinciën, verbiedt in overleg met de Staten der Geünieerde provinciën en bij advies van den Raad van State, het spreken, uitgeven en verspreiden van propoosten, reden of geschriften, strekkende ter kwade beduidenis van de handelingen en actiën van hare Majesteit, van de Heeren Staten-Generaal, magistraten en regenten der steden en van eenige particulieren, in dienst van de landen of steden zijnde; met bevel, dat degenen, die iets tot welvaren van den lande willen te kennen geven, strekkende tot nadeel van de eer van hare Majesteit en de Engelsche natie of ten laste van de voorschreven Staten en magistraten of van degenen, die in dienst van deze landen zijn of van particulieren officieren, deze klachten met toelichting schriftelijk aan zijne Excellentie of den Raad van State moeten overgeven; verbiedende wijders samenkomsten, vergaderingen of geheime bijeenkomsten te houden buiten de wettige vergaderingen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 219-221.
458  (c. 1587 Augustus 20.)
Burgemeesters en regeerders der stad Arnemuyden betuigen hun dank aan Gecommitteerde Raden van Zeeland voor de voldoening van het kohier der schippers en schuitlieden, die Juli 25 laatstleden gevorderd zijn in het voorgenomen ontzet van de stad Sluys en verzoeken thans betaling aan andere schippers, die te Berghen en op andere plaatsen gevorderd, in denzelfden of anderen dienst van den lande gebruikt zijn, zooals hierbij gespecificeerd wordt opgegeven.
a. Oorspr. op papier, doch later bijgeschreven (Inv. nr. 269).
N.B. Hierop zijn aanteekeningen van betaling aan schippers gedaan.
b. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 269).
459  1587 Augustus 28
De Staten van Zeelandt, om te voorzien in de vermindering van den handel westwaarts en van daar herwaarts, door onveiligheid, niet zoo zeer veroorzaakt door geweld des vijands als door disorde in de navigatie en het convooi, waardoor de koopman en de zeeman worden benadeeld, geven een plakkaat betreffende het varen in compagnie en het convooieeren tot de Seine toe en bij de terugreis. Afschrift in Inv. nr. 97, blz. 224 vlg.
460  1587 September 4
De Staten van Zeellant hebben goedgevonden den Hoogen Raad in Hollant voor uiterste ressort van justitie aan te nemen, tot welk einde zij met de Staten van Hollant zijn overeengekomen, zooals hierbij nader beschreven staat.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 225, 226.
461  Vóór 1587 November 11
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden gelasten naar aanleiding van brieven van de Generale Staten der Vereenigde Nederlandsche provinciën, waarbij een algemeene vasten- en biddag is bevolen op eerstkomenden Woensdag November 11, den voorschreven vasten- en biddag te houden op Woensdag eerstkomenden, met vermaning God vurig te bidden om deze landen te behouden, en met verbod van handwerk te doen, winkels te openen, ander volk dan den reizenden man te drinken te zetten of ongeregeldheden te bedrijven.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 227.
462  (c. 1587.)
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden verbieden op bijzonder bevel van Gecommitteerde Raden van Zeellant tot welvaart van de visscherij en ter voorkoming van grootere duurte van het vee, in de stad en ten platten lande de hierbij genoemde dieren te slachten en te verkoopen, en verbieden eveneens het koopen van versch vleesch.
Afschriftin Inv. nr. 97, bïz. 227, 228.
463  1588 Januari 23
In tegenwoordigheid van burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden) is Hubrecht de bakker op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1588 Februari 1, pachter gebleven van den afslag van visch en van de (visch)banken, voor de som van 6 pond 11 schellingen zuiver.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van den pachter.
464  (15)88 Januari 26
Hartman Michiels zoon Coster neemt op de hierboven geschreven voorwaarden aan de huur van het huis, "aencommende de stad, dat tegenwoirdelick voor stadthuys gebruyct wort", voor de som van 20 pond 8 schellingen gr. Vls. 's jaars.
Minute op papier (Inv. nr. 564).-Geteekend door den huurder.
465  1588 Februari 6
Jan Asschenk en Jan van Welden, molenaar, inwonende burgers der stad, stellen zich voor burgemeesters der stad Arnemuiden borg voor de pachtsom van de vischbanken, waarvan Hubrecht Willems zoon pachter is (zie nr. 463).
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
466  1588 Maart 11
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden (der stad Arnemuiden), vertegenwoordigende het lichaam en de gemeente der stad, eener- en kapitein Hubrecht de Pours met zijn luitenant, vaandrig, sergeanten, korporaals en adelborsten, uit naam van de gemeene soldaten, anderzijds, beloven en bezweren elkander de stad te zullen helpen bewaren tegen invasie van den vijand en anderen, die den bestaanden toestand van het Land en de stad zouden willen krenken, alles overeenkomstig de goede bedoeling van de koningin van Engelant en den graaf van Leycester; en speciaal, zonder voorafgaand overleg, geen verandering in het garnizoen te zullen brengen.
Oorspr. op papier in Inv. nr. 17.-Geteekend door den baljuw, twee burgemeesters, bovengenoemden kapitein en Gommez Boosbroec, luitenant (?).
467  1588 Maart 23
De Gecommitteerde Raden van Zeellant schrijven aan baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden, dat zij door zijne Excellentie gemachtigd zijn tot vernieuwing van de wet der voorschreven stad voor het jaar 1588, en, gelet op de dienaangaande gedane nominatie, tot wethouders committeeren, voor burgemeesters Hartman Michiels zoon Coster, aanblijvend, Adriaen Cornelis'zoon Cuiper, nieuw; voor schepenen Bouwen Jans zoon, Jacob Jans zoon, aanblijvend, Aelbrecht de Gracht, Steven de Ruyter, Diericq Zael, Jan Cornelis'zoon Cottron en Pieter Boute, wordende den baljuw gelast, na voorafgaand ontslag uit den dienst der afgaande wethouders, den aanblijvenden en nieuw gecommitteerden den eed af te nemen en in het bezit hunner ambten te stellen.
Afschriftin Inv. nr. 140.
468  1588 April 12
De Staten van Hollandt, Zeelandt en Westvrieslant geven onder het zegel der Staten van Hollant eene ordonnantie betreffende de haringtonnen en het vangen, zouten, havenen, pakken, ophoogen en leggen van de haring.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 228-236.
469  1588 April 12
De Staten van Hollant, Zeellant en Westvrieslandt geven onder het zegel van de Staten van Hollant eene ordonnantie betreffende het huren van bootgezellen ter haringvaart.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 236-240.
470  1588 April 12
De Staten-Generaal der Vereenigde Nederlandsche provinciën geven een plakkaat betreffende den afstand van het gouvernement en van het kapiteinschap-generaal door zijne Excellentie Robert, graaf van Leycester, baron van Denbigh etc., en de voortzetting van de regeering dezer landen in zaken van verdediging, unie en traktaten door den Raad van State, mitsgaders verbod van eenigerlei onderneming tot verandering van den staat dezer landen.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 243-247.
471  1588 Mei 28
De Staten van Zeellant consenteeren tot onderhoud van den oorlog in de lichting van den dubbelen honderdsten penning over het jaar 1588, zooals hierbij nader beschreven is.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 240-243.
472  1588 Juli 22
De Staten van Zeelandt verbieden den verkoop van wijn en bier in het fort den Haeck, die niet te voren in een der steden van Walcheren voor opslag zijn bekend, gemaakt of met kennis van den accijnsmeester van daar vervoerd zullen zijn, volgens de costumen der steden.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 248.
473  1588 Juli 29
De Staten van Zeelandt hebben besloten tot de heffing van 3 schellingen 4 grooten Vls. van elke haardstede van schouwen, binnen de steden, dorpen en ten platten lande van Zeellant staande, te verschieten door den huurder, bezitter of bewoner, en den eigenaar te korten, zooals hier nader beschreven staat.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 249-251.
474  1588 Juli 29
De Staten van Zeelandt gelasten met handhaving van vroeger gegeven plakkaten dienaangaande voor zooverre met deze ordonnantie niet in strijd, de naleving van de hierbij geschreven artikelen betreffende de jacht, vogelerij en visscherij.
Afschriftin Inv. nr. 97, blz. 251-255.
475  1588 December 3
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, volhardende bij het artikel van de ordonnantie op de burgerwacht, betreffende de wacht van magistraten en anderen, als superintendenten daarover gesteld, amplieeren en interpreteeren hierbij de bedoelde ordonnantie.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 201).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
476  1588 December 24
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, overwegende de tegenwoordige tijdsomstandigheden, in het bijzonder de slechte nering van de gemeente der stad, nog vermeerderd door kwade practijk van eenige van het schippersgilde ten opzichte van de "veergetijde" op Hollandt en andere plaatsen, anno (15)86 toegestaan (zie nr. 432), geven eene ordonnantie tegen het verwaarloozen der veergetijden.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Ongeteekend.
b. Ongeteekende minute op papier in Inv. nr. 265.
477  1588 December 31
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven op voordracht van deken en beleders van de pannering, van wege de panlieden en de nering van het zoutzieden, tot verbetering van de vele gebreken, die onder de nieters en andere arbeiders voorkomen, en na gehouden onderzoek en correctie van de door voorschreven deken en beleders schriftelijk overgegeven artikelen, de hierbij geschreven nieuwe ordonnantie. Afschrift in Inv. nr. 234, onder nr. 16.
478  Vóór 1589 Januari 7
Jan de Leeu, brouwer en burger te Arnemuyden, geeft aan burgemeesters, schepenen en raden dier stad te kennen, dat hij voor het brouwen van bier tot nog toe tevergeefs naar goed water gezocht heeft en zich gaarne zou willen behelpen met water uit een put op het oude gat, doch dat de weg benedendijks onbekwaam en boven door bestaking onbruikbaar is, en verzoekt toestemming tot het halen van water van het oude gat van Bamisse tot Mei den dijk van de keten te mogen gebruiken, mits op eene slede, zonder wagen daarop te brengen, en telkens te zullen herstellen hetgeen gebroken wordt en alles te zullen doen om de pannering niet te hinderen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 254).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1589 Januari 7 (zie nr. 479), geschreven.-Aan dit stuk is een ander, d.d. 1568 (lees: 1589) Januari 15 (zie nr. 480), gehecht.
479  1589 Januari 7
Wet en raad der stad Arnemuyden stellen het rekest van Jan de Leeu, op den kant waarvan dit geschreven is (zie nr. 478), in handen van die der pannering om hun belang binnen acht dagen schriftelijk over te geven.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 254).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad). Aan dit stuk is een ander, d.d. 1588 (lees: 1589) Januari 15 (zie nr. 480), gehecht.
480  1588 (lees: 1589) Januari 15
Deken en beleders van de pannering en de panlieden der stad Armuyden, gezien hebbende den inhoud van het rekest van Jan de Leeuv, waaraan dit schrijven gehecht is (zie nrs. 478, 479) hebben het verzoek om de hierbij vermelde redenen ongeschikt bevonden.
Oorspr. op papier (Inv. nr, 254).-Geteekend door Claes Sael en Adriaen Cornelis'zoon de Jonge.
481  1589 Januari 28
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden eener- en Michiel Solario andererzijds beloven wederkeerig aan de hierboven geschreven voorwaarden, waarop zij met elkander over het houden eener tafel van leening zijn overeengekomen, te zullen voldoen.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 223).-Met het opgedrukte zegel der stad op papier in groene was en de handteekeningen van Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad) en den tafelhouder.
b. Afschrift van het sub a bedoelde stuk (Inv. nr. 222).
482  1589 Januari 28
In tegenwoordigheid van burgemeesters en een schepen (der stad Arnemuiden) is Aart Aelbrechts zoon Ketelaer op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1589 Februari l, pachter gebleven van de vischbanken en den afslag van visch, voor de som van 5 pond 15 schellingen gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend door den pachter.-Onder deze akte zijn 2 andere, d.d. 1590 Januari 27 (zie nr. 401) en d.d. 1590 Februari 3 (zie nr. 402), geschreven.
483  1589 Februari 26
Sijmon Rombouts zoon, baljuw, en Bartholomeus Cannoye, secretaris der stad Arnemuyden, gecommitteerden van wet en raad dier stad, besteden op de hierboven geschreven voorwaarden het maken van een nieuw speelrad met het daartoe behoorende ijzerwerk aan tegen 30 gulden de 100 (pond) aan meester Jan Dirickx zoon Coop, horlogemaker te Delft, die erkent het werk op dezelfde voorwaarden aan te nemen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).-Geteekend door den aannemer.-Aan dit stuk is een ander, d.d. 1591 Juli 22 (zie nr. 512), gehecht.
484  1589 Maart 25
Mauritz, geboren prins van Oraengien, schrijft aan Symon Kombouts zoon, baljuw der stad Arnemuyden, dat hij van den magistraat dier stad de nominatie tot vernieuwing van de Wet ontvangen heeft, ten einde daaruit voor het jaar 1589 eenige tot burgemeester en schepenen te kiezen, kiest tot burgemeester Govaert van Nederhoven, en tot schepenen Pieter Aelbrechts zoon Graft, Pieter Symons zoon, en Adriaen Soeteman van Hamerste, met last deze personen te beëedigen en in hunne ambten te stellen.
Afschriftin Inv. nr. 140.
485  1589 April 10
Jan Dirickx zoon Coop te Delft schrijft aan den secretaris Cannoy, dat hij diens brief ontvangen heeft en gelezen, dat "mijn heeren" dunken de prijs van 30 gulden voor de honderd te veel is, maar dat hem dunkt te weinig (zie nr. 483); verklaart de redenen waarom hij het werk te Vlissinghe voor minder heeft kunnen doen; maakt eene vergelijking met het werk van Huessden, waarvan hij het contract in afschrift overzendt; en hoopt wel tot een akkoord te kunnen komen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).
486  1589 Mei 13
Jan Dirickx zoon Coop te Delft meldt aan Bartholomeus Cannoij, secretaris der stad Armuyden, dat hij de beide contracten heeft ontvangen en het door hem geteekende exemplaar (zie nr. 483) met den schipper terugzendt, benevens, dat er in het contract enkele hierbij genoemde abuizen voorkomen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).
487  1589 Juni 5
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie op het onderhouden van de weekmarkt.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 249).-Op hetzelfde stuk is nog eene andere akte, d.d. als boven (zie nr. 488), geschreven.
488  1589 Juni 5
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie tegen ontduiking van de accijnzen.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 838).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
b. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 838).-Op hetzelfde stuk is nog eene andere akte, d.d. als boven (zie nr. 487), geschreven.
489  1589 Juli 21
Maurice de Nassou, gouverneur van Hollant, Zeelant en Vrieslant, en de Staten van Zeelant hebben in de zaak van de lading der schippers van Arnemuyden beide partijen herhaaldelijk gehoord en verschillende middelen tot overeenkomst voorgesteld en eindelijk goedgevonden, dat de zaak zal blijven in den toestand zooals die vóór het ontstaan van het geschil is geweest en de schippers van beide steden zullen mogen laden binnen Middelburch, in de haven van die stad, aan de hoofden en keten van Arnemuyden, op het Vlacke en elders, waar zij te voren hebben mogen laden, voor den tijd van 2 jaren, en dat dienvolgens het door Arnemuyden verkregen mandament van complainte zal gehouden worden als niet te zijn geschied, evenals te niet wordt gedaan de ordonnantie op de lading, door die van Middelburch ten nadeele van de schippers van Arnemuyden gepubliceerd, en de in arrest gehouden schepen zullen teruggegeven worden.
Oorspr. op papier. (Inv. nr. 280).-Geteekend door den Prins en door Christoffel Roëls, ter ordonnantie van zijne Excellentie en de Staten.
490  (15)89 October 10
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad (Arnemuiden) gelasten scherpelijk de ordonnantie, d.d. Juni 5 laatstleden (zie nr. 488), stiptelijk na te leven, verbieden het vervoer van bieren uit de binnenbrouwerijen op anderen tijd dan voor- en achtermiddags, wanneer de accijnzenaar en controleur in het huisje zal zitten en de inwoners der stad waarschuwen geen binnen gebrouwen bieren op te doen of te kelderen dan met gezworen bierwerkers.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 838).-Ongeteekend.
491  1590 Januari 27
In tegenwoordigheid van burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden) is Hubrecht Willems zoon, bakker, op de hierboven geschreven voorwaarden van 1589 voor den tijd van een jaar, ingaande 1590 Februari 1, pachter gebleven van de vischbanken en den afslag van visch, voor de som van 6 pond 7 schellingen gr. Vls.
Oorspr. op papiper (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van den pachter.-Boven deze akte is eene andere, d.d. 1589 Januari 28 (zie nr. 482), en er onder is eene derde, d.d. 1590 Februari 3 (zie nr. 492), geschreven.
492  1590 Februari 3
Gerrit Legiers zoon, bakker, stelt zich voor burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden) borg voor de pachtsom van de vischbanken, die Hubrecht Willems zoon als pachter daarvan betalen moet en voor de handeling en administratie, die hij als zoodanig hebben zal.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Boven deze akte zijn twee andere, d.d. 1589 Januari 28, (zie nr. 482) en d.d. 1590 Januari 27 (zie nr. 491), geschreven.
493  1590 Maart 24
Maurice de Nassau, geboren prins van Oraengien, schrijft aan Symon Rombouts zoon Oorspronck, baljuw der stad Arnemuyden, dat hij de nominatie van Wet en Raad met notabele burgers der voorschreven stad betreffende zekere personen, te weten van twee, waaruit een tot burgemeester, en acht, waaruit vier tot schepenen gekozen moeten worden, om die ambten voortaan te bedienen, heeft gezien en na genomen advies tot burgemeester kiest Jan Adriaens zoon van der Bie in de plaats van Adriaen Cornelis'zoon Cuiper, en tot schepenen Hartman Michiels zoon Coster, Cornelis Houtman, meester Jan Boogaert en Heyndrik Adriaens zoon om naast de aanblijvende, hierbij mede genoemde burgemeester en schepenen, hunne ambten te bedienen en goed recht en justitie te administreeren, met last den voorschreven personen den eed af te nemen en in naam van zijne Excellentie in hunne ambten te constitueeren.
Afschriftin Inv. nr. 140.
494  1590 Mei 23
Brecht Adriaens zoon, dekker, Jacob Pieters zoon, bezemmaker, Jacob Willems zoon en Pieter Clays'zoon, arbeiders, nemen gezamenlijk op de hierboven geschreven voorwaarden aan zekere delving aan de oostzijde van de stad buitensdijks, en met de daarvan komende grondzekeren dijk te leggen zeewaarts, voor 19 schellingen 8 grooten Vls. de vierkante roe en verbinden daarvoor hunne personen en goederen.
Oorspr. op panier (Inv. nr. 173).-Geteekend met de merken van de aannemers.
495  1590 Juni 23
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie voor den accijnzenaar. Oorspr. op papier (Inv. nr. 839).-Ongeteekend.
496  1590 Augustus 4
Tresoriers der stad Arnemuyden hebben aanbesteed aan Pieter Jordaen, leidekker te Vlissingen, die op de hierbij geschreven voorwaarden voor den tijd van drie jaren erkent te hebben aangenomen het onderhoud en de reparatie van het dak en den toren van de kerk, voor de som van 5 pond gr. Vls. 's jaars.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1017).-Geteekend door den aannemer.
497  1590 Augustus 14
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden gelasten naar aanleiding eener ordonnantie van de Staten-Generaal der Vereenigde Nederlandsche provinciën en overeenkomstig een schrijven van Gecommitteerde Raden van Zeellant, toekomende Woensdag den 15den dezer een vasten- en biddag te houden, met verbod op dien dag handwerk te doen en winkels te openen.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 111).
498  1590 September 19
Jan Dirickx Coop, horlogemaker te Delft schrijft aan Bartholomeus Canoij, secretaris der stad Arnemuyden, dat hij van de stad Huessden brieven ontvangen heeft om het door hem geleverde werk op te richten; dat hij besloten was twee knechten derwaarts te zenden en hij zelve met een of twee knechts te Armuijden komen zou, wat echter niet mogelijk is gebleken, en verzoekt eerst het werk te Huessden op te maken en dat van Armuijden tegen den zomer te mogen zetten, wat ook voordeeliger is. Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).
499  (c. 1590.)
(De rederijkerskamer) "Plomp van Verstande" verzoekt baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden hun bij een "excelent vertooch" hulp van volk, te kiezen uit de hierbij genoemde personen, te willen verleenen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 292).
500  (c. 1590.)
De klerk (van de rederijkerskamer) verzoekt baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden te willen letten op zijn rekest (zie nr. 499) en Jan Willemssen in de kamer te mogen krijgen, zonder groote kosten te veroorzaken, dewijl met de kamer zoo weinig geld te winnen is.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 292).
501  (c. 1590.)
(De regeering der stad Arnemuiden ontwerpt) de hierbij geschreven artikelen, die door degenen, welke voor burgers tegen betaling willen waken, onderhouden moeten worden.
Ongeteekende en ongedateerde minute op papier (Inv. nr. 201).
502  1591 Januari 22
In tegenwoordigheid van burgemeester en schepenen der stad Arnemuyden is Griete de huisvrouw van Hubrecht de bakker op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1591 Februari 1, pachteres gebleven van den afslag van visch en der vischbanken, voor de som van 5 pond gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van de pachteres.-Onder deze akte zijn zes andere, d.d. 1592 Januari 25 (zie nr. 519), d.d. 1599 Januari 23 (zie nr. 526), d.d. 1595 (lees: 1594) Januari 25 (zie nr. 549), d.d. 1595 Januari 21 (zie nr. 564), d.d. 1596 Januari 20 (zie nr. 580), d.d. 1508 Januari 24 (zie nr. 607), geschreven.
503  1591 Januari 26
In tegenwoordigheid van Laureys Laureys'zoon, schipper, Anthuenis Jacobs zoon Ouweman en Jan Jacobs zoon, waard in Antwerpen, is Jan de Leeu op de hierboven geschreven voorwaarden kooper gebleven van een vlieboot, groot 30 lasten, genaamd De Blomme van Coppenhaven, voor de som van 193 pond gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 281).-Geteekend door den kooper en de getuigen.
504  1591 Maart 22
Maurice de Nassau, geboren prins van Oraingnen, schrijft aan Symon Rombouts zoon Oorspronck, baljuw der stad Arnemuyden, dat hij gezien heeft, hetgene burgemeesters, schepenen en raden mitsgaders notabele officieren en burgers der voorschreven stad betreffende de vernieuwing van den magistraat aldaar hem geschreven hebben, benevens de daarin begrepen nominatie van personen om daaruit de bekwaamste tot het burgemeesterschap en het schependom te kiezen, en bericht, dat hij, in plaats van den afgaanden burgemeester Govert van Nederhoven, Jan Spierinck gekozen heeft, en in plaats van de afgaande drie schepenen, te weten Adriaen Soeteman van Hamerste, Pieters Symons zoon en Pieter Aelbrechts zoon van de Graft, Steven de Ruyter, Willem Pieters zoon in de Herpe en Claes Zael den oude, om naast de aanblijvende, hierbij mede genoemde, burgemeester en schepenen hunne ambten in dit jaar 1591 te bedienen en goede politie en justitie te administreeren met last den voorschreven personen in naam van zijne Excellentie den eed af te nemen en in hunne ambten te constitueeren.
Afschriftin Inv. nr. 140.
505  1591 Mei 31
Jan Clays'zoon, wonende in den Polder, is op de hierboven geschreven voorwaarden aannemer gebleven van de eerste besteding, beginnende van westen, Pieter Cents zoon van de tweede besteding, Jan Mathijs'zoon, landman in Nieuwerkercke, van de derde besteding tot aan den dijk, van zekeren houwer te maken aan de oostzijde van de stad buitensdijks, oostwaarts tot het einde van de nieuwe haven, voor 7 schellingen, 6 schellingen 8 grooten en 6 schellingen 8 grooten de roe respectievelijk.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 173).-Onder deze akte zijn twee andere, d.d. 1591 Juni 30 (zie nr. 510) en d.d. 1591 Juli 6 (zie nr. 511), geschreven.
506  1591 Mei 31
In tegenwoordigheid van burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden is Jaspar Willems zoon van Bommerzwale op de hierboven geschreven voorwaarden aannemer gebleven van het delven van zekere aarde, oostwaarts van het Oostersche hoofd, tot opening van den mond van de nieuwe haven, voor de som van 4 pond 18 schellingen 6 grooten Vls. de roe, bedragende van 19 roeden 93 pond 11 schellingen 6 grooten.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 173).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
b. Afschrift in Inv. nr. 173.-Ongeteekend.
507  1591 Juni 1
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, bevindende, dat er in de burgerwacht dagelijks nog groote fouten voorkomen, ordonneeren op nieuw de hierbij geschreven artikelen.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 201).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
N.B. De datum is die van publicatie.-Op hetzelfde stuk is een ongeteekend voorstel aan burgemeesters en schepenen tot het brengen van enkele veranderingen in de ordonnantie geschreven.
b. Afschrift van de sub a genoemde ordonnantie (Inv. nr. 201).
508  Vóór 1591 Juni 22
Deken en beleders van het schippersgilde te Middelburch geven aan burgemeesters, schepenen en raad dier stad te kennen, dat hun gilde zeer belast is en tot verbetering in overleg met deken en beleders van Armuijden geraamd hebben de betaling van 2 pond gr. Vls., de eene helft tot profijt van de armen en de andere helft tot profijt van het ambacht, door alle schepen, varende van Middelburch of Armuyden naar den vijand toegedane steden, en verzoeken daarvoor machtiging.
a. Gelijktijdig afschrift van den notaris Pieter Wilsens (Inv. nr. 274).-Onder dit rekest is eene beschikking, d.d. 1591 Juni 22 (zie nr. 509) en op de tweede bladz. de eindbeschikking, d.d. 1591 December 21 (zie nr. 517), afgeschreven.
b. Afschrift van het sub a vermelde afschrift van Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad) (Inv. nr. 274).
509  1591 Juni 22
(Wet en Raad der stad Middelburch), beschikkende op het rekest van deken en beleders van het schippersgilde aldaar, onder welks afschrift deze mede is afgeschreven (zie nr. 508), stellen het verzoek in handen van den overdeken om daarop te dienen van advies.
a. Gelijktijdig afschrift van den notaris Pieter Wilsens (Inv. nr. 274).-Op de tweede bladz. van dit rekest is de eindbeschikking, d.d. 1591 December 21 (zie nr. 517), afgeschreven.
b. Afschrift van het sub a vermelde afschrift van Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad) (Inv. nr. 274).
510  1591 Juni 30
De hiervoren bedoelde aanbestedingen (zie nr. 505) zijn door Jan Mathijs'zoon en Lenaert Vriesen van de eerste aannemers overgenomen, waarvan de besteding van eerstgenoemde thans opgenomen en gemeten is ten getale van 35 roeden tegen 2 gulden de roe, bedragende 11 pond 13 schellingen 4 grooten Vls., welke som Jan Mathijs'zoon erkent van tresoriers ontvangen te hebben.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 173).-Geteekend met het merk van den aannemer.-Boven deze akte is eene andere, d.d. 1591 Mei 31 (zie nr. 505), en er onder is een derde, d.d. 1591 Juli 6 (zie nr. 511), geschreven.
511  1591 Juli 6
De rest van de bedoelde drie bestedingen (zie nrs. 505, 510), door Lenaert Vries gemaakt, is gemeten en opgenomen ten getale van 34,5 roeden, waarvan 23 roeden tegen 7 schellingen de roe, bedragende 8 pond 1 schelling, en 11,5 roeden tegen 6 schellingen 8 grooten de roe, bedragende 3 pond 16 schellingen 8 grooten, samen 11 pond 17 schellingen 8 grooten Vls., welke som Lenaert Vriese erkent van tresoriers ontvangen te hebben.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 173).-Geteekend met het merk van den aannemer.-Boven deze akte zijn twee andere, d.d. 1591 Mei 31 (zie nr. 505) en d.d. 1591 Juni 30 (zie nr. 510), geschreven.
512  1591 Juli 22
Jan Dirickx zoon Coop erkent van tresoriers der stad Arnemuyden in voldoening van den eersten termijn van de hierboven geschreven rekening de som van 87 pond 1 schelling 9 grooten 8 myten ontvangen te hebben.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023). Geteekend door den aannemer.-Aan dit stuk is een ander, d.d. 1589 Februari 26 (zie nr. 483), gehecht.
513  1591 (September . .)
Joes Pieters zoon is op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van twee jaren, ingaande October 1 aanstaande, huurder gebleven van het handbogenhof met het daarin staande huisje, waarin Cornelis Coel gewoond heeft, voor de som van 5 pond Vls. 's jaars, door tresoriers (der stad Arnemuiden) verhuurd. Afschrift (?) (Inv. nr. 207).
514  1591 October 19
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie op de schepen, zoo betreffende de ligplaats van groote schepen in de nieuwe haven en elders, als het over boord gooien van ballast en andere zinkbare waren, het omhalen van schepen in die haven, het havengeld en maatregelen ter voorkoming van brand.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 172).
515  Vóór 1591 December 21
Deken en beleders met de gildebroeders van het schippersgilde te Arnemuyden geven aan burgemeesters, schepenen en raden dier stad te kennen, dat de lasten van het gilde niet uit zijn inkomen voldaan kunnen worden, waardoor groote achterstal is ontstaan, dat zonder een extraordinaris middel niet licht aan te zuiveren is: dat deken en beleders van het schippersgilde te Middelburch, eveneens zwaar belast en ten achteren, onlangs van Wet en Raad aldaar autorisatie gekregen hebben om van ieder schip, dat van Middelburch of Arnemuyden op eenig land van den vijand laadt of vaart, 20 schellingen te mogen heffen ten behoeve van het gilde en de armen, ieder voor de helft, gelijk uit het hierbij in afschrift overgelegd request met appostille mag blijken; en vermits beide gilden genoegzaam een zijn en in alles gelijke lasten hebben, verzoeken de requestranten, dat aan hen gelijke autorisatie worde verleend.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Onder dit rekest is de beschikking, d.d. 1591 December 21 (zie nr. 516), geschreven.
516  1591 December 21
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, beschikkende op het rekest van het schippersgilde aldaar, waaronder deze geschreven is (zie nr. 515), kunnen het niet goedkeuren, dat de verzoekers de raming aan de heeren van Middelburch zonder voorkennis in het bijzonder van den overdeken hebben overgegeven, verklaren zich onbevoegd eene schatting aan den vreemden koopman of schipper op te leggen, als zijnde eene zaak van de Staten van Zeelant, tot wie de verzoekers zich zullen mogen wenden, waarbij zij op de hulp van de stadsregeering kunnen rekenen, uitgezonderd in zake de nering van zoutzieden en het afvoeren van wit zout, waarvan zij het oude bezit van vóór den oorlog en tot nu toe willen handhaven, zooals mede te Ziericxee, Ghoes, Vere, Reymerzwale en Brouwershaven in het afladen, verzenden en anderszins gebruikelijk is.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
517  1591 December 21
(Wet en Raad der stad Middelburg), nader beschikkende op het rekest van deken en beleders van het schippersgilde aldaar, op de tweede bladzijde van welks afschrift deze mede is afgeschreven (zie nrs. 508, 509), machtigen de verzoekers van elk der in het rekest bedoelde schepen een pond gr. Vls. te mogen nemen, de helft tot profijt van de armen, de andere helft tot profijt van het gilde.
a. Gelijktijdig afschrift van den notaris Pieter Wilsens (Inv. nr. 274).
b. Afschrift van het sub a vermelde afschrift van Bartholomeus Cannoye (Inv. nr. 274).
518  1592 Januari 22
In tegenwoordigheid van burgemeesters, een raadslid en den secretaris (der stad Arnemuiden) is Jan van Welden op de hierboven geschreven en in deze akte aangevulde voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1592 Februari 1, pachter gebleven van den buiten de stad staanden windmolen, voor de som van 89 pond gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 559).-Geteekend door den pachter.-Onder deze akte is eene andere, d.d. 1592 Februari 8 (zie nr. 520), geschreven.
519  1592 Januari 25
In tegenwoordigheid van burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden is Margriete Hubrecht de bakkersweduwe op de hierboven geschreven voorwaarden van 1591 voor den tijd van een jaar, ingaande 1592 Februari 1, pachteres gebleven van den afslag van visch en der vischbanken, voor de som van 5 pond 5 schellingen gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van de pachteres.-Boven deze akte is eene andere, d.d. 1591 Januari 22 (zie nr. 502), en er onder zijn vijf andere, d.d. 1593 Januari 23 (zie nr. 526), d.d. 1595 (lees: 1594) Januari 25 (zie nr. 549), d.d. 1595 Januari 21 (zie nr. 564), d.d. 1596 Januari 20 (zie nr. 580), d.d. 1598 Januari 24 (zie nr. 607), geschreven.
520  1592 Februari 8
Adriaen Cornelis'zoon en Claes Pieter Heerkens, landlieden in Nyeuwerkercke, stellen zich voor schepenen der stad Arnemuyden borg voor de pachtsom van den windmolen gedurende het jaar (15)92 en voor de nakoming van de hierboven geschreven voorwaarden, waarop (Jan) van Weideren dien molen gepacht heeft.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 559).-Geteekend met het merk van Adriaen Cornelis'zoon en met de handteekeningen van Claes Pieters en Bartholomeus Cannoye, secretaris der stad.-Boven deze akte is een andere, d.d. 1592 Januari 22 (zie nr. 518), geschreven.
521  1592 Februari 14
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Dordrecht en die van de stad Middelburch doen kond, dat zij met elkander zijn overeengekomen, dat al hunne inwoners van de betaling van het recht van exuë of pondgeld vrij zullen zijn en blijven.
a. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 23.
b. Afschrift in Inv. nr. 83.
522  1592 Maart 27
Maurice de Nassau, geboren prins van Oraengien, schrijft aan Symon Romboutssen, baljuw der stad Arnemuyden, dat hij de nominatie van burgemeesters, schepenen en raden mitsgaders notabele officieren en burgers der voorschreven stad gezien heeft, om daaruit in plaats van de afgaande burgemeester en schepenen voor dit jaar (15)92 dezulke te committeeren, die zijne Excellentie tot onderhouding en stichting van de ware Christelijke religie, goede politie en justitie daartoe de bekwaamste zoude vinden, en kiest tot burgemeester Steven de Ruyter, in plaats van Jan Adriaens zoon, die twee jaren gediend heeft, en committeert in plaats van eerstgenoemde tot sch pen Bouwen Jans zoon, en in plaats van de afgaande vier schepenen Jan Cottron, Adriaen Soeteman van Hamerste, Claes Aelbrechts zoon en Jan Jacobs zoon om deze ambten behoorlijk te bedienen, met last den voorschreven personen den eed af te nemen en in hunne ambten te stellen.
Afschriftin Inv. nr. 140.
523  1592 October 14
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie betreffende het loon van de arbeiders.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 236).
524  1592 October 24
Adolff van Marcke van Ghent heeft gezworen, dat hij de stad Arnemuyden, burgemeesters, magistraten, kapiteinen en andere officieren trouw zal dienen en alles te zullen doen, wat een goed provoost behoort te doen. Oorspr. op papier (Inv. nr. 159).-Ongeteekend.
525  1592 October 28(?)
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene nieuwe ordonnantie op de burgerwacht, alzoo er tot nog toe groote fouten in voorkomen.
a. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 201).
N.B. Gepubliceerd 1592 November 2.
b. Afschrift (Inv. nr. 201).-Ongeteekend.-In dit afschrift is op vele plaatsen met eene andere hand doorgeschrapt en bijgeschreven, vermoedelijk bij gelegenheid van nieuwe publicatiën op 31 Augustus 1596 en 6 September 1597, waarvan op het stuk aanteekening is gedaan (zie de resolutie van Wet en Raad van 24 Augustus 1596).
526  1598 Januari 23
Griete Lucas, weduwe van Hubrecht Willems zoon, bakker, is op de hierboven geschreven voorwaarden van 1591 voor den tijd van een jaar, ingaande 1593 Februari 1, pachteres gebleven van de vischbanken en den afslag van visch, voor de som van 5 pond 10 schellingen gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van de pachteres.-Boven deze akte zijn twee andere, d.d. 1591 Januari 22 (zie nr. 502), d.d. 1592 Januari 25 (zie nr. 519), en er onder zijn vier andere, d.d. 1595 (lees: 1594) Januari 25 (zie nr. 549), d.d. 1595 Januari 21 (zie nr. 564), d.d. 1506 Januari 20 (zie nr. 580), d.d. 1598 Januari 24 (zie nr. 607), geschreven.
527  1598 Januari 23
Lieven Cornelis'zoon, sledeman, is op de hierboven geschreven voorwaarden van burgemeesters en regeerders der stad Arnemuyden voor den heventijd van zeven jaren, ingegaan November 25 laatstleden, pachter gebleven van het kerkhof der hoofdkerk van Nijeuwerkercke voor de som van 2 pond 12 schellingen gr. 's jaars, bedragende over de zeven jaren 18 pond 4 grooten (lees: schellingen) Vls.
Oorspr. op papier (Inv. 1093).-Geteekend met het merk van den pachter.
528  159(3) Januari 23
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden vermeerderen de eertijds gegeven ordonnantie op de schepen (zie nr. 514) en committeeren tot havenmeester Willem Maerts zoon van . . .
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 172).
529  1593 Februari 27
Burgemeesters, schepenen en raad der stad Middelburch geven om te voorzien in het kleine loon van de met ballast varende schuitlieden, door deken en beleders van het schipersgilde aldaar te hunner kennis gebracht, eene ordonnantie betreffende verbetering van dat loon.
Gelijktijdig afschrift van den notaris Pieter Wilsens (Inv. nr. 274).-Aan dit stuk zijn drie andere, d.d. vóór 1593 Mei 8 (zie nr. 536), d.d. vóór 1593 Mei 26 (zie nr. 538), d.d. 1593 Juli 10 (zie nrs. 540, 541), gehecht.
530  1593 Maart 20
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Middelburch geven naar aanleiding van de door deken en beleders van het schippersgilde aldaar aan hen te kennen gegeven bestaande onregelmatigheid bij het laden van schepen, eene ordonnantie tegen overlading, op de verdeeling van schuiten en schepen en betreffende de buitensluiting van schippers van pleiten buiten het schippersgilde.
Afschriftvan den notaris Pieter Wilsens van 1593 (Inv. nr. 274).-Aan dit stuk is een ander (zie nr. 537) gehecht.
531  1593 Maart 22
Maurice de Nassau, geboren prins van Oraingnen, schrijft aan Symon Rombouts zoon, baljuw der stad Arnemuyden, dat hij de nominatie van den magistraat der voorschreven stad gezien heeft, ten einde daaruit in plaats van degenen, die afgaan, eenige personen tot burgemeester en schepenen te kiezen om die ambten voortaan te bedienen, en raadzaam gevonden heeft Jan Adriaens zoon van der Bye in plaats van Jan Spierinck tot burgemeester te kiezen en in stede van de afgaande en overleden schepenen Jan Boogaert, Adriaen Cornelis'zoon den jongen, Pieter Symonssen en Pieter Aelbrechts zoon van de Graft, om naast de aanblijvende, die zijne Excellentie in hunne ambten continueert, het voorschreven schependom te bedienen en goede justitie en politie te onderhouden, met last de voorschreven personen den eed af te nemen en in hunne bediening te stellen.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 144).
b. Afschrift in Inv. nr. 140.
532  Vóór 1593 Mei 5
Burgemeesters en regeerders der stad Arnemuyden geven aan Gecommitteerde Raden van Zeelandt, met herinnering aan den vroegeren achterstand der burgers in den 100sten penning van de huizen over de jaren 1583-1585 en onder overlegging van het geapostilleerd rekest, waaraan dit gehecht is (zie nrs. 424, 425), te kennen, dat zij niet zonder groote moeite den tresorier(-generaal) hebben voldaan, zonder het kohier of de som daarvan-niettegenstaande de vermindering der huizen-van gepasseerde, doch alleen van toekomende, termijnen te verminderen, dat thans echter nog van niemand de sedert het bekomen uitstel van betaling jaarlijks opnieuw geschoten 100ste penning is ontvangen, zoodat zij nu zes jaren ten achteren zijn en door verderen achteruitgang in zaken meer dan ooit te voren in verlegenheid zijn, en verzoeken kwijtschelding van de bedoelde geschoten, daarbij nogmaals wijzende op de plundering der plaats en het lijden der bevolking in de troebelen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 187).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1593 Mei 5 (zie nr. 534), geschreven.-Aan dit stuk zijn drie andere, d.d. 1586 April 18 (zie nrs. 424, 435), d.d. 1593 Mei 5, (zie nrs. 533, 535), d.d. 1594 Maart 24, (zie nr. 551), gehecht.
533  Vóór 1593 Mei 5
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden geven aan de Staten van Zeelandt te kennen, dat zij meermalen op den soberen toestand van de fortificatie der stad den Staten gewezen hebben, die op de ernstige aanbeveling van zijne Excellentie beloofd hebben, dat die in behoorlijken staat gebracht zou worden om tegen een plotselingen vijandelijken inval beveiligd te zijn, maar dat zij tot nog toe geen hulp tot verbetering gekregen hebben van den toestand, die dagelijks slechter wordt, terwijl zij nochtans tot timmering van huizen en fortificatie veel gedaan hebben en nog doen, waarvan de gemeene zaak ook voordeel trekt en nog meer zou trekken, indien de zeevaart niet verminderde en door verschillende practijken niet uit Zeeland verwijderd werd, en zij verzoeken wederom de fortificatie in voldoenden staat van verdediging te brengen en gelijkvormig te maken aan die van andere Zeeuwsche steden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 187).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1593 Mei 5 (zie nr. 535), geschreven.-Aan dit stuk zijn drie andere, d.d. 1586 April 18 (zie nrs. 424, 425), d.d. 1593 Mei 5 (zie nrs. 532, 534), d.d. 1594 Maart 24, (zie nr. 551), gehecht.
534  1593 Mei 5
(Gecommitteerde) Raden (van Zeeland), beschikkende op het rekest van burgemeesters en regeerders der stad Arnemuyden, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 532), verwijzen de verzoekers naar de Staten van Zeelant, aan wie de Raden het verzoek gunstig zullen voordragen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 187).-Geteekend door Pieter Rycken (vertegenwoordiger van den eersten edele) en Christoffel Roëls (pensionaris van de Staten).-Aan dit stuk zijn drie andere, d.d. 1586 April 18 (zie nrs. 424, 425), d.d. 1593 Mei 5 (zie nrs. 533, 535), d.d. 1594 Maart 24 (zie nr. 551), gehecht.
535  1593 Mei 5
(Gecommitteerde) Raden (van Zeeland), beschikkende op het rekest van baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden aan de Staten van Zeelandt, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 533), verwijzen de verzoekers naar de Staten van Zeelant, aan wie de Raden het verzoek gunstig zullen voordragen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 187).-Geteekend door ~Pietcr Rycken (vertegenwoordiger van den eersten edele) en Cbristoffel Roëls (pensionaris van de Staten).-Aan dit stuk zijn drie andere, d.d. 1586 April 18 (zie nrs. 424, 425), d.d. 1593 Mei 5 (zie nrs. 532, 534) en d.d. 1594 Maart 24 (zie nr. 551) gehecht.
536  Vóór 1593 Mei 8
Deken en beleders van het schippersambacht te Arnemuyden geven als superintendenten van de gemeene ballasters dier stad aan burgemeesters, schepenen en raden van dezelve te kennen, dat het vóór vele jaren vastgestelde loon van het ballasten door de soberheid des tijds thans te klein is, en verzoeken dat loon te verbeteren overeenkomstig de hierbij in afschrift gevoegde ordonnantie van den magistraat van Middelburch.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Aan dit stuk zijn drie andere, d.d. 1593 Februari 27 (zie nr. 529), d.d. vóór 1593 Mei 26 (zie nr. 538), d.d. 1593 Juli 10 (zie nrs. 540, 541), gehecht.
537  Vóór 1593 Mei 8
Deken en beleders van het schippersgilde te Arnemuyden geven aan burgemeesters, schepenen en raden dier stad te kennen, dat zoowel aldaar als te Middelburch door overlading van schepen en schuiten groote wanorde geweest is met gevaar voor verlies van die vaartuigen enz., waarin te Middelburch door den magistraat met bepaling van zekere maat voorzien is, evenals in de verdeeling van schuiten en schepen, die op beurten, met koopmansgoederen of op loopende vrachten varen, en ten opzichte van de pleiten, waarover onder de gilden veel quaestiën voorkomen, bij eene ordonnantie, die hierbij in afschrift is overgelegd (zie nr. 530), en verzoeken om de hierbij nader vermelde redenen, dat de regeering van Arnemuijden tot het geven van eene dergelijke ordonnantie moge besluiten.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Aan dit stuk is een ander, d.d. 1593 Maart 20 ( zie nr. 530), gehecht.
538  Vóór 1593 Mei 26
Deken en beleders met de gildebroeders van het schippersambacht te Arnemuyden geven aan burgemeesters, schepenen en raden dier stad te kennen, dat alle schepen van het ambacht met die van Middelburch, waaronder zij varen, op hunne zeewaardigheid zijn onderzocht en die, welke niet goed zijn bevonden, afgekeurd, zonder welk onderzoek geen schepen te Middelburch, zoowel van daar als van de verzoekers, mogen laden, waarmede voor kooplieden enz. omtrent goede bediening voldoende zekerheid bestaat, en dat onder de keten te Arnemuyden al het grof zout door een of twee schippers gevlet wordt, waardoor groote twist onder de gildebroeders is ontstaan, en verzoeken, dat dit voortaan door alle gildebroeders bij loting gedaan mag worden, zoomede het vervoer van al het wit zout, dat door vreemde kooplieden gekocht en vervoerd wordt.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Aan dit stuk zijn drie andere d.d. 1598 Februari 27 (zie nr. 529), d.d. vóór 1593 Mei 8 (zie nr. 536) en d.d. 1593 Juli 10 (zie nrs. 540, 541), gehecht.
539  1593 Juli 5
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raad der stad Middelburch, om te voorzien in de dagelijks voorkomende geschillen tusschen deken en beleders van het schippersgilde aldaar en vreemde schippers over het laden van goederen door vreemde en onvrije schippers in hunne schepen zonder voorkennis van deken en beleders voorschreven, zijn overeengekomen, dat voortaan geene schippers, in het gilde der stad niet vrij zijnde, eenig goed zullen mogen laden, tenware zij vooraf aan deken of bij afwezigheid aan beleders kennis gegeven zullen hebben, of het hun eigen goed is of niet.
Afschriftvan Johan Houck (secretaris der stad) uit het register van ordonnantiën, gecollationneerd met de origineele akte door den notaris Pieter Wilsens (Inv. nr. 274).-Aan dit stuk is een ander, d.d. (c. 1594) (zie nr. 562), gehecht.
540  Vóór 1593 Juli 10
Deken en beleders van het schippers gilde te Arnemuijden geven aan baljuw, burgemeesters en schepenen dier stad te kennen, dat zij onlangs zoo voor zich zelven als ten behoeve van de ballasters dezer stad twee rekesten (zie nrs. 536, 538) hebben aangeboden, waarvan de verzoeken voorloopig zijn afgeslagen, naar hunne meening, omdat de regeering ter zake niet behoorlijk was ingelicht, en verzoeken thans door eenigen uit het college gehoord te worden en daarna nader op de rekesten te willen beschikken.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Op dit rekest is de beschikking, d.d. 1593 Juli 10 (zie nr. 541), geschreven.-Aan dit rekest zijn drie andere, d.d. 1593 Februari 27 (zie nr. 529), d.d. vóór 1593 Mei 8 (zie nr. 536) en d.d. vóór 1503 Mei 26 (zie nr. 538), gehecht.
541  1593 Juli 10
Burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden, beschikkende op het rekest van deken en beleders van het schippersgilde aldaar, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 540), committeeren Adriaen Soeteman van Hamerste en Pieter Symons zoon, schepenen, om de verzoekers in tegenwoordigheid van den burgemeester Steven de Ruyter als hun overdeken te hooren.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Gheteekend door Bartholemeus Cannoye (secretaris der stad).-Aan dit stuk zijn drie 'andere, d.d. 1593 Februari 27 (zie nr. 529), d.d. vóór 1593 Mei 8 (zie nr. 536) en d.d. vóór 1593 Mei 26 (zie nr. 538), gehecht.
542  1598 Juli 13
Wilhelm van Bloys ghesecht Treslong schrijft uit den Hage aan burgemeesters en regeerders der stad Arnemuyden, waarbij hij herinnert aan zijn verzoek om teruggave van twee kleine metalen stukken, die hij van wijlen den heer Haultain gekocht en in eigendom bezeten heeft, door baljuw Simon Romboutsen van het schip van Cornelis Sincksteen onder voorgeven, dat zij zouden verbeurd zijn, omdat hij toen te Middelburch gevangen zat, naar zich zijn genomen en thans bij vorm van sequestratie berusten onder zijne Excellentie, die tevreden is de twee stukjes den schrijver te laten volgen, mits blijkende van de toestemming der bovengenoemde regeerders, aan wie hij toestemming verzoekt de beide stukjes uit de inbeslagneming te mogen lichten.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 195).-Geteekend door den schrijver.-De brief is gesloten geweest met een opgedrukt cachet op papier in roode was.
543  1593 Augustus 7
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden gelasten, dat de bierstekers en de schepen niet meer zware dan kleine bieren mogen brengen en opslaan en dat de accijnzenaar en controleur tegen overtreding moeten waken.
Uittreksel uit het register van resolutiën van Wet en Raad (Inv. nr. 840).-Geteekend door Bartlomeus Cannoye (secretaris der stad).
544  1593 September 25
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden committeeren Symon Rombouts zoon, baljuw dier stad, en Bartholomeus Cannoye, secretaris van dezelve, om van stadswege te Dordrecht met den magistraat aldaar de beste middelen tot herstel van het verloopen veer van Dordrecht op Arnemuyden en omgekeerd te overwegen en daartoe te besluiten, en beloven die te doen onderhouden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 270).-Met het opgedrukte zegel ten zaken der stad op papier in groene was en de handteekening van beide burgemeesters.
545  1593 October 18
Cornelis Jans zoon Coop te Delff schrijft uit naam van zijne voogden aan tresoriers der stad Arenemuijden en verzoekt daarbij betaling van den laatsten termijn van het horloge, dat Jan Dirckx zoon zal. geleverd heeft. Oorspr. op papier (Inv. nr. 1023).
546  1593 October 19
Wet en Raad der stad Arnemuyden, overwegende, dat de ledige erven, gelegen tusschen de keten en de stad, buitendijks, meer en meer afspoelen, waardoor gevaar voor den dijk ontstaat, bevelen dat alle eigenaars van die erven gedagvaard zullen worden om binnen den tijd van zes weken dezelven te aanvaarden en te verzekeren, op straffe van verkoop.
Uittreksel uit het register van resolutiën van Wet en Raad (Inv. nr. 106). Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Oonder dit uittreksel zijn vijf andere, d.d. 1595 November 10 (zie nr. 577), d.d. 1596 Januari 2 (zie nr. 579), d.d. 1598 Februari 21 (zie nr. 009), d.d. 1598 Maart 21 (zie nr. 611), d.d. 1598 October 3 (zie nr. 616), geschreven.
547  1594 Januari 10
Burgemeesters, schepenen en raad der stad Middelburch geven op verzoek van deken en beleders van het schippersgilde aldaar de hieronder geschreven nieuwe ordonnantie.
Afschriftvan den notaris Pieter Wilsens van 1594 (Inv. nr. 274).
548  1594 Januari 25
Met kennis van baljuw, burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden) is Claes Soeteweg, wonende te Sint Laureys, op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1594 Februari 1, pachter gebleven van den buiten de stad staanden windmolen, voor de wekelijksche som van 2 pond gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 559).-Geteekend door den pachter.-Onder deze akte is eene andere, d.d. 1594 Februari l (zie nr. 550), geschreven.
549  1595 (lees: 1594) Januari 25
In tegenwoordigheid van baljuw, burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuyden) is Jan Heyndrix zoon Bontecoe op de hierboven geschreven voorwaarden van 1591 voor den tijd van een jaar, ingaande 1594 Februari 1, pachter gebleven van de vischbanken en den afslag van visch, voor de som van 4 pond gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van den pachter.-Boven deze akte zijn drie andere, d.d. 1591 Januari 22 (zie nr. 502), 1592 Januari 25 (zie nr. 519), d.d. 1593 Januari 23 (zie nr. 526), en er onder zijn drie andere, d.d. 1505 Januari 21 (zie nr. 564), d.d. 1596 Januari 20 (zie nr. 580) d.d. 1598 Januari 24 (zie nr. 607), geschreven.
550  1594 Februari 1
Symon Jans zoon, schoenmaker, burger der stad Arnemuyden, en Jan Gillis'zoon, wonende te Bredamme, stellen zich voor schepenen dier stad borg voor de pachtsom van den windmolen gedurende het jaar (15)94 en voor de nakoming van de hierboven geschreven voorwaarden, waarop Claes Soeteweg dien molen gepacht heeft.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 559).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Boven deze akte is eene andere, d.d. 1594 Januari 25 (zie nr. 548), geschreven.
551  1594 Maart 24
De Staten van Zeelant, beschikkende op de twee rekesten van de regeering van Armuyden, waaraan dit extract gehecht is (zie nrs. 532-535), vergunnen haar het geheele achterwezen van den 100sten penning te gebruiken voor de noodige fortificatie der stad, ter ordonnantie en besteding van Gecommitteerde Raden.
Extract uit de notulen van de Staten van Zeelant (Inv. nr. 187).-Geteekend door Christoffel Roëls (pensionaris van de Staten).-Aan dit stuk zijn drie andere, d.d. 1586 April 18 (zie nrs. 424, 425) en d.d. 1593 Mei 5 (zie nrs. 532-535), gehecht.
552  1594 Maart 28
Maurice de Nassau, geboren prins van Oraengien, schrijft aan Symon Rombouts zoon, baljuw te Arnemuyden, dat hij gezien heeft de nominatie van burgemeesters, schepenen en raden mitsgaders notabele officieren en burgers der voorschreven stad, betreffende twee personen om daaruit een tot burgemeester te kiezen, die dit jaar het ambt met den aanblijvenden zal bedienen en daarbenevens de nominatie betreffende acht personen om daaruit vier tot schepenen te kiezen, die met de drie aanblijvende het voorschreven schependom zullen bedienen, en raadzaam bevonden heeft Claes Zael den ouden tot burgemeester en Jan Spierinck, Jan van Geldre, Jan Heyndricx zoon en Martin Adriaens zoon tot schepenen te kiezen, die dit jaar met de aanblijvende recht en justitie zullen administreeren, met last den voorschreven personen den eed af te nemen en in hunne bedieningen te stellen.
Afschriftin Inv. nr. 140.
553  1594 Maart 30
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden zijn met Michiel Solario, tafelhouder dezer stad, opnieuw overeengekomen en octrooieeren hem om op de hierbij geschreven voorwaarden gedurende 18 jaren de tafel van leening te mogen voortzetten.
a. Oorspr. (Inv. nr. 222).-Met het geschonden zegel ten zaken der stad in groene was en de handteekeningen van den secretaris en den tafelhouder.
b. Als voren (Inv. nr. 222).
c. Concept (Inv. nr. 222).
d. Afschrift (Inv. nr. 222).
554  1594 Maart 31
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden gelasten met volledige handhaving van de ordonnantie, d.d. 1589 Juni 5 (zie nr. 488), dat voortaan geen wijnen of bieren gelost, vervoerd of opgedaan mogen worden alvorens bij een teeken of biljet van de accijnzenaars en controleurs van de voldoening van den accijns blijkt.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 838).-Ongeteekend.
555  Vóór 1594 October 1
Michiel Solaria, tafelhouder van Arnemuyden, schrijft aan burgemeesters, schepenen en raden dezer stad over paaibrieven, rentebrieven, obligatiën enz., die soms verpand worden, maar niet als andere panden na het eindigen van den beleentijd gevoegelijk verkocht kunnen worden, en doet een voorstel van de wijze, waarop dit zou kunnen geschieden, tevens vraagt hij voorziening in zake het geld leenen op eene simpele schuldbekentenis zonder pand, en doet ook daaromtrent een voorstel om tot voldoening te kunnen geraken.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 222).-Onder dit rekest is eene ordonnantie, d.d. 1594 October 1 (zie nr. 556), geschreven.
556  October 1
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, beschikkende op het rekest van Michiel Solario, tafelhouder aldaar, waaronder deze geschreven is (zie nr. 555), geven eene ordonnantie betreffende den gerechtelijken verkoop van beleende paaibrieven, rentebrieven, obligatiën enz.; op het onderteekenen door partijen van schuldbekentenissen, zonder pand, en het verlijden daarvan voor den secretaris; en het doen van kort recht op deze stukken, na eene eerste wete, uiterlijk nog eene wete ex gratia.
a. Oorspr. (Inv. nr. 222).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
b. Ongeteekende minute op papier in Inv. nr. 222.
557  1594 October 12
De schippers van Arnemuiden, vergaderd in de schipperskamer in de Nieustraete aldaar, komen met elkander overeen, dat voortaan niemand hunner eenige vracht onder de keten zal aannemen, zonder dat zij te voren daarover gedobbeld zullen hebben; voorts ook omtrent het vlettersloon.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 277).-Geteekend met de merken 1595 November 10 (zie nr. 578), geschreven.
558  1594 October 22
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, volhardende bij de ordonnantie op de burgewacht van 1592 November 2 (1592 October 28 (?), zie nr. 525) en die bij vernieuwing houdende voor gepubliceerd, geven scherpe bevelen aan den krijgsraad en den wachtmeester tot onderhouding en executie dier ordonnantie, en aan alle burgers en inwoners zich daarnaar te regelen en hunne wacht te houden of te doen houden naar behooren, en verbieden voorts, dat iemand zich zal veroorloven, den krijgsraad, den wachtmeester en assistenten van dien en 's heeren dienaars in zaken van de wacht te beschimpen en te wederstaan, op pene van gestraft te worden als een oproermaker.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 201.-Ongeteekend.-Onder deze ordonnantie zijn twee andere, d.d. 1595 Mei 2 (zie nr. 572), d.d. 1595 November 10, (zie nr. 578) geschreven.
559  1594 October 25
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden vernietigen de door de schippers aangegane overeenkomst (zie nr. 557), houdende die in strijd met de autoriteit van den magistraat en met den door de schippers gedanen burgerlijken eed, willen hen doen straffen volgens aan den baljuw gegeven last, en verbieden dergelijke vergaderingen van de schippers en van alle andere.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 277).
560  1594 December 31
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden geven eene ordonnantie betreffende maatregelen ter voorkoming van brand in schepen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 107).-Ongeteekend.
561  1594 December 31
Wet en Raad der stad Arnemuijden interpreteeren de ordonnantie (d.d. 1590 Juni 23, zie nr. 495) voor zooveel de aangifte van de brouwers en de opschrijving van den accijnzenaar en controleur betreffend, en verbieden den eerstgenoemden den accijnzenaar en controleur in hun officie te beschimpen, op de hoogste boete en voorts correctie van de stad.
Uittreksel uit het register van resolutiën van Wet en Raad (Inv. nr. 839).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
562  (c. 1594.)
Deken en beleders van het schippersgilde te Arnemuijden geven aan burgemeesters, schepenen en raden dier stad te kennen, dat bij het gilde vele misbruiken zijn ingeslopen, die weggenomen moeten worden, en dat door de soberheid des tijds het loon van de gildebroeders en het inkomgeld, de boeten, breuken enz., strekkende tot onderhoud van het gilde, dienen verhoogd te worden overeenkomstig met die van Middelburch, met wie de verzoekers gemeenschap van gilden hebben en waar de magistraat in alle zaken van het gilde naar gelegenheid des tijds voorzien heeft, en verzoeken eene beschikking van Wet en Raad op de hierbij geschreven 24 artikelen, om voortaan door het gilde onderhouden te worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Aan dit stuk is een ander, d.d. 1593 Juli 5 (zie nr. 539), gehecht.
563  1595 Januari 14
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden hebben de hierboven geschreven rekening van de "opvloyinghe" (het lichten) van het wrak van het verbrande hulkschip De Fortune gesloten ter som van 125 pond 16 schellingen 8 grooten 12 myten om ten laste van het wrak met toebehooren betaald te worden, daarbij bevelende aan Cornelis Jans zoon Fortuyn, die hetzelve met toestemming van genoemde regeering aanvaard heeft, genoemde som aan tresoriers der stad te betalen.
Minute op papier (Inv. nr. 271).-Geteekend door "Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
564  1595 Januari 21
In tegenwoordigheid van baljuw, burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden) is Jan Heyndrichs zoon Bontecoe op de hierboven geschreven voorwaarden van 1591 voor den tijd van een jaar, ingaande 1595 Februari 1, pachter gebleven van de vischbanken en den afslag van visch, voor de som van 2 pond 10 schellingen 1 groot Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend met het merk van den pachter.-Boven deze akte zijn vier andere, d.d. 1591 Januari 22 (zie nr. 502), d.d. 1592 Januari 25 (zie nr. 519), d.d. 1593 Januari 23 (zie nr. 526), d.d. 1595 (lees: 1594) Januari 25 (zie nr. 549) en er onder zijn twee andere, d.d. 1596 Januari 20 (zie nr. 580), d.d. 1598 Januari 24 (zie nr. 607), geschreven.
565  Vóór 1595 Februari 27
Tresoriers der stad Arnemuyden zullen vanwege burgemeesters, schepenen en raden 1595 Februari 27 openbaar in partijen besteden zekere delving buiten de stad aan de oostzijde, tot vermeerdering van de haven aldaar. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 173).
566  1595 Februari 27
In tegenwoordigheid van burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden zijn op de hierboven geschreven voorwaarden aannemers gebleven van zekere delving aan de oostzijde van de stad tot vermeerdering van de haven aldaar: Jan Pieters zoon, wonende te Middelburch buiten de Dampoort, van de eerste besteding voor 16 pond 18 schellingen de strekkende roe, bedragende over de geheele besteding (101:8:-); Aelbrecht Florenszoon, wonende te Middelburch op de Beestemarkt, van de tweede besteding voor 14 pond 8 schellingen de roe, bedragende over de geheele besteding (86:8:-); Cornelis Claes'zoon van Schaghen van de derde besteding voor 14 pond 8 schellingen de roe, bedragende over de geheele besteding (86:8:-); Jochem Adriaens zoon van Middelburch in de Breestraat van de vierde besteding voor 14 pond 10 schellingen de roe, bedragende over de geheele besteding (87:-:-); Lenaert de Yriese, wonende op het Oud gat, van de vijfde besteding voor 15 pond 18 schellingen de roe, bedragende over de geheele besteding (95:8:-); Dirrick Wallinck onder der Vere van de zesde besteding voor 15 pond gr. de roe, bedragende over de geheele besteding (90:-:-); Adriaen Jacobs zoon Schootman te Sandyck van de zevende besteding voor 15 pond 10 schellingen Vls. de roe, bedragende over de geheele besteding (93:-:-); Adriaen Cornelis'zoon, wonende te Middelburch op de Beestemarkt in de Gheere, van de achtste besteding voor 14 pond 10 schellingen de roe, bedragende over de geheele besteding (87:-:-) (te zamen 726 £. 12 sch.)
Oorspr. op papier (Inv. nr. 173).-Geteekend met de namen of merken van de aannemers en door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Onder deze akte zijn twee andere, d.d. 1595 Maart 9 (zie nr. 567), d.d. 1505 Maart 17 (zie nr. 569), geschreven.
567  1595 Maart 9
Jan Pieters zoon, arbeider, wonende te Middelburch, heeft als aannemer van de eerste besteding (zie nr. 566) voor schepenen (der stad Arnemuyden) in plaats eener borgtocht van 200 guldens, bij de voorwaarden ten laste van de aannemers bepaald, in handen van de tresoriers der stad gesteld een schepenbrief, verleden voor schepenen van Amsterdam ten behoeve van hem, comparant, 1593 Maart 10, betreffende den koop van eene ledige erve, gelegen aldaar buiten Jan Rooden poort in Cornelis-Jan-Evertszoons-straat, verbindende dezen brief en de daarin geroerde erve met het thans daarop staande huis als borg ter voorschreven som.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 173).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Boven deze akten is eene andere, d.d. 1595 Februari 27 (zie nr. 566), en er onder is een derde, d.d. 1595 Maart 17 (zie nr. 596), geschreven.
568  Vóór 1595 Maart 17
Tresoriers der stad Arnemuyden zullen vanwege burgemeesters, schepenen en raden 1595 Maart 17 andermaal openbaar besteden zekere delving buiten de stad aan de oostzijde, ten laste van eenige aannemers, die dezelve in verscheiden partijen Februari 27 laatstleden hebben aangenomen (zie nr. 565), doch in gebreke zijn gebleven de voorwaarden te volbrengen.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 173).
569  1595 Maart 17
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden zijn met Jan Pieters zoon van Middelburch, als aannemer van de eerste besteding, Adriaen Jacobs zoon Schootman van Sandijck, als aannemer van de zevende besteding, en Lenaert Vriese, als aannemer van de vijfde, besteding (zie nr. 566) opnieuw overeengekomen en hebben op de voorgaande conditiën opnieuw aanbesteed aan Jan Pieters zoon de eerste en tweede bestedingen voor 23 pond gr. Vls. de roe, aan Adriaen Jacobs zoon Schootman van Sandijck de derde en vierde bestedingen voor 23 pond gr. Vls. de roe, en aan Lenaert de Vriese de vijfde en zesde besteding voor 20 pond gr. Vls. de roe, "welverstaende de streckende roede, van elcke van de zes roeden, van elcke bestedinghe".
Oorspr. op papier (Inv. nr. 173).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Boven deze akte zijn twee andere, d.d. 1595 Februari 27 (zie nr. 566), d.d. 1595 Maart 9 (zie nr. 567), geschreven.
570  1595 April 5
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyde besluiten, dat zij, die van henlieden en anderen van de stad tot onderteekening van schuldbekentenissen voor nog op te nemen gelden verzocht zullen worden, gehouden zullen zijn zulks te doen, en beloven deze en alle onderteekenaars van obligatiën betreffende vroeger ten behoeve van de stad geleende penningen schadeloos te zullen houden, waartoe zij alle accijnzen, imposten en domeinen van de stad verbinden en de hier met namen genoemde burgemeesters, schepenen en raden benevens baljuw en secretaris der stad deze ordonnantie in het register ten Rade hebben geteekend.
Afschriftvan eene kopie in Inv. nr. 80, onder nr. 19.
571  1595 April 11
Maurice de Nassau, geboren prins van Oraengien, schrijft aan Symon Rombouts zoon, baljuw van Arnemuyden, dat hij de nominatie van zekere personen van den magistraat der stad ontvangen heeft, om daaruit een tot burgemeester en drie tot schepenen voor dit loopende jaar te kiezen, en raadzaam bevonden heeft Bouwen Jans zoon tot burgemeester en Steven de Ruijter, Hartman Michiels zoon en Jan de Leeu tot schepenen te kiezen, met last den voorschreven personen den eed af te nemen en in hunne bedieningen te stellen. Afschrift in Inv. nr. 141.
572  1595 Mei 2
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, bevonden hebbende, dat de burgerwacht, die nu alleen des nachts gehouden moet worden, maar niet gehouden wordt, geven, om hierin te voorzien, voorloopig eene desbetreffende ordonnantie.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 201).-Ongeteekend.-Boven deze ordonnantie is eene andere, d.d. 1594 October 22 (zie nr. 558) en er onder is eene derde, d.d. 1595 November 10 (zie nr. 578), geschreven.
573  1595 Mei 6
Met kennis van den baljuw, een burgemeester, schepenen en raden (der stad Arnemuiden) is Jan Willems zoon de Roo, timmerman te Middelburch, op de hierboven geschreven voorwaarden aannemer gebleven van het maken eener nieuwe sluis, met bijlevering van de daartoe dienende materialen, voor de som van 233 pond gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 173).-Geteekend door den aannemer en Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
574  1595 Juni 7
Jacop Pieters zoon, bezemmaker, en consorten zijn op de hierboven geschreven voorwaarden aannemers gebleven van de door tresoriers en secretaris van wege burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden gedane besteding van den houwer achter de nieuwe haven tot vanging van het water, waarmede de nieuwe haven door de nieuwe sluis geschuurd zal worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 173).-Geteekend door den aannemer.
575  Vóór 1595 Augustus 9
Deken en beleders van het schippersgilde te Arnemuyden verzoeken burgemeesters, schepenen en raden dier stad den overdeken van het gilde te willen bevelen bij de verkiezing van een deken tegenwoordig te zijn, of het gilde een anderen overdeken tot afdoening van zaken te geven, hetgeen de tegenwoordige door ouderdom als anderszins niet kan doen, eenige personen uit den magistraat te committeeren om met het gilde van Middelburch in onderhandeling te komen, en te willen beschikken op hun over eenige maanden ingediend rekest.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1595 Augustus 9 (zie nr. 576), geschreven.
576  1595 Augustus 9
Wet en Raad (der stad Arnemuiden), beschikkende op het rekest van deken en beleders van het schippersgilde aldaar, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 575), committeeren den burgemeester Claes Zael den ouden om in de plaats van den tegenwoordigen overdeken bij de verkiezing van een nieuwen deken present te zijn, en zullen spoedig in het verzoek van een nieuwen overdeken voorzien; committeeren Hartman Michiels zoon Coster, schepen, Claes Aelbrechts zoon, raad, en den secretaris om in geschrift te stellen de punten, waarop met het schippersgilde van Middelburch op het onderhouden van de goede orde in het doen van de jaarlijksche rekeningen van beide gilden zou kunnen worden getreden; en committeeren dezelfde personen om met de verzoekers op de vele artikelen van hun (vorig) rekest in gemeenschap te komen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274). Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
577  1595 November 10
Wet en Raad der stad Arnemuijden gelasten opnieuw (zie nr. 546), dat de eigenaars van ledige erven, gelegen tusschen de keten en de stad, buitensdijks, gedagvaard zullen worden om binnen den tijd van veertien dagen, na 1595 November 13, dezelve te aanvaarden en te verzekeren.
Uittreksel uit het register van resolutiën van Wet en Raad (Inv. nr. 106).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Boven dit uittreksel is een ander, d.d. 1593 October 19 (zie nr. 546) en er onder zijn vier andere, d.d. 1596 Januari 2 (zie nr. 579), d.d. 1598 Februari 21 (zie nr. 609), d.d. 1598 Maart 21 (zie nr. 611), d.d. 1598 October 3 (zie nr. 615), geschreven.
578  1595 November 10
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnernuyden, bevonden hebbende, dat, niettegenstaande de burgers en inwoners van de dagwacht ontslagen zijn, de nachtwacht niet behoorlijk gehouden wordt, geven om hierin te voorzien eene desbetreffende ordonnantie.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 201).-Ongeteekend.-Boven deze ordonnantie zijn twee andere, d.d. 1594 October 22 (zie nr. 558), d.d. 1595 Mei 2 (zie nr. 572), geschreven.
579  1596 Januari 2
Wet en Raad der stad Arnemuijden besluiten in zake het onderhoud van de ledige erven, gelegen tusschen de keten en de stad, buitensdijks, tot executie van de voorgaande resolutiën (zie nrs. 546, 577), dat de voorschreven erven in het openbaar verkocht zullen worden, dat de kaarten daarvan drie weken zullen uitstaan, en dat tegen den dag der verkooping alle te bereiken eigenaars gewaarschuwd zullen worden.
Uittreksel uit het register van resolutiën van Wet en Raad (Inv. nr. 106).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Boven dit uittreksel zijn twee andere, d.d. 1593 October 19 (zie nr. 546), d.d. 1595 November 10 (zie nr. 577), en er onder zijn drie andere, d.d. 1598 Februari 21 (zie nr. 609), d.d. 1598 Maart 21 (zie nr. 611) en d.d. 1598 October 3 (zie nr. 615), geschreven.
580  1596 Januari 20
In tegenwoordigheid van baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnernuyden is Margriete Lucas' dochter, weduwe van Hubrecht Willems zoon, bakker, op de hierboven geschreven voorwaarden van 1591 voor den tijd van een jaar, ingaande 1596 Februari 1, pachteres gebleven van de vischbanken en den afslag van visch, voor de som van 2 pond 10 schellingen gr.
581  1596 Januari 31
Burgemeesters, schepenen en raden (der stad Arnemuiden) staan aan deken en beleders van het schippersgilde aldaar toe het reeds bestaande gebruik om van alle schepen, hier geladen en varende naar Antwerpen, Mechelen, Brussel, Ghendt en andere steden van den vijand, 20 schellingen te ontvangen, de helft voor de armen en de andere helft voor het gilde.
Uittreksel uit zekere ordonnantie voor het schippersgilde (zie nr. 517) (Inv. nr. 274).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
582  1596 Maart 15
De Gecommitteerde Raden van Zeelant machtigen den magistraat van Arnemuyden om het aldaar vóór het hoofd van Bergen gezonken schip ten laste van dat schip met want te doen opvletten, met toezegging van vergoeding der meerdere kosten, die gemaakt moeten worden, en indien te Arnmuyden voor dit werk geene bekwame schepen zullen zijn te bekomen, dat die dan op dubbel daggeld met belofte van vergoeding voor mogelijke schade mogen gehuurd worden, zoo noodig bij arrest van de officieren der plaatsen of den waterbaljuw op stroom, waar zij bevonden zullen worden.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 272).-Geteekend door Christoffel Roëls (pensionaris der Staten van Zeeland).
583  1596 April 3,
Maurice de Nassau, geboren prins van Oraengien, schrijft aan Symon Rombouts zoon, baljuw der stad Arnemuyden, dat hij de nominatie van zekere personen van burgemeesters, schepenen en raden, mitsgaders notabele officieren en burgers der stad ontvangen heeft, om daaruit in plaats van den afgaanden burgemeester Claes Zael en vier schepenen andere personen te kiezen, en gelast Claes Aelbrechts in plaats van den afgaanden burgemeester, en Adriaen Cornelis' zoon den jongen, Adriaen Soeteman van Hamerstede, Willem Pieters zoon en Pieter Aelbrechts zoon van de Graft in plaats van de vier afgaande schepenen te stellen, hun den eed af te nemen en in dienst te stellen om de politie en justitie in de voorschreven stad naar echt en gewoonte te administreren.
Afschrift in Inv. Nr. 141.
584  1596 April 4
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden, gelet hebbende op het rekest van Pieter Meerts zoon, grootschipper van Memelick, verklaren, dat zij den verzoeker wegens het verlaten van zijn schip en de aanvaarding daarvan door Gecommitteerde Baden van Zeelant om ten laste van het schip en verder tot dien van den Lande ,,opgevloijt" (gelicht) te worden, niet kunnen helpen en ongehouden te zijn aan hem of iemand anders verantwoording van gelden te doen; na gedaan overleg met en ontvangen machtiging van de voorschreven Raden verklaren zij niettemin de rekening van het lichten van het voorschreven schip onderzocht en gesloten te hebben ter som van 174 pond 9 schellingen 9 grooten Vls., waarvoor den verzoeker optie gegeven wordt voor den tijd van 12 dagen het schip te aanvaarden of te verlaten.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 272).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
585  1596 Mei 4
In tegenwoordigheid van burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden en ten overstaan van den waterbaljuw is Jan de Leeu op de hierboven geschreven voorwaarden kooper gebleven van het hulkschip, toebehoord hebbende aan Pieter Maerts zoon, grootschipper van Memelick (zie nrs. 582, 584), voor de som van 195 pond gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 272).-Geteekend door den kooper en Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
586  Vóór 1596 Juli 17
De goedwillige burgers, wier handteekeningen hieronder zijn gesteld, geven aan burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden te kennen om welke reden het in 1579 opgerichte vendel is komen te vervallen, behoudens eenige goedwilligen, die de exercitie met de handboog gedaan hebben; en verzoeken voor zich zelven en voor anderen machtiging tot het oprichten eener schutterij, met exercitiën in de handboog, de voetboog en de bossche, in ééne confrèrie, benevens toestemming om alle goederen, de drie schutterijen voor de troebelen toebehoord hebbende, te mogen aanvaarden. Oorspr. op papier (Inv. nr. 211).
587  1596 Juli 17
Wet en Raad der stad Arnemuijden, beschikkende op het rekest van eenige goedwillige burgers (zie nrs. 586), stemmen toe in de oprichting van ééne gemeene schutterij onder eene daarvoor te maken ordonnantie en onder de regeering van deken en beleders en een boekhouder, waarna de nog bestaande hoven van de voetboog, handboog en kolveniers aan de voornoemde schutterij in eigendom zullen overgaan, behoudende de stad echter daarover het gezag, terwijl ten aanzien van huis en erven van de handbogen, van stadswege verhuurd of gebruikt, door Wet en Raad naar rede beschikt zal worden.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 211).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
b. Afschrift in Inv. nr. 212.
588  Vóór 1596 Augustus 15
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden schrijven aan zijne Excellentie over den slechten toestand van de fortificatie der stad, waarvoor zij tot nog toe weinig of geen hulp van de Staten gekregen hebben, dat zij daarin door metselwerk eene duurzame verbetering willen brengen, maar dat de middelen der stad klein en haar oude schulden vele zijn, zoodat hulp noodig is en zij de aanbeveling daarvoor van zijne Excellentie verzoeken.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 187).-Aan dit stuk zijn twee andere, d.d. 1596 Augustus 15 (zie nr. 589) en d.d. 1597 Januari 15 (zie nr. 594), gehecht.
589  1596 Augustus 15
Maurice de Nassau, geboren prins van Oraengien, zendt het rekest van burgemeesters, schepenen en raad van Arnemuyden, waaraan dit schrijven gehecht is (zie nr. 588), aan de Staten van [Zeeland] of hunne Gecommitteerde Raden, beveelt de daarin behandelde zaak ernstig aan en verzoekt de middelen te verschaffen aan den magistraat van Arnemuyden om de fortificatie met kracht ter hand te kunnen nemen.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 187).-Geteekend door den Prins.-Aan dit stuk zijn twee andere, d.d. vóór 1596 Augustus 15 (zie nr. 588), d.d. 1597 Januari 15 (zie nr. 594), gehecht.
b. Afschrift (Inv. nr. 187).
590  Vóór 1596 December 6
Deken en beleders van het schippersgilde te Arnemuyden geven aan burgemeesters, schepenen en raden dier stad te kennen, dat niettegenstaande zij alle moeiten doen om het gilde volgens de gegeven ordonnantiën te regeeren en vrede en vriendschap tusschen de gildebroeders te onderhouden, dagelijks groote quaestiën onder de schepen en schuiten, die op veertijden varen, door onder kruiping voorkomen, en verzoeken eene ordonnantie betreffende de verdeeling van schepen en schuiten, en de vrachten van vreemde kooplieden, die onder de keten en stadsjurisdictie wit en grof zout en andere goederen komen laden, zooals hierbij nader is beschreven.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1596 December 6 (zie nr. 591), geschreven. Aan dit stuk is een ander, d.d. 1597 Maart 15 (zie nr. 595), gehecht.
591  1596 December 6
Wet en Raad der stad Arnemuyden, beschikkende op het rekest van deken en beleders van het schippersgilde aldaar, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 590), committeeren de beide burgemeesters en den secretaris om met de verzoekers in overleg te treden en hun zekere middelen tot verbetering van het loopende veer voor te dragen om van den uitslag daarvan rapport te doen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Geteekend door Bartholotneus Cannoye (secretaris der stad).
592  (c. 1596.)
Burgemeesters en regeerders der stad Arnemuyden schrijven aan "Eerweirdige heeren", daarbij dankende voor de onlangs gehouden visitatie en voor de betoonde genegenheid tot verbetering van de fortificatie der stad, die in een staat moge gebracht worden, tegen alle invallen van den vijand bestand; melden, dat de wallen met de palissadeering daarvóór aan de waterzijde van den eenen zeedijk tot den anderen bij meting 250 roeden lang zijn bevonden; geven eene raming van de kosten van herstel van de palissaden en van de ophaling der wallen om de aandacht te vestigen op de hooge kosten dezer werken, die nochtans niet afdoende of duurzaam zullen zijn; en melden dat zij in plaats daarvan steenen muren noodig achten, waarvan mede de raming gedaan wordt.
Ongeteekende en ongedateerde minute op papier (Inv. nr. 187).
593  1597 Januari 3
Deken en beleders van het schippersgilde te Arnemuijden eener- en Huijbrecht van Aecken van Antwerpen anderzijds zijn ter voldoening aan het verlangen van laatstgenoemde om op Arnemuyden en Middelburch handel te drijven en om van alle moeiten en misverstanden bevrijd te zijn, overeengekomen over het verschuldigde, dat wegens lossen en laden te Arnemuyden of in de jurisdictie van de stad betaald moet worden.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 282).
594  1597 Januari 15
De Staten van Zeelant, beschikkende op het verzoek van die van Arnemuijden, waaraan dit extract gehecht is (zie nrs. 588, 589), zullen aan gedeputeerden (van de stad) doen aanzeggen, dat zij nog een weinig geduld tot betere gelegenheid moeten hebben, vermits het land met andere zware fortificatiën, die niet uitgesteld kunnen worden, belast is, en dat met behoorlijke equipage ter zee in dit jaar zorg zal worden gedragen, dat zij niet in gevaar van den vijand komen.
Extract uit de notulen van de Staten van Zeeland (Inv. nr. 187).-Geteekend door Christoffel Roëls (pensionaris van de Staten van Zeeland).
595  1597 Maart 15
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, nader beschikkende op het rekest van deken en beleders van het schippersgilde aldaar, d.d. 1596 December (zie nrs. 590, 591), geven eene ordonnantie tot goede orde en voordeel van de gildebroeders, betreffende de vrachten van wit zout onder de keten en van vreemde kooplieden; het vletten van grof zout onder de keten; en het veer van Arnemuyden op Dort en omgekeerd.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
596  1597 April 13
De notaris Jaecques Wisse te Arnemuden instrumenteert, dat Claes Pieterssen Heer, poorter van die stad, verklaard heeft, dat hij zijn huis en hofstede, gelegen in de Langestraat aldaar, genaamd den Roden Leu, in Juli laatstleden aan Jan Adriaenssen van der Bije, burgemeester der voorschreven stad, voor 2650 Carolusguldens verkocht heeft, en hij, notaris, geeft hierbij een relaas van een geschil, dat naar aanleiding van het niet nakomen van eene der koopconditiën ontstaan is, waaruit onder anderen blijkt, dat deze goederen ten behoeve van de gemeene schutterij gekocht zijn.
Oorspr. (Inv. nr. 213).-Met de signatuur van den notaris Jaecqus Wisse.
597  1597 April 28
Maurice de Nassau, geboren prins van Oraengien, schrijft aan Symon Rombouts zoon Oorspronck, baljuw der stad Arnemuyden, dat hij de nominatie van zekere personen, door burgemeesters, schepenen en raden, mitsgaders notabele officieren en burgers der stad toegezonden, gezien en raadzaam gevonden heeft Johan Spierinck tot burgemeester en Pieter Symons zoon, Govaert Henricxs zoon en Johan Bollaert tot schepenen te kiezen, die deze officiën naast de aanblijvende burgemeester en schepenen voor dit jaar zullen bedienen, met last hun den eed af te nemen en in dienst te stellen.
Afschriftin Inv. nr. 141.
598  1597 Mei 2
Na voorgaande resolutiën betreffende het maken van metselwerk, eene nieuwe poort en den muur in de fortificatie der stad, volgens plan van den ingeniaire Ryswyck, en aangaande het doen eener leening bij de burgers van de stad tot bestrijding der kosten, volgens eene voorloopige quotisatie, tot herziening in handen gesteld eener commissie, houden Wet en Raad der stad Arnemuyden de quotisatie thans voor gearresteerd en gelasten, dat de collecte daarvan door de tresoriers op de hierbij beschreven wijze gedaan zal worden, o.a. met aanzegging aan een ieder, dat deze leening slechts voor een jaar is zonder interest, en indien daarna de stad tot terugbetaling niet in staat is, over verderen tijd rente betaald zal worden overeenkomstig een hier nader beschreven plan van loting; voorts is besloten, dat tresoriers aan iedereen eene door hen en den secretaris geteekende obligatie op de stadsmiddelen zullen geven, gelastende ten slotte, dat terstond na het door den ingeniaire op het stellen van de poort te nemen besluit, deze poort en ander metselwerk zoodra mogelijk volgens te maken bestek en voorwaarden aanbesteed zullen worden.
a. Uittreksel uit het register van resolutiën van Wet en Raad (Inv. nr. 188).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
N.B. Hierbij eene memorie van de door de burgerij op te brengen sommen (quotisatie) en eene andere van de ontvangen sommen, benevens eene door tresoriers en secretaris geteekende obligatie ten name van Claes Jans zoon in de Drie Haringhen.
b. Concept-resolutie (Inv. nr. 188).
599  1597 Mei 17
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden hebben de hieronder geschreven artikelen ontworpen en na bewilliging van deken en beleders van het schippers-gilde gearresteerd om onderhouden te worden tot herstel van het veer van Arnemuyden op Dordrecht en omgekeerd.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 270).
600  1597 Juni 21
Claes Pieter Heer eener- en Jan Adriaenssen zoon van der Bye andererzijds; de voorschreven van der Bye eener- en Claes Zael de jonge als deken en Jan Bollaert als beleder van de drie schutterijen andererzijds, zijn door burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden tot elkander en aan goede mannen verwezen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 213.-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
601  1597 Juli 12
Burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden geven eene verklaring betreffende den wachtdienst van hen, die in 's lands dienst zijn en telkens thuis komende langs de straten of onder de keten willen werken, en van burgers en arbeiders, die door de pannering aangenomen zijn om des nachts bij de zoutketen wacht te houden.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 201).-Ongeteekend.
b. Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 201).
602  1597 September 2
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, trachtende de burgerwacht, die door verschillende omstandigheden gaandeweg tot verval is gekomen, hetgeen vooral in de tegenwoordige omstandigheden niet langer geduld kan worden, weder in orde te brengen, vernieuwen en vermeerderen de vroeger dienaangaande gegeven ordonnantiën.
a. Oorspr. op papier (Inv. 201).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
N.B. Gepubliceerd 1597 September 6.
b. Afschrift (Inv. nr. 201).
603  1597 September 20
Burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden doen uitspraak in de zaak tusschen deken en beleders van het schippersgilde aldaar, eischers, en Joris Brechts zoon, schipper, verweerder, veroordeelen laatstgenoemde in twee boeten van 2 pond gr. Vls. en 30 schellingen, benevens in de kosten, met verbod het voorschreven gilde gedurende zes weken te gebruiken in afwachting dat hij zijn voorgenomen reis op Antwerpen gedaan zal hebben.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Onder dit vonnis is eene andere akte, d.d. 1598 Januari 27 (zie nr. 608), geschreven.
604  1597 . . . 17
Baljuw, burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden gelasten, naar aanleiding van de verovering der stad en het kasteel van Linghen, alle inwoners der stad God daarvoor en voor alle voorgaande victoriën te danken en te bidden voor verderen zegen, tot welk einde predicatie en dankzegging in de kerk gedaan zal worden; en ter voorkoming van ongeregeldheden stellen zij de hierbij nader beschreven verordeningen vast.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 111).
605  Vóór 1598 Januari 13
Deken en beleders van de gemeene schutterij der stad verzoeken aan burgemeesters, schepenen en raden van Arnemuijden ter bestrijding van gemaakte onkosten wegens aankoop van het huis, genaamd den Rooden Leeu, aan de voetboog en kloveniershoven gelegen: 1. het huis en hof van de handboog ten behoeve van de voorschreven schutterij te mogen ontvangen en verkoopen; 2. den erfpachtsbrief van 25 schellingen 's jaars betreffende een gedeelte van het handbogenhof aan hen te willen doen afgeven; 3. de goederen van de schutterijen te mogen verpanden; 4. hulp bij het in orde brengen van de voetboog en kloveniershoven; en 5. evenals die van de confrèrie van rethorica aandeel in de rantsoenpenningen van de verpachting der domeinen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 213).-Onder dit rekest is de beschikking, d.d. 1598 Januari 13 (zie nr. 606), geschreven.
b. Concept (Inv. nr. 213).
606  1598 Januari 13
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, beschikkende op het rekest van deken en beleders van de gemeene schutterij aldaar (zie nr. 605), committeeren den baljuw Symon Rombouts zoon, den burgemeester Jan Spierincs zoon, beide den tresoriers en den secretaris om het erf van het handbogenhof op te meten, voorlloopig eene straat te rooien en te zien hoeveel grond voor timmering aan wederzijde nog zou overschieten; bewilligen in den afstand van den erfpachtsbrief van 25 schellingen 's jaars en machtigen de verzoekers de goederen van schutterij te verbinden tot zekerheidsstelling van degenen, die zich reeds ten behoeve van de schutterij in het particulier verbonden hebben, houdende het verdere verzoek tot beteren tijd in state.
Oorspr. (Inv. nr. 213).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
607  1598 Januari 24
In tegenwoordigheid van burgemeesters en schepenen der stad Arnemuijden is Aert Aelbrechts zoon Ketelaer op de hierboven geschreven voorwaarden van 1591 voor den tijd van een jaar, ingaande 1598 Februari 1, pachter gebleven van de vischbanken en den afslag van visch, voor de som van 2 pond 17 schellingen gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend door den pachter.-Boven deze akte zijn zes andere, d.d. 1591 Januari 22 (zie nr. 502), d.d. 1592 Januari 25 (zie nr. 519), d.d. 1593 Januari 23 (zie nr. 526), d.d. 1595 (lees: 1594) Januari 25 (zie nr. 5419), d.d. 1595 Januari 21 (zie nr. 564), d.d. 1596 Januari 20 (zie nr. 580), geschreven.
608  1598 Januari 27
De vierschaar der stad Arnemuyden verklaart, dat Joris Brechts zoon deken en beleders van het schippersgilde balling is om het gewijsde, waaronder deze geschreven is (zie nr. 603), te voldoen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Met het opgedrukte zegel ten zaken der stad op papier in groene was.
609  1598 Februari 21
Wet en Raad der stad Arnemuyden, gezien de genomen resolutiën betreffende de ledige erven, gelegen tusschen de keten en de stad, buitensdijks (zie nrs. 546, 577-579) en overwegende, dat de daarbij genomen maatregelen zonder gevolg zijn gebleven en het verlies van grond nog grooter is geworden, gelasten, dat alle eigenaars persoonlijk voor zooverre zij bereikbaar zijn, en bij uitstelling van biljetten nog eenmaal gewaarschuwd zullen worden tot aanvaarding en verzekering hunner voorschreven erven vóór half Maart eerstkomende, op straffe van verkoop.
Uittreksel uit het register van resolutiën van Wet en Raad (Inv. nr. 106).-Geteekead door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Boven dit uittreksel zijn drie andere, d.d. 1598 October 19 (zie nr. 546), d.d. 1595 November 10 (zie nr. 577), d.d. 1596 Januari 2 (zie nr. 579) en er onder zijn twee andere, d.d. 1598 Maart 21 (zie nr. 611), d.d. 1598 October 3 (rie nr. 615), geschreven.
610  1596 tusschen Februari 21 en Maart 16
Overeenkomstig de resolutie van burgemeesters, schepe nen en raden der stad Arnemuijden, d.d. 1596 Februari 21 (zie nr. 609), en andere te voren genomen resolutiën (zie nrs. 546, 577, 579), worden hierbij de eigenaars van ledige erven, gelegen buiten de stad aan de westzijde tusschen de keten en de stad, buitensdijks, gedagvaard met aanzegging om vóór half Maart eerstkomende die erven alsnog te aanvaarden en aanvullen en verzekeren ter voorkoming van verdere afspoeling, op straffe van gerechtelijken verkoop.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 106).
611  1598 Maart 21
Wet en Raad der stad Arnemuijden, gezien de vroeger genomen resolutiën betreffende de ledige erven, gelegen tusschen de keten en de stad, buitensdijks, in het bijzonder de resolutie, d.d. 1598 Februari 21 (zie nr. 609), en het rapport van den stadsbode, besluiten, dat de voorschreven erven, waarvan de eigenaars in gebreke van aanvaarding en verzekering bleven, April 15 eerstkomende openbaar zullen worden verkocht.
Uittreksel uit het register van resolutiën van Wet en Raad (Inv. nr. 106).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Boven dit uittreksel zijn vier andere, d.d. 1593 October 19 (zie nr. 546), d.d. 1505 November 10 (zie nr. 577), d.d. 1596 Januari 2 (zie nr. 579), d.d. 1598 Februari 21 (zie nr. 609), en er onder is een ander, d.d. 1598 October 3 (zie nr. 615), geschreven.
612  1598 April 2
Maurice de Nassau, geboren prins van Oraengien, schrijft aan Symon Rombouts zoon, baljuw der stad Arnemuyden, dat hij de nominatie voor de verkiezing van burgemeester en schepenen, hem door den magistraat der stad toegezonden, gezien heeft en goedgevonden voor het loopende jaar te verkiezen de personen, wier namen in een bij dezen brief gevoegd biljet zijn vermeld, te weten tot burgemeesters Jan Spierinck, aanblij venden burgemeester, Jan Adriaens zoon van der Bye, nieuw gekozen burgemeester; tot schepenen: Claes Zael den ouden, Steven de Ruyter, Pieter Cornelis'zoon Bonte, Pieter Symons zoon, Govert Heyndricx zoon, Jan Bollaert, Bouwen Jans zoon, met last hun den eed af te nemen en in hunne officiën te stellen.
Afschriftin Inv. nr. 141.
613  1598 Mei 2
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden hebben besloten, dat degenen, die poorters-nering doen en geen poorters zijn, dit moeten worden, en dat dekens en beleders van alle gilden voortaan niemand zullen mogen aannemen dan hen, van wie bij akte van den secretaris gebleken is, dat zij poorters zijn, en committeeren twee der oudste schepenen om de namen van de gildebroeders door dekens te doen overbrengen en deze met het poortersboek te vergelijken.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 233).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).
614  1598 Mei 6
Philips (koning van Spanje) staat met toestemming van zijn zoon, den prins Philippe, de Nederlanden en Bourgoigne aan zijne dochter, de infante Isabel Clara Eugema, af.
Afschriftin de Fransche taal (Inv. nr. 96).
615  1598 October 3
Wet en Raad der stad Arnemuijden hebben betreffende de voorwaarden, waarop de erven, gelegen bij de keten buitensdijks, aanstaande "Dysendaghe" verkocht zullen worden, besloten zulks te doen op rente ten profijte van degenen, die bevonden zullen worden daarin gerechtigd te zijn, en voorts op zulke conditiën als daartoe dienstig zullen wezen.
Uittreksel uit het register can resolutiën van Wet en Raad (Inv. nr. 106).-Geteekend door Bartholomeus Cannoye (secretaris der stad).-Boven dit uittreksel zijn vijf andere, d.d. 1593 October 19 (zie nr. 546), d.d. 1595 November 10 (zie nr. 577), d.d. 15(96 Januari 2 (zie nr. 579), d.d. 1598 Februari 21 (zie nr. 609) en d.d. 1698 Maart 21 (zie nr. 611), geschreven.
616  1598 October 3
Wet en Raad der stad (Arnemuiden) besluiten, dat, indien Cornelis Gerrits zoon de Leeu verdere moeite door de tollenaars te Schoonhoven wordt aangedaan, hij ter bewaring van de rechten der stad geholpen zal worden, en hem voorloopig en onder protest zal laten betalen, doch terstond in proces zal gaan, wordende den secretaris gelast den voornoemden Cornelis Gerrits zoon terug te geven, hetgene hem door de tollenaars is afgenomen.
Uittreksel uit het register van resolutiën van Wet en Raad (Inv. nr. 1081). Geteekend door Pieter Cannoye (secretaris der stad).
617  Vóór 1599 Januari 20
De gemeene panlieden van Zeelant en Bergen op ten Soom verzoeken burgemeesters, schepenen en raad der stad Middelburch eenige personen uit het college van die stad te willen committeeren om met eenige gecommitteerden van hunne zijde tot herstel van bestaande fouten bij het meten van zout eene nieuwe ordonnantie in geschrift te stellen.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 261).-Geteekend door een gemachtigde uit iedere stad.-Op den kant van dit rekest is de beschikking, d.d. 1590 Januari 20 (zie nr. 618), geschreven.
618  1599 Januari 20
Jacob de Weert, schepen, en Niclaes Bouwessen, raad, zijn door Wet en Raad van de stad Middelburch gecommitteerd "ten fyne", verzocht bij rekest van de gemeene panlieden van Zeelant en Bergen op ten Soom, op den kant waarvan deze geschreven is (zie nr. 617).
Oorspr. op papier (Inv. nr. 261).-Geteekend door Johan Houck (secretaris van Middelburg).
619  1599 Januari 23
In tegenwoordigheid van baljuw, burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden) is Aert Aelbrechts zoon Ketelaer op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1599 Februaril, pachter gebleven van de vischbanken, voor de som van 4 pond 1 sch. gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend door den pachter.
620  1599 Maart 27
De Gecommitteerden van de drie steden Middelburch, Vlissinghen en Veren oorkonden, dat zij krachtens de autorisatie van de Staten van Zeellant volgens het plakkaat van den dubbelen honderdsten penning, d.d. 1598 Augustus 7, de huizen van de parochiën Nyeuwerkercke en Mortiere op eene som van 11 pond 12 schellingen 6 grooten gequotiseerd hebben.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 722).-Geteekend door Johan Houck, Adriaen Oillarts, Pieter Reijgersberg.
621  1599 April 3
Maurice de Nassau, geboren prins van Oraingien, schrijft aan Symon Rombouts zoon, baljuw der stad Arnemuyden, dat hem bij brieven van burgermeesters, schepenen en raden mitsgaders notabele officieren en burgers der stad de nominatie van een dubbel getal personen is toegezonden om daaruit door hem tot burgemeester en schepenen te worden gekozen degenen, die met de aanblijvende burgemeester en schepenen dit jaar den magistraat der stad zouden vertegenwoordigen, benevens nog een ander tot schepen in de plaats van den overleden Bouwen Jans zoon, en dat zijne Excellentie daaruit gekozen heeft tot burgemeester Nicolaes Zael den ouden, tot schepenen Merten Adriaens zoon, Jan de Leeu, Jan van Gelder, Hartman Michiels zoon Coster, den laatsten in de plaats van den tot burgemeester gekozen Nicolaes Zael, en Wouter Nachtegael, welke laatste twee slechts een jaar zullen dienen, met last om den gekozenen den eed af te nemen en in hunne officiën te stellen en zijne Excellentie van het verrichte te verwittigen.
Afschriftin Inv. nr. 141.
622  1599 April 3
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden gelasten naar aanleiding eener ordonnantie van de Staten-Generaal en de schriftelijke bevelen van Gecommitteerde Raden van Zeellant, toekomenden Woensdag den 7den dezer vasten- en biddag te houden, met verbod op dien dag handwerk te doen, winkels te openen en drinkgelagen te houden.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 111).
623  1599 April 10
De notaris Johan Henricx zoon, vanwege overdeken, deken en beleders van het schippers- en schuitliedengilde der stad Middelburch, zegt bij insinuatie te Arnemuyden aan deken van het ballastersgilde en, bij afwezigheid van den deken van het schippersgilde, aan Aert Dignus als beleder van dat gilde aldaar, de overeenkomst, gesloten tusschen de voorschreven schuitlieden van Middelburch en de ballasters van Armuyden, en gepasseerd voor den notaris Franchois Valerius, d.d. 1581 April 7 (zie nr. 248), op.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 244).-Met de signatuur van den notaris Johan Henricx zoon.
624  1599 Mei 22
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, om te voorzien in de verslapping van de nachtwacht, gelasten de desbetreffende ordonnantie stipt te onderhouden en interpreteeren en vermeerderen de artikelen 2 en 5 daarvan, zooals hierbij geschreven staat.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 201).-Ongeteekend.
625  1599 Mei 26
De notaris Cornelis Mathijssen, resideerende binnen de stad Aernemuijden, instrumenteert ten verzoeke van deken en beleders van het schippersgilde aldaar de voor hem afgelegde verklaringen betreffende het lossen en laden van ballast, onder anderen "aen geen syde van de Middelbur(ch)sche haeven", wat hun vanwege den waterbaljuw verboden is.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 274).-Met de signatuur van den notaris Cornelis Mathijssen.
626  1599 Juni 17
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Vlissingen beloven, dat alle burgers der stad Arnemuijden, die te Vlissingen mochten worden gearresteerd, op het eerste verzoek uit arrest ontslagen en naar hunne competente rechters verwezen zullen worden, omdat de magistraat van Arnemuijden aan die van Vlissingen eene dergelijke akte gezonden heeft.
a. Oorspr. op papier (Inv. nr. 1076).-Geteekend door D. Oillarts.
b. Afschrift in Inv. nr. 79, onder nr. 14.
N.B. Hierbij afschrift eener begeleidende missive, d.d. 1599 Juni 22.
c. Afschrift in Inv. nr. 80 onder nr. 14.
627  1599 Augustus 21
Burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden gelasten, naar aanleiding eener ordonnantie van de Staten-Generaal en de schriftelijke bevelen van Gecommitteerde Raden van Zeellant, toekomenden Woensdag vasten- en biddag te houden, met verbod op dien dag handwerk te doen, winkels te openen en drankgelagen te houden.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 111).
628  1600 Januari 4
Ter voorkoming van zwarigheden bij het ballasten van schepen tusschen de schuitlieden of ballasters van Middelburch en de ballasters van Arnemuyden zijn de respectieve dekens en beleders ten overstaan van hunne overdekens voorloopig voor den tijd van een jaar overeengekomen zooals hieronder geschreven staat. Ongeteekend concept (Inv. nr. 244).
629  1600 Januari 22
In tegenwoordigheid van burgemeesters en schepenen (der stad Arnemuiden) is Hans Gozes'zoon op de hierboven geschreven voorwaarden voor den tijd van een jaar, ingaande 1600 Februari 1, pachter gebleven van den afslag van visch, voor de som van 4 pond 15 schellingen gr. Vls.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend door den pachter.-Onder deze akte is eene andere, d.d. 1660 Februari 2 (zie nr. 630), geschreven.
630  1600 Februari 2
Symon Rombouts zoon, baljuw der stad (Arnemuidea) stelt zich voor schepenen (dier stad) borg voor de betaling ieder kwartaal van een vierde der pachtsom, die Hans Goris'zoon als pachter van de vischbanken verschuldigd is.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 844).-Geteekend door Pieter Cannoye (secretaris der stad).-Boven deze akte is eene andere, d.d. 1600 Januari 22 (zie nr. 629), geschreven.
631  1600 Maart 30
Maurice de Nassau, geboren prins van Oraingiën, schrijft aan Symon Rombouts zoon, baljuw der stad Arnemuyden, dat hem bij brieven van burgemeesters, schepenen en raden, mitsgaders de notabele officieren en burgers der stad de nominatie van een dubbel getal personen is toegezonden om daaruit door hem tot burgemeester en schepenen te worden gekozen, degenen, die met de aanblijvende burgemeester en schepenen dit jaar den magistraat der stad zouden vertegenwoordigen, en dat zijne Excellentie in plaats van de afgaande magistraten gekozen heeft tot burgemeester Hartman Michielsen Coster, en tot schepenen Adriaen Cornelis'zoon den jongen, Pieter Sytnons zoon, Pieter Aelberts zoon van der Graft en Cornelis Wielandt, met last hun den eed af te nemen en in hunne officiën te stellen, en zijne Excellentie van het verrichte te verwittigen. Afschrift in Inv. nr. 141.
632  1600 Juni 18
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden, ter voldoening aan een van Gecommiteerde Raden van Zeellant ontvangen last, verwittigen alle inwoners der stad, dat de passage te water, tegenwoordig gesloten zijnde, gesloten zal blijven tot 21 dezer, als wanneer de arresten afgedaan zullen worden en een ieder het vrij zal staan vivres en andere behoeften te vervoeren naar het leger.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 111).-Op de tweede bladzijde van dit stuk is eene andere publicatie, d.d. 1601 Juli 20, geschreven.
633  1600 Juli 4
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden gelasten naar aanleiding eener ordonnantie van de Staten-Generaal der Vereenigde Nederlanden en de schriftelijke bevelen van de Gecommitteerde Raden van Zeellant, morgen den vijfden dezer biddag te houden, met verbod op dien dag handwerk te doen, winkels te openen, drinkgelagen te houden en ongeregeldheden op straat en in huis te plegen.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 111).-Op de tweede en derde bladzijden van dit stuk zijn twee andere publicatiën, d.d. 1003 Augustus 9, 1604 April 24, geschreven.
634  1600 October 10
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuijden gelasten de deelneming aan de burgerwacht van de scheeps- en schuitlieden en geven orders omtrent den dienst van de huurlingen bij die wacht.
Ongeteekende minute op papier (Inv. nr. 111).
635  Vóór of op 1600 December 5
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuyden geven eene ordonnantie op den verkoop en het gebruik van vleesch, tevens instructie voor den keurmeester, en committeeren als zoodanig Heyndrick Adriaens zoon, beenhakker.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 108.-Ongeteeekend.-Onder deze ordonnantie is eene akte, d.d. 1600 December 5 (zie nr. 636), geschreven.
636  1600 December 5
In tegenwoordigheid van burgemeesters en schepenen der stad Arnemuyden heeft Heyndrick Adriaens zoon, burger der stad, den eed als keurmeester gedaan.
Oorspr. op papier (Inv. nr. 108).-Geteekend door Pieter Cannoye (secretaris der stad).-Boven deze akte is eene ordonnantie (zie nr. 635) geschreven.
637  (C. 1600.)
Baljuw, burgemeesters, schepenen en raden der stad Arnemuiden) geven eene ordonnantie voor het bakkersgilde betreffende het gewicht van het brood.
Afschrift in Inv. nr. 234, onder nr. 17.
 
 
 
 
 
1200   Stad en Gemeente Arnemuiden 1431-1857
In deze concordantie wordt verwezen van het oude inventarisnummer uit de inventaris van 1925 naar het nieuwe inventarisnummer uit de inventaris van 1996. Sommige stukken uit de oude inventaris waren in de loop der tijd overgebracht naar andere archieven, sommige zijn bij de bewerking in 1996 alsnog vernietigd. Dit is aangegeven met de volgende afkortingen:
> RAZE: Overgebracht naar Rechterlijke Archieven Zeeuwse Eilanden (RAZE)
> V: Vernietigd
1925-1996 > 1996-heden
1 > 1417
2 > 1418
3 > 1075
3 > 1076
3 > 1077
4 > 1118
5 > -
6 > 1080
6 > 1081
7 > 1014
8 > 695
9 > 1013
10 > 1196
11 > 1397
12 > 1398
13 > 1082
14 > 1031
15 > 682
16 > 1
17 > 13
18 > 14
19 > 15
20 > 16
21 > 17
22 > 18
23 > 19
24 > 20
25 > 21
26 > 22
27 > 23
28 > 24
29 > 25
30 > 26
31 > 27
32 > 28
33 > 29
34 > 30
35 > 31
36 > 32
37 > 33
38 > 34
39 > 35
40 > 36
41 > 37
42 > 38
43 > 1443
44 > 645
45 > 4
45a > 12
46 > 1424
47 > 646
48 > 9
49 > 62
50 > 63
51 > 51
52 > 52
53 > 54
54 > 55
55 > 56
56 > 57
57 > 58
58 > 59
59 > 60
60 > 53
61 > 64
62 > 65
63 > 61
64 > 66
65 > 67
66 > 68
67 > 69
68 > 70
69 > 71
70 > 72
71 > 73
72 > 74
73 > 75
74 > 76
75 > 172
76 > 143
77 > 39
78 > 6
79 > 2
79a > 10
80 > 3
81 > 11
82 > 1429
82 > 1419
82 > 1420
83 > 1441
84 > 177
85 > 963
86 > 647
87 > 1362
88 > 56
89 > 1084
90 > 1613
91 > 1121
91 > 1444
91 > 1594
91 > 1611
92 > 1445
93 > 1614
94 > 1615
95 > 1616
96 > 1617
97 > 1608
98 > 8
99 > 165
100 > 174
101 > 161
102 > 162
103 > 162
104 > 162
105 > 162
106 > 162
107 > 162
108 > 162
109 > 691
110 > 685
110 > 690
111 > 163
112 > 164
113 > 162
114 > RAZE
115 > RAZE
116 > RAZE
117 > RAZE
118 > RAZE
119 > RAZE
120 > RAZE
121 > RAZE
122 > RAZE
123 > RAZE
124 > RAZE
125 > RAZE
126 > RAZE
127 > RAZE
128 > RAZE
129 > RAZE
130 > RAZE
131 > RAZE
132 > RAZE
133 > RAZE
134 > RAZE
135 > RAZE
136 > RAZE
137 > RAZE
138 > RAZE
139 > 655
140 > 659
141 > 660
142 > 661
143 > 662
144 > 663
145 > 664
146 > 665
147 > 666
148 > 667
149 > 668
150 > 669
151 > 670
152 > 671
153 > 677
154 > 672
155 > 680
156 > 683
157 > 676
158 > 684
159 > 687
160 > 678
161 > 686
162 > 692
163 > 688
164 > 689
165 > 679
166 > 656
167 > 1937
168 > 959
169 > 958
169a > 1612
169b > 1610
170 > 1603
171 > 1593
172 > 162
173 > 964
174 > 962
175 > 969
175a > 1607
176 > 967
177 > 968
178 > 971
179 > 965
180 > 966
181a > 966
181b > 995
181c > 994
182 > 992
183 > 960
184 > 961
185 > 181
186 > 1359
187 > 1363
188 > 1365
189 > 1366
190 > 1358
191 > 1357
192 > 1361
193 > 1364
194 > 1360
195 > 1368
196 > 1369
197 > 1370
198 > 1373
199 > 1374
200 > 1371
201 > 1399
202 > 1401
203 > 1402
204 > 1410
205 > 1407
206 > 1408
207 > 201
208 > 1403
209 > 196
210 > 1400
211 > 1404
212 > 1405
213 > 1406
214 > 1384
215 > 1385
216 > 1386
217 > 881
218 > 882
219 > 883
220 > 884
221 > 1002
222 > 998
223 > 999
224 > 1003
225 > 1095
226 > 1094
227 > 1609
228 > 1017
229 = 235 > 1021
230 > 1015
231 > 1096
232 > 1133
233 > 1020
234 > 1019
235 > 1021
236 > 1024
237 > 1022
237 > 1023
237 > 1027
238 > 1025
239 > 1026
240 > 1028
241 > 1029
242 > 1028
243 > 1032
244 > 1030
244 > 1033
245 > 1034
246 > 1073
247 > 1073
248 > 1035
249 > 1037
250 > 1036
251 > 1083
251 > 1085
251 > 1088
252 > 1086
253 > 1087
254 > 1016
255 > 1089
256 > 1090
257 > 1091
258 > 1092
259 > 1039
260 > 1038
261 > 1040
261 > 1041
262 > 1042
262 > 1043
262 > 1044
262 > 1045
262 > 1048
263 > 1046
264 > 1047
265 > 1053
265 > 1068
266 > 1067
267 > 1054
268 > 1058
269 > 1367
270 > 988
271 > 989
272 > 990
273 > 1375
274 > 1052
274 > 1057
274 > 1064
274 > 1066
274 > 1069
274 > 1071
275 > 1062
276 > 1054
277 > 1059
278 > 1056
279 > 1060
280 > 1061
281 > 1063
282 > 1065
283 > 1055
284 > 1072
285 > 1070
286 > 1057
287 > 1049
288 > 51
289 > 1050
290 > 1051
291 > 1074
292 > 1355
293 > 1353
294 > 328
295 > 329
296 > 330
297 > 332
298 > 333
299 > 334
300 > 335
301 > 336
302 > 337
303 > 338
304 > 339
305 > 340
306 > 341
307 > 342
308 > 343
309 > 344
310 > 345
311 > 346
312 > 347
313 > 348
314 > 349
315 > 350
316 > 351
317 > 352
318 > 353
319 > 354
320 > 355
321 > 356
322 > 357
323 > 358
324 > 359
325 > 360
326 > 361
327 > 362
328 > 363
329 > 364
330 > 365
331 > 366
332 > 367
333 > 368
334 > 369
335 > 370
336 > 371
337 > 372
338 > 373
339 > 374
340 > 374
341 > 375
342 > 376
343 > 377
344 > 378
345 > 379
346 > 380
347 > 381
348 > 382
349 > 383
350 > 384
351 > 385
352 > 386
353 > 387
354 > 388
355 > 389
356 > 390
357 > 391
358 > 392
359 > 393
360 > 394
361 > 395
362 > 396
363 > 397
364 > 398
365 > 399
366 > 400
367 > 401
368 > 402
369 > 403
370 > 404
371 > 405
372 > 406
373 > 407
374 > 408
375 > 409
376 > 410
377 > 411
378 > 412
379 > 413
380 > 414
381 > 415
382 > 416
383 > 417
384 > 418
385 > 419
386 > 420
387 > 421
388 > 422
389 > 423
390 > 424
391 > 425
392 > 426
393 > 427
394 > 428
395 > 429
396 > 430
397 > 431
398 > 432
399 > 433
400 > 434
401 > 435
402 > 436
403 > 437
404 > 438
405 > 439
406 > 440
407 > 441
408 > 442
409 > 443
410 > 444
411 > 445
412 > 446
413 > 447
414 > 448
415 > 449
416 > 450
417 > 451
418 > 452
419 > 453
420 > 454
421 > 455
422 > 456
423 > 457
424 > 458
425 > 459
426 > 460
427 > 461
428 > 462
429 > 463
430 > 464
431 > 465
432 > 466
433 > 467
434 > 468
435 > 469
436 > 470
437 > 471
438 > 472
439 > 473
440 > 474
441 > 475
442 > 476
443 > 477
444 > 478
445 > 479
446 > 480
447 > 481
448 > 482
449 > 483
450 > 484
451 > 485
452 > 486
453 > 487
454 > 488
455 > 489
456 > 490
457 > 491
458 > 492
459 > 493
460 > 494
461 > 495
462 > 496
463 > 497
464 > 498
465 > 599
466 > 500
467 > 501
468 > 502
469 > 503
470 > 504
471 > 505
472 > 506
473 > 507
474 > 508
475 > 509
476 > 510
477 > 511
478 > 512
479 > 513
480 > 514
481 > 515
482 > 516
483 > 517
484 > 518
485 > 519
486 > 520
487 > 521
488 > 522
489 > 523
490 > 524
491 > 525
492 > 526
493 > 527
494 > 528
495 > 529
496 > 530
497 > 531
498 > 331
499 > -
500 > 577
501 > 578
502 > 579
503 > 580
504 > 581
505 > 582
506 > 583
507 > 584
508 > 585
509 > 586
510 > 587
511 > 588
512 > 589
513 > 590
514 > 591
515 > 592
516 > 593
517 > 594
518 > 595
519 > 596
520 > 597
521 > 598
522 > 599
523 > 600
524 > 601
525 > 602
526 > 603
527 > 604
528 > 605
529 > 606
530 > 607
531 > 608
532 > 609
533 > 610
534 > 611
535 > 648
536 > 651
537 > 650
538 > 222
539 > 222
540 > 224
541 > 649
542 > 183
543 > 184
544 > 203
544 > 1409
545 > 204
546 > 205
547 > 206
548 > 209
549 > 200
550 > 199
551 > 208
552 > 207
553 > 179
554 > 180
555 > 210
556 > 182
557 > 970
558 > 186
559 > 187
560 > 188
561 > 189
562 > 190
563 > 191
564 > 202
565 > 194
566 > 192
567 > 1206
568 > 1428
569 > 1437
570 > 219
570 > 220
571 > 1587
572 > 1447
572 > 1448
572 > 1583
572 > 1586
572 > 1588
572 > 1589
573 > 1590
574 > 1591
575 > 1595
575 > 1596
576 > 1449
577 > 1598
578 > 1599
579 > 1600
580 > 1601
581 > 1602
582 > 1093
582 > 1604
582 > 1605
582 > 1606
583 > 1597
584 > 1446
585 > 718
586 > 715
587 > 763
588 > 764
589 > 716
590 > 717
591 > 871
592 > 1471
593 > 1472
594 > 1473
595 > 1474
596 > 1475
597 > 1476
598 > 1477
599 > 1478
600 > 1479
601 > 1480
602 > 1481
603 > 1482
604 > 1483
605 > 1484
606 > 1485
607 > 1486
608 > 1487
609 > 1488
610 > 1489
611 > 1490
612 > 1491
613 > 1492
614 > 1493
615 > 1494
616 > 1495
617 > 1496
618 > 1497
619 > 1498
620 > 1499
621 > 1500
622 > 1501
623 > 1502
624 > 1503
625 > 1504
626 > 1505
627 > 1506
628 > 1507
629 > 1508
630 > 1509
631 > 1510
632 > 1511
633 > 1512
634 > 1513
635 > 1514
636 > 1515
637 > 1516
638 > 1517
639 > 1518
640 > 1519
641 > 1520
642 > 1521
643 > 1522
644 > 1523
645 > 1524
646 > 1525
647 > 1526
648 > 1527
649 > 1528
650 > 1529
651 > 1530
652 > 1531
653 > 1532
654 > 1533
655 > 1534
656 > 1535
657 > 1536
658 > 1537
659 > 1538
660 > 1539
661 > 1540
662 > 1541
663 > 1542
664 > 1543
665 > 1544
666 > 1545
667 > 1546
668 > 1547
669 > 1548
670 > 1549
671 > 1550
672 > 1551
673 > 1552
674 > 1553
675 > 1554
676 > 1555
677 > 1556
678 > 1557
679 > 1558
680 > 1559
681 > 1560
682 > 1561
683 > 1562
684 > 1563
685 > 1564
686 > 1565
687 > 1566
688 > 1567
689 > 1568
690 > 1569
691 > 1570
692 > 1571
693 > 1572
694 > 1573
695 > 1574
696 > 1575
697 > 1576
698 > 1577
699 > 1578
700 > 1579
701 > 1580
701a > 1581
701a > 1584
702 > 1451
703 > 1452
704 > 1453
705 > 1454
706 > 1455
707 > 1456
708 > 1457
709 > 1458
710 > 1459
711 > 1460
712 > 1461
713 > 1462
714 > 1463
715 > 1464
716 > 1465
717 > 1466
718 > 1467
719 > 1468
720 > 1469
721 > 1470
722 > 1582
722 > 1585
723 > 1450
724 > 767
725 > 768
726 > 769
727 > 770
728 > 771
729 > 771
730 > 772
731 > 773
732 > 774
733 > 775
734 > 776
735 > 777
736 > 778
737 > 779
738 > 780
739 > 781
740 > 782
741 > 783
742 > 784
743 > 785
744 > 786
745 > 787
746 > 788
747 > 789
748 > 790
749 > 791
750 > 792
751 > 793
752 > 794
753 > 795
754 > 796
755 > 797
756 > 798
757 > 799
758 > 800
759 > 801
760 > 802
761 > 803
762 > 804
763 > 805
764 > 806
765 > 807
766 > 808
767 > 809
768 > 810
769 > 811
770 > 812
771 > 813
772 > 814
773 > 815
774 > 816
775 > 817
776 > 818
777 > 819
778 > 820
779 > 821
780 > 822
781 > 823
782 > 824
783 > 825
784 > 826
785 > 827
786 > 828
787 > 829
788 > 830
789 > 831
790 > 832
791 > 833
792 > 834
793 > 835
794 > 836
795 > 837
796 > 838
797 > 839
798 > 840
799 > 841
800 > 842
801 > 843
802 > 844
803 > 845
804 > 846
805 > 847
806 > 848
807 > 849
808 > 850
809 > 851
810 > 852
811 > 853
812 > 854
813 > 855
814 > 856
815 > 857
816 > 858
817 > 859
818 > 860
819 > 861
820 > 862
821 > 863
822 > 864
823 > 865
824 > 866
825 > 867
826 > 868
827 > 869
828 > 870
829 > 1592
830 > 876
831 > 875
832 > 873
833 > 874
834 > 877
835 > 878
836 > 879
837 > 753
838 > 754
839 > 755
840 > 756
841 > 758
842 > 759
843 > 757
844 > 719
845 > 1100
846 > 1101
847 > 1102
848 > 1103
849 > 1104
850 > 1105
851 > 1106
852 > 1107
853 > 1108
854 > 1109
855 > 1110
856 > -
857 > 1111
858 > 1112
859 > 1113
860 > 1114
861 > 1115
862 > 1116
863 > 265
864 > 266
865 > 267
866 > 268
867 > 269
868 > 270
869 > 225
870 > 1004
871 > 226
872 > 1208
873 > 1209
874 = 301 > 336
875 = 302 > 337
876 = 303 > 338
877 = 304 > 339
878 > 1210
879 = 306 > 341
880 = 307 > 342
881 = 308 > 343
882 = 309 > 344
883 = 310 > 345
884 = 311 > 346
885 = 312 > 347
886 = 313 > 348
887 > 1279
888 > 1280
889 > 1281
890 > 1282
891 > 1283
892 > 1284
893 > 1285
894 > 1286
895 > 1287
896 > 1288
897 > 1289
898 > 1290
899 > 1291
900 > 1292
901 > 1293
902 > 1294
903 > 1295
904 > 1296
905 > 1297
906 > 1298
907 > 1299
908 > 1300
909 > 1301
910 > 1302
911 > 1303
912 > 1304
913 > 1305
914 > 1306
915 > 1307
916 > 1308
917 > 1309
918 > 1310
919 > 1311
920 > 1312
921 > 1313
922 > 1314
923 > 1315
924 > 1316
925 > 1317
926 > 1318
927 > 1319
928 > 1320
929 > 1321
930 > 1322
931 > 1323
932 > 1324
933 > 1325
934 > 1326
935 > 1327
936 > 1328
937 > 1329
938 > 1330
939 > 1331
940 > 1332
941 > 1333
942 > 1334
943 > 1335
944 > 1336
945 > 1337
946 > 1338
947 > 1339
948 > 1207
949 > 1197
950 > 1198
951 > 1203
952 > 1204
953 > 1217
954 > 1218
955 > 1219
956 > 1220
957 > 1221
958 > 1222
959 > 1223
960 > 1224
961 > 1225
962 > 1226
963 > 1227
964 > 1228
965 > 1229
966 > 1230
967 > 1231
968 > 1232
969 > 1233
970 > 1234
971 > 1235
972 > 1236
973 > 1237
974 > 1238
975 > 1239
976 > 1240
977 > 1241
978 > 1242
979 > 1243
980 > 1244
981 > 1245
982 > 1246
983 > 1247
984 > 1248
985 > 1249
986 > 1250
987 > 1251
988 > 1252
989 > 1253
990 > 1254
991 > 1255
992 > 1256
993 > 1257
994 > 1258
995 > 1259
996 > 1260
997 > 1261
998 > 1262
999 > 1263
1000 > 1264
1001 > 1265
1002 > 1266
1003 > 1267
1004 > 1268
1005 > 1269
1006 > 1270
1007 > 1271
1008 > 1272
1009 > 1273
1010 > 1274
1011 > 1275
1012 > 1276
1013 > 1277
1014 > 1211
1014 > 1215
1015 > 1216
1015 > 1340
1015 > 1343
1015 > 1346
1016 > 1214
1017 > 1213
1018 > 1278
1019 > 1341
1019 > 1342
1020 > 1344
1021 > 1212
1022 > 1345
1023 > 1047
1024 > 1348
1025 > 1349
1026 > 1350
1027 > 1139
1028 > 1139
1029 > 1140
1030 > 1144
1031 > 1144
1032 > 1145
1033 > 1045
1034 > 1146
1035 > 1146
1036 > 1147
1037 > 1147
1038 > 1148
1039 > 1149
1040 > 1150
1041 > 1151
1042 > 1142
1043 > 1126
1044 > 1202
1045 > 1134
1046 > 1128
1047 > 1127
1048 > 1141
1048 > 1143
1049 > 1199
1050 > 1130
1051 > 1200
1052 > 1201
1053 > 1132
1054 > 1431
1055 > 1380
1056 > 1372
1057 > 1377
1058 > 1378
1059 > 1381
1059 > 1411
1060 > 1425
1060 > 1427
1061 > 1422
1062 > 7
1063 > 1439
1064 > 1432
1065 > 1434
1066 > 1433
1067 > 1435
1068 > 1436
1069 > 178
1070 > 1376
1071 > 1438
1072 > 1129
1073 > 1440
1074 > 1442
1075 > 1702
1076 > 1430
1077 > 1379
1078 > 1123
1079 > 991
1080 > 1426
1081 > 1119
1082 > 171
1083 > 1932
1084 > 193
1085 > 193
1086 > 1929
1087 > 1930
1088 > 1935
1089 > 1936
1090 > 1938
1091 > 1939
1092 > 1931
1093 > 1933
1094 > 1934
1095 > 1940
1096 > 173
1097 > 947
1098 > 40
1099 > 41
1100 > 42
1101 > 43
1102 > 44
1103 = 32 > 28
1104 > 45
1105 > 77
1106 > 78
1107 > 79
1108 > 80
1109 > 81
1110 > 82
1111 > 83
1112 > 84
1113 > 85
1114 > 86
1115 > 87
1116 > 88
1117 > 89
1118 > 90
1119 > 91
1120 > 92
1121 > 93
1122 > 94
1123 > 95
1124 > 96
1125 > 97
1126 > 98
1127 > 46
1128 > 47
1129 > 48
1130 > 49
1131 > 99
1132 > 100
1133 > 101
1134 > 102
1135 > 103
1136 > 104
1137 > 105
1138 > 106
1139 > 107
1140 > 108
1141 > 109
1142 > 110
1143 > 111
1144 > 112
1145 > 113
1146 > 114
1147 > 115
1148 > 116
1149 > 117
1150 > 118
1151 > 119
1152 > 120
1153 > 121
1154 > 122
1155 > 123
1156 > 124
1157 > 125
1158 > 126
1159 > 127
1160 > 128
1161 > 129
1162 > 130
1163 > 131
1164 > 132
1165 > 133
1166 > 134
1167 > 135
1168 > 100
1168 > 101
1168 > 104
1169 > 957
1170 > V (Staatsblad)
1171 > V (Staatsblad)
1172 > V (Staatsblad)
1173 > V (Staatsblad)
1174 > V (Staatsblad)
1175 > V (Staatsblad)
1176 > V (Staatsblad)
1177 > V (Staatsblad)
1178 > V (Staatsblad)
1179 > V (Staatsblad)
1180 > V (Staatsblad)
1181 > V (Staatsblad)
1182 > V (Staatsblad)
1183 > V (Staatsblad)
1184 > V (Staatsblad)
1185 > V (Staatsblad)
1186 > V (Staatsblad)
1187 > V (Staatsblad)
1188 > V (Staatsblad)
1189 > V (Staatsblad)
1190 > V (Staatsblad)
1191 > V (Staatsblad)
1192 > V (Staatsblad)
1193 > V (Staatsblad)
1194 > V (Staatsblad)
1195 > V (Staatsblad)
1196 > V (Staatsblad)
1197 > V (Staatsblad)
1198 > V (Staatsblad)
1199 >
1201 > V (Staatsblad)
1202 > V (Staatsblad)
1203 > V (Staatsblad)
1204 > V (Staatsblad)
1205 > V (Staatsblad)
1206 > V (Staatsblad)
1207 > V (Staatsblad)
1208 > V (Staatsblad)
1209 > V (Staatsblad)
1210 > V (Staatsblad)
1211 > V (Staatsblad)
1212 > V (Staatsblad)
1213 > V (Staatsblad)
1214 > V (Provinciaal Blad)
1215 > V (Provinciaal Blad)
1216 > V (Provinciaal Blad)
1217 > V (Provinciaal Blad)
1218 > V (Provinciaal Blad)
1219 > V (Provinciaal Blad)
1220 > V (Provinciaal Blad)
1221 > V (Provinciaal Blad)
1222 > V (Provinciaal Blad)
1223 > V (Provinciaal Blad)
1224 > V (Provinciaal Blad)
1225 > V (Provinciaal Blad)
1226 > V (Provinciaal Blad)
1227 > V (Provinciaal Blad)
1228 > V (Provinciaal Blad)
1229 > V (Provinciaal Blad)
1230 > V (Provinciaal Blad)
1231 > V (Provinciaal Blad)
1232 > V (Provinciaal Blad)
1233 > V (Provinciaal Blad)
1234 > V (Provinciaal Blad)
1235 > V (Provinciaal Blad)
1236 > V (Provinciaal Blad)
1237 > V (Provinciaal Blad)
1238 > V (Provinciaal Blad)
1239 > V (Provinciaal Blad)
1240 > V (Provinciaal Blad)
1241 > V (Provinciaal Blad)
1242 > V (Provinciaal Blad)
1243 > V (Provinciaal Blad)
1244 > V (Provinciaal Blad)
1245 > V (Provinciaal Blad)
1246 > 86
1246 > 87
1246 > 88
1246 > 89
1247 > 136
1248 > 137
1249 > 138
1250 > 138
1251 > 140
1252 > 141
1253 > 148
1254 > 149
1255 > 150
1256 > 151
1257 > 152
1258 > 153
1259 > 154
1260 > 155
1261 > 156
1262 > 157
1263 > 158
1264 > 159
1265 > 144
1266 > 145
1267 > 146
1268 > 147
1269 > 160
1270 > 766
1271 > 1138
1271a > 697
1271b > 227
1271c > 929
1271d > 930
1271f > 1011
1271h > 1618
1271k > 228
1272a > 221
1272a > 264
1272a > 1135
1272a > 1351
1272b > 216
1272c > 228
1273 = 99 > 165
1274 > 176
1275 > 880
1276 > 166
1277 > 167
1278 > 168
1279 > 170
1280 > 169
1281 > 693
1281 > 944
1281 > 1010
1281 > 1122
1282 = 137 > RAZE / VG Veere ?
1283 > 1136
1284 > 1131
1285 > 1137
1286 > 175
1287 > 673
1287 > 674
1287 > 675
1288 > 953
1288 > 954
1288 > 955
1288 > 956
1289 > 658
1290 > 657
1291 > 698
1292 > 701
1293 > Kadastrale leggers
1294 > Kadastrale leggers
1295 > Kadastrale leggers
1296 > Kadastrale leggers
1297 > Kadastrale leggers
1298 > 185
1299 > 1387
1300 > 1412
1301 > 1413
1302 > 1414
1303 > 1416
1304 > 1415
1305 > 88
1306 > 1388
1307 > 1389
1308 > 1390
1308 > 1391
1308 > 1392
1308 > 1393
1308 > 1394
1309 > 910
1310 > 909
1311 > 911
1312 > 913
1313 > 912
1314 > 914
1315 > 915
1316 > 916
1317 > 917
1318 > 918
1319 > 919
1320 > 922
1321 > 923
1322 > 924
1323 > 925
1324 > 933
1325 > 920
1326 > 921
1327 > 926
1328 > 927
1329 > 934
1330 > 952
1331 > 950
1332 > 951
1333 > 931
1334 > 932
1335 > 885
1336 > 886
1337 > 887
1338 > 888
1339 > 889
1340 > 890
1341 > 891
1342 > 892
1343 > 893
1344 > 894
1345 > 895
1346 > 896
1347 > 897
1348 > 898
1349 > 899
1350 > 900
1351 > 901
1352 > 902
1353 > 903
1354 > 904
1355 > 905
1356 > 906
1357 > 907
1358 > 908
1359 > 928
1360 > 1018
1361 > 972
1362 = 238 > 1025
1363 > 1097
1363 > 1098
1363 > 1099
1364 > 1007
1365 > 1008
1366 > 1012
1367 > 229
1368 > 230
1369 > 231
1370 > 232
1371 > 233
1372 > 234
1373 > 235
1374 > 236
------ > 237 (begroting 1826)
1375 > 238
1376 > 239
1377 > 240
1378 > 241
1379 > 242
1380 > 243
1381 > 244
1382 > 245
1383 > 246
1384 > 247
1385 > 248
1386 > 249
1387 > 250
1388 > 251
1389 > 252
1390 > 256
1391 > 257
1392 > 258
1393 > 259
1394 > 260
1395 > 261
1396 = 1157 > 125
1397 > 262
1398 = 1158 > 126
1399 = 1159 > 127
1400 = 1160 > 128
1401 > -
1402 > -
1403 > 235
1404 > 236
1405 > 244
1406 > 245
1407 > 246
1408 > 247
1409 > 248
1410 > 249
1411 > 250
1412 > 251
1413 > 252
1414 > 253
1415 > 254
1416 > 255
1417 > 263
1418 > 532
1419 > 533
1420 > 534
1421 > 535
1422 > 536
1423 > 537
1424 > 538
1425 > 539
1426 > 540
1427 > 541
1428 > 542
1429 > 543
1430 > 544
1431 > 545
1432 > 546
1433 > 547
1434 > 548
1435 > 549
1436 > 550
1437 > 551
1438 > 552
1439 > 553
1440 > 554
1441 > 555
1442 > 556
1443 > 557
1444 > 558
1445 > 559
1446 > 560
1447 > 561
1448 > 562
1449 > 563
1450 > 564
1451 > 565
1452 > 566
1453 > 567
1454 > 568
1455 > 569
1456 = 1155 > 123
1457 = 1156 > 124
1458 = 1157 > 125
1459 = 1158 > 126
1460 = 1159 > 127
1461 = 1160 > 128
1462 = 1161 > 129
1463 = 1163 > 131
1464 = 1165 > 133
1465 > 644
1466 > 612
1467 > 613
1468 > 614
1469 > 615
1470 > 616
1471 > 617
1472 > 618
1473 > 619
1474 > 620
1475 > 621
1476 > 622
1477 > 623
1478 > 624
1479 > 625
1480 > 626
1481 > 627
1482 > 628
1483 > 629
1484 > 630
1485 > 631
1486 > 632
1487 > 633
1488 > 634
1489 > 635
1490 > 636
1491 > 637
1492 > 638
1493 > 639
1494 > 640
1495 > 641
1496 > 642
1497 > 643
1498 > 532
1499 > 533
1500 > 534
1501 > 556
1502 > 557
1503 > 558
1504 > 559
1505 > 560
1506 > 561
1507 > 562
1508 > 563
1509 > 564
1510 > 565
1511 > 566
1512 > 567
1513 > 568
1514 > 569
1515 > 570
1516 > 571
1517 > 572
1518 > 573
1519 > 574
1520 > 575
1521 > 576
1522 > 652
1523 > 653
1523 > 654
1524 > 212
1525 > 213
1526 > 215
1527 > 1195
1528 > 211
1529 > 996
1529 > 997
1530 > 945
1531 > 214
1532 > 197
1532 > 198
1532 > 1704
1533 > 681
1534 > 694
1535 > 696
1536 > 699
1537 > 700
1538 > 700
1539 > 702
1540 > 84
1541 > 872
1542 > 703
1543 > 704
1544 > 705
1545 > 706
1546 > 707
1547 > 708
1548 > 709
1549 > 710
1550 > 711
1551 > 712
1552 > 713
1553 > 714
1554 > 1009
1555 > 720
1556 > 721
1557 > 722
1558 > 723
1559 > 724
1560 > 725
1561 > 726
1562 > 727
1563 > 728
1564 > 729
1565 > 730
1566 > 731
1567 > 732
1568 > 733
1569 > 734
1570 > 735
1571 > 736
1572 > 737
1573 > 738
1574 > 739
1575 > 740
1576 > 741
1577 > 742
1578 > 743
1579 > 744
1580 > 745
1581 > 746
1582 > 747
1583 > 748
1584 > 749
1585 > 750
1586 > 751
1587 > 761
1588 > 762
1589 > 752
1590 > 760
1591 > 305
1592 > 306
1593 > 307
1594 > 308
1595 > 309
1596 > 310
1597 > 311
1598 > 312
1599 > 313
1600 > 314
1601 > 315
1602 > 316
1603 > 317
1604 > 288
1605 > 289
1606 > 290
1607 > 291
1608 > 292
1609 > 293
1610 > 294
1611 > 295
1612 = 1611 > 295
1613 = 1611 > 295
1614 = 1611 > 295
1615 = 1611 > 295
1616 > 296
1617 = 1616 > 296
1618 = 1616 > 296
1619 > 297
1620 = 1619 > 297
1621 = 1619 > 297
1622 = 1619 > 297
1623 > 298
1624 > 299
1625 > 300
1626 > 301
1627 > 302
1628 > 303
1629 > 304
1630 > 287
1631 > 271
1632 > 272
1633 > 273
1634 > 273
1635 > 274
1636 > 275
1637 > 276
1638 > 277
1639 > 278
1640 > 279
1641 > 280
1642 > 281
1643 > 282
1644 > 283
1645 = 1644 > 283
1646 > 284
1647 > 285
1648 > 286
1649 > 319
1650 > 320
1651 > 321
1652 > 322
1653 > 323
1654 > 324
1655 > 325
1656 > 326
1657 > 327
1658 > 1395
1659 > 1396
1660 > 1205
1661 > 1352
1662 > 1174
1663 > 1175
1664 > 1176
1665 > 1177
1666 > 1178
1667 > 1179
1668 > 1180
1669 > 1181
1670 > 1182
1671 > 1183
1672 > 1184
1673 > 1185
1674 > 1186
1675 > 1187
1676 > 1188
1677 > 1189
1678 > 1190
1679 > 1191
1679a = 1150 > 118
1680 > 1192
1681 > 1193
1682 > 1194
1683 = 1156 > 124
1684 = 1158 > 125
1685 = 1159 > 127
1686 = 1160 > 128
1687 = 1161 > 129
1688 = 1163 > 131
1689 > 1152
1690 > 1153
1691 > 1154
1692 > 1155
1693 > 1156
1694 > 1157
1695 > 1158
1696 > 1159
1697 > 1160
1698 > 1161
1699 > 1162
1700 > 1163
1701 > 1164
1702 > 1165
1703 > 1166
1704 > 1167
1705 > 1168
1706 > 1169
1707 > 1170
1708 > 1171
1709 > 1172
1710 > 1173
1711 = 1155 > 123
1712 = 1156 > 124
1713 = 1157 > 125
1714 = 1158 > 126
1715 = 1159 > 127
1716 = 1160 > 128
1717 = 1161 > 129
1718 = 1163 > 131
1719 = 1165 > 133
1720 > 946
1721 > 948
1722 > 949
1723 > 935
1724 > 936
1724 > 937
1724 > 938
1725 > 939
1726 > 940
1727 > 941
1728 > 942
1729 > 974
1729 > 975
1729 > 976
1729 > 977
1729 > 981
1729 > 982
1729 > 983
1729 > 984
1729 > 986
1729 > 987
1730 > 978
1731 > 979
1732 > 980
1733 > 1382
1734 > 1120
1735 > 1383
1736 > 1124
1737 > 1125
1738 > RAZE
1739 > RAZE
1740 > RAZE
1741 > RAZE
1742 > RAZE
1743 > 1907
1744 > 1917
1745 > 1921
1746 > 1853
1746a > 1918
1747 > 1619
1748 > 1620
1749 > 1621
1750 > 1622
1751 > 1623
1752 > 1624
1753 > 1629
1754 > 1630
1755 > 1631
1756 > 1632
1757 > 1633
1758 > 1634
1759 > 1635
1760 > 1636
1761 > 1637
1762 > 1638
1763 > 1639
1764 > 1640
1765 > 1641
1766 > 1642
1767 > 1643
1768 > 1644
1769 > 1625
1770 > 1626
1771 > 1627
1772 > 1628
1773 > 1645
1774 > 1646
1775 > 1647
1776 > 1648
1777 > 1649
1778 > 1650
1779 > 1651
1780 > 1652
1781 > 1653
1782 > 1654
1783 > 1655
1784 > 1656
1785 > 1657
1786 > 1658
1787 > 1659
1788 > 1660
1789 > 1661
1790 > 1662
1791 > 1663
1792 > 1664
1793 > 1665
1794 > 1666
1795 > 1667
1796 > 1668
1797 > 1669
1798 >
1801 > 1673
1802 > 1674
1803 > 1675
1804 > 1676
1805 > 1677
1806 > 1678
1807 > 1679
1808 > 1680
1809 > V (Staatsblad)
1810 > V (Staatsblad)
1811 > V (Staatsblad)
1812 > V (Staatsblad)
1813 > V (Staatsblad)
1814 > V (Staatsblad)
1815 > V (Staatsblad)
1816 > V (Staatsblad)
1817 > V (Staatsblad)
1818 > V (Staatsblad)
1819 > V (Staatsblad)
1820 > V (Staatsblad)
1821 > V (Staatsblad)
1822 > V (Staatsblad)
1823 > V (Staatsblad)
1824 > V (Staatsblad)
1825 > V (Staatsblad)
1826 > V (Staatsblad)
1827 > V (Staatsblad)
1828 > V (Staatsblad)
1829 > V (Staatsblad)
1830 > V (Staatsblad)
1831 > V (Staatsblad)
1832 > V (Staatsblad)
1833 > V (Staatsblad)
1834 > V (Staatsblad)
1835 > V (Staatsblad)
1836 > V (Staatsblad)
1837 > V (Staatsblad)
1838 > V (Staatsblad)
1839 > V (Staatsblad)
1840 > V (Provinciaal Blad)
1841 > V (Provinciaal Blad)
1842 > V (Provinciaal Blad)
1843 > V (Provinciaal Blad)
1844 > V (Provinciaal Blad)
1845 > V (Provinciaal Blad)
1846 > V (Provinciaal Blad)
1847 > V (Provinciaal Blad)
1848 > V (Provinciaal Blad)
1849 > V (Provinciaal Blad)
1850 > V (Provinciaal Blad)
1851 > V (Provinciaal Blad)
1852 > V (Provinciaal Blad)
1853 > V (Provinciaal Blad)
1854 > V (Provinciaal Blad)
1855 > V (Provinciaal Blad)
1856 > V (Provinciaal Blad)
1857 > V (Provinciaal Blad)
1858 > V (Provinciaal Blad)
1859 > V (Provinciaal Blad)
1860 > V (Provinciaal Blad)
1861 > V (Provinciaal Blad)
1862 > V (Provinciaal Blad)
1863 > V (Provinciaal Blad)
1864 > V (Provinciaal Blad)
1865 > V (Provinciaal Blad)
1866 > V (Provinciaal Blad)
1867 > V (Provinciaal Blad)
1868 > V (Provinciaal Blad)
1869 > V (Provinciaal Blad)
1870 > V (Provinciaal Blad)
1871 > V (Provinciaal Blad)
1872 > 1685
1873 > 1686
1874 > 1687
1875 > 1688
1876 > 1689
1877 > 1690
1878 > 1691
1879 > 1692
1880 > 1693
1881 > 1694
1882 > 1681
1883 > 1682
1884 > 1683
1885 > 1684
1886 > 1695
1887 > 1699
1888 > 1701
1889 > 1871
1890 > 1872
1891 > 1700
1892 > 1696
1893 > 1697
1894 > 1698
1895 > 1920
1896 > 1915
1897 > 1916
1898 > 1852
1899 > Registers van Eigendomsveranderingen
1900 > Registers van Eigendomsveranderingen
1901 > Registers van Eigendomsveranderingen
1902 > Kadastrale leggers
1903 > Kadastrale leggers
1904 > Kadastrale leggers
1905 > Kadastrale leggers
1906 > Kadastrale leggers
1907 > Kadastrale leggers
1908 > 1922
1909 > 1927
1910 > 1928
1911 > 1923
1912 > 1926
1913 > 1924
1914 > 1925
1915 > 1897
1916 > 1898
1917 > 1899
1918 > 1900
1919 > 1903
1920 > 1901
1921 > 1902
1921 > 1913
1922 > 1904
1923 > 1905
1924 > 1906
1925 > 1908
1926 > 1909
1927 > 1910
1928 > 1911
1929 > 1914
1930 > 1912
1931 > 1873
1932 > 1874
1933 > 1875
1934 > 1876
1935 > 1877
1936 > 1878
1937 > 1879
1938 > 1880
1939 > 1881
1940 > 1882
1941 > 1883
1942 > 1884
1943 > 1885
1944 > 1886
1945 > 1887
1946 > 1888
1947 > 1889
1948 > 1890
1949 > 1891
1950 > 1892
1951 > 1893
1952 > 1894
1953 > 1895
1954 > 1896
1955 > 1710
1956 > 1712
1957 > 1713
1958 > 1714
1959 > 1715
1960 > 1716
1961 > 1717
1962 > 1718
1963 > 1719
1964 > 1720
1965 > 1721
1966 > 1722
1967 > 1723
1968 > 1724
1969 > 1725
1970 > 1726
1971 > 1727
1972 > 1728
1973 > 1729
1974 > 1730
1975 > 1731
1976 > 1732
1977 > 1733
1978 > 1734
1979 > 1735
1980 > 1736
1981 > 1737
1982 > 1738
1983 > 1739
1984 > 1740
1985 > 1741
1986 > 1742
1987 > 1743
1988 > 1744
1989 > 1745
1990 > 1746
1991 > 1747
1992 > 1748
1993 > 1749
1994 > 1750
1995 > 1751
1996 > 1752
1997 > 1753
1998 > 1754
1999 > 1720
2000 > 1721
2001 > 1722
2002 > 1723
2003 > 1724
2004 > 1725
2005 > 1726
2006 > 1727
2007 > 1728
2008 > 1729
2009 > 1730
2010 > 1731
2011 > 1732
2012 > 1733
2013 > 1734
2014 > 1735
2015 > 1736
2016 > 1737
2017 > 1738
2018 > 1749
2019 > 1751
2020 > 1711
2020 > 1755
2020a > 1783
2021 > 1784
2022 > 1785
2023 > 1786
2024 > 1787
2025 > 1788
2026 > 1789
2027 > 1790
2028 > 1791
2029 > 1792
2030 > 1793
2031 > 1794
2032 > 1795
2033 > 1796
2034 > 1797
2035 > 1798
2036 > 1799
2037 > 1800
2038 > 1801
2039 > 1802
2040 > 1803
2041 > 1804
2042 > 1805
2043 > 1806
2044 > 1807
2045 > 1808
2046 > 1809
2047 > 1810
2048 > 1811
2049 > 1812
2050 > 1813
------ > 1814 (rekening 1842)
2051 > 1815
2052 > 1816
2053 > 1817
2054 > 1818
2055 > 1819
2056 > 1820
2057 > 1821
2058 > 1822
2059 > 1823
2060 > 1824
2061 > 1825
2062 > 1826
2063 > 1827
2064 > 1828
2065 > 1851
2066 > 1851
2067 > 1851
2068 > 1851
2069 > 1851
2070 > 1851
2071 > 1851
2072 > 1851
2073 > 1851
2074 > 1851
2075 > 1851
2076 > 1851
2077 > 1851
2078 > 1851
2079 > 1851
2080 > 1851
2081 > 1851
2082 > 1851
2083 > 1851
2084 > 1851
2085 > 1851
2086 > 1851
2087 > 1851
2088 > 1851
2089 > 1851
2090 > 1851
2091 > 1851
2092 > 1851
2093 > 1851
2094 > 1851
2095 > 1851
2096 > 1851
2097 > 1791
2098 > 1792
2099 > 1793
2100 > 1794
2101 > 1795
2102 > 1796
2103 > 1797
2104 > 1798
2105 > 1799
2106 > 1800
2107 > 1801
2108 > 1802
2109 > 1803
2110 > 1804
2111 > 1805
2112 > 1806
2113 > 1807
2114 > 1808
2115 > 1809
2116 > 1810
2117 > 1811
2118 > 1812
2119 > 1813
2120 > 1814
2121 > 1815
2122 > 1816
2123 > 1817
2124 > 1818
2125 > 1819
2126 > 1820
2127 > 1821
2128 > 1822
2129 > 1823
2130 > 1824
2131 > 1707
2132 > 1705
2133 > 1919
2134 > 1854
2135 > 1856
2136 > 1860
2137 = 2134 > 1854
2138 > 1855
2139 > 1861
2140 > 1859
2141 > 1865
2142 > 1869
2143 > 1870
2144 > 1867
2145 > 1864
2146 > 1868
2147 > 1866
2148 > 1857
2149 > 1858
2150 > 1863
2151 > 1862
2152 > 1756
2153 > 1757
2154 > 1758
2155 > 1759
2156 > 1760
2157 > 1761
2158 > 1762
2159 > 1763
2160 = 2159 > 1763
2161 > 1764
2162 > 1765
2163 > 1766
2164 > 1767
2165 > 1768
2166 > 1769
2167 > 1770
2168 > 1771
2169 > 1772
2170 > 1773
2171 > 1774
2172 > 1775
2173 > 1776
2174 > 1777
2175 > 1778
2176 > 1779
2177 > 1780
2178 > 1781
2179 > 1782
2180 > 1709
2181 > 1829
2182 > 1830
2183 > 1831
2184 > 1832
2185 > 1833
2186 > 1834
2187 > 1835
2188 > 1836
2189 > 1837
2190 > 1838
2191 > 1839
2192 = 2191 > 1839
2193 > 1840
2194 > 1841
2195 > 1842
2196 > 1843
2197 > 1844
2198 > 1845
2199 > 1846
2200 > 1847
2201 > 1848
2202 > 1849
2203 > 1850
2204 > 1706
2205 > 1708
 
 
 
 
 
1200   Stad en Gemeente Arnemuiden 1431-1857
Datering:
  1431-1857 (1892)
Toegankelijk:
  Inventaris
Openbaarheid:
  Geen beperkingen
Inzage:
  Studiezaal, in origineel
Omvang:
  35 meter
Jaar bewerking:
  1996
Titel publicatie:
  F.H. de Klerk, Inventaris van de archieven van de Gemeente Arnemuiden, 1431-1857 (1892) . Goese Inventarissen 21 (Goes 1996)
Beschrijving:
  Deze inventaris vervangt de oude, tot 1996 in gebruik zijnde inventaris, gepubliceerd als: C. de Waard, 'De archieven berustende onder het bestuur der gemeente Arnemuiden', in Verslagen omtrent 's Rijks Oude Archieven [VROA] 47 (1924), Tweede deel ('s-Gravenhage 1925) 232-444. In deze digitale versie is aan de nieuwe inventaris toegevoegd de oude regestenlijst op alle akten tot en met 1600, gepubliceerd als: [C. de Waard], 'Arnemuiden. Regestenlijst', in: Verslagen omtrent 's Rijks Oude Archieven [VROA] 48 (1925), Tweede deel ('s-Gravenhage 1926) 292-492. De verwijzingen uit de regestenlijst naar de oude inventarisnummers kunnen via de concordantie worden herleid naar het huidige inventarisnummer.
Collectie:
  Gemeentearchief Middelburg
Categorie